Skip to content

Archief voor

Glen Grant 25y 1964, Signatory

Vandaag een Glen Grant 1964 van Signatory. Niet dé Glen Grant 1964 van Signatory, dat is de 42-jarige uit de ‘Decanter Collection’ (volgens menig kenner de beste Glen Grant van allemaal – zelf heb ik nog niet de eer van een vloeibare ontmoeting gehad), wel een wat jongere, gebotteld onder het Vintage label.

 

Glen Grant 25 YO 1964/1990, 46%, Signatory, casks 107, 17, 18 & 19Glen Grant 25y 1964/1990, 46%, Signatory, casks 107, 17, 18 & 19, 1300 bottles
Ronduit schitterende sherryneus. Complex, elegant, gelaagd, smeuïg. Ik ruik eerst zoete zaken zoals kandijsiroop, zachte karamel, rozijnen, dadels en warme aardbeienconfituur. Daarna koffie, tabak, meubelwas en kruiden zoals gekonfijte gember, anijs en eucalyptus. Wat ook opvalt is de geur van de herfst. Gevallen, natte bladeren, natte aarde en mos. En dan betreden we een antiekwinkel. Oude boeken, oud leder, oude meubels. Onderliggend sappige eik en op de achtergrond de heerlijkste turfrook. Echt fantastisch vind ik dit. De smaak is iets minder complex en minder smeuïg, maar het blijft genieten in overdrive. Rozijnen, vijgen en appelsienconfituur qua fruit, zoethout, kruidnagel en munt qua kruiden. De sherry brengt verder ook koffie, tabak, kandij en chocolade mee. De eik groeit, maar het wordt nooit drogend, de turfrook zorgt ook hier voor een extra laag. Zeer lange, verwarmende afdronk, perfect in het verlengde van de smaak. Machtige Glen Grant. En mijn beste ook wel, los van een buitenaardse en vooroorlogse 21y. 93/100

Advertenties

Caol Ila 30y 1982, Coopers Choice for TWF

Na de serieus tegenvallende Blair Athol 1989, proef ik vandaag een naar alle waarschijnlijkheid veel betere Coopers Choice, de Caol Ila 1982 gebotteld voor The Whisky Fair.

 

Caol Ila 30y 1982/2013, 52%, Coopers Choice for The Whisky Fair, hogshead #4721, 275 bottles
Ja man, wat een geweldige neus! Aromatisch, elegant, complex. Erg fruitig (kruisbessen, appelsien, ananas), zilt (gerookte vis, maar ook de jodium van de zeelucht), mineralig en rokerig. Zachte zoete turf, neigend naar de farmy-kant. Dat wordt dus eerder zoetzuur, met nat hooi, stallen en zo. Vanille. Zoethout. Erg olieachtig ook, typisch. Lijnzaadolie. Boenwas (geboend leder, geboende meubels) maakt het nog wat extra smeuïg. Prachtig. Ronde, olieachtige smaak op tonen van zoete turf, zilt, oesters, mineralen, citrusfruit (appelsien en mandarijn) en gele appels (cider met wat goede wil), bijenwas, zachte kruiden (gember, zoethout, kaneel) en lichte eik. Lange, zoete, zilte en licht rokerige afdronk, met een klein beetje appelsien, dat de eer van het fruit hoog probeert te houden. Wow, dit is goed. En zo vreselijk drinkbaar. 92/100

Glen Mhor 22y 1979, Rare Malts Selection

Glen Mhor is één van de vele distilleerderijen die opgericht is op het einde van de negentiende eeuw, tijdens de zogenaamde whisky-boom. Diageo, vanaf 1972 eigenaar, sloot de deuren in 1983. En dat was definitief, want drie jaar later werd Glen Mhor letterlijk met de grond gelijk gemaakt.

 

Glen Mhor 22y 1979/2001, 61%, Rare Malts Selection
Zoals wel vaker bij de Rare Malt whisky’s, start de neus behoorlijk alcoholisch, clean en wat scherp. Eik, vernis, alcohol, vers gemaaid gras, varens, kalk… Maar het slaat snel om, onder andere dankzij tonen van vanille, sappig wit fruit zoals meloen, appel en perzik, kruiden zoals zoethout, en zachte rook. Sigaren en tabak. Water toevoegen, brengt chocolade, noten en leder naar voor, het wordt complexer en de scherpte verdwijnt volledig. Stevig, verwarmend en licht drogend in de mond, op smaken van eik, vanille, peper, kaneel, munt, noten, meloen, perzik en chocolade. Zelfs wat merengue. Met water meer fruit, nog een beetje zilt, en ook hier een zachte rokerigheid. Middellange, droge afdronk op hooi, bijenwas, een beetje leder en lichte rook. Erg lekkere Glen Mhor, maar water is zeker een meerwaarde. Zonder is het een punt of drie minder. 87/100

Blair Atholl 23y 1989, Coopers Choice

Dat is dus Blair Atholl met dubbele ‘l’. Er is een plaats in Schotland met de naam Blair Atholl, maar de distilleerderij gaat door het leven als Blair Athol. Behalve hier dus.
De geschiedenis van Blair Athol gaat terug tot 1798, toen John Steward en Robert Robertson een distilleerderij met de naam ‘Aldour’ uit de grond stampten, op de plaats waar de huidige distilleerderij staat. Dit project was echter geen succes, de heren dienden de deuren van Aldour te sluiten. In 1826 werd de productie nieuw leven ingeblazen door Alexander Connacher. Na een overname in 1933 door Arthur Bell & Sons, is het vandaag eigendom van Diageo.

 

Blair Atholl 23y 1989/2013, 46%, The Coopers Choice, cask 6502, 280 bottles
Niet al te complexe, maar wel erg frisse neus. Veel mineralen, zoals kalk en de geur van vers gemaaid en nat gras. Lichte granen en al even lichte kruiden. Wat kaneel, wat peper, wat munt. Fruit? Wel ja, misschien een beetje citrus (limoen, pompelmoes), meer niet. Voor de rest valt er nog weinig te ontwaren, op de geur van gedroogde bloemen na. Ik vind dit niet echt boeiend. Ook op de smaak valt hij me tegen. Prikkelend en nogal springerig. Springt van de hak op de tak, van granen op marshmallows, van peper op citroen, van amandelen op pompelmoes. Weinig consistent, weinig gebalanceerd. En ook niet geweldig lekker. De afdronk is nog redelijk lang, maar een beetje bitter (peper, eik, granen en pompelmoes). 77/100

Laphroaig 16y 1997, Signatory for Vinothek Massen & De Tongerse Whiskyvrienden

De Tongerse Whiskyvrienden zitten niet stil. Samen met Vinothek Massen uit Luxemburg zijn ze recent bevallen van een nieuwe worp, een Laphroaig 1997. Here we go.

 

Laphroaig 16y 1997/2013, 55.4%, Signatory Vintage, selected by Vinothek Massen & De Tongerse Whiskyvrienden, refill sherry hogshead #3369, 292 bottles
Ronde, zoete neus, gekenmerkt door de rook en het zilt, en in mindere mate door de sherry. Medicinale en zilte rokerigheid, met alles wat de zee met zich meebrengt. Zilt, zeewier, jodium, zeevruchten. Een hele plat de fruits de mer, inclusief oesters. De rook houdt het midden tussen turfrook en een open haardvuur. Vanille. De sherry houdt zich redelijk gedeisd en brengt subtiele tonen van kandijstroop mee, pruimencompot, appelsienen, chocolade (jawel, we belanden bij de orangettes) en geboend leder. Maar dat alles eerder op de achtergrond. Rond en romig op de tong, met zilt, rook en zoets als basissmaken. In die volgorde. Associaties van brak water, gerookte vis (heilbot), licht assige turfrook, kandijsuiker, karamel en chocolade. Niet veel fruit, buiten was citrus. Mandarijn. Kruiden tekenen ook present, in de vorm van peper en zoethout. Lange afdronk waar het zilt nog steeds de eerste viool speelt. Rook en kandij vullen aan. Lekkere Laphroaig op een niet zo actief sherryvat, een whisky die me naar een smeulend vuur op een verlaten strand brengt. 86/100

Een zeer fijne tasting

Het seizoen van onze nieuwe Fulldram-afdeling ‘Degustatie’ werd eind september op schitterende wijze ingezet met een proeverij van, jawel, enkele zeer exclusieve soorten rundsvlees (of dat is toch wat ik me heb laten vertellen), en dit onder de deskundige leiding van Filip Rondou van de gelijknamige slagerij uit Leuven. In december volgt er een top Madeira-tasting waar ik al reikhalzend naar uitkijk. Maar we zijn in de eerste plaats natuurlijk nog altijd een whiskyclub, de helft van de tastings zal dus rond whisky draaien. Zo ook vorige maandag.

Aan zeven leden werd gevraagd een whisky uit hun persoonlijke collectie in te brengen en aan Danny, lid van het eerste uur, om deze zeven whisky’s (uiteindelijk werden het er negen) in een line-up te gieten en de avond te animeren. Opdracht meer dan geslaagd. Natuurlijk wou niemand onderdoen voor de rest, wat er voor zorgde dat we volgende schitterende whisky’s (blind) voorgeschoteld kregen:

 

Na heerlijke bubbels die Philip had meegebracht, startten we met het eerste extraatje, de Glenburgie 26y 1983/2010, 48.5%, The Nectar of the Daily Drams. Ik besprak deze Glenburgie twee jaar geleden en kwam uit op een gelijkaardige score. Alhoewel hij nu een zeker old-bottle-effect (wat muf) vertoonde, wat ik indertijd niet had. Niet zo bijzonder in ieder geval.

Ook het tweede extraatje was een Glenburgie, de Glenburgie 14y 1998/2012, 59.1%, Gordon & MacPhail Reserve for Maltclan, cask 4044, 217 bottles. Deze vond ik een stuk beter. Ik dacht aan een Asta Morris botteling, wat fout bleek, maar het is wel een jonge Glenburgie, iets wat al tweemaal onder het Asta Morris label is gebotteld. Typisch jonge Glenburgie, fris en kruidig met een licht geroosterd en floraal kantje (dat laatste iets minder dan bij de AM’s). Geroosterde noten, verbrande heide, verbrande cake, maar wel subtiel. Voor de rest best fruitig (appels, perziken) en kruidig, met op de smaak en in de afdronk nog meer kruiden. Ongeveer 88/100

Macduff 12 YO 1964/1977, 80° Proof, Cadenhead dumpyDaarna volgde een jonge ouwe, de Macduff 12y 1964/1977, 80° Proof, Cadenhead, dumpy, black label. Nochtans proefde hij niet zo, hij was een stuk frisser en expressiever dan je zou vermoeden bij een twaalfjarige die al 35 jaar op fles zit. Munt en eucalyptus, olie en schoensmeer, appels en peer, gepoetst zilverwerk, tabak, dat zijn de zaken die me het meest opvielen. Vrij complex voor z’n leeftijd, en vooral erg levendig en fris. Dit was een fles die Danny zelf meehad en volgens mij de eerste Cadenhead dumpy in de geschiedenis van Fulldram. Ongeveer 88/100

Next in line was de Convalmore 30y 1975/2006, 46%, Dun Bheagan, cask 3758, 264 bottles. Ook deze proefde ik al eerder. Dit blijft voor mij een heerlijke whisky. Gelaagd, delicaat, subtiel. Eigenschappen die hem in deze line-up echter iets minder goed tot z’n recht deden komen, zeker na het geweld van wat volgt.

En dan een whisky waarvan ik enorm blij ben nog een flesje te hebben, de Yamazaki 15y 1993/2008 ‘The Cask’, 62%, OB, Puncheon white oak, cask 3Q70048, 503 bottles, ook niet nieuw voor mij. Kon doorgaan voor een veel oudere Caol Ila. Fruit (ook tropisch), turf, mineralen, olie, zilt, zachte kruiden, hij heeft het allemaal en in de juiste hoeveelheden en verhoudingen.

Het niveau blijft zeer hoog met de Glenfarclas 38y 1970/2008, 57.6%, Whiskycorner goes Mistery no 1, oloroso sherry butt, 70 bottles, op subtiele en elegante sherry, gekenmerkt door sprankelend rood fruit zoals aardbeien, bramen en kersen, romige wastoestanden, belegen eik en zachte kruiden zoals kaneel en kruidnagel. Ook wat rook van het hout en tabak. De smaak is voor z’n alcoholpercentage zacht en romig. En sappig, absoluut niet drogen dof bitter. Heel mooi. Ongeveer 90/100

Highland Park 34 YO 1971, 53%, for Binny’s USA, cask 8363Van complexe, gelaagde sherry gingen we met de Highland Park 34y 1971/2006, 53%, OB for Binny’s, USA, first fill sherry butt #8363 naar de stevigere variant. En dat is nog eufemistisch uitgedrukt. Dit is een beest van een whisky. 34 jaren op first fill sherry laten zich gelden. Koffie, chocolade, tabak, rozijnen, dadels, munt, kersen, appelsien, sappige eik, oude meubels, antiekwas, en ga zo maar door. Dat alles vermengd met zalige turfrook. En het goede nieuws is dat het ook op de smaak heel consistent en gebalanceerd blijft, op ideale leeftijd gebotteld. Een bom van complexiteit en balans. Bedankt aan de wilde weldoener om dit cultflesje met ons te delen. Ongeveer 93/100

We bleven bij sherry-gerijpte whisky met de Tomatin 34y 1976/2011, 51.3%, The Whisky Agency, refill sherry butt, 309 bottles. Zeer herkenbaar Tomatin 1976, en zeker één van de betere. Zoals ik ook al eerder kon vaststellen.

We eindigden in schoonheid met de Port Ellen 24y 1982/2007, 57.8%, Dewar Rattray for The Nectar, cask 2464, 168 bottles, een whisky die blijkbaar nog beter wordt met de tijd. Ik proefde hem voor het eerst meer dan vijf jaar geleden en heb de score ondertussen al twee keer aangepast. Veel beter dan dit wordt het niet, maar ik denk wel dat zes jaar flessenrijping hier een meerwaarde is. Een schitterend orgelpunt op een even schitterende tasting.

En dan morgen richting Oostende voor het Lindores Whiskyfest!

Longmorn 46y 1964, G&M for La Maison du Whisky

De Longmorn die ik vandaag proef, won een gouden medaille op de Malt Manic Awards. Ik heb al vaak geproefd en al even vaak mee geworsteld. Tijd om ‘m eens grondig te analyseren.

 

Longmorn 46y 1964/2010, 45%, Gordon & MacPhail for La Maison du Whisky, sherry hogshead #1034
Met de neus is absoluut niets mis. Integendeel, dit is sherry op z’n best. Oude Longmorn, wat wil je? Rijk, aromatisch, dik. Op associaties van fruit (braambessenconfituur, gekonfijt fruit, gedroogde varianten zoals gele rozijnen, dadels en pruimencompot), sappige eik, kruiden (kruidnagel, kaneel), koffie, kandijsiroop, tabak en rook van het hout. Ook iets subtiel vegetaals. Complex en gewoonweg heerlijk om ruiken. Maar dan, de smaak… dat is wringen en wroeten. Werken. De smaak is lekker, zeer zeker, maar slingert nogal wild van fruit en zoet naar bitter en droog. Rood fruit en stroop, maar ook veel eik, noten en kruiden (kaneel, peper, munt en kruidnagel). Lichte rook. Koffie. Maar op de duur slaat de slinger te veel door naar het bittere, het wordt me echt wel te droog. Sterke thee. Zelfs wat tannines (druivenpitten). En zeker dat laatste kost ‘m toch punten. De afdronk is lang, verwarmend en droog. De neus is fantastisch (92, 93 punten), maar op de smaak wint de eik. Dit is volgens mij enkele jaren te laat gebotteld. Spijtig. 89/100

De beste whisky ter wereld (ahum)

Volgens de alom gerespecteerde (ahum) Jim Murray, is de ‘beste whisky van de wereld’ de Glenmorangie ‘Ealanta’ (ahum). In zijn Whisky Bible 2014 geeft Jim deze Glenmorangie een score van 97,5/100 (ahum), de hoogst scorende van de 4500 whisky’s die hij geproefd heeft.
De Ealanta is een 1993 die rijpte op nieuwe vaten, gemaakt van eik uit de Ozark mountains in Missouri (eigendom van LVMH, dat ook eigenaar is van Glenmorangie). Het hout droogde gedurende twee jaar en werd nadien geroosterd. Het is de vierde in de reeks Private Edition (na de Sonnalta, Finealta en de Artein). Hij kost een kleine 100. Of beter kostte.

 

Glenmorangie ‘Ealanta’ 19y 1993, 46%, OB 2013
Frisse, fruitige neus op tonen van mandarijn, ananas, abrikoos en banaan, gevolgd door kaneel, munt, appelmoes (waar ik bij terecht kom dankzij de appelmoes), melkchocolade en warme vanillepudding. Onderliggende eik. Nieuw hout inderdaad. Schrijnwerkerijtoestanden. Speculaas? Het is er alleszins het seizoen voor. Geroosterde nootjes tekenen ook present. De smaak trekt dit patroon door, waarbij het fruit vergezeld wordt van zachte kruiden, vanille, kandijsuiker, noten en eik. Qua fruit vallen abrikozen, perziken, pruimen en ananas op, qua kruiden zachte peper, kaneel, munt en (een heel klein beetje) kruidnagel. Het mondgevoel is zacht, delicaat en elegant. Middellange, lichte droge en al even elegante afdronk. Kruiden en eik, minder fruit hier. Wel, dit is goeie whisky. Meer nog, dat is beter dan ik dacht. Maar de beste van de wereld? Ahum. 86/100

Twee Glentauchers

En dat is dan meteen een verdrievoudiging van het aantal Glentauchers die hier al de revue zijn gepasseerd. Aanleiding is de nieuwe Asta Morris, die weliswaar voor Japan gebotteld is maar waarvan er toch enkele flessen in België te krijgen zijn. De tweede, een 1990 van Duncan Taylor doet dienst als sparring partner.

 

Glentauchers 21 YO 1992/2013, 48.2%, Asta Morris for Gaiaflow Japan, cask AM026Glentauchers 21y 1992/2013, 48.2%, Asta Morris for Gaiaflow, Japan, ex-bourbon cask, AM026
Niet zo’n typisch Asta Morris profiel, maar wel erg lekker om ruiken. Frisse, fruitige en zoete geur, op tonen van rijpe kruisbessen, ananas, mandarijn, vanille, gekonfijte gember en lichte peper. Zachte, sappige eik. Een lichte mineraliteit bezorgt het een extra frisheid. Ik ruik nu zelfs wat yoghurt. Fris, ik zei het al. Vrij krachtig op de tong, fruitig en zoet. Honing, vanille, kandij. En wat het fruit betreft mandarijnen, appelsienen, bananen en abrikozen. Verse abrikozen. Zoete granen. Een lichte kruidigheid (kaneel, munt, linde). Complexloos en lekker. De afdronk is middellang en blijft fruitig. De citrusvarianten van de smaak worden vervoegd door limoen. Enkel kaneel en lichte eik worden nog in de nabijheid geduld. Wreed lekker vind ik dit. En gevaarlijk. Kapt veel te gemakkelijk binnen. Asta Morris, binnenkort big in Japan? In ieder geval toch wel spijtig dat hij hier amper vast te krijgen is. 89/100

 

Glentauchers 16 YO 1990/2007, 46%, Duncan Taylor NC2, cask 14434Glentauchers 16y 1990/2007, 46%, Duncan Taylor NC2, cask 14434
Deze Glentauchers kan de vergelijking met de Asta Morris enkel op de neus aan, op de smaak en in de afdronk verliest hij het pleit. De neus is fruitig en floraal. Sappige rode appels, peren, witte perziken, samen met de geur van gras en gedroogde bloemen. Lichte granen. En de geur van warme melk. Niet erg complex, wel zeer aangenaam om ruiken. De smaak is iets minder. Die is graniger, droger, minder aromatisch. Maar verre van slecht hoor, ik proef geen storende zaken, wel appels, muesli, nootmuskaat, een klein toefje zout, wat eik… niet veel meer echter. Ook deze heeft een middellange afdronk, licht bitter. Op de smaak iets te simpel, maar die neus is erg goed. De Asta Morris wint het met verve. 85/100

Longrow 1987 ‘Dreams’, Samaroli

Een whisky die ik al heel lang wou proeven, is deze Longrow 1987 ‘Dreams’ van Samaroli. Dit is Serge Valentin’s beste Longrow ever, beter dan de beste 1973’ers en 1974’ers. Mijn beste is tot op heden de 1987 Samaroli ‘to celebrate 2000‘, net als de ‘Dreams’ gebotteld in 1999 (aan de vooravond van het jaar 2000), maar wel op 55%. En dat is ook na vandaag nog het geval, alhoewel het niet veel scheelde.

 

Longrow 1987/1999 ‘Dreams’, 45%, Samaroli, cask 334, 967 bottles
De heerlijkste medicinale en ‘farmy’ turf, in de traditie van de beste zuidelijke Islay’ers. En dan heb ik het over het oudere spul. Jonge Ardbeg van begin-jaren-zeventig. Echt waar. En die vergelijking gaat niet alleen op wat de geuren betreft, ook het elegant, complex en delicaat karakter is van die orde. Ik ruik veel fruit: meloen, passievrucht, sappige perzik, pompelmoes, mandarijn… zalig gewoon. Een beetje zilt, lijnzaadolie, jodium, oesters, mineralen, vanille, heide, nat hooi, natte hond (die boerderijtoestanden), dat blijft maar komen, dat blijft maar evolueren. En zo anders dan andere jaargangen van Longrow. Ook op de smaak nadert dit de perfectie. Gebalanceerd, delicaat, complex… op smaken van zoetzure turf, zilt (gerookte vis), pompelmoes, mandarijn, ananas, vanille, marsepein, medicinale elementen, eik, zoethout, oud leder en iets onbestemd vegetaals. Machtig. Lange, intense en rijke afdronk op zowat alles wat ik al in de smaak had. De ‘2000’ is krachtiger en op de smaak misschien nog wat complexer, dit is subtieler. Ik begrijp al lang waarom Silvano Samaroli indertijd alle vaten Longrow 1987 heeft opgekocht. En de beste zelf heeft gebotteld (de wat mindere vaten heeft hij doorverkocht, o.a. aan Signatory). Deze is samen met de ‘2000’ de parel aan z’n Longrow-kroon. 94/100

Old Pulteney 15y 1982, sherry wood

De naam Pulteney verwijst naar een oud landgoed in het zuidelijk deel van Wick, Pulteneytown, dat tot 1902 een aparte gemeente was. Op zijn beurt werd dat plaatsje genoemd naar Sir William Pulteney, een beheerder van de Britse visserij-associatie. Pulteneytown en Wick kenden in de 19e eeuw een enorme bloei dankzij de haringvangst.

 

Old Pulteney 15y 1982, 59.9%, sherry wood, cask 929, millennium single cask
De geur van gezouten karamel en gezouten noten, en nog niet zo’n klein beetje. Dat krijg je natuurlijk als je een whisky als Old Pulteney, die sowieso al een zilt karakter heeft, laat rijpen op een sherryvat dat nog lang niet uitgepraat is. Honing ruik ik ook, abrikozen, cake (licht aangebrand), eucalyptus en munt, champignons, zachte rook en zelfs oude boeken. Antiekwinkel. Bijzonder profiel. En bijzonder lekker ook. De smaak is heerlijk droog op toast, eik, noten, kruiden zoals munt en peper, en natuurlijk zilt. Maar het gaat verder, met appelsienen, abrikozen, dadels, gele pruimen, meloen en chocolade. Geweldig vind ik dit. Lange afdronk, kruidig en zilt, met nu hints van aardbeienconfituur. Old Pulteney op een (liefst zeer actief) sherryvat geeft vaak een geweldig resultaat, zilt en sherry gaan beter samen dan je op het eerste zicht zou denken. 89/100

Flaviar

Ik weet niet of sommigen onder jullie Flaviar al ontdekt hebben. Gestart in augustus 2012, noemt het Sloveens-Britse Flaviar zichzelf een Spirits Tasting Club en biedt het liefhebbers diverse proefpakketten aan. Je krijgt telkens vijf samples van 5cl van een bepaalde sterke drank, bv. grappa, cognac, vodka, rum, tequila… en natuurlijk ook whisky. Het aanbod aan proefpakketten whisky is trouwens groter dan van andere dranken. Zo is er een bourbon pakket geweest, een Japan pakket, een turf pakket, een Highland pakket, enz. Je kan ook 70cl flessen kopen van de samples die je proefde.

In concreto krijg je in ruil voor je lidgeld van £24.99/maand maandelijks een proefpakket in de bus, vergezeld van wat uitleg over de verschillende dranken. Je kan ook een apart pakket kopen of opteren voor twee maanden proefabonnement. Ik heb voor mij een Tequila pakketje staan, en dit bevat een niet-gerijpte Casa Noble Crystal, een twee maand oude El Jimador Reposado, een zes maand oude Patron Reposado Tequila, een achttien maand oude Arette Añejo en een drie jaar oude Sierra Milenario Extra Añejo. Als Tequilaleek lijkt me dit een mooie start om deze drank te ontdekken. £5 per 5 cl is, gezien de presentatie en bijkomende uitleg, ook niet echt overdreven.

Op de website van Flaviar kan je je indrukken over het geproefde kwijt en treed je in discussie met andere leden. Je kan er ook je collectie beheren.

De drijvende kracht achter Flaviar is Grisa Soba, een man die zijn sporen heeft verdiend met het produceren van absint en vodka.

Mij lijkt het een interessante formule voor de nog niet zo maniakale liefhebbers en voor hen die ook eens iets anders dan whisky willen leren kennen. Tequila verdorie, dat kan beter zijn dan je zou denken.

Glen Brora

En dan nu een unieke, oude blend. Anders dan de naam doet vermoeden zit er geen Brora in, want dit is gebotteld in de periode dat Brora nog niet of maar net bestond (opgericht eind 1969). De naam verwijst natuurlijk wel naar de plaats Brora, we kunnen dus aannemen dat de basismalt van deze blend Clynelish was. Clynelish van midden tot eind jaren zestig dus. Mwoeah. Daarenboven was Carradale Blending Co en zusterbedrijf van Ainslie & Heilbron, toenmalige eigenaar van Clynelish. En was Chiano de importeur van Clynelish in die periode.

 

Glen Brora, 40%, Carradale Blending Co, Chiano Import, Italy -/+ 1970
Romige geur op granen, honing, zachte karamel, appelsienen en rijpe peren, oude boeken (maar nooit muf), een beetje petrolium (maar nooit storend), tabaksrook, rozijnen, een lichte hint balsamico, zachte bijenwas (jawel!), lichte boerderijgeuren (jawel!) en zachte turf (jawel!). Best wat eik ook, en zachte kruiden zoals kaneel en zoethout. Hier zijn duidelijk wat sherryvaten bij gekapt. De smaak is krachtig voor z’n alcoholpercentage. De smaken komen in lagen, meestal subtiel. En ook hier laat de sherry zich kennen. Ik proef tabak, rozijnen, appelsienen, karamel, honing, kaneel, munt… Maar ook Clynelish laat zich kennen onder de vorm van boenwas en schoensmeer. En nat hooi. En de zacht turfrook. Sappige eik (zo anders dan in hedendaagse blends, hier zit écht veel malt in). Behoorlijk lange en complexe afdronk, waar de zachte rook vergezeld wordt van peper en zout. Is dit een blend? Echt? Ik denk dat je niet wil weten hoeveel jaren-zestig-Clynelish in deze Glen Brora zit. 90/100

Ardbeg Provenance for Asia

Laat ons nog eens écht zwaar geschut bovenhalen. Van de Ardbeg Provenance zijn vier batchen gebotteld, één voor de Europese markt (1997), één voor de Amerikaanse markt (de Verenigde Staten eigenlijk, 1998) en twee voor de Aziatische én Amerikaanse markt (2000). Ik had tot voor kort enkel nog maar de Europese botteling geproefd, een machtige whisky. Deze voor Azië & de VS is beter. Oh yes! Ongelooflijk bedankt Bert!

 

Ardbeg 1974 ‘Provenance’, 55%, OB 29 March, 2000 for Asia & US, third release, bottle no 5060, 75 cl
Pfiew, wat ruikt dit hemels! Zeemzoete turfrook, oud geboend leder, geboende eiken meubels, lichte zilt, belegen eik, zachte kruiden zoals zoethout, gember en kaneel, vers gebakken croissants, honing, warme appeltaart (of is het abrikozentaart? Nee, het is beide), lapsang souchong thee, een beetje jodium… wow! Ik weet dat een opsomming van associaties niet veel zegt, het toont enkel aan dat deze whisky een complexe neus heeft. Maar dit moet je ruiken, dit is zo goed, prachtig verweven, niets scherps aan, en het blijft maar evolueren. Geuren komen, prikkelen je zinnen, gaan weer weg en duiken weer op. Hemels dus. De smaak is zeker even complex en even goed. Nu ja, ‘goed’ is een licht understatement hier. Zoete turf, zilt, een lichte medicinaliteit, bijenwas, olijfolie (eerste persing – yeah right), zachte karamel, appels, mandarijn, peper, gember, melkchocolade en cake. Niet dat dat alles is, maar ik heb geen zin om verder te graven, wel om verder te genieten. Het geheel er erg olieachtig, licht vettig dus. Zeer lange afdronk, op de meest sublieme turf, zilt, kruiden en fruit. Ardbeg op z’n absolute top en toch wel mooi twee puntjes meer dan de ‘Europe’. 96/100

Dailuaine 21y 1992, The Whisky Mercenary

Als ik goed kan tellen, is dit reeds de achtste botteling van The Whisky Mercenary. De vorige zeven waren wat mij betreft telkens een schot in de roos, erg lekkere whisky’s voor een zeer correcte prijs. Deze is niet anders. Weldra te verkrijgen.

 

Dailuaine 21y 1992/2013, 53.3%, The Whisky Mercenary, bourbon cask
Het zou me niet verbazen dat dit een ‘fresh bourbon (barrell?)’ was. Veel vanille en warme houtkrullen, gevolgd door appels, meloenen en gele pruimen. Zoete kruiden zoals gekonfijte gember en zoethout. En ook wat kaneel. Iets licht geroosterd. Marshmallows boven een vuur. Jammie. Veel zoete elementen dus, maar het wordt nooit te zoet, het geheel blijft erg expressief en smeuïg. Daar zorgt ook de bijenwas voor. Iets licht grassigs valt nog te ontwaren. Hooi. Erg frisse, aromatische neus. De eik doet z’n werk op de smaak, maar de zoete elementen blijven paraat. Vanille en ook honing nu, sappige rode appels (of appelsap als je wil), veel zoethout, kandijsuiker, amandelspijs… Naast het zoethout keert ook de kaneel terug, en hetzelfde kan gezegd worden van de gember. En ook wat nootmuskaat. En houtzaagsel. De eik doet echt wel z’n werk. Maar de balans is prima. Nu proef ik ook wat zeste van appelsien. Stevig, fris en prikkelend mondgevoel. Middellange afdronk op eik, kruiden en zoet fruit. Een whisky die erg door het hout wordt getekend, maar waarbij dat hout vrij spel laat aan een waaier van aroma’s. Dailuaine 1992, wat een verrassing! 88/100

Nikka ‘Single Coffey Grain’ 2000

Na de Single Coffey Grain 1997, nu de 2000 van Nikka.

 

Nikka ‘Single Coffey Grain’ 10y 2000/2010, 61%, cask 23993
Nog scherper op de neus dan de 1997, het is dan ook nog 3% hoger in alcohol. Naast de vanille, eik en granen die ik ook al in de vorige overvloedig had, valt hier vernis op. Kokos, amandelen en munt tekenen ook in de 2000 present. Maar die vernis begint toch wel wat te storen. Water helpt hier een beetje, maar niet veel. De smaak is erg explosief. Vanille, pompelmoes, peper, eik, granen, kokos… dat zijn geen verkeerde smaken, maar het is toch allemaal vrij simpel en vooral scherp. Water maakt het natuurlijk wat minder scherp, en dus wat ronder en zoeter, maar echt lekker kan ik dit niet vinden. Vrij lange, droge en licht bittere afdronk. Toch een trap(je) lager dan de 1997. 75/100

Arran 1996 voor Jan Vissers

Jan Vissers van The Single Malt Whisky Shop mag zich ambassadeur van de Arran Distillery noemen. Als eerbetoon aan deze distilleerderij (en aan het eiland Arran en z’n bewoners) heeft hij een Arran gebotteld, die door distillery manager James MacTaggart zelve werd geselecteerd voor Jan’s 35e verjaardag.
Ik heb een wat moeilijke relatie met Arran, ik heb vaak de indruk dat het distillaat langer moet rijpen dan de 10/15 jaar die het tot nu toe heeft kunnen krijgen. De 14y is lekker, de Bere Barley is dat ook, en ook The Nectar heeft enkele goeie Arrans gebotteld, maar tot op heden is er maar één Arran geweest die mij volledig inpakte, een 1996 op sherryvat, geselecteerd door James MacTaggart. En wat is dit? Juist ja.

 

Arran 16 YO 1996/2013, 55.7%, OB, Private Cask for Jan VissersArran 16y 1996/2013, 55.7%, OB, Private Cask for Jan Vissers, 174 bottles
All right, even de neus in het glas steken, maakt meteen duidelijk dat dit bangelijk goed spul is. Frisse, zoete, fruitige en complexe sherry. Eerst dat frisse. Er is eucalyptus, er is laurier, er is iets licht mineraligs (kalk?). Er zijn ook rode bessen (met suiker, zoetzuur) en bramen. Dan het zoete. We hadden de suiker al, die nu richting kandij gaat, maar we hebben ook amandelspijs (meer op de noten, minder zoet dan marsepein). Naast de bessen vallen er allerlei gedroogde vruchten te ontwaren. Vooral pruimen, vijgen en rozijnen. En zelfs druivensap na enige tijd. Complex dus. En het is nog niet gedaan. De oloroso brengt ook de geur van sigarendoosjes mee, net als die van praliné. Ik mag de eik natuurlijk niet vergeten, maar op de geur domineert die alvast niet, hij laat meer dan genoeg ruimte voor al het bovenstaande. De kleur kon doen vermoeden dat het op de smaak wel eens een smoelentrekker zou kunnen worden. Goed nieuws: dat is niet het geval. De eik is wel prominenter aanwezig, is zelfs groots, maar er zijn, zeker als je water toevoegt, voldoende zoete en fruitige smaken om het geheel in balans te trekken. Het fruit is vrij divers. Zowel de rode, sappige variant, als de gedroogde (dadels, vijgen), als de gekonfijte. Dat laatste brengt me bij de bolus (een spijtig genoeg wat ter ziele gegane koffiekoek). Donkere chocolade en amandelen zorgen voor een mooie bitterheid. Ook kruiden zijn overvloedig aanwezig. Peper, zout, nootmuskaat. Het mondgevoel is krachtig, droog en verwarmend. Lange, complexe en droge afdronk op eik, chocolade, bessen en kruiden. Op de smaak heeft hij voor mij wat water nodig (maar ik ben dan ook een gevoelig manneke), en dan kan hij vlot het niveau van de schitterende neus aan. Wow. 90/100

Mensen die Jan kennen, weten dat hij een erg zware periode achter de rug heeft. En eigenlijk kunnen we nog niet spreken van ‘achter de rug hebben’. Maar al is het maar een whisky, dit is toch wel iets waaraan hij zich mag optrekken. Jan gaat wat mij betreft met de eer lopen de beste Arran tot op heden op z’n naam geschreven te hebben. Oké, oké, ik heb bij lange na niet alle Arrans geproefd, dat moet ‘mijn beste’ Arran zijn, maar ik kan me moeilijk voorstellen dat er al veel beters gebotteld is.

Glen Grant 36y 1973, The Whisky Agency

Glen Grant van begin jaren zeventig? Bring it on!

 

Glen Grant 36y 1973/2010, 53.6%, The Whisky Agency, sherry cask, 251 bottles
Stevige, krachtige sherryneus op rozijnen, gebakken appels, appelsienen (de schil eerder), mandarijnen, veel eik, wat hars, munt, zoethout, chocolade, karamel, koffie en tabak. The usual suspects eigenlijk. Erg aangenaam. De smaak is al even krachtig, start op een eerder romig mondgevoel, om langzaamaan droger en droger te worden. Veel eik en kruiden (peper, gember, nootmuskaat, zoethout, anijs, munt) en minder fruit dan je zou verwachten bij dit profiel en deze leeftijd. Enkel een beetje mandarijn en pompelmoes. Doet me wel aan sterke thee denken. Ik ben niet helemaal overtuigd, toch niet van de smaak. Vrij lange, droge, kruidige afdronk. Niet mijn beste Glen Grant uit deze periode, deze mocht iets vroeger gebotteld worden. De geur is echter wel om (erg) van te genieten. 86/100

Highland Park 34y 1974, Ambassadors cask 5

Vandaag proef ik de voor mij beste Ambassadors cask van Highland Park, de vijfde. Dat was meteen ook de laatste. Tussen 2005 en 2008 selecteerde Gerry Tosh, toenmalig ambassadeur van de distilleerderij en tegenwoordig Global Marketing Manager, vijf vaten die volgens hem te goed waren om te laten liggen.

 

Highland Park 34y 1974/2008, 41.5%, OB ‘The Ambassadors cask no 5’, refill sherry hogshead 8845
De neus start op veel gedroogd en gekonfijt fruit (dadels, vijgen, pruimen), gevolgd door klassieke Highland Park aroma’s zoals tabak, heide, zachte turfrook, een even zachte zilte toets, honing, maar ook munt, gember, antiekwas en de geur van de herfst: mos, gevallen bladeren, takken, varens… Alles heel elegant en subtiel, ondersteund door mooie, ronde eik. Ronde en erg zachte smaak op afwisselende tonen van appelsien, gele rozijnen, pruimen, aardbeien, tabak, turf, honing, heide en hoe langer hoe meer kruiden. De eik houdt zich gedeisd. Het alcoholpercentage speelt zeker een rol, dit is zo elegant, en ook zo vreselijk drinkbaar. Maar nooit wordt het slap of plat, daarvoor is deze whisky veel te aromatisch. Ik vind het super. De afdronk is al even zacht, romig en rijk als de smaak. Klasse! 92/100