Spring naar inhoud

Archief voor

Bruichladdich Full Strength head to head

Van de ‘Full Strength’ bestaan er twee versies, een 1989 gebotteld in 2003 en een 1994 gebotteld in 2005. De 1989 heb ik een tijdje geleden gedronken op restaurant, de 1994 staat hier in mijn kast.

 
Bruichladdich 1989 Full Strength, 57.1%, OB 2003 – Islay – 86/100
Heerlijk! Erg complex. Licht maltig, maar ook een beetje zilt, beetje turf en een lekkere, lange afdronk. Meer heb ik niet onthouden, maar voor mij na de Infinity de tot op heden beste Laddie.
 
Bruichladdich 1994 Full Strength, 56.5%, OB 2005 – Islay – 79/100
Minder dan de vorige editie. Maltig (graan, mout), vanille, appel. Niet bijster complex. Zoet ook, neigend naar bitter in de smaak. Kruidig op het einde.

Advertenties

Recept eend met whisky

Voor diegenen aan wie het allemaal wat voorbij gegaan is, vandaag is het International Whisky Day, tevens geboortedag van de verscheiden Michael Jackson. Dit noopt tot een zijsprongetje. Geen tasting note, wel een culinaire tip voor de keukenprins(ess)en onder ons:

  1. Koop een eend van ongeveer 5 Kg voor 6 personen, twee grote flessen scotch whisky,spekreepjes en een fles olijfolie.
  2. De eend larderen met het spek en de binnenkant inwrijven met zout en peper.
  3. De oven voorverwarmen op 180 graden voor 10 minuten.
  4. Een long-drink glas voor de helft vullen met whisky.
  5. De whisky opdrinken gedurende het opwarmen van de oven.
  6. De eend op de muur…vuurvaste schotel leggen en een tweede glas whisky uitschenken.
  7. Het tweede glas whisky opdrinken en de eend in de oven plaatsen.
  8. Na 20 minuten de oven op 200 graden zetten en twee blazen fullen met bwhisky.
  9. De klazen opdlinken en de scherven van et ieste klas oplaapen.
  10. Nog een aalff klas insjenke en opdlinke.
  11. Na en nalff uul de hoven opedoen om deent te sjekke.
  12. Blantwondezalf in de padkamer ganaale en oep de povekand van de rinkeland doen.
  13. Denove nesjot geve.
  14. Twi glose insjenke ven de twie flesse biski en tmiddeste glas opsoope.
  15. De nove opedoen na dieste bles bieskie leegis, en de sjotel vastpakke.
  16. De blandwondesalf op de binnekand van de twiejande doen en deent oeprape.
  17. Dander glase bisski oepdrinke.
  18. Deent nogis oeprape en met nen nantdoek de blantwondzalf van deent vege.
  19. Zen ande ontvette me bissky en den tuup salf twee kier oeprape.
  20. Tkapot glas opvege en deent terug inden ove zetten.
  21. Deent oprape en den ove opedoen.
  22. De twiede fles biskie opendoen en oeprape van de keukebloor.
  23. Opstaan van de bloer entvettig spek onder dekas vege.
  24. Nogis oepstan van de bloer en dan tochma blave zitte.
  25. De bles op de grond sette.
  26. Ban de teut drinke, de klase zen oep of kapot.
  27. Den ove afzette, doege toedoen en deniele nacht roenke.
  28. De volgende late voormiddag de eend aansnijden met het zilveren feestbestek en degusteren met citroen mayonaise.
  29. De ganse namiddag en vroege avond de rotzooi in de keuken opruimen en muren en plafond afwassen.
  30. De twee lege flessen naar de glasbol brengen en op de terugweg perdolan en malox kopen.

Vier 12 jarigen

Dat is dus samen 48. Euh ja, dat soort onnozeliteiten krijg je van slaaptekort. Soit, here they are:

 
Old Pulteney 12y, 40%, OB 2006 – Highland – 81/100
Nieuwe botteling. Heb hier eerder al mijn proefnotitie van een vorige batch (2003) gepubliceerd. Ik moet zeggen, er is weinig verschil met de vorige. Is meestal ook de betrachting van de distilleerders. Blijft voor z’n prijs een erg interessante malt.
 
Dailuaine 12y 1994/2006, 45%, Samaroli, cask Z06/06086, 390 bottles – Speyside – 79/100
Redelijk scherpe alcoholische neus met zoete tonen. Vanille, honing… Ook smaak is zoet, doorweven met fruit en iets kruidigs (peper). Noten ook. Okkernoot. Mooie balans. Wat zoete en kruidige finish. Niets om lyrisch over te doen, maar aangenaam drinkbaar.
 
Talisker 12y, 43%, OB mid 1970’s, John Walker & Sons, twist cap 750 ml – Skye – 72/100
Vorig jaar kwam Talisker met een nieuwe officiële botteling op de markt, een 12 jarige. Heb ‘m nog steeds niet geproefd, maar heb al wel deze oude 12y kunnen proeven, gebotteld door John Walker & Sons ergens in de jaren 70. Groen glas met draaidop en label met Johnny Walker op. Speciale smaak met veel bloesems en iets onbestemd kruidigs. Viel me tegen, had er meer van verwacht. Vandaag betaal je op veilingen makkelijk 500 euro voor zo’n fles. Niet te snappen.
 
Macallan 12y Fine Oak, 40%, OB 2006 – Speyside – 78/100
Heb nog niet veel goeds over deze whisky gehoord. Eens zien of ik er ook zo over denk. Frisse, lichte en bloemige neus met verdacht weinig sherry. De eik ruik je wel. Peperig ook. En een beetje zilt? Zowaar lichte eiland-associaties. Best wel een aangename neus… Fruitige (appel) en zoete smaak. Relatief korte afdronk met veel hout. Vind dit absoluut niet slecht, en vooral anders dan verwacht.

Twee oude blends

Dewar’s White Label, 43%, OB bottled 1974 – 55/100
Oude versie van de White Label, gebotteld door John Dewar & Sons. Maar ook toen geen echte hoogvlieger. Niet slecht, maar wat vlak en weinig uitgesproken in neus en smaak. Beetje maltig (granen) ja, maar voor het overige niks bijzonders.
 
Cluny blended, McPherson’s, bottled +/- 1965 – 72/100
Fles had geen etiket meer, we dienden ons dus te baseren op wat er op de stop stond. Alcoholpercentage stond daar niet bij, maar ik veronderstel dat dat 40 of 43% is. Wel geweten is dat het een botteling van midden jaren zestig moet zijn. Aangename, wat stoffige neus (nu ja, na meer dan veertig jaar op fles) met sinaas en karamel. Het stoffige verdwijnt na een tijdje. Granige, wat zoete smaak. Vanille. Meer dan geslaagde blend. Was het vroeger dan toch allemaal beter?

Drie Cadenheads op vatsterkte

Glen Grant 18y 1989/2007, 60.8%, Cadenhead – Speyside – 69/100
Neus: alcohol! Nu ja, met 60,8% is dat niet verwonderlijk. Erg gesloten dus. Langzaam komen er wat fruittonen door. Sinaas. En kruidnagel ook. Ook de smaak is redelijk kruidig. Maar blijft vrij scherp. Met water wordt het niet veel beter.
 
Bladnoch 15y 1992/2008, 53.5%, Cadenhead, 320 bottles – Lowland – 73/100
Eerste whisky op de Cadenhead tasting van 4/6/2008, door Grant MacPherson. Zoete neus. Karamel. Met een beetje water erbij krijgen we fruit (perzik, abrikoos), daarna evoluerend naar bloemen en boter. Vlot drinkbaar, maltig en zoet. Smaak is wel snel weg.
 
Glenglassaugh 23y 1984/2007, 52.5%, Cadenhead, sherrywood – Speyside – 72/100
Sherry vat, en een behoorlijk actief… Lekkere neus met aangename sherry. Hout, karamel, rubber, rozijnen. Kruiden ook. Smaak is behoorlijk scherp zonder water. Erg droog. Bittere, zéér bittere chocolade. Propolis. Water help niet geweldig, weliswaar minder scherp, maar wat… tja, verwaterd. Middellange, droge afdronk. Door de aangename neus krijgt ie nog een score vooraan in de zeventig.

Jean Boyer

jean-boyer

Opgericht in 1993 hield de firma Jean Boyer zich vooral bezig met de productie van pastis. De naam Jean Boyer verwijst naar de gelijknamige abt (jawel) die samen met enkele pupillen een gemeenschap stichtte die zich toelegde op de productie van artisanale likeuren. De afzet van Pastis Boyer is beperkt tot een 100.000 flessen per jaar, maar het onderscheidt zich van andere pastis door een uniek ‘week’-proces, waarbij de aromatische planten gedurende meerdere maanden weken in alcohol. Deze verloren gewaande traditie werd door Jean Boyer nieuw leven ingeblazen.

Rond de eeuwwisseling (ok, dat klinkt langer geleden dan het is) richtte het bedrijf zijn pijlen op de whiskymarkt. Hiertoe werden enkele lieden aangetrokken die hun sporen verdiend hadden met de import van Schotse whisky in Frankrijk.
Al snel werd besloten om zelf whisky te gaan bottelen. Vaten werden bij de Schotse distilleerders aangekocht en verscheept naar het vaste land.
Jean Boyer beweert bij het bottelen enkele typische cognac technieken toe te passen waardoor zijn whisky’s hun zacht karakter en lange afdronk behouden.

De Best casks of Scotland is Boyer’s bekendste reeks whisky’s. Deze zijn altijd unchill-filtered en worden niet bijgekleurd.

 
Glen Garioch 1975/1990 ‘The first for us’, selected & relabeled 2006 for http://www.whisky-distilleries.info le forum, 43%, Jean Boyer, 251 bottles, 75cl – Highland – 84/100
De eerste whisky gebotteld voor het forum van http://www.whisky-distilleries.info. Eigenlijk een botteling uit 1990 die herlabeld werd in 2006. Neus is zacht en zoet (rijpe banaan) met lekkere kruidige ondertoon. Ook lichte zee-toetsen: hints van zilt en rook. Boenwas? Smaak is droog (hout) en zoet, beetje neigend naar slappe thee. Sherry vat? In eerste instantie niet zo bijzonder, maar wat wachten loont. Na een tijdje komt er immers citrus en turf door. Eerder korte finish met opnieuw die lekkere kruiden. Conclusie: als je ‘m tijd geeft, stelt deze botteling zeker niet teleur.

Een troep Speysiders

Tamnavulin 30y 1977/2007, 50%, DL OMC, cask 3947, 210 bottles – Speyside – 83/100
Lekkere oude Tamnavulin, gedronken op Spirits in the Sky 2008. Erg fruitig, maar smaak is redelijk snel weg.
 
Benriach 23y 1981/2004, 43%, G&M Connoisseurs Choice, refill sherry – Speyside – 78/100
Lekker fruit in de neus. Weliswaar niet zo lekker en veel als we in de jaren zeventig Benriachs aantreffen, maar toch. Vanille. Botermelk. Noten. Lichte rook. In de smaak hebben we bloemen, infusiethee (niet onmiddelijk een idee welke), kiwi en lichte turf. Sloeberwhisky. Eerder korte, tegenvallende finish. Spijtig van het einde, zo mist ie de kaap van de 80 punten.
 
Imperial 1991/2003, 59.1%, G&M Reserve, cask 8687 – Speyside – 77/100
Neus met veel graan, beetje citrus en wat karamel. Frisse maltige smaak met ook hier weer citrus en kruiden. Middellange finish met behoorlijk wat peper.
 
Mortlach 11y 1996, 57.5%, Dun Bheagan, cask 6131 – Speyside – 69/100
Officiële festivalbotteling Whisky Festival Gent 2007. Beetje een tegenvaller. Zoete, fruitige neus en smaak. Smaak ook licht kruidig, maar wat te scherp (bitter). Niet echt in balans.

Port Ellen 24y 1982/2007 for The Nectar – een puntje erbij

Ik heb deze whisky na een clubtasting mee naar huis genomen. 43 euro voor nog een dikke 25 cl, geen slechte deal me dunkt. Heb er ondertussen al regelmatig van genipt en hij bevalt me hoe langer hoe meer. Ik doe dus een puntje bij de score. 90 wordt 91.

Een koppel oude knarren

Twee 1966’ers.
 
Balblair 41y 1966/2007, 43%, Gordon & MacPhail – Highland – 84/100
Frisse, fruitige neus. Munt? Lichte rook ook. Erg fruitige smaak, maar hier ook iets van bloemen. Beetje droog. Hout. Zoethout en kruiden. Best complex. Relatief korte, wat ziltige finish. Lekkere oude Balblair.
 
Highland Park 38y 1966/2005, 40.7%, Duncan Taylor, cask 11010, 138 bottles – Orkney – 84/100
Lekkere neus, tegenvallende smaak. Neus van honing, fruit (sinaas, peer…), evoluerend naar hout, rook, kokos. Heerlijk! Smaak is wat plat. Erg droog ook. En veel hout. Daarnaast sinaas, kokos en kruiden. Peper, nootmuskaat. Korte afdronk. Als ze dit vat tien jaar eerder hadden gebotteld, was het ongetwijfeld een 90-er. Toch nog 84 punten omwille van de geweldige neus.

Vicks

Inchgower 37y 1969/2006, 46.2%, Duncan Taylor, cask 6129, 184 bottles – Speyside – 58/100
Dit heeft meer weg van een kruidendrankje dan van whisky. Vooral de neus is erg bloemig en kruidig. Maar het type kruidig dat m’n in de taal van Shakespeare ‘herbal’ noemt en dus niet ‘spicy’, spijtig genoeg maakt het Nederlands dat onderscheid niet. Concreet nu. Eucalyptus. Vicks. Hars ook. Zeer vreemd. Ook smaak is erg ongewoon. Hoestsiroop! En veel hout. Lange afdronk op Vicks toestanden. Op z’n minst speciaal te noemen, maar lekker kan ik dit niet vinden. Daarenboven vind ik 170 euro veel geld om een verkoudheid te bestrijden…

Deksels goede whisky ten huize Dominiek…

Maar dat wisten we al. Had al lang beloofd een CD’tje bij Dominiek binnen te brengen en gisteren kwam het er van. Nu, zoals te vrezen viel – ja ok, de eerlijkheid gebiedt mij te zeggen ‘te hopen viel’ – liep het bezoekje een beetje uit. Voor ik er erg in had, waren we vijf uur later en besefte ik dat ik in het beste geval nog 4 uur slaap zou hebben. De wekker gemolesteerd, de dag vervloekt, een teen op niet nader vernoemde – maar vooral onnavolgbare – wijze gestoten, de “precies een beetje laat gisteren?” opmerkingen over me heen laten komen, de aandachtige blik tijdens een vergadering wanhopig proberen vast te houden… ja, het was een beetje doorbijten vandaag, maar hoeft het gezegd, het was het allemaal méér dan waard.
Ik had zelf enkele flessen meegenomen zodat we een paar head to head konden zetten.

Wat dronken we zoal? We begonnen met een fruitige Speysider, de Tomatin 26y 1966/1992, 43%, Signatory, casks 14362-63, 1200 bottles. Veel fruit dus, honing ook en beetje bitter op het einde. Mooie opener. Daarna volgde nog een Signatory, de Aberlour-Glenlivet 19y 1970/1990, 46%, Signatory, casks 236-239, 1300 bottles, lekkere sherry en behoorlijk kruidig in de smaak en afdronk. Ook lekkere sherry in de Macallan 18y 1980/1999 ‘Gran Reserva’, 40%, OB, alhoewel ik de Aberlour toch lichtjes beter vond. Vervolgens maakte Luc’s Daily Dram z’n opwachting. Luc is Luc Timmermans, de whisky een… Glenfarclas, inderdaad. Een veertigjarige Glenfarclas. Er bestaan 20 flessen van, de rest van het vat werd door Douglas Laing gebotteld voor QualityWorld Denmark, een Deense whiskyclub. Voluit: Glenfarclas 40yo 1964/2005, 53.5%, DL for QWD, cask 1578, 515 bottles. Schitterende whisky die de voorgaande gesherriede whisky’s deed verbleken. Naast de sherry ook zilt en lichte rook. Supercomplex, krachtig… smullen! Scoort vooraan in de negentig. Daarna nog een Glen Garicoh 29y 1968, 56%, OB, cask 622, één van de vele heerlijke 1968 Glen Gariochs.

Dan volgde 4 head to heads. Dat de nadruk op Brora lag, mag niet verbazen.

Dominiek’s Brora 27y 1981/2008, 53.8%, Duncan Taylor, cask 1427 vs. mijn Brora 18y 1981/1999, 50% DL OMC, 335 bottles. Deze laatste won overtuigend het pleit. De DT kan je omschrijven als een Clynelish (mineralig, was, bloemen) met een toefje turf, in de tweede herken je onmiskenbare Brora. Voor mij is deze de tot op heden de beste jaren tachtig Brora. Wat niet wil zeggen dat de DT niet lekker was, integendeel.

Dominiek vond niet onmiddelijk een fles om tegen mijn Port Ellen 6e Release te zetten. Tot hij plots “wacht” uitriep en z’n kelder indook. Hij kwam boven met een Port Ellen 24y 1978/2002, 57.9%, DL for The Whisky Shop, 602 bottles die prompt soldaat werd gemaakt. Hoe graag ik de zesde release ook drink (90/100), hij maakte geen kans tegen het geweld van Dominiek. Man, dat is bangelijk lekkere whisky. Top-sherry, top-turf en dito zilt… in perfecte harmonie. Misschien wel de beste Port Ellen tot op heden gedronken. 93, 94? Whatever.

Het gesprek viel op de Port Ellen 21y 1979/2001, 50%, DL OMC, sherry cask, 618 bottles, waarover Dominiek in het verleden al eens de loftrompet stak. Een whisky die nochtans geen hoge scores krijgt in de Maltmaniacs Monitor, maar waarvan meneer Bouckaert toevallig toch nog een staaltje had liggen zeker. De maniacs hebben ongelijk, dit is verdorie lekker spul, Port Ellen zoals ik ‘m graag heb.

En dan werd het tijd om mijn Brora 30y 2004, 56.6%, OB, 3000 bottles naast de Brora 30y 2007, 55.7%, OB, 2958 bottles van mijn gastheer te zetten. De 2004 wordt algemeen beschouwd als de beste van de officiële releases, een these die ik alleen maar kan onderschrijven. Ook de 2007 kon er niet tegen op. Ik scoorde de 2004 95, de 2007 ligt 2 à 3 punten achter, wat nog meer dan behoorlijk is natuurlijk. Hiermee te maken heeft het feit dat in de 2007 duidelijk nog wat begin jaren 1970 Brora zit. 30 jaar is dus ruim 30+.

De laatste head to head was deze tussen de Brora 20y 1975/1995, 59.1%, Rare Malts, 75 cl van Dominiek en mijn Brora 21y 1977/1998, 56.9%, Rare Malts. Beide erg lekker, beide vrij mineralig. Turf, zilt, fruit, zoet, lichte farmy toestanden, kortom the whole shebang, al bij al een redelijk gelijklopend profiel. Ik herinner me niet meer welke Dominiek de beste vond (neem het me maar eens kwalijk), ik had een lichte voorkeur voor de 21y. De mijne weerom, ha!

Als toetje haalde Dominiek nog de Brora 30y 1972/2003, 49.7%, DL Platinum, L6961, 222 bottles en de Brora 22y 1972/1995 Rare Malts (de batch op 58.7%) uit z’n toch al indrukwekkende kast whisky’s. Ja, ik wist niet goed waaraan ik het verdiende, maar dat vraagstuk bande ik snel uit m’n hoofd en schoof mijn glas gezwind een halve meter vooruit. De Rare Malts kende ik al (Halleluja!), de Platinum was nieuw voor mij en, my God, ook dat is een dijk van een whisky! ’t Is dat ik de accenten op m’n toetsenbord niet vind, er horen er immers te staan op de ‘ij’ van dijk. De farmy en waxy Brora-notes met de schitterendste sherry (ok, ik weet het, ik val in herhaling, er is al wat sherry van het schitterende soort gepasseerd). En wat een evolutie! Elke snuif, elke slok geeft andere en nieuwe sensaties. Wohoow! En krachtig en complex moeten ook nog vermeld worden… goddelijk! 95/100 I’d say.

Ziezo, dat was het zo’n beetje. Niet slecht hé? Een geslaagd avondje, om even een eufemisme te placeren. Thanks again Dominiek!

Een mooie Dalmore

Dalmore 28y 1976/2005, 58%, Blackadder, cask BA0244, 348 bottles – Highland – 87/100
Blackadder Raw Cask. Lekkere, zoete neus. Honing. Fruit ook. Rode bessen? Mag een beetje water hebben. Fruitige smaak en weer wat zoets. Suikerspin. Turf? Ja, turf, ver op de achtergrond weliswaar. Ook iets ziltigs. Complex. Eerder korte, ziltige afdronk. Erg lekker!

Twee Auchentoshans

Auchentoshan 17y 1987/2004, 61.5%, OB for Belgium, cask 1659, 552 bottles – Lowland – 75/100
Koffie en rubber in de neus. Als dat geen sherryvat is! Toch ook wat zoets. Suikerspin? Smaak is wat bitter. Hout en noten. Pompelmoes. Karamel. Ook de afdronk is bitter, met veel hout en iets ziltigs. Beetje tegenvallende Auchentoshan.
 
Auchentoshan 12y, 40%, OB 2008 – Lowland – 85/100
Erg lekkere, zoete neus. Karamel, honing, cake. Noten. Ook de smaak is zoet, maar zeker niet té. Fruit (citrus), honing en karamel. Vrij lange, droge en zoete afdronk. Wow, dit is echt een verrassing, merkelijk beter dan z’n 10-jarige voorganger.