Skip to content

Archief voor

Tomatin 25y early 1990’s

Een Tomatin uit de oude doos. Gebotteld aan het begin van de jaren negentig, dat is dus distillaat van midden tot eind jaren zestig. Benieuwd wat dat vandaag geeft.

 

Tomatin 25y, 43% OB early 1990’s
Mmm, alvast redelijk wat fruit op de neus, niet zo complex en krachtig als de geweldige 1976’ers, maar toch. Rijpe kruisbessen, perziken, sinaas, daarna evoluerend naar tropische toestanden zoals ananas en papaya. Nice. Cider ook, en heel lichte rook. Absoluut niet complex, maar erg genietbaar. Op de smaak is het niet veel anders: fruit, fruit, fruit. De citrus en de tropische variant (kiwi, ananas, papaya). Vrij licht, met nog wat honing en kruiden. Munt, linde. Misschien een heel klein beetje gember ook. De afdronk houdt het midden tussen kort en lang en is net als rest meer dan gewoon lekker. Complexloze oude fruitige Tomatin. 87/100

Advertenties

Clynelish 1973 & The Velvet Underground

The Velvet Underground, mijn antwoord indertijd op de vraag ‘The Beatles of The Stones?’ Ik heb de The Velvet Underground altijd boeiender gevonden dan hun twee populaire tijdsgenoten. Nu, tijdsgenoten, ze waren actief in de tweede helft van de jaren zestig, tot begin jaren zeventig, dus lang hebben ze het niet getrokken. Een aantal van hun leden, zoals Lou Reed en John Cale, zijn echter nog steeds muzikaal actief. En hoe.

De stijl van The Velvet Underground laat zich moeilijk omschrijven. Het is een rock band, dat zeker, maar dan eerder een avant-gardistische en experimentele, toch zeker in hun beginjaren. John Cale zorgde voor het avant-gardistisch karakter, Lou Reed voor de rock ‘n roll, iets wat zich ook verder doortrok in hun latere solo-carrières. Een pre-punk element zat er zeker ook in, zowel The Stooges (Iggy Pop), The Birthday Party (Nick Cave) als de geweldige New York Dolls beriepen zich maar al te graag op hen.
Hun teksten waren niet de meest vrolijke, ze moeten de eersten zijn geweest die het hadden over sadomasochisme, heroïne en consorten. Ook de dood en moord waren veel voorkomende thema’s.

 

The Velvet Underground werd in 1965 door Reed en Cale opgericht in New York en bracht in datzelfde jaar met The Velvet Underground & Nico z’n eerste album uit. Een iconisch album met een al even iconische hoes. Iedereen kent die wel, de gele banaan ontworpen door popart kunstenaar Andy Warhol. Warhol zou zich trouwens nog een hele tijd met de band blijven bemoeien.
Naast John Cale, die een resem instrumenten bespeelde, en Lou Reed aan zang en op leadgitaar, bestond de band uit Maureen ‘Moe’ Tucker op drums en Sterling Morrison op gitaar. Andy Warhol zorgde er voor dat de Duitse zangeres en fotomodel Nico de band vervoegde. Deze verliet VU echter toen bleek dat het commercieel succes uitbleef. De muziek werd omwille van de zware en harde teksten door heel wat radiostations geboycot. White Light/White Heat was zo mogelijk nog rauwer en verkocht voor geen meter. Lou Reed besloot daarop John Cale uit de band te zetten, in de hoop de muziek te ontdoen van z’n avant-gardistisch karakter en toegankelijker te maken. Cale’s vervanger was Doug Yule. Het resultaat van deze personeelswissel was het derde titelloze album, een typische rock ’n roll plaat dat wel werd gedraaid en gekocht. Na MGM Records ingeruild te hebben voor Atlantic Records, verscheen in 1970 het vierde album Loaded met daarop enkele radiohitjes. Kort na de opnames verliet ook Lou Reed de band.

Alle bandleden behalve Morrison brachten nadien solo albums uit, maar enkel Reed en Cale kenden succes. Na het overlijden van Andy Warhol en Nico werkten beide heren samen aan Songs for Drella, een eerbetoon aan Warhol. Een echte reünie van de band kwam er echter niet, daarvoor was en is het water tussen beiden te diep.


 

Commercieel succes heeft de band dus eigenlijk nooit gekend, maar hun belang voor de muziekscene kan onmogelijk overschat worden, van Bowie tot The Ramones, van The Rolling Stones tot Joy Division, allen zijn ze op z’n minst gedeeltelijk schatplichtig aan de VU. Over ‘de banaan plaat’ zei Brian Eno in 1993 het volgende: “It’s definitely the most influential album of all time. There were only a few people who bought The Velvet Underground & Nico, but those who did, started a legendary rock band themselves. Without it, rock would never become what it is today.” I couldn’t agree more.

Hun vijfde en laatste studioalbum Squeeze, wat op alle vlakken een flop werd, verscheen in 1973, het jaar waarin ook Clynelish geweldige dingen uit z’n distilleerkolven toverde. Zo ook deze whisky gebotteld door Signatory. Kostte indertijd een goeie 100 euro. Nu op veilingen 200+. Met ‘de banaan’ op de achtergond, dubbel genieten.

 

Clynelish 33y 1973/2007, 54.5%, Signatory, cask 8915, 399 bottles
Expressieve, frisse neus op florale, mineralige en fruitige tonen. Allerlei bloemen, eucalyptus, limoen, mandarijn, aardbeienconfituur, natte stenen, nat hooi. Een beetje farmy. Een beetje Brora dus. Vanille en honing maken het geheel wat zoet. Bijenwas natuurlijk ook. En onderliggend een heerlijk bedje turfrook. Prachtig! Doet me wat aan sommige Brora’s 1972 die eerder naar Clynelish neigen denken, zoals bv. de geweldige Connoisseurs Choice 1972/1993. Op de smaak wordt dit patroon verdergezet. Clynelish met een geweldig Brora-kantje. Citrusfruit, ananas, florale elementen, honing, bijenwas, gras, hooi, kruiden en dat beetje zoete turf. Net voldoende eik. Lange, fruitige en frisse afdronk, met dat beetje zoete turf dat van geen wijken wil weten. Niet zo erg ‘Brora’ als vat 8912, maar wel meer dan vat 8914. Ergens tussen de twee in. Perfecte combinatie van Brora en Clynelish eigenlijk. En dus compleet, maar dan ook compleet mijn ding. 93/100

Talisker 1990 Distillers Edition

We blijven nog even hangen bij de Distillers Editions van Diageo, ik heb vorig weekend immers ook een Talisker 1990 geproefd, een botteling van 2003. Deze rijpte nog wat verder op olorosovat.

 

Talisker 1990/2003 ‘Distillers Edition’, 45.8%, OB, double matured (oloroso finish)
De oloroso finish geeft deze Talisker naast het herkenbare distilleerderijkarakter een aangename sherrytoets. We hebben op de neus dus enerzijds de coastal aroma’s van zilt, zeewier en zachte rook en anderzijds de sherry met dadels, karamel en noten. Gedroogd gras ook, en mos. De smaak voegt daar nog wat peper en een fruitige zoetheid aan toe. The citrus kind. De afdronk is best lang met hier de rook en de peper die de dienst uitmaken. Erg lekkere, vlot drinkbare Talisker. 86/100

Clynelish 1993 Distillers Edition

De Distillers Editions van de Diageo groep zijn bottelingen die na een klassieke rijping nog enige tijd op een ander type vat gerijpt hebben. Voor de Clynelishes uit deze reeks was dat telkens een Oloroso sherryvat.

 

Clynelish 1993/2010 ‘Distillers Edition’, 46%, OB, double matured (Oloroso sherry)
Geen al te aangename neus, daarvoor heb ik iets te veel granen en zure krieken. Dat zurige trekt wel weg op de duur, en maakt plaats voor zoetere toetsen, zoals daar zijn: sinaas, vanille en kandijsuiker. Iets licht floraals ook. Ook op de smaak vallen granen op, naast de sinaas en vanille. De sinaas is wat bitter. Of is het ook hier lichtjes zuur? Inderdaad. Let op, dat is geen off-note, maar een pluspunt is het al evenmin. Wat kruiden vullen nog aan. Tuinkruiden zijn dat. Middellange afdronk op diezelfde tuinkruiden en sinaas. Niet zo bijzonder. 82/100

Longmorn 35y 1976, The Perfect Dram

En dan nu de volgens menig liefhebber beste Longmorn 1976 die er ooit gebotteld is, de 35y van The Whisky Agency, vorig jaar gebotteld onder het Perfect Dram label maar onmiddellijk uitverkocht. Blij dat ik hier in extremis nog een fles van heb kunnen bemachtigen. Als je er zelf ook achter aan wil gaan, reken op een kleine 300 euro op veilingen.

 

Longmorn 35y 1976/2011, 53.6%, The Perfect Dram (TWA), bourbon hogshead, 187 bottles
Wow, simpelweg wow. Wat een heerlijke neus! Volle, aromatische en rijke neus. Hoe moet ik hier aan beginnen? Met het fruit natuurlijk: ananas, mango, lychee, warme aardbeienconfituur, roze pompelmoes en mandarijn. Pruimentaart en honing maken het smeuïg zoet. Peperkoek met honing, praliné en cake doen dat ook. Maar er zo veel meer in deze neus te ontdekken dan fruit en zoets. Ik heb ook de geur van oud leder en natte bladeren. En een stevige portie bijenwas. Ik heb zelfs zachte rook, eerder rook van het hout dan turf. Kruiden? Ja, ook wel. Kaneel en gekonfijte gember. Een beetje eik, maar ver op de achtergrond, juist genoeg om voor wat extra body te zorgen. Genieten in overdrive. Wie maalt er nog om de smaak met een neus als deze? Voor de volledigheid dan maar, en natuurlijk ook uit nieuwsgierigheid of hij hier het niveau van de neus kan doortrekken, want dan hebben we een absolute winner. Wel ja, op de smaak is hij al even rijk, complex en vol als op de neus. Intens fruitig (meloen, mango, abrikozencompot, mandarijn, rijpe sinaas, ananas), zoet (cake, honing), kruidig (peper, kaneel, munt, gember) en waxy (oud geboend leder, bijenwas). Lichte eik en al even lichte rook (van het hout). Rum-rozijnen. Schitterend. Afdronk? Ge moogt gerust zijn. En lang dat die is… op dezelfde aroma’s als de smaak. Veel fruit, lichte eik en kruiden blijven het langst hangen. Longmorn 1976 ís gewoon lekker, maar deze steekt toch nog boven de andere Longmorns 1976 die ik al kon proeven uit. Met sprekend gemak. Indrukwekkende whisky. En zelfs de huidige veilingprijzen meer dan waard. 94/100

Ardbeg 15y 1973, Sestante

Gisteren Old Pulteney, vandaag Old Ardbeg. Een 1973 van Sestante. Niet één van hun legendarische bottelingen op vatsterkte, wel een easy drinking versie op 43%. De ‘clear glass’, je hebt ook een groene fles 15y 1973/1988 op 43%.

 

Ardbeg 15y 1973/1988, 43%, Sestante, clear glass
Zachte neus met veel fruit en niet zo veel turf. Qua fruit denk ik aan verse pruimen, peren, ananas in blik. Kruidenthee ook (linde). Noten, natte wol, kalk en marsepein. Ook wat honing. Daarna zilt en jodium, lichtjes medicinaal. Gerookte heilbot. De smaak is licht en even zacht als de geur. De associaties lopen gelijk met deze van de geur: honing, gerookte vis, noten, zachte turf, marespein en fruit (ananas, peer). Gember en munt. Fris. Geen erg lange, frisse afdronk. Heerlijke oude Ardbeg, zalige drink-away whisky. 91/100

Old Pulteney 21

Laat ons vandaag één van de beste whisky’s proeven die ooit gebotteld zijn. Althans volgens Jim Murray, deze Old Pulteney 21 kreeg immers een score van – hou je vast – 97,5/100 in z’n Whisky Bible van vorig jaar. Hij bevat whisky gerijpt op bourbon- en sherryvaten, 100% Amerikaanse eik.

 

Old Pulteney 21y, 46%, OB 2011
Lichte neus, met in eerste instantie wit fruit (witte perziken, appels), vanille en wat eik. Mocht iets expressiever. Granen komen er bij, net als zilt, wat alleen maar te verwachten was. Een hint van anijs ook. Karamel. De zachte variant. Banaan? Yep, in de verte. Amandelen, iets minder in de verte. Ook de smaak is vrij licht, op gelijkaardige tonen als de neus. We hebben het dan over wit fruit (appels, peren), vanille, zachte karamel, zout, granen, amandelen en eik. Peper en nootmuskaat als extraatjes. En melkchocolade proef ik ook. Ha, ook wat rozijnen. Best complex eigenlijk, mooie gelaagdheid. Fris op de tong. Middellange afdronk, initieel drogend (eik, kruiden), maar met een zoetere en fruitigere terugslag. 97,5? Mmm, toch iets minder. Wel lekker, daar niet van. Alhoewel ik een voorkeur heb voor de 17. 85/100

Bladnoch 21y 1991, Malts of Scotland

In de recentste batch Malts of Scotland zat ook nog een Bladnoch 1991.

 

Bladnoch 21y 1991/2012, 50.9%, Malts of Scotland, bourbon barrel MoS12026, 163 bottles
Opnieuw dat frisse, cleane profiel, gekenmerkt door florale en zoete aroma’s. Ik heb vanille, honing, rietsuiker, bloemen, vers gemaaid gras en weide. Daarachter zit ook geel fruit. Gele pruimen, gele appels, gezoete citroen. Boter. De smaak start vrij scherp en prikkelend, op witte pompelmoes, citroenschil, gras, peper, zoethout, gember… maar deze elementen worden snel vervoegd door zoetere, zoals vanille en opnieuw de rietsuiker. Meer en meer eik, maar de balans tussen dit alles en dan vooral het bittere en het zoete zit goed. De afdronk laat zich niet als kort noch als lang kennen, maar de balans slaat hier wel iets om naar het droge. Clean, puur, scherp, typische Bladnoch uit deze periode. Een profiel dat je moet liggen, maar ik ben fan. Ik proefde hem naast de 1991 The Whiskyman voor The Bonding Dram. Dat niveau haalt hij niet, maar zo heel veel scheelt het nu ook weer niet. 86/100

Clynelish 24y 1983, Old Malt Cask

Driekwart eeuw na z’n oprichting, werd in 1896 Clynelish opgekocht door James Ainslie & Co, in 1912 kwam ze in handen van de Clynelish Distillery Co. Ltd., om in 1925 eigendom te worden van de Distillers Company Ltd (DCL), die op z’n beurt samenging met John Walker. Deze groep zag zich in 1931 echter verplicht de distilleerderij te sluiten. Pas in 1938 kon de productie opnieuw opgestart te worden, maar dit was van korte duur, in 1941 werd Clynelish opnieuw stilgelegd. Tijdens de oorlog was er immers een chronisch tekort aan gerst. Na de oorlog werd het stoken hervat.

 

Clynelish 24y 1983/2007, 50%, DL Old Malt Cask, cask 3555, 305 bottles
Cleane, mineralige neus op natte stenen, lijnzaadolie, bijenwas en kaarsvet. Honing geeft het een zoet kantje, daarna komt het fruit opzetten, in de vorm van sinaas en rode appels. Een klein beetje zilt en een even weinig rook. Mmm, de geur van natte wol komt er nog bij. Licht drogend mondgevoel, met net als op de neus mineralen en was die opvallen. Peper en nootmuskaat zorgen voor de nodige pit. Honing, zilt en de lichte turf vullen aan. Geen erg lange afdronk, een beetje drogend met langzaamaan wijkend fruit. Tja, Clynelish, ik kan dat onmogelijk niet lekker vinden. Misschien niet het niveau van sommige 1982’ers, maar ach, gewoon erg lekker is soms ook goed genoeg. 88/100

Macduff 11y 2000, Archives

En dan nu de laatste botteling uit de vierde Archives release van Whiskybase, een Macduff 2000. 55 euro kost een fles.

 

Macduff 11y 2000/2012, 48.2%, Archives, Whiskybase, refill sherry #5803, 90 bottles
De neus start op granen, vermengd met een aantal sherry-associaties, zoals daar zijn: chocolade, noten en gedroogd fruit. Rozijnen, abrikozen. Daarna komt daar warme appelmoes met kaneel bij, net als koffie, sinaas, leder en zachte eik. Die eik treedt op de smaak meteen op de voorgrond, zonder evenwel de mond volledig uit te drogen, iets wat de 2000 van Whisky-Doris wel deed. Dat is dus goed nieuws. De granen tekenen ook weer present, de chocolade, de noten (hazelnoten en okkernoten) en de rozijnen doen dat ook. Bittere sinaas en serieus wat kruiden (peper, nootmuskaat) vullen aan. Tabak. De balans slaat nu toch meer door naar het droge. Vrij lange, droge afdronk. Naar het einde toe moet hij de rol toch wat lossen. Is droge sherry je ding, dan zal je dit echter erg kunnen smaken. 82/100

Highland Park ‘Leif Eriksson’

Highland Park kijkt uit over de Scapa Flow, een zee-engte die een belangrijke rol speelde in de geschiedenis, onder andere tijdens de twee wereldoorlogen. Zo werd er in afwachting van het verdrag van Versailles de Duitse vloot in 1919 op Duits bevel tot zinken gebracht, opdat de schepen niet in Britse handen zouden vallen. De meeste van deze schepen werden later geborgen, maar er liggen er nog altijd acht, een attractie voor duikers. Omdat het staal van deze schepen veel minder radioactief is dan recenter geproduceerd staal – het werd immers geproduceerd vóór de bommen op Nagasaki en Hiroshima, werd een deel van de geborgen schepen gerecycleerd voor ruimtevaartdoeleinden.
Deze Highland Park bevat whisky exclusief gerijpt op Amerikaanse eik (zowel bourbon- als sherryvaten).

 

Highland Park ‘Leif Eriksson’, 40%, OB 2011, Travel Retail
De typische Highland Park heide en honing tekenen present op de neus, maar dreigen wat overschaduwd te worden door het graan. Ook best wat kruiden zoals kaneel en peper, een beetje fruit zoals pruimen, vijgen en sinaas, en een heel klein beetje rook (turf, maar dan de heideturf). De granen en kruiden domineren echter. De smaak is erg zacht, zoet (vanille, honing), granig opnieuw (jong), sinaas en de lichte rook die ik ook op de neus had. Zilt, iets wat me in de geur niet was opgevallen. Eerder korte afdronk, zoet en granig, licht rokerig. Matige whisky, foutloos maar weinig boeiend. 77/100

Caperdonich 1969, The Cross Hill

Oude Caperdonich, altijd iets om naar uit te kijken. We weten ondertussen hoe fenomenaal goed Caperdonich 1972 kan zijn (voor mij nog altijd het beste wat de laatste paar jaar op de markt is gekomen), maar er zijn natuurlijk ook andere vintages door allerlei bottelaars uitgebracht. Telkens een ander profiel dan dat beroemde 1972 profiel, maar meestal ook erg lekker. Vandaag een 1969 uit de stal van Jack Wieber.

 

Caperdonich 1969/2010, 46.4%, The Cross Hill, Jack Wiebers Whisky World, 147 bottles
De neus start alvast fantastisch, op smeuïg zoet fruit. Ananas, sappige rode appels, mandarijn, meloen en mango. Vooral dat tropisch fruit springt er uit. Vanille. Niet al te veel hout, wel een zalige florale toets. Gedroogde bloemen en gesuikerde kamillethee. Een beetje gras ook. Heerlijke aromatische neus. De smaak is licht en erg zacht. Misschien zelfs iets té zacht. Fruitig, floraal en zoet, in lijn met de neus dus. Koude infusiethee, zachte karamel, munt, ananas, limoen, mandarijn… Misschien wat meer hout dan op de neus, maar dat is niet echt abnormaal bij veertig jaar oude whisky. De eik houdt zich echter redelijk gedeisd, het is pas in de afdronk dat het droger wordt. Alhoewel het fruitige en florale karakter niet helemaal moet wijken. Niet erg complex, wel zalige sloeberwhisky. Vooral de neus is top, met een iets krachtigere smaak en iets minder droge afdronk zou hij nog hoger scoren. 90/100

Bunnahabhain 21y 1990, Archives

De voorlaatste in het rijtje van de vierde Archives release is een Bunnahabhain 1990. Hij kost je 85 euro. Dan staat er ook nog een Macduff te wachten.

 

Bunnahabhain 21y 1990/2012, 52.3%, Archives, Whiskybase, ‘Fresh Sherry’ cask #14, 62 bottles
Frisse en zoete sherryneus. Voor het frisse zorgen munt, anijs en zilt, voor het zoete chocolade (donkere), praliné, warme confituur (aardbeien, krieken) en pruimen. Aarde, tabak, wat balsamico, een klein beetje rubber, gevolgd door een nog kleiner beetje sulfer. Pas op, dat laatste zit goed verstopt, het stoort amper. De smaak is erg krachtig, dik en mondvullend. In willekeurige volgorde: gedroogde vijgen, de schil van appelsienen, zwarte bessen, gember, zoethout, zoute drop, hoestsiroop, tabak. En helemaal geen spoor van sulfer meer. Het geheel droogt wel wat uit. Eik, de drop en de vermelde kruiden zijn verantwoordelijk. Ha, Ricola! Best lange afdronk, verwarmend en drogend. Sterke groene thee, gember en eik. Op de smaak wat té droog voor mijn smaakpapillen. 81/100

Glen Moray 15y 1991 ‘Mountain Oak’ final release

In 2003 bracht Glen Moray een eerste deel van de Mountain Oak op de markt, in 2007 en met dus vier jaar extra rijping verscheen het tweede en meteen ook laatste deel van deze 1991, gerijpt op getoaste eikenhouten vaten.

 

Glen Moray 15y 1991 ‘Mountain Oak’ final release, 58.6%, OB 2007, 1158 bottles
De neus start op vanille (niet te verwonderen) en wat vluchtige tonen zoals lijm en vernis. Daarna een lading kruiden zoals nootmuskaat, kruidnagel en zoethout. Niet erg veel fruit, misschien wat ananas en woudvruchten zoals zwarte bessen en braambessen. Wat wel opvalt is dat de vanille meer en meer plaats maakt voor stroperige karamel. En voor praliné. Best genietbare aroma’s, maar het is allemaal nogal springerig, weinig consistent. Romige smaak op zachte karamel, ananas, braambessen, kruiden (peper, gember en kaneel), noten en meer en meer eik. Eik die de rest serieus begint te overvleugelen. En opnieuw vernis, wat hier niet direct een meerwaarde is. Geen al te lange, zeg maar korte afdronk op donkere bosvruchten, de kruiden van op de smaak en eik. Wel, ik vond de 2003 botteling merkelijk beter in mijn herinnering, die vier jaar extra rijping hebben de kwaliteiten van deze whisky wat verstomd. 81/100

Ardmore 16y 1993, G&M Reserve

We blijven nog even bij Ardmore hangen, met een 1993 van Gordon & MacPhail. Aan 46 euro was dit een koopje. Was, want ondertussen uitverkocht. Wel kan je op meerdere plaatsen in België en Nederland nog het zustervat (#5747) kopen. Geen idee echter of deze even goed is. Bedankt voor de sample Serge!

 

Ardmore 16y 1993/2009, 54.7%, Gordon & MacPhail Reserve, bourbon barrel #5746, 225 bottles
Ander profiel dan de Archives botteling, frisser, springeriger, minder rond. Maar niet minder aangenaam. Integendeel. Die extra frisheid wordt vertaald in tuinkruiden zoals munt en eucalyptus, en een nog grotere mineraliteit. Natte stenen, de geur na een zomerse regenbui. Fruit is zeker ook aanwezig, maar ook dat is minder rond, minder zoet, eerder prikkelend: citroen en pompelmoes. Appelschillen. Noten ook. De turf mag ik natuurlijk niet vergeten, medicinaler dan in de Archives. Na enige tijd wordt het toch wat zoeter: vanille, nougat. Zeer complex, en een mooie evolutie. Ook op de tong minder vol en rond, wel fris en prikkelend. Munt, citroen, pompelmoes. Iets scherpere turf dan bij de Archives. Na enige tijd toch ook zoetere elementen zoals honing en rietsuiker. Naast de tuinkruiden van op de neus, ook peper en zoethout. Gekonfijte gember naar het einde. Evolueert ook hier heel mooi als je er de tijd voor neemt. Erg lange afdronk, langer dan bij de Archives. Kruidig, zilt en rokerig. En toch ook nog dat licht zoete op de achtergrond, de balans blijft tot op het einde bewaard. Op de neus prefereer ik deze, op de smaak zijn ze elkaar waard. Een puntje meer dus. 90/100

Ardmore 20y 1992, Archives

Ik heb nog enkele samples van de vierde Archives release staan, waarvan een Ardmore 1992 mij aanlokkelijk staat aan te staren. Ardmore 1992, we weten immers al dat dat erg lekker kan zijn. 80 euro kost deze fles.

 

Ardmore 20y 1992/2012, 48.6%, Archives, Whiskybase, bourbon barrel #4764, 90 bottles
Ook deze mist alvast z’n start niet, wat je ruikt is meteen bingo: een heerlijke combinatie van zachte turf, zoet fruit en mineralen. In het fruitcompartiment denk ik aan sappige rode appels, zoete kersen, rijpe kruisbessen en meloen. Qua mineralen gaat het naar nat gras en natte aarde, maar ook gepoetst zilverwerk. Olijfolie en een lichte farmy toets (nat hooi). Peterselie nu ook nog. Lovely! Zacht op de tong, olieachtig mondgevoel. Opnieuw zachte turf, opnieuw gras en hooi, opnieuw mineralen en opnieuw fruit. Meloen en ananas. Wat wel nieuw is, zijn kruiden: gember en kaneel. Rozenbottelthee. Lange afdronk in het verlengde van de smaak. Ardmore 1992 ìs gewoon goed, dat kan je bijna blind kopen. 89/100

Caol Ila 1999, Asta Morris

Ook voor Asta Morris van Bert Bruyneel start het nieuwe whiskyseizoen, en wel met een Caol Ila 1999, dertien jaar gerijpt op een refill sherryvat. Naar het schijnt komt er binnenkort nog iets anders uit de Asta Morris stal aan. Benieuwd. Maar dus eerst de Caol Ila, deze kost kost je 65 euro.

 

Caol Ila 13y 1999/2012, 50%, G&M Exlusive for Asta Morris, refill sherry hogshead #305341, 350 bottles
Prikkelende neus, behoorlijk medicinaal. Ik moet denken aan ether en mercurochroom (wat velen als ‘rood’ uit hun kinderjaren zullen herinneren). De turf is niet al te scherp (perfect alcoholpercentage wat dat betreft), ik heb weinig assen, en dat is absoluut een pluspunt. Wat ook een plus is, is het fruit (weer het perfecte alcoholpercentage): rijpe sinaas, even rijpe ananas en kokos. Zilt is deze neus ook. En wat hebben we nog? Kandijsuiker bijvoorbeeld, en een klein beetje teer. Misschien ook wat kruiden, maar niet veel. Op de smaak iets meer van dat (kaneel, nootmuskaat). En ook de turf is iets prominenter aanwezig. Het zilt komt terug, net als de sinaas. Ook wat citroen nu. En de kandijsuiker, wat het geheel best zoet maakt. Een lichte mineraliteit doemt op. En dan dient ook olijfolie nog vermeld te worden, wat me naadloos bij het olieachtig mondgevoel brengt. Lange, ietwat droge afdronk op zoete turf, peper en zilt. Je merkt dat Bert z’n best gedaan heeft deze whisky op het juiste percentage te versnijden, zodat de turf nog voldoende aanwezig is, maar niet té dominant, te scherp is. En dat het fruit net genoeg naar voor wordt gebracht. Mooi gedaan. 87/100

Airigh Nam Beist revisited

Net nog eens de Ardbeg ‘Airigh Nam Beist’ 1990 (46%, OB 2006) geproefd. Wat een geweldige whisky is dat toch. Complex, perfect gebalanceerd en vooral fantastisch lekker. Ik had die op 90 punten staan. Ik doe er een puntje bij. Gewoon omdat ie het verdient.

Glendronach 25y 1968

Laat ons nog eens een legendarische botteling uit de kast halen. Deze Glendronach is van hetzelde jaar (1968) en is gebotteld op dezelfde leeftijd (25 jaar) als de al even legendarische bottelingen voor Air Nippon. Maar het is geen single cask.
750ml, wat wil zeggen dat hij gebotteld werd voor de Amerikaanse markt. Een deel van de flessen vond in 1993 z’n weg naar de States, een ander deel bleek gedurene een tiental jaren ‘verloren’. Ze werden echter bij het terugvinden in nieuwe tubes gestoken en ook op de markt gebracht. Het hoeft geen betoog dat deze flessen in een mum van tijd de deur uit waren.

 

Glendronach 25y 1968, 43%, OB 1993, 750ml
O ja, oude belegen sherryneus, geweldig vind ik dat. Een beetje in de stijl van oude Macallan. Net als deze laatste is deze ook licht geturfd. De sherry vertaalt zich in oud leder, pas geboende meubelen, tabaksdoosjes, pruimencompot, vijgen, rozijnen op rum, koffie en belegen eik. Maar als je even wacht, krijg je naast de gedroogde vruchten ook meer sappig fruit, waarbij ik vooral aan frambozen en sinaas denk. Fris. Ook een heerlijke kruidigheid roept om de aandacht. Curry en zoethout. Geweldig is dit. Zacht op de tong (tja, het is maar 43% natuurlijk), maar toch erg dik en vol. Echt een rijke smaak, barstend van de aroma’s: chocolade, praliné, koffie, tabak, oud leder, gekarameliseerde appels, gele rozijnen, zoethout, opnieuw dat geweldig toefje rook, sappige eik…. pfff, hier geef ik het op, complex is nog zacht uitgedrukt. Zeer lange afdronk, perfect in lijn met de smaak. Wreed lekker dus. Samen met één of andere 1972 is dit voor mij de beste Glendronach die ik al kon proeven. Indrukwekkende whisky. 93/100

Inchgower 28y 1982, Berry Bros & Rudd

Inchgower, wat kan ik daar nog over kwijt? Niet veel en vooral geen zin eigenlijk. Wel lekkere whisky, deze 1982 van de Berry Brothers.

 

Inchgower 28y 1982/2010, 56.2%, Berry Bros. & Rudd, cask 6968
Frisse en zoete neus. Zowel floraal (bloemen, heide, hooi), fruitig (appels, bananen, dadels, rozijnen) als zoet (zie het fruit, maar ook karamel). Lichte gember en zachte eik. Melkerijboter (een beetje gezouten). Zeer aangenaam om ruiken. Zachte sherrytonen op de smaak (net zoals op de neus, denk de gedroogde vruchten en de karamel) met opnieuw het florale dat opvalt: heide, tuinkruiden, hooi. Ook de gember keert terug, samen met peper. Zonnebloemolie. Het mondgevoel is trouwens ook erg olieachtig. Ook een beetje leder. Mooi. De afdronk is lang en verwarmend. Water is niet nodig, brengt weinig bij. Meer dan lekker zo. 87/100