Skip to content

Archief voor

En dan was er nog die Kersttasting…

Naar wat ondertussen een jaarlijkse traditie is geworden, trokken tien whiskyliefhebbers vorige week donderdag richting Mortsel om enkele whisky’tjes te proeven. Mortsel, toch wel een eindje rijden. En dat na een drukke werkdag. Terwijl we zelf thuis toch genoeg whisky hebben openstaan. Je vraagt je af waarom we het doen. Routine? Sociale druk? Verveling? Ontwijken van de echtgenote in de drukte voor Kerst? Wie zal het zeggen. Iemand opperde voorzichtig dat het iets te maken zou kunnen hebben met het niveau van de whisky’s die Luc dan schenkt. Let wel, zou kunnen, het is maar een hypothese. Laat ons de avond even overlopen en zien of die these enigzins onderbouwd kan worden.

In ieder geval, aangezien ik Bob was, diende ik mij noodgedwongen te beperken tot het ruiken en in het beste geval even nippen van m’n glas. Erg leuk is dat niet, maar nu ik hier achter m’n computer zit met een rij sampletjes genummerd van 1 tot 11, geeft het me een tweede kans om te zien of er misschien iets lekker tussen zit.

 

Beginnen deden we met een Caol Ila 1972, 40%, Gordon & MacPhail Connoisseurs Choice, old map lable, 75cl, gebotteld ergens eind jaren tachtig. Jonge whisky dus, kunnen we niet zoveel van verwachten.
Mmm, slecht ruikt dit toch niet. Peer en perzik, oud leder, vers gemaaid gras, zoute boter, oesters en lichte farmy tonen met zachte, delicate turf op de achtergrond. Een lichte toets van bijenwas. Ook op de smaak dezelfde lichte turf als extraatje naast het fruit en het leder, maar ook amandelen en honing. Iets van cider. En rijpe kruisbessen. Lekker. Middellange afdronk op fruit en de turf die langzaamaan wegdeemstert. Alles zijdezacht en dus zéér drinkbaar. Sommigen zouden zeggen “a little weak on the palate”, maar I don’t care. Bon, ik kan dat moeilijk een slechte opener noemen. 91/100
 
 

Na een tussendoortje onder de vorm van de nieuwe Thosop botteling, kregen we de Bowmore 12y 1965/1977, 80 proof, Cadenhead dumpy, 26 2/3 fl. oz., sherry wood voorgeschoteld. Twaalf jaar oude Bowmore, het komt me stilaan de strot uit.
Mmm, misschien dat ik voor dit type jonge Bowmore wel een uitzondering wil maken… Mooie, prachtige oude sherry met onderliggend fruit. Zowel sinaas, rozijnen en pruimen als lichte tropische toetsen. Oud leder ook en cuberdons. Geroosterde noten. Kandijsuiker. De smaak ligt in de lijn van de neus. Ik heb de noten en de kandij terug, de rozijnen en de pruimen. Wat zachte karamel ook. En even zachte kruiden. Er is echter niet veel tropisch fruit meer te bespeuren. Maar wel lekker seg. Geen al te lange afdronk op noten en fruit. Oké, voor 12 jaar oude Bowmore is dit verdekke niet slecht. 92/100

 
 

De volgende whisky in de line-up was de Bowmore 13y 1966/1979, 80 proof, Cadenhead dumpy, 26 2/3 fl. oz.. Pfff, weeral zo’n jonge Bowmore.
Mmm, dit blijkt wel een exotisch fruitbommetje te zijn, een neus die barst van het tropische fruit: meloen, ananas, papaja, passievrucht, mango (big time) en coeur de boeuf. Daarna ook gras, smeuïge honing en florale toetsen, maar dat alles moet de eerste viool aan het tropisch fruit laten. Ook op de smaak domineert het geweldige tropisch fruit, hier vergezeld van weidebloemen, wat gras en honing. Oké, een beetje zoals op de neus eigenlijk. Ook deze heeft geen erg lange afdronk, maar wat maakt het uit? Dan neem je toch gewoon nog een slokje? Een klein tropisch juweeltje, waarvan ik dien toe te geven dat ik dat wel lust. 93/100

 
 

En dan nu eindelijk eens een wat oudere whisky, de Ardbeg 29y 1967/1996, 52%, Kingsbury, cask 923. Maar die kan je nergens kopen, ook niet op veilingen. Wat hebben we daar nu aan?
Mmm, I see… hèhe, ik weet wat ik daar aan heb. Als ijkingspunt ging trouwens een glas Ardbeg 1976/1999 Manager’s Choice rond, de op één na beste Ardbeg die ik ooit proefde. Deze is op de neus misschien wel even goed, maar op de smaak is ie… euh, ook misschien wel even goed. My God, what a dram! Ronde, volle, enorm rijke neus op geroosterde noten, melkchocolade gevuld met de beste kwaliteit praliné, zeste van sinaas (orangettes), high-end honing, balsamico-crème, lapsang souchong, gerookte coburg, antiekwas, nat naaldhout en ga zo maar door. Turf? Natuurlijk, maar als bijkomend element, onderliggend. En dan proeven… ronduit indrukwekkend! Even rijk en vol als de neus, krachtig en toch elegant. En zo vreselijk complex. Zachte turf vermengd met het beste wat een sherryvat een whisky kan meegeven. Zie voor de associaties bij de neus a.u.b., ik ga nu even genieten… Lange afdronk, perfect in lijn met de rest. Ik zei dat ie misschien even goed is als de Manager’s Choice, maar nu ben ik daar niet meer zo zeker van, vandaag komt ie nog meer tot z’n recht dan tijdens de tasting. Dit is volgens mij gewoon beter. Ja, nog beter. Bon, je kan deze whisky dus niet krijgen, en als ie ooit eens te koop wordt aangeboden, zal hij ongetwijfeld compleet onbetaalbaar zijn, maar hoe gelukkig prijs ik mezelf ‘m eens geproefd te hebben. En ik meen te begrijpen waarom deze whisky een absolute cultstatus heeft verworven. Dat ligt dus niet alleen aan z’n extreme zeldzaamheid. 97/100

 
 

Vervolgens kwam de Bowmore ‘Bicentenary cask strength’ 1964/1979 98.8 proof, 56.2%, OB for Fecchio & Frassa, Italy, cubic bottle aan bod. Allez, jonge Bowmore, hoe origineel.
Mmm, origineel of niet, who cares? Op de neus denk ik aan noten en gedroogd fruit (rozijnen, vijgen), maar het is pas met enkele druppels water toe te voegen dat hij open komt, dan krijg ik vers fruit zoals mandarijn, perzik en ananas, maar ook nat hooi (licht ‘farmy’ dus) en kruiden (munt, dille, kamille). Lichte turfrook ook, als extraatje. Stevig mondgevoel dat start op vijgen en een scheepslading sinaas. Daarna munt, gember en kaneel. Lichte eik. En ook hier een klein beetje turf. Middellange afdronk op kruiden en sinaas. Na het voorgaande toch een lichte tegenvaller. Maar dat is hier dus redelijk relatief. 91/100

 
 

De eerste flight werd afgesloten met de Tormore 16y 1966, 57%, Samaroli 1982, sherry wood. Tormore? Komaan! En dan nog amper zestien jaar oude Tormore. Op flessen getrokken door één of andere obscure Mediterraanse bottelaar!
Mmm… ik bedoel halleluja, dit is wel één van de beste sherryneuzen die ik ooit gehad heb! Djéé man, goddelijk gewoon. Vreselijk complex op de heerlijkste tonen van zoet en gekonfijt fruit, vijgen, noten, tamari, high-end balsamico, amandelen, honing, marsepein, nougat… Vooral veel puntjes. Op de smaak wordt dit alles aangevuld met pistache en een sublieme bittere toets. Sappige, belegen eik, noten en hars, maar nog altijd erg veel fruit, honing en die geweldige balsamico. Erg lange afdronk op de mooiste sherrytonen. Ik kan me moeilijk voorstellen dat er ooit betere Tormore gebotteld is. 96/100

 
 

Na een korte pauze werd de tweede flight ingeleid door de Cardhu 12y, 43%, OB for Wax & Vitale, Italy, early 1970’s, cork. Cardhu 12 dus… nu ja, ’t is crisis voor iedereen natuurlijk.
Mmm, voor twaalfjarige Cardhu is dit toch verdraaid lekker om ruiken. Vooreerst doet dit me aan de herfst denken. Mos, gevallen bladeren en takken. Maar dan zet er zich fruit door: kruisbessen, peer en zoete appels. Best wat was ook, en mineralen. Natte stenen en planten. Iets stoffigs, maar dan erg aangenaam stoffigs. Oude boeken enzo. Marsepein. Best complex als je er wat tijd voor neemt. Zachte, romige, fruitige en florale smaak met ook hier de bijenwas en de mineralen die opvallen. Ontbijtgranen doemen op. Licht, speels en complex. Jazzy whisky. Vrij korte, maar erg aangename, waxy afdronk. 89/100

 
 

Na deze standaardbotteling schonk Luc ons een Macallan in, meer bepaald de Macallan ‘Special Reserve’, 43%, OB, 75cl, wat trouwens krak dezelfde whisky is als de Macallan 1948-1961/1981 ‘Royal Marriage’, 43%, OB, 75cl. Macallan uit de geboortejaren van Charles en Diana dus. Tja, Macallan, het is toch vooral een snob whisky.
Mmm, ik ben een snob! Waxy sherry, I like that! A lot. Boenwas, schoensmeer, honing, hooi, veel kruiden (peper, zoethout, eucalyptus en gember) en dan het fruit. Peren, sinaas en bananen. Mooi, mooi. Romig mondgevoel. De smaak begint zoet en fruitig. Harde fruitsnoepjes. Maar ook vers en sappig fruit zoals abrikozen, meloenen en ananas. Pas daarna zetten de kruiden zich door. Peper, nootmuskaat en zoethout. Kamillethee met honing. Middellange afdronk, bitterzoet. Ik had deze een puntje hoger op de tasting, in de geur houdt ie voor mij de 93 aan, de smaak – die erg lekker is, mind you – doet er punt af. 92/100

 
 

We gingen verder met de Laphroaig 30y 1966/1996, 48.9%, Signatory, cask 561, 142 bottles. Laphroaig 1966. Was het niet vooral 1967 dat een goed jaar was voor Laphroaig? 1966, een beetje een zwaktebod lijkt me dan.
Mmm, lang leve 1966! Man, wat een geweldige geur! Een antiekshop met z’n oude boeken en geboende antieke meubelen, gedroogde bloemen, rijpe bananen, succulente honing, mineralen (natte steen), oesters, tabak en natuurlijk de heerlijkste zachte zoete turf. Lichte tonen van een koeienstal. Genieten in overdrive. Het goede nieuws is dat de smaak niet erg veel moet onderdoen voor de neus. Delicaat, subtiel en complex. Romige turf ingekapseld in honing, marsepein, bijenwas en veel fruit. Banaan, sinaas en sappige peer. Maar daar stopt het niet bij, ik denk ook aan gekonfijte gember, zoete drop en een hammetje aan het spit. Lange afdronk waar het fruit en de bijenwas langzaamaan uitdoven, maar waar de zoete turf daarna nog eventjes blijft doorgaan. Fantastische whisky. 95/100

 
 

We naderden stilaan het einde van deze twee flight, als voorlaatste in de line-up had Luc de Springbank 31y 1963/1994, 52.3%, Cadenhead’s Authentic Collection gezet. Oude Springbank… ja, dat kan goed zijn. Maar dat kan ook tegenvallen natuurlijk. Altijd een risico.
Mmm, mmm, mmm, mmm… euh sorry, ik was me volledig aan het verliezen in de neus van deze whisky. Ik vrees dat ik in herhaling ga vallen, maar fuck man, wat een neus! Opnieuw een sherryneus die dicht bij de perfectie aanleunt. Die perfectie zit ‘m ook in de balans tussen bitter en zoet, bittere en zoete tonen zoals daar zijn: eik, noten, kaneel, munt, donkere chocolade, perensiroop en balasamico. Maar op de smaak is die balans er wat mij betreft niet meer. Hier is hij me wat te droog, de zoete toetsen komen echt wel in de verdrukking door het hout en de noten. Zelfs wat propolisdruppels. Het dient gezegd dat water wel wat helpt, maar de balans die de neus wel vertoonde, blijft buiten bereik. De indrukwekkende neus is echter 95, 96 waard. 92/100

 
 

Eindigen deden we met de Ardbeg 13y 1975/1988, 54.2%, Gordon & MacPhail for Intertrade, sherry wood, 543 bottles. Allez, dertien jaar oude whisky, dat staat dan op het einde…
Mmm, voor dertien jaar oude whisky is dit toch wel bangelijk goed. Erg frisse en levendige geur die me meteen naar de zee brengt. Zilt, jodium, oesters, zeewier en een overvolle plat de fruits de mer. Mineralen laten zich gelden (de geur na een zomers regenbui), maar natuurlijk ook de verwachte turf, gevolgd door allerlei sherrytonen: braambessen, zwarte bessen, chocolade, tabak, koffie en zoethout. Ronde smaak, elegant en toch scherp in zekere zin. De start is zoet op appelsiroop, kandij en balsamico. Daarna gaat ie over op turf en teer, gevolgd door de sherry, die opnieuw veel donker fruit (bramen) meebrengt. Zwarte woudham. Maar het wordt nooit droog, het blijft vooral zoet. O ja, dit is goed, ik vind ‘m op de smaak zelfs nog iets beter dan op de neus. Lange afdronk, met turf en sherry in perfecte harmonie. Djee, dit is toch weer wreed lekkere whisky. Stel je voor dat je dat nog voor een redelijke prijs op de kop kan tikken. 94/100

 
 

Mmm, als ik de scores zo bekijk, zat er blijkbaar toch spul tussen dat best drinkbaar is. Zou het dan toch aan het niveau van de whisky kunnen liggen dat we ieder jaar opnieuw die moeite doen?

 

In ieder geval, ik wens julie bij deze alvast een prettig eindejaar en een gelukkig en vooral geestrijk 2012.

 

Advertenties

Bowmore 12y 1999, Fulldram

Met onze whiskyclub Fulldram hebben we zopas een derde clubbbotteling uitgebracht. Na de complexe fruitigheid van de Littlemill 1990 en de smeuïge zoetheid van de Auchentoshan 1999, wilden we nu de kaart van de turf trekken. Onze keuze viel uiteindelijk op een Bowmore 1999. Het werd meteen ook de eerste eigen botteling, waar de vorige Malts of Scotland bottelingen waren. Ruben Luyten stond in voor het ontwerp van het label. Waarvoor nogmaals dank Ruben.

 

 

Bowmore 12y 1999/2011, 57.6%, Fulldram, oloroso sherry cask matured, 190 bottles
De neus start meteen erg ‘coastal’. Kustig dus, maar geef toe, dat bekt niet echt. Ik heb vooral veel zilt, maar ook jodium (licht medicinaal) en zeewier. Een degelijke portie turfrook volgt, net als teer, met daaronder zoete tonen zoals vanille en melkchocolade. Pas in tweede instantie komt de sherry er door. Leder, rozijnen en allerlei bessen. Bramen, bosbessen en rode bessen. Dan ook nog een beetje wit fruit à la appel en perzik. Met water wordt het zoeter en krijgt de appel en de perzik de bovenhand op de bessen. Stevig mondgevoel met veel turfrook en zilt, donkere chocolade en een pak kruiden: kruidnagel, kaneel, zoethout en steranijs. Met water wordt het een stuk ronder en toegankelijker, dan met associaties van praliné, appeltjes uit de oven en bessen. Lange afdronk op turf en zilt, maar ook hier zoeter en fruitiger met water. Ik vind dit best comlexe whisky, maar om dat te ontdekken is er zeker op de smaak water nodig. Water maakt het geheel ook ronder, minder scherp. De neus komt het best onversneden tot z’n recht, de smaak versneden. Vandaar dat we er ook voor geopteerd hebben deze whisky onversneden te bottelen, dan kan je zelf beslissen al dan niet water toe te voegen (idealiter dus na het neuzen). 88/100

 

Het zou me trouwens niet verbazen mocht deze whisky nog beter worden in de (open) fles, de lucht en de jaren zouden de scherpe kantjes wel eens verder kunnen afronden en het fruit meer naar voor brengen. Ik heb dat al wel vaker gemerkt bij vatsterkte-whisky’s (en zeker geturfde whisky). Whisky’s op drinksterkte kunnen na enkele jaren in een open fles weleens ‘plat’ vallen, whisky’s op vatsterkte hebben soms juist baat bij enkele jaren in een geopende fles.

Caol Ila 1981, Thosop

Vandaag maak ik met veel plezier tijd voor de nieuwe Thopos Handwritten. Dit keer is het een Caol Ila 1981 geworden. Er verschijnt zeer veel onafhankelijke Caol Ila en deze stellen zelden teleur, ik veronderstel dat dit ook hier niet het geval zal zijn. Maar toch verwacht ik van een Thosop botteling nog nét een ietsje meer, dat deze Caol Ila dus nog beter is dan de grote massa lekkere Caol Ila.

 

Caol Ila 30y 1981/2011, 50.6%, Thosop Handwritten Label, by The Whiskyman, bourbon cask, 153 bottles
Wow, dit is alvast een prachtige neus! Een neus die ik kan samenvatten als zoete, fruitige turf gedrenkt in olie. Olijfolie, maar eigenlijk nog meer lijnzaadolie. Amandelolie ook, wat me dan naadloos bij marsepein brengt. De turf is discreet en clean, maar een weinig medicinaal. Het fruit waar ik aan denk is banaan, mandarijn en ananas. Ook het zee-karakter ontbreekt niet. Zilt en jodium. Een klein beetje teer. Ha, nu ook kokos. Een hint van rum. Complexe en ronduit schitterende neus. En het goede nieuws is dat de smaak niet moet onderdoen. Hier is de turf wel wat minder discreet. Licht medicinaal opnieuw, met ook hier het zilt. Ook de banaan ontbreekt niet. Groene thee noteer ik nog, net als kandijsuiker, ananas en amandelen. Zeste van sinaas. Prikkelend en levendig. Zeer, zeer goed. Old style Caol Ila, deze whisky kan perfect doorgaan voor een begin-jaren-zeventig distillaat. Lange afdronk, op mooie, zachte turfrook, zilt en pompelmoes. Knap! 92/100

Bunnahabhain 19y 1991, A. Dewar Rattray

Een andere nieuwe botteling van Dewar Rattray is een Bunnahabahin 1991, gerijpt op sherry butt, die je je kan aanschaffen voor een goeie 70 euro.
Net zoals zoveel andere distilleerderijen is Bunnahabhain een tijd lang gesloten geweest, maar in tegensteling tot meerdere lotgenoten werd de productie in 1983 opnieuw opgestart i.p.v. dat de deuren definitief gesloten werden.

 

Bunnahabhain 19y 1991/2011, 54.3%, A. Dewar Rattray, sherry butt #5447, 328 bottles
Zachte sherryneus op tonen van geroosterde noten, gedroogde vijgen, tabak, koffie en sinaas. Er zit ook een waxy kantje aan, net als een rokerig. Mooi! De smaak gaat verder op deze aroma’s: sinaas, koffie, vijgen, geroosterde noten, tabak en rook (van het hout). Maar ook karamel en rozijnen, vervolledigd door eik (maar niet erg veel) en een aantal kruiden zoals zoethout en kaneel. Eerder lange afdronk op kruiden en zoete tonen zoals honing en kandijsuiker. Knappe en vlotdrinkbare Bunnahabhain, die alle sensaties mooi in balans heeft. 86/100

Oud naar Nieuw

Vol Kerstkalkoen en bubbels, slepen we ons naar het jaareinde, de overgang van Oud naar Nieuw. Oud naar Nieuw was ook het thema van de Fulldram tasting van vorige week. Bij deze klassieker zetten we van enkele whisky’s zowel een oude als een nieuwe botteling naast elkaar. Hieronder een summier verslagje.

 
Spirit of Unity, 46%, 2000 bottles, blended malt, for Japan
Het aperitiefje. For Japan is hier dus voor de slachtoffers van de aardbeving & tsunami van begin dit jaar en voor de heropbouw, het betreft geen botteling voor de Japanse markt. Deze blended malt bevat whisky van zeven distilleerderijen, Arran, Bladnoch, Glendronach, Glengyle, Kilchoman en Springbank, whisky uit alle hoeken van Schotland dus. Billy Walker stond in voor het blenden. Het resultaat is ver van slecht, maar nogal licht. Wat citrus en vanille op de neus, vergezeld van lichte zilt en dito turf. Op de smaak diezelfde citrus, amandelen, leder en ook hier zachte turf. Eerder korte afdronk. Mooi geblend, vlot drinkbare malt, maar ook niet meer dan dat. 78/100
 

Het eerste koppel dan, twee Cragganmore’s 12y met een twintig jaar verschil in botteldatum.

 
Cragganmore 12y, 40%, OB 2010
Eerder zoete, granige en wat duffe start. Muesli, honing, daarna een beetje wit fruit. Boter. Een klein beetje kruiden. Nogal saai. Ook op de smaak niet echt boeiend te noemen. Granen, gedroogd gras en vanille. Korte, granige afdronk. Zeer matige whisky. 74/100
 
Cragganmore 12y, 40%, OB +/- 1990, 75cl
75cl, dus vóór 1992 gebotteld. Met vermelding ‘Classic Malts’ op het label, dus na 1988. Beter en complexer dan de jonge versie. Olieachtig, grassig en fruitig. Dat grassige gaat gepaard met bloemen, qua fruit denk ik aan pruimen en peren. Leder heb ik ook, net als honing. Op de smaak komen daar nog wat kruiden bij. Middellange afdronk. Het effect van rijping op de fles? Of toen gewoon beter dan nu? 81/100
 

Bij het tweede koppel, Glen Elgin 12y, zit er nog meer tijd tussen, een dertig jaar.

 
Glen Elgin 12y, 43%, OB 2011
Zachte en aangename neus op rozijnen, noten, honing en Europees fruit. Zoete smaak met karamel, koffie, granen, wat fruit en kruiden. Middellange, licht droge afronk. Best lekker. 83/100
 
Glen Elgin 12y ‘Pure Highland Malt’, 43%, OB +/- 1980, White Horse, Carpano Import
Oud zwart-goud label. Mmm, erg lekkere neus op noten, kruiden, balsamico, turfrook, geroosterd vlees, koffie, antiekwas, hars en zilverpoets. Typisch oude sherry profiel (lang geleden gebotteld sherryvat bedoel ik dan). Stevig op de tong, kruidig (peper, zoethout), fruitig, met daardoorheen eik, sinaas, karamel en geroosterde noten. Lange afdronk op kruiden, een beetje boenwas en zachte rook. Zeer lekkere oldie. Let op, hier bestaan meedere batchen van (de ‘Carpano Import’ is belangrijk). 88/100
 

Het derde en laatste koppel werd gevormd door de Singleton of Dufftown 12y en een Dufftown 8y, gebotteld rond 1980 voor de Italiaanse markt.

 
Singleton of Dufftown 12y, 40%, OB for Duty Free, 1L
De neus start olieachtig (visolie) en grassig (hooi, maar ook bladeren), en gaat over in geroosterde noten, granen, leder en een beetje fruit (appel en meloen). Te weinig fruit echter om de wat duffere aroma’s te counteren. Dezelfde visolie op de smaak, het hooi en de (natte) bladeren ook, met daarnaast vanille en munt. Karton? Mmm, in de verte. Het is zeker geen frisse en levendige whisky, ben er niet echt fan van. Korte, droge afdronk. 75/100
 
Dufftown 8y 70 proof, OB +/- 1980, Italbell import, 75cl
Hier is de start echt ‘duff’: stof, champignons, karton… Maar het goede nieuws is dat dit wegtrekt en plaats maakt voor frissere sensaties. Rijpe vijgen merkte Dominiek op, zoethout en vanille noteerde ik nog. De smaak heeft niet dat duffe. Noten, karamel en kruiden maken de dienst uit. Middellange afdronk. Dit is geen slechte whisky, helemaal niet, maar er zijn betere Dufftowns 8y uit die tijd, ik denk maar aan de Ghirlande import van begin jaren zeventig. 81/100
 
En dan het toetje:
 
Bowmore 12y 1999/2011, 57.6%, Fulldram Whisky Club, matured in oloroso sherry cask, 190 bottles
Niet slecht :-) Een uitgebreide bespreking volgt.
 
 
De top drie voor de groep (voor alle duidelijkheid, dit is zonder het toetje) was:

  1. Glen Elgin oud
  2. Glen Elgin nieuw
  3. Dufftown oud

Aberlour 1994 & Bowmore 1997 Mac Bolle

Ter ere van 100 jaar Ronde Van Vlaanderen in 2012, verschijnen twee single cask bottelingen, een Aberlour 1994 en een Bowmore 1997. Het label draagt de naam en beeltenis van de legendarische Torhoutenaar Karel Van Wijnendale (alias ‘Mac Bolle’), wielerjournalist, stichter van de sportkrant Sportwereld en geestelijke vader van de Ronde van Vlaanderen.
Beide vaten werden geselecteerd door Whisky Import Belux en The Bonding Dram, de flessen worden verkocht door de stad Torhout, dat in 2012 de titel Dorp van de Ronde Van Vlaanderen mag dragen. De prijs voor een fles is 60 euro, waarvan er 5 euro naar de actie Kom Op Tegen Kanker gaat. Hoe je de flessen kunt bestellen lees je hier.

 

Aberlour 16y 1994/2011 ‘Mac Bolle’, 46%, Whisky Import Belux & The Bonding Dram, Bourbon Hogshead #8825, 279 bottles
Erg aangename, zoete neus die start op vanille en fruit. Sappig wit fruit à la rode appels (oké, het wit slaat dus op de binnenkant), peren, perziken en lychee. Lycheesap. Na enige tijd toast, geroosterde noten, hooi en kruiden. Mooi rond en romig mondgevoel. Vanille, peer, perzik. Best stevig ook wel, lijkt meer dan 46%. Hiervoor zorgen de eik en de kruiden, kruiden zoals peper, zoethout en gember. Middellange, wat droge afdronk op hooi, eik en kruiden. Simpele whisky, maar dat bedoel ik positief. Niet complex, niet super gelaagd, wel makkelijk te benaderen en even makkelijk drinkbaar. Een whisky zonder streken. 84/100
 
 

Bowmore 14y 1997/2011 ‘Mac Bolle’, 46%, Whisky Import Belux & The Bonding Dram, Bourbon Hogshead #800029, 303 bottles
Uitzonderlijk zachte, zelfs wat delicate neus, wat natuurlijk aan het alcoholpercentage ligt (de meeste jonge Bowmores die ik proefde, zijn vatsterktes, en dat betekent vaak 60% en meer). Geen rookbom, de (turf)rook is licht en laat veel ruimte voor ‘zee’: jodium, zeewier, zilt en een heuse plat de fruits de mer. Dat laatste besprenkeld (stevig besprenkeld) met citroen. Vanille en zachte nougat maakt de neus wat zoet. Zachte, cleane smaak. Rook, vanille, kaneel, citroen en opnieuw een stevige ‘coastal’ toets (zilt). Mineralig ook wel. Geen al te lange afdronk, zilt en rokerig met citroen ertussendoor. Cleane, zilte en net zoals de Aberlour vlot drinkbare en dus erg toegankelijke whisky. 86/100
 

Littlemill 22y 1989, Kintra Single Cask Collection

Littlemill is dus één van de oudste distilleerderijen van Schotland, opgericht in 1772. Doorheen z’n geschiedenis stopte het de productie meermaals, om in 1994 definitief de deuren te sluiten. Veel meer dan een ruïne blijft er niet over, na een alles verwoestende brand in 2004.

 

Littlemill 22y 1989/2011, 55.2%, Kintra Single Cask Collection, Bourbon Hogshead #k003, 90 bottles
Zachte, zoete en fruitige neus. Voor het fruit zorgen mandarijnen, abrikozen en peren. Voor het zoets amandelspijs, cake en frangipane. Wat eik, een beetje boter en een even weinig bijenwas vullen aan. Aangename neus, maar de sterkte van deze whisky is z’n smaak. Prikkelend en erg fruitig. Roze pompelmoes en mandarijn, naar het einde evoluerend naar licht tropische toetsen. Wat rietsuiker, eik en zoete granigheid. Hier meer kruiden dan op de neus. Gember, peper en zoethout. Zeer mooie bitterheid. Lange, bitterzoete afdronk in het verlengde van de smaak. Weerom een erg mooie Littlemill. 89/100
 

Bij publicatie van deze post zit ik met een aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid in Mortsel voor de rituele Kersttasting ofte Hoogmis ten kelder Luc Timmermans, een tasting die zich ook dit jaar aandient als behoorlijk legendarisch. Ondanks uitputting van het lyrisch en dramatisch vocabularium, en het feit dat ik dit jaar Bob ben (zucht, inderdaad), zal ik aan de hand van een hoop sampleflesjes de whisky’s van de line-up hier volgende week hun verhaal laten doen.

Brora 29y 1971/2001 Old Malt Cask

Compenseren dus. En wel met één van de beste Brora’s die ik dronk, en dat zijn er ondertussen toch al wel enkele. Bij mijn weten bestaan er drie 1971’ers die op 29-jarige leeftijd onder het Old Malt Cask label gebotteld zijn: twee bourbonvaten gebotteld in 2000, één op 210 en één op 274 flessen, en één sherryvat gebotteld in 2001 op 258 flessen. Na de twee bourbonvaten proef ik nu dus het sherryvat, een sample van bij The Duch Connection op Spirits in the Sky begin vorige maand.

 

Brora 29y 1971/2001, 50%, DL Old Malt Cask, sherry cask, 258 bottles
Muahaha, dit vind ik goed zie! Ronduit sublieme neus, typisch Brora 1971 (anders dan 1972, niet zo ‘farmy’, meer ‘coastal’ en cleaner), aangevuld met het beste wat een sherryvat aan een whisky kan toevoegen. Ik denk in de eerste plaats aan vers fruit (sinaas, ananas, roze pompelmoes), maar ook aan noten en gedroogd fruit. Zachte rook van een kampvuur, vermengd met zeelucht en nat hooi (een beetje farmy, toch wel). Prachtige aanzet op de smaak, stevig, droog, zilt, zoet en kruidig. Zoute drop, zachte karamel, kandijsuiker, peper, gekonfijte gember, sinaas, roze pompelmoes, rook (ook hier niet zo zeer turfrook, eerder van een houtvuur), lapsang souchong, gerookte heilbot,… let op de puntjes. Complex, met een perfecte balans. Genieten in overdrive. Erg lange afdronk, fruitig, kruidig en zilt. Voor mij nog beter dan de twee andere 1971’ers die onder het Old Malt Cask label gebotteld werden. De rest van de fles was spijtig genoeg al door één of andere onverlaat voor m’n neus weggegraaid. 94/100

Brora 1982/2006, Connoisseurs Choice

Brora, moet ik het daar nog over hebben? Nee toch.

 

Brora 24y 1982/2006, 43%, G&M Connoisseurs Choice, refill sherry butts
Cleane, mineralige neus op boter, natte stenen, honing, sinaaszeste, groene appels, zilt, nootmuskaat en een beetje turf. Nogal licht allemaal, mist diepte. Boterig mondgevoel. Ook de smaak is clean en mineralig. Naast de mineralen ook honing, appels, pruimen en wat turf. Meer kruiden dan op de neus. En ook wat eik, wat op de smaak toch voor de nodige ‘body’ zorgt. Naar het einde licht bitter. Pompelmoes. Dit zijn duidelijk geen al te actieve sherryvaten geweest. Middellange, drogende afdronk. Geen super Brora. Dit moeten we morgen compenseren. 84/100

Isle of Jura Prophecy

De 10y kon me niet echt bekoren, hopelijk doet de Prophecy dat wel. Deze Jura draagt de boodschap ‘Profoundly peated’, waar de Superstition de boodschap ‘Lightly peated’ meekrijgt. En elk jaar verschijnt er een zogenaamde limited release van. Dit jaar is dat de derde, in 2009 zag de eerste release het levenslicht.

 

Jura ‘Prophecy’, 46%, OB 2011
De neus start niet erg bijzonder op granen, noten, teer en lichte rubber, maar bloeit daarna open met aan de éne kant zoete en fruitige associaties zoals banaan, sinaas en chocolade (orangettes), en aan de andere kant de turf. Daardoorheen priemen kruiden à la zoethout en anijs en ook een beetje boenwas. Wordt echt wel mooi. Op de smaak valt de turf meer op, waar het vergezeld gaat van Europees fruit (ik denk aan peren, appels en kruisbessen) en kruiden (peper, nootmuskaat en zoethout). Zilt ook, en hooi. Pompelmoes naar het einde toe. Het mondgevoel is olieachtig. Lange, drogende afdronk op turf, zoethout en wit fruit. Profoundly peated? Bwa, dat blijkt wel mee te vallen. Knappe balans tussen de turf en de zoete tonen, en sowieso mijn favoriete officiële Jura tot op heden. 86/100

Isle of Jura 10y

Isle of Jura, dat is weer even geleden. Vandaag en morgen proef ik twee standaardbottelingen. Beginnen doe ik met de laatste batch van de ultieme standaard Jura, de 10y.

 

Isle of Jura 10y, 40%, OB 2011
Lichte neus op zilt, granen, gras, gevallen bladeren, eik en honing. Ah, misschien toch ook wat fruit. Inderdaad, gedroogde abrikozen, wat rozijnen en appels. Mwa, niet slecht maar weinig prikkelend. Ook de smaak is licht, zelfs wat vluchtig en eerder droog. Kruiden (zoethout en gember), granen, zilt en witte pompelmoes vallen op. Korte, droge afdronk op granen, eik, kruiden en een beetje honing. Tja, matig is het woord. Misschien een beetje beter dan de vorige batch die ik proefde, maar veel zal het niet zijn. Morgen een betere Jura! 76/100

Glen Grant 1972, The Whisky Agency Private Stock

Glen Grant distillery werd genaamd naar z’n twee oprichters, John en James Grant, die in 1840 startten met de bouw van een distilleerderij in Rothes. De zoon van James bouwde een tweede distilleerderij, ‘Glen Grant 2’, aan de andere kant van de straat. Vandaag kennen we Glen Grant 2 als Caperdonich.

 

Glen Grant 39y 1972/2011, 51.4%, The Whisky Agency ‘Private stock’, sherry cask, 87 bottles
Prachtige, fruitige sherryneus. Om te beginnen zoet, gestoofd fruit: abrikozenconfituur, pruimencompot en warme aardbeienconfituur. Daarna kersen en mandarijn. Om tenslotte over te gaan in tropische varianten, zoals ananas en rijpe bananen. Indrukwekkend, geef toe. Maar deze neus is veel meer dan louter fruitig, ik noteer in willekeurige volgorde ook nog honing, fudge, koffie, hazelnoten, zachte eik, boenwas en kruiden. In deze laatste categorie zowel peper, gember als kaneel. Wat rook van het hout. Vreselijk complex (ik kon nog effe doorgaan) en vreselijk lekker. Erg stevig en intens mondgevoel, eerder aan de droge kant wel. Noten, eik, kruiden en donkere chocolade. Toch ook wat zoet tegengewicht in de vorm van rozijnen, vijgen en dadels, kandij en marsepein (het zoete van de noten), maar niet genoeg om het geheel in evenwicht te trekken, het blijft wat te droog op de smaak. Tabak mag ik niet vergeten te vermelden. De afdronk is lang, verwarmend, droog en kruidig met toch ook wat fruit dat naar het einde toe opduikt. Op de (ronduit sublieme) neus scoort hij hoger dan andere 1972’ers die ik al proefde, op de smaak lager. 91/100

Highland Park 1997 ‘Sword’

De sample van de Highland Park 1997 ‘Sword’ uit de Viking Collection belandde eerder toevallig in m’n brievenbus. Maar toevallig of niet, hij brengt me terug naar ons bezoek aan de Highland Park distillery enige tijd geleden, waar we deze ook konden proeven. Als je niet op Orkney bent, moet je voor deze whisky naar Taiwan. Of een gokje wagen op één of andere veiling kan natuurlijk ook.

 

Highland Park 1997 ‘Sword’, 43%, OB 2010, Viking Collection, exclusive for Taiwan, 75cl
Een mooie kruidigheid is het eerste wat opvalt. Peper, zoethout, nootmuskaat. Daarna hooi en stevige sherrytonen. Koffie, gedroogde vijgen en pruimen, kandijsuiker, leder. Mooie eik en lichte turf. Knappe neus. De sherry zet zich verder op de smaak, naast het hooi en de lichte turfrook. Gedroogd fruit, zwarte bessen, peper, zoethout, munt, koffie, chocolade. Zoute drop, en ook wel een klein beetje rubber. Rijke, volle smaak. Lange, stevige afdronk, bitterzoet met vooral de kruiden die om de aandacht dingen. 87/100

Glenlossie 36y 1975, Liquid Sun

Ik proefde al de Glenlossie 1975 van The Whisky Agency, in hun ‘Grotesque Crocs’ reeks, vandaag proef ik een 1975 van hetzelfde huis, maar dan gebotteld onder het Liquid Sun label. Een sherryvat trouwens, waar de andere een bourbonvat was. Deze kost net als de Crocs een kleine 200 euro.

 

Glenlossie 36y 1975/2011, 48.3%, Liquid Sun, refill sherry hogshead, 132 bottles
Erg elegante en subtiele neus. Niet onmiddellijk whan-bam of super-expressief, de aromas nemen hun tijd om zich bloot te geven. Wat sinaas, wat noten, wat kruidnagel, wat zoethout, wat munt, wat eik, wat tabak, wat leder… subtiel, ik zei het al, delicaat bijna. Maar na wat wachten treden de geuren meer op de voorgrond en krijgt het geheel zelfs iets licht ‘farmy’ (je weet wel, de boerderij-associaties van mest en nat hooi en zo). Erg lekker om ruiken. En al even lekker om te proeven. Vol en romig mondgevoel, start minder delicaat dan de neus, meteen erg aromatisch. Kruidig en fruitig. Zoethout en kruidnagel, mandarijn en sinaas. Ook de noten kom ik opnieuw tegen, net als het leder en wat koffie. Een klein beetje rook zelfs. Geen turf, eerder rook van het hout. Eik? Ja, maar op de achtergrond. Lange afdronk, mooi in het verlengde van de smaak, maar vooral het zoethout valt op. Zeer lekkere whisky, en beter dan de ‘Grotesque Crocs’ als je ’t mij vraagt. 90/100

Aberlour 18y 1993, Duncan Taylor ‘Dimensions’

Dimensions is een nieuwe reeks van Duncan Taylor en volgens deze bottelaar “an outstanding range of single malt and single grain whiskies aged from the youngest to 39 years. Available as single cask, cask strength or exclusively numbered small batch releases at 46% abv. The Dimensions Collection delivers the most comprehensive overview of Scotland’s distilleries. Only the finest whiskies are selected for inclusion in the Dimensions Collection, ensuring each release represents the true multi dimensional character of the distillery”. Wat de meerwaarde hiervan is, is me niet geheel duidelijk, de whisky’s zijn in ieder geval niet koud-gefilterd en ook niet bijgekleurd. Ik proef uit deze reeks de Aberlour 1993 (65 euro).

 
Aberlour 18y 1993/2011, 54.3%, Duncan Taylor ‘Dimensions’, cask 7371
Frisse, levendige neus op sappig, Europees fruit. Rode appel, peer, witte perzik, meloen, en ook rijpe kruisbes. Doorheen dat levendige fruit ontwaar ik gras, kandij en kaarsvet. En iets licht floraals. Prikkelend mondgevoel, eerst op granen, daarna op fruit. Opnieuw vooral wit fruit, appels, peren en perziken. Een beetje simpel misschien. Water toevoegen maakt het zoals verwacht wat zoeter (harde citroensnoepjes). Middellange afdronk op granen en fruit. Doet vrij ‘jong’ aan. Puur op de neus had ik ‘m op 85, 86 staan, op de smaak gaan er enkele punten af. 83/100

Caperdonich 36y 1967, Douglas Laing Platinum Selection

De Caperdonich die ik gisteren proefde was een beetje een teleurstelling, laat me dit goedmaken met een klepper, een 1967 van Douglas Laing. Grazie mille Signore Bruyneel.

 

Caperdonich 36y 1967/2004, 57.9%, DL Platinum Selection, 167 bts.
Ronduit sublieme, aromatische en rijke neus op succulent fruit en dito zoets. Allerlei fruit, zoals perzik, mandarijn, sinaas, abrikoos (vers én gedroogd), gedroogde vijgen, druiven en ananas, vermengd met romige chocolade (chocoladefondue), praliné, honing en vanille. En daardoorheen geroosterde noten, gele rozijnen, een beetje kruiden en prachtige, sappige eik. Halleluja, dit is goed! En dan zou ik de bijenwas nog vergeten… Stevige, romige smaak die start op veel fruit: braambessen en rode bessen, ananas, sinaas en roze pompelmoes. Zowel licht zoete, wat zure als eerder bittere varianten dus. Daaronder zachte karamel en nougat, gevolgd door wat kruiden zoals kaneel, nootmuskaat en gember, een beetje zilt, een beetje bijenwas en zachte eik. Die eik blijft in eerste instantie op de achtergrond, ter ondersteuning, zorgend voor extra karakter en body. Maar naar het einde toe treedt de eik meer op de voorgrond, en het samenspel met de pompelmoes maakt het dan wat bitter. Aangenaam bitter dien ik te onderstrepen. Water is niet echt nodig, maar het brengt de bijenwas meer naar voor. Lange afdronk in het verlengde van de smaak en dat is hier geweldig nieuws. Machtige whisky, zeker op de neus. 93/100

Caperdonich 1972/2008, G&M for La Maison du Whisky

Ha, Caperdonich 1972… daar kan ik er niet genoeg van proeven. Deze van Gordon & MacPhail voor La Maison du Whisky proefde ik al eens eerder, maar ik heb er nu een sample van op de kop weten te tikken. Ik vond het toen immers een bijzondere whisky, hij kleurt wat buiten de klassieke Caperdonich 1972 lijntjes. First fill sherryvat, wat wil je…

 

Caperdonich 1972/2008, 49.9%, Gordon & MacPhail for LMdW, first fill sherry, cask 1976
Mooie, volle neus. Kruiden (kruidnagel, peper), eik, gedroogd fruit, karamel, koffie en geroosterde noten. Expressieve, stevige sherry, maar ongewoon voor Caperdonich 1972. Op de smaak is hij wel erg droog, voor mijn smaak er over. Bitter hout en taninnes. Kastanjes, okkernoten, kaneel. Toch ook wat zoete tonen: gedroogde vijgen, hoestsiroop en zoethout, net als chocolade, maar dan wel heel donkere. Het droge domineert. Een lichte rokerigheid, wat hier een absolute plus is. Lange, bittere en droge afdronk. Dit is echt een whisky om aan te ruiken, drinken bevalt me een stuk minder. De score dankt hij dus grotendeels aan de neus. 84/100

Glen Spey 33y 1977, A. Dewar Rattray

Een andere nieuwe Rattray is een Glen Spey 1977. Glen Spey is een wat obscure distilleerderij, gelegen in de buurt van Rothes, Speyside. Z’n geschiedenis gaat terug tot 1884, het jaar dat James Stuart, toenmalig licentiehouder van Macallan, besloot een oude molen om te bouwen tot een distilleerderij. De productie werd op gestart in 1885.

 

Glen Spey 33y 1977/2011, 47%, A. Dewar Rattray, bourbon hogshead #3659, 121 bottles
Ronde en frisse neus op zoete en kruidige tonen. Tuinkruiden en planten. Voor het zoets zorgen honing, vanille en druivensap. Nog meer fruit in de vorm van meloen, ananas en rabarber. Gedroogd gras, zoethout, anijs, mineralen en licht verbande toast, met onderliggend een beetje eik. Erg mooie, elegante neus. Ook op de tong is dit een erg elegante whisky, rond en romig, Honing, vanille en fruit (appel, ananas en sinaas) vermengd met veel kruiden. Zoethout, anijs en peper zijn de eerste waar ik aan denk. Hooi, ook hier, net als de eik en nog wat hars naar het einde toe. Middellange afdronk op kruiden en amandelen. Fris, levendig en ‘groen’ (het gras, de planten), proeft helemaal niet als een 33-jaar oude whisky. Maar wel lekker, absoluut. En met z’n 120 euro ook erg betaalbaar voor die leeftijd. 89/100

Mortlach 16y 1995, A. Dewar Rattray

Vandaag nog een whisky uit de nieuwe lichting van A. Dewar Rattray, een Mortlach 1995 deze keer. Het is onduidelijk wanneer Mortlach opgericht is, het kreeg in ieder geval een licentie in 1823 en is de oudste distilleerderij uit de Dufftown regio (Glenfiddich is de tweede oudste).

 

Mortlach 16y 1995/2011, 51.1%, A. Dewar Rattray, bourbon cask #2436, 282 bottles
Mmm, lekkere neus. Fris en aromatisch, zoet en fruitig. Honing, citrus (citroen en mandarijn), van die harde citroensnoepjes. Zoete, rode appels ook, net als kruisbessen en wat graan. Misschien een klein beetje eik, zeker niet veel. Wat wel naar voor komt zijn mineralen. Natte stenen en metalige toetsen. O ja, gepoetste metalen, duidelijk. Zacht en romig mondgevoel, met ook hier het citrusfruit en de honing die eerst opvallen. Vergezeld van perzik. En gevolgd door kruiden (peper, nootmuskaat en zoethout), hooi en kandijsuiker. Licht drogend. Niet het niveau van de neus, maar het blijft best lekker. Middellange afdronk, aangenaam droog op een zoete kruidigheid. Mortlach 1995, ik had hier eerlijk gezegd niet veel van verwacht, ik moet toegeven dat deze whisky (zeker op de neus) me aangenaam verrast heeft. 84/100

Cardhu 27y 1984, The Whisky Agency

We kunnen dus kiezen, want ook The Whisky Agency heeft een Cardhu 1984 gebotteld. Deze is met z’n kleine 150 euro wel iets duurder dan de Duncan Taylor. Geen idee of het een zustervat betreft, maar als hij even lekker is als de DT, kunnen we al meer dan tevreden zijn.

 

Cardhu 27y 1984/2011, 52.6%, The Whisky Agency ‘Funghi’, bourbon cask, 199 bottles
Het profiel van de neus is in ieder geval gelijkaardig. Ook hier heb ik appels (met kaneel) en bijenwas (geboende meubels), en ook de toast met sinaasconfituur heb ik terug. Ha, ook het natte hooi ontbreekt niet. Het geheel is romig, zoet en warm. Hier wel wat meer kruiden, naast de kaneel. Nootmuskaat en gember onder andere. Deze Cardhu is romig op de tong, boterig bijna. En ook hier wat kruidiger dan de Duncan Taylor. De kruiden dus naast het zoets (kandij, rozijnen) en het fruit (sinaas, mandarijn, bramen). En de bijenwas opnieuw en het hooi. Dat laatste zet zich verder in de lange afdronk, samen met sinaas en de gember. Even lekker? Nee, beter, de kruiden geven het geheel extra punch en extra complexiteit. 90/100