Skip to content

Archief voor

Balmenach 27y 1973

Balmenach? Jawel, Balmenach. Gelegen nabij Cromdale in Speyside. De naam verwijst naar het Gaelic voor ‘nederzetting in het midden’.

 

Balmenach 27 YO 1973/2000, 46%Balmenach 27y 1973/2000, 46%, OB, 2150 bottles
Njammie, dit is een verrassend mooie neus. Complex, gelaagd en vooral lekker. Ik noteer allerlei tuinkruiden, natte bladeren, mos, paddestoelen, varens (een heel bos als het ware), gedroogde gras, honing en geboende antieke meubels. Best wat fruit ook. Appelsienen, braambessen en een klein beetje ananas. Ronde, belegen eik. Erg drinkbaar, levendig en rond op de tong. Hier start het op zachte karamel, appelsienen, mandarijnen, abrikozen en rode, sappige appels. Daarachter gaan kruiden schuil, kruiden zoals munt, gember en kaneel. Ik proef nu ook amandelen en marsepein. Eik in perfecte hoeveelheid. Een klein beetje rook (van het hout) zelfs. Middellange afdronk op kruiden, thee en het fruit dat tot de laatste snik blijft meedoen. Balmenach, het is nog maar mijn vierde, maar het heeft me nog nooit teleurgesteld. Deze is zelfs écht goed. 89/100

‘Speyside region’ 17y 1995, Archives

Derde en laatste Archives botteling uit de jongste reeks, is een niet nader genoemde Speyside whisky. Het zou, zoals wel vaker, om een Glenfarclas gaan.

 

Speyside region 17 YO 1995/2012, 48.2%, Archives, Whiskybase, butt #56‘Speyside region’ 17y 1995/2012, 48.2%, Archives ‘The Fishes of Samoa’, Whiskybase, butt #56, 54 bottles
Frisse, cleane neus op sappige appels, rijpe kruisbessen, verse abrikozen, een beetje meloen, zachte karamel en honing. De geur doet me ook denken aan een weide met z’n bloemen zoals boterbloemen, klaver, distels, klaprozen, Sint-Janskruid… in volle bloei. Wordt beter en beter. Ik krijg er nu ook iets licht zurigs bij. Aangenaam zuur. Yoghurt. Melkwei. Prikkelend en al even fris op de tong. Appelsap, meloen, een beetje appelsien, zelfs wat lychee (op siroop). Na enkele seconden in de mond komt dat tropisch karakter helemaal naar voor. Altijd een meerwaarde. Lichte eik, nog lichtere granen en drop. Zoete drop, alhoewel er toch ook een klein beetje zilt te ontwaren valt. Vrij complexe smaak, en beter dan de neus. Middellange afdronk, licht drogend met nog heel wat fruit. Een whisky die je de nodige tijd moet geven. Maar als je dat doet, word je dubbel en dik beloond. Het tropisch fruit in het midden van de smaak brengt ‘m zeker een punt of twee extra op. 88/100

Bowmore 24y 1974, First Cask

Bowmore van een niet alledaagse vintage deze keer. 1974. Op de overgang tussen de sublieme whisky’s van de jaren zestig en vaak ook nog begin jaren zeventig en de mindere goden van eind jaren zeventig en (vooral) jaren tachtig.

 

Bowmore 24 YO 1974, 46%, First Cask, cask 2109Bowmore 24y 1974, 46%, First Cask +/- 1998, cask 2109
Een whisky waar ik lang op heb zitten wroeten. Hij heeft fantastische kanten maar ook kanten die me minder aanstaan. Enerzijds heeft hij tropisch fruit (zoals passievrucht, mango, meloen en pompelmoes), maar anderzijds ruik ik ook inkt en karton. Deze laatste associaties verdwijnen wel na enige tijd, om na terug te grijpen naar deze whisky opnieuw aan de oppervlakte te komen drijven. Bizar. Maar wat ruik ik nog? Om te beginnen zilt en zeewier. We zijn aan zee. Turf natuurlijk ook, maar die is zacht en zoetzuur. Nat hooi. Honing en zoethout vallen ook nog op. Op de smaak valt eerst het fruit op, en dat is een goede zaak. Pompelmoes, mandarijn, citroen en ananas. Dat fruit wordt gevolgd door honing, zoute drop en teer. Hars en zachte eik geven structuur. Zoete turf. Daarna wordt het droger. Kruiden, eik, maar ook karton. Een heel klein beetje karton, maar toch. Droog karton, wat beter is dan nat karton. Licht medicinaal. De afdronk is minder lang dan verwacht, de whisky valt vrij snel weg. Zilt, rook en kruiden, niet veel fruit meer. Was het niet van dat karton en die inkt, het was een topper. Moeilijk te scoren dus, laat het me houden op 87/100

Port Charlotte 11y 2001, Malts of Scotland

De Longmorn 1976 van Malts of Scotland wordt vergezeld van een Port Charlotte 2001, gerijpt op een Riojavat. White Rioja neem ik aan. Ik ben echt wel fan van Port Charlotte, over het algemeen prefereer ik Port Charlotte boven jonge Laphroaig of Ardbeg. Samen met jonge Bowmore zowat het boeiendste wat ze tegenwoordig op Islay produceren. Niet goedkoop echter, 109 euro is gewoon duur voor single malt van deze leeftijd.

 

Port Charlotte 11 YO 2001/2013, 57.5%, Malts of Scotland, Rioja Hogshead #MoS13027Port Charlotte 11y 2001/2013, 57.5%, Malts of Scotland, Rioja Hogshead #MoS13027, 358 bottles
Zoet en zilt profiel op de neus. Een hammetje gebraden boven een houtvuur op het strand. Met een honingsausje. Ik krijg er honger van verdorie. Ook gerookte heilbot stimuleert de honger. Het geheel wordt hoe langer hoe zilter. Kappertjes. Gezouten boter. Natuurlijk is dit ook erg rokerig. Turfrook, rook van een haardvuur. De wijn maakt het zoet. Honing heb ik al vermeld, naast de geur van citroensnoepjes. Ik ruik ook een beetje schoensmeer en kaarsvet. Op de smaak wordt dit patroon van zoet, zilt en rokerig verder gezet. Met de (turf)rook nog wat meer op het voorplan. De gerookte vis doet verder z’n ding, vergezeld van best wat citrusfruit. Minder citroen hier, wel appelsienen en mandarijnen. Vanillefudge. Met water (nog) zoeter en (nog) rokerig. Ondanks de 57,5% is water niet noodzakelijk. Erg lange afdronk, perfect in lijn met de smaak. Zilt, rokerig en zoet dus. Toch weer erg lekker hoor. Het zijn extreme smaken, oké, maar het is allemaal wel zeer mooi verweven en geïntegreerd. 89/100

Brora 24y 1981, Dun Bheagan

Brora, daar ga ik geen woorden meer aan vuil maken. Alleen al omdat ze hier allemaal al neergeschreven zijn geweest. Ik proef een 1981 uit de stal van Ian MacLeod, gebotteld onder hun Dun Bheagan label. Bedankt voor de sample Gunther.

 

Brora 24 YO 1981/2006, 48.5%, Dun Bheagan, fino sherry butt #1524Brora 24y 1981/2006, 48.5%, Dun Bheagan, fino sherry butt #1524, 726 bottles
Aangename en delicate neus, typisch voor Brora van begin jaren tachtig. Brora zonder de boerderijtoestanden. Redelijk ‘Clynelish’ dus. En deze is ook redelijk ‘groen’. Groene thee, hars, planten en eik. Daarna appels en harde peren. Vooral de schil van groene appels. Hazelnoten. En natuurlijk ontbreekt ook de mineraliteit niet. Natte stenen, nat gras. Boter. Pas daarna toch ook een beetje turfrook, maar dat is ver op de achtergrond. Fris en prikkelend mondgevoel. Mineralen, fruit (appelsien, appel), turfrook (meer dan ik in de geur had), honing en een florale toets (gedroogde bloemen, heide). Lichte bijenwas (zou gaan tijd worden verdorie). Meer eik en hars, de appelsien maakt plaats voor pompelmoes. Het wordt dus wat bitterder, wat hier absoluut geen minpunt is. Middellange afdronk, bitterzoet op citrus, honing en eik, en helemaal op het einde terug wat turf. Niet de beste Brora uit deze periode, maar zeker ook niet de minste. 88/100

Braeval 21y 1991, Brachadair

Een nieuwe bottelaar aan het Belgische whiskyfirmament is Brachadair, ofte Patrick Vanderlinden van Clan Maccurve. Hij selecteerde voor Brachadair ook enkele whisky’s uit de stal van A. Dewar Rattray. Maar dit is dus de eerste ‘naakte’ Brachadair. En dat is dus een naakte moutman (je stelt het je beter niet voor, de gemiddelde Schotse maltman leent zich daar niet toe). Sinds The Whisky Mercenary ligt de lat voor Braeval 1991 echter behoorlijk hoog. Benieuwd of hij de verwachtingen inlost.

 

Braeval 21 YO 1991/2013, 53.1%, Brachadair, bourbon barrel 95120Braeval 21y 1991/2013, 53.1%, Brachadair, bourbon barrel #95120, 230 bottles
Ja, de neus ligt echt wel in het verlengde van Jurgen’s botteling. Die witte chocolade weet je. En vers gebakken patisserie. Smeuïg zoet is hier de eerste indruk. Ook de vanille draagt daar toe bij. Veel bijenwas, wat het smeuïg karakter accentueert. Ook kokos keert terug. Ander fruit dat ik noteer, zijn rode appels, krieken en een beetje (rijpe) sinaas. Kruiden zoals zoethout en gember zorgen voor de nodige pit, samen met zachte, sappige eik. Nat hooi doemt op, het geheel krijgt dus ook een ‘farmy’ kantje. Nice! Zachte, romige smaak op zoet fruit, bijenwas, kaarsvet en kruiden. Bij deze laatste blijven zoethout en gember, samen met wat peper om de aandacht roepen. Zoete appels en perziken doen hetzelfde bij het fruit. Chocolade en vanille zorgen voor zoets. Meer eik dan op de neus, wat het samen met de kruiden en gedroogd gras (of droog hooi) een mooie bitterheid geeft. Lange, bitterzoete afdronk. Erg in lijn met de The Whisky Mercenary, ik vermoed dat dit een zustervat is. Geen reden om dit anders te scoren. Toch wel belangrijk, zo’n eerste botteling, je zet een standaard, je maakt een statement. Wat dat betreft, missie geslaagd voor Patrick. 88/100

Bowmore 17y 1994, Signatory for The Nectar

Signatory heeft een hele reeks zustervaten Bowmore 1994 gebotteld, allemaal in 2010 en 2011. Eén daarvan werd geselecteerd tijdens een masterclass en gebotteld voor The Nectar.

 

Bowmore 17 YO 1994/2011, 48.8%, Signatory for The Nectar, cask 570Bowmore 17y 1994/2011, 48.8%, Signatory for The Nectar, cask 570, 227 bottles
De geur wordt gedomineerd door zoete en medicinale turfrook. Jodium, turf, honing en kandij. Deze elementen worden gevolgd door fruit. Maar niet veel. Een beetje ananas, kruisbessen en appel. Wat nog? Wel, eik sowieso. Kaarvet ook. En kruiden zoals zoethout en munt. Een beetje springerig wel, niet helemaal geïntegreerd en rond. Zacht en romig in de mond (laag alcoholpercentage gezien de relatief jonge leeftijd). De turf domineert, de kruiden (peper, gember, zoethout) staan hun mannetje, het fruit (citrus nu) laat zich wat wegdrukken. Zilt vult aan (zoute drop) en kandijsuiker en appelsiroop maken het zoet. Rubber (binnenband van een fiets), wat ik hier een beetje storend vind. Lange afdronk (wat eigenlijk normaal is, ik ken weinig geturfde whisky’s met een korte afdronk, turf heeft nu éénmaal de eigenschap lang te blijven hangen), licht bitter. Zeker niet slecht maar de rubber op de smaak doet ‘m geen goed. 84/100

Highland Park 12y ‘Hjarta’

Highland Park lanceerde deze Hjarta ter gelegenheid van de inwijding van haar nieuwe bezoekerscentrum in 2009. De whisky was enkel te koop op de distilleerderij zelf (of via de website) en in de Scandinavische landen. De naam van deze botteling verwijst naar het Noors voor hart.

 

Highland Park 12 YO 'Hjarta'Highland Park 12y ‘Hjarta’, 58.1%, OB 2009, 3924 bottles
Ronde, rijke neus die doet vermoeden dat de whisky in deze botteling grotendeels op sherryvaten heeft gerijpt. Ik ruik rozijnen, koffie, karamel, leder, orangettes en zoethout. Maar ook de typische heide en honing tekenen present. Na enige tijd lichte tonen van kersen en woudvruchten. Op de achtergrond heb ik zachte turfrook en zilt. Ook wat hint van (gezouten) boter. De alcohol laat zich natuurlijk gelden, water toevoegen is echter niet noodzakelijk, het geheel wordt er enkel – en zoals wel vaker – wat zoeter door. Ook op de smaak geeft hij zich volledig bloot zonder. Stevige eik, een pak kruiden, rook, toast en kersen, dat zijn de zaken die in eerste instantie opvallen. Fudge, rozijnen, gedroogde abrikozen, zoethout en honing komen daarna en verzachten de tong. Ook een beetje kokos en butterscotch. Stevig en prikkelend mondgevoel. De afdronk is lang en verwarmend, kruidig en licht rokerig. Niet goedkoop (was een 100 euro, je betaalt er vandaag het drievoud voor), wel lekker. 87/100

Tormore 29y 1984, Archives

De tweede in het rijtje van drie nieuwe Archives bottelingen is een Tormore 1984. Het is niet de enige 1984 die recent op de markt komt, wel de eerste die ik proef. Tormore is redelijk zeldzaam als single malt. Af en toe komt er een onafhankelijke botteling uit, officieel heb je momenteel enkel de 12. De distilleerderij werd in 1958 gebouwd en is sedert 2005 eigendom van Pernod Ricard. Deze Archives kost 145 euro.

 

Tormore 29 YO 1984/2013, 51%, Archives 'The Fishes of Samoa', Whiskybase, cask 3669Tormore 29y 1984/2013, 51%, Archives ‘The Fishes of Samoa’, Whiskybase, cask 3669, 90 bottles
Prikkelende neus met veel alcohol. Eau de vie, thinner, nagelakverwijderaar en ook hars. Vrij scherp. Maar dat scherpe maakt langzaamaan plaats voor citrus. Mandarijnen vooral, en in mindere mate ook appelsienen. Daar komen gele appels bij. Kruiden zwaaien evenzeer de plak, in de vorm van gember, peper en vanille. Een beetje eik ook, alhoewel het wat dat betreft beperkt blijft en vooral om hars gaat. De vanille wordt vervoegd door honing en nougat. Het wordt echt wel zoeter en zoeter. En dat is een pluspunt hier. De smaak zit meteen goed, daar hoef je niet te wachten. Minder dat alcoholische, meer eik, meer kruiden, met de citrus die om de aandacht blijft roepen. Appelsienen en mandarijnen, maar nu ook ananas. Verse ananas, geen blik. Minder scherp dan de initiële neus, maar het blijft wel prikkelen. Honing en peperkoek. Lichte mineralen krijg ik er nu ook plots bij. Best lange, verwarmende afdronk. Kruiden en citrus blijven hangen, en zijn alom tegenwoordig in deze botteling. Bijzondere en bijzonder lekkere Tormore. Knappe selectie. 88/100

Longmorn 36y 1976, Malts of Scotland

Wat ben ik blij dat er nog eens een top-vintage van een grote naam wordt gebotteld. Longmorn 1976, ik dacht dat dat gedaan was. Net zoals Caperdonich 1972, Clynelish 1981, Tomatin 1976… Ten onrechte dus. Mooi mooi.

 

Longmorn 36 YO 1976/2013, 53.7%, Malts of Scotland, bourbon hogshead #MoS13029Longmorn 36y 1976/2013, 53.7%, Malts of Scotland, bourbon hogshead #MoS13029, 143 bottles
Yep, dit hebben we dus even moeten missen: die typische, zoete, fruitige en kruidige neus. Honingkoek, warme appelcake, gekonfijt fruit, overgaand in meloen, mango, ananas en appelsien, ondersteund door gember, nootmuskaat en zoethout. En door zachte, sappige eik. Het geheel is best waxy ook. Bijenwas, oud geboend leder. Honing en heide. Heerlijk. De smaak doet niet onder, integendeel. Warme appeltaart (of appelcake), met kaneel. Taart van kruisbessen ook, met poedersuiker. Veel appelsien. En wat pompelmoes. De kruiden van de neus keren terug: gember en nootmuskaat vooral, maar ook wat peper en munt. Honing en melkchocolade. Orangettes. Ronde eik zorgt voor de nodige body. Die eik is niet veel dominanter aanwezig dan bij z’n twee/drie jaar jongere broertjes. Het is allemaal perfect gebalanceerd. Knap. Lange afdronk met redelijk wat eik en kruiden, maar nog meer dan genoeg fruit en zoets. Prachtige, fruitige Longmorn die niet moet onderdoen voor z’n gemiddelde voorganger. 91/100

Bowmore 16y 1972, Prestonfield

Vandaag een Bowmore van het veelbelovende jaar 1972, gebotteld door Signatory onder z’n Prestonfieldlabel. Reken op 400/500 euro op veilingen. Ik doe het met 2 cl.

 

Bowmore 16 YO 1972/1988, 43%, Signatory, Prestonfield, sherry wood, casks 1036-1039Bowmore 16y 1972/1988, 43%, Signatory, Prestonfield, sherry wood, casks 1036-1039
Expressieve geur met een leuk farmy kantje. De turf is dus zuurzoet en wordt vergezeld van tonen van nat hooi. Braambessen, pompelmoes en granaatappel brengen fruit aan, kaneel en zoethout kruiden, praliné en zachte karamel zorgen voor het zoets. Op de smaak is dit een vrij simpele whisky, maar wel lekker. Zachte, zoete sherry voert de boventoon. De belangrijkste associaties zijn voor mij appelsienen, gele rozijnen, chocolade, natte bladeren en mos, lichte rook, eik en peper. Zacht en romig mondgevoel. Niet erg lange afdronk. Iets te simpel en niet vol genoeg om negentig te scoren. En dus ook te duur voor wat hij te bieden heeft. 88/100

Glenburgie 26y 1983/2010, The Nectar of the Daily Drams

Glenburgie, één van mijn favoriete ‘kleine’ distilleerderijen. Geen grote naam, wel vaak grote whisky. Het merendeel van de productie verdwijnt dan wel in de Ballentine’s blends, wat overblijft aan single malt vind ik vaak top. Zeker Glenburgie gedistilleerd in de jaren zestig, als je ooit de kans krijgt dat te proeven, niet twijfelen. Vandaag een iets recenter product, een 1983 van The Nectar.

 

Glenburgie 26 YO 1983/2010, 48.5%, The Nectar of the Daily DramsGlenburgie 26y 1983/2010, 48.5%, The Nectar of the Daily Drams
Cleane en frisse neus op mineralen, gras, weidebloemen en heide. De buitenlucht. Het heeft ook een vegetale toets, en een granige. En er komt een beetje was bij kijken. Schoensmeer en kaarsvet. Fruit? Jawel, appels en witte perziken. Best genietbaar zonder geweldig boeiend te zijn. Prikkelend en tintelend mondgevoel. De smaken zijn niet geheel geïntegreerd, het springt wat van hier naar daar. Appels en peren, dan gras, dan peper, dan aarde, dan vanille, dan granen, dan gember, dan noten, dan boter… niet slecht hoor, verre van, maar het mankeert hier aan verwevenheid. Het geheel is licht bitter. Geen al te lange afdronk, granig, fruitig en zoet en vooral beter gebalanceerd. Niet makkelijk te temmen, zeker niet op de smaak. 84/100

Caol Ila 18y 1995, Chester Whisky

Nog een Chester whisky uit de laatste batch die ik bijna vergeten was. Een Caol Ila 1995. Kost net geen tachtig euro.

 

Caol Ila 18 YO 1995/2013, 53.8%, Chester Whisky, bourbon hogsheadCaol Ila 18y 1995/2013, 53.8%, Chester Whisky, bourbon hogshead, 175 bottles
Zoete en aardse geur. Honing vermengd met natte aarde. Of zoiets. Die natte aarde brengt een stevige mineraliteit met zich mee. Gepoetst zilverwerk. Lijnzaadolie. Turf is er natuurlijk ook. Licht assige turf met een medicinaal kantje. Atypisch Caol Ila. Wat amandelen en lichte zilt. Langzaamaan komt er ook fruit door, wit fruit zoals peren en appels (appelsap). Behoorlijk complexe neus. Het mondgevoel is olieachtig, de smaak erg zoet (honing, marsepein) en meteen ook erg assig. Een beetje té assig voor mij. Meer zilt ook dan in de geur. Qua fruit minder de boomgaard, eerder citrus. Witte pompelmoes (met kristalsuiker). Gerookte vis (heilbot) legt nog wat extra nadruk op het zoute karakter. De aarde van de neus en lichte kruiden zoals gember en zoethout vullen aan, maar vooral de assen en het zilt roepen om de aandacht. Lange, zoete, zilte en rokerige afdronk. Een whisky die me meer aan jonge Laphroaig dan aan Caol Ila op middelbare leeftijd doet denken. Soit, aangename neus maar naar mijn smaak te veel assen op de tong. 83/100

Bunnahabhain 40y 1973, Archives

De nieuwe Archives bottelingen dragen een nieuw en wat mij betreft zeer geslaagd label. Onder de naam The Fishes of Samoa staat op elke botteling een afbeelding van een vis uit een historisch-wetenschappelijke publicatie. Naast onderstaande Bunnabahabhain 1973, zit er ook een Tormore 1984 en een niet nader genoemde Speysider bij.
Archives Whiskybase 2013
Maar dus eerst de Bunnahabhain, een botteling waar ik me wat vragen bij stelde. Het gaat om 156 flessen, wat wil zeggen dat – vermits het een butt is – de rest van het vat nog ergens anders zal opduiken, of reeds opgedoken is. Zoeken op vatnumer bracht me bij Malts of Scotland, die whisky uit dit vat twee jaar geleden op 50.6% bottelde, 0.4% minder dan deze Archives. Twee jaar ouder en een hoger alcoholpercentage, dat is bizar. Nee, dat is onmogelijk. Ofwel zou er een fout in het vatnummer zijn, ofwel zou deze Archives eigenlijk al twee jaar geleden gebotteld zijn en was dit dus zogenaamde unlabeled stock. Weet dat een bottelaar maximum 0.2% van het feitelijke alcoholpercentage mag afwijken, wat wil zeggen dat deze whisky (net als de MoS) eigenlijk 50.4% alcohol zou bevatten. En dan is dit geen 40 maar 38 jaar oude whisky met twee jaar flessenrijping. Mmm, plezant, zo’n raadsel.
Ik ben dan toch maar even bij de jongens van Whiskybase te rade gegaan. Zij bevestigen mij, na consultatie van hun broker, dat deze whisky onlangs pas gebotteld is en dat het vatnummer klopt. Het gaat hier zeker om een ander vat dan dat van MoS, wat wil zeggen dat er in het verleden dus een foutje is gemaakt. Tot zo ver dit mysterie.

 

Bunnahabhain 40 YO 1973/2013, 50.6%, Archives, Whiskybase, butt #3463Bunnahabhain 40y 1973/2013, 50.6%, Archives ‘The Fishes of Samoa, Whiskybase, butt #3463, 156 bottles
Hola, wat een zalige neus. Fruitig, zoet en waxy. Rijpe bananen, mango, papaja, perziken en een beetje ananas. Pruimen ook, en gele rozijnen. Gevolgd door warme bijenwas, geboende antieke meubels. Iets floraals. Snijbloemen. En een aantal zoete elementen zoals honing en vanille. Een lichte mineraliteit op de achtergrond. Natte stenen, nat gras en nat mos. In de verte zachte rook. Geen turf, wel rook van het hout. Zacht en zoet op de tong met bananen à volonté. Geflambeerde bananen. Njummie! Meer fruit in de vorm van ananas, papaja en appelsienen. Dadels ook. Daarna de alomtegenwoordige bijenwas en kruiden. Eik en geroosterde noten zorgen voor de nodige body. Een mooie, lichte bitterheid. Lange, mooi droge afdronk op bananen (maar dan minder rijp, het is wat droger hier), kruiden, eik en naar het einde toe een zoetere terugslag. Geweldige Bunna. En zoals je merkt, scoor ik deze hoger dan de Malts of Scotland, hij is gewoon beter. Ik was me al aan het afvragen of in die twee jaar mijn smaak veranderd is (kan perfect), of dat twee jaar flessenrijping een gunstig effect op deze whisky heeft gehad. Dat laatste zou niet voor het eerst zijn. Let er maar eens op, een whisky die je enkele jaren laat liggen alvorens open te doen, is vaak (nog) beter. Dat is geen old bottle effect, gewoon de rijping die zich nog even verder zet (vertraagd natuurlijk, want glas heeft geen invloed op whisky). En dat zonder de whisky droger te maken (geen eik meer om mee te interageren). De verandering in whisky wordt niet abrupt gestopt na botteling, het vertraagt langzaamaan. Ik heb daar geen wetenschappelijke verklaring voor, ik merk het gewoon op. Maar al deze theorieën kunnen naar de prullenmand, het gaat simpelweg om een ander vat. Ook de meest logische verklaring. 91/100

Tomatin 24y 1988, Eifelboys & Vinothek Massen

Tomatin 24 YO 1988/2013, 48.7%, Eifelboys & Vinothek Massen, firstf fill bourbon, back labelDeze Tomatin 1988 is een project van de zogenaame Eifelboys, een collectief van whiskyliefhebbers waarvan een deel woonachtig is in de Eifel (en dus vandaar de naam) en een deel in Vlaanderen, in samenwerking met Vinothek Massen uit Luxemburg. Het betreft een botteling op 130 flessen in totaal. 70 flessen werden verdeeld onder de negen Eifeljongens en kregen het label op de foto mee. Deze zijn dus niet verkrijgbaar in de handel. De overige 60 flessen zijn bij de Luxemburgse whiskyclub terecht gekomen en worden voorzien van een ander label.

 

Tomatin 24 YO 1988/2013, 48.7%, Eifelboys & Vinothek Massen, first fill bourbonTomatin 24y 1988/2013, 48.7%, Eifelboys & Vinothek Massen, first fill bourbon cask, 70 bottles
Erg aangename, smeuïge neus op veel zoet fruit. En dan denk ik zowel aan gekonfijt fruit als aan gestoofd fruit. Abrikozenconfituur en kruisbessentaart. Gele rozijnen ook, net als een beetje kiwi en banaan. Pisang. Niet dat ik geweldig graag Pisang drink, op de neus is dat hier wel een meerwaarde. Het maakt het, samen met vanille extra zoet. Maar het is zeker niet te zoet, daarvoor zorgen sappige eik, heide en kruiden. Kruiden zoals zoethout en gember. Drop ook. En iets mooi vegetaals. Planten. In de mond is deze whisky rond, romig en vol. En hij vertoont zich als een rasechte Tomatin. 1976 is een cultjaar voor Tomatin, maar dat ligt vooral aan het feit dat er veel 1976 voorhanden was/is, minder dan aan het feit dat 1976 een uitzonderlijk jaar voor Tomatin zou zijn. Andere en veel zeldzamere jaren zeventig vintages kunnen de vergelijking aan, en ook jaren tachtig distillaten zijn lekker. En niet zelden meer dan lekker. Laat dit nog tien jaar langer rijpen… Alhoewel, dit is nu ook al genieten geblazen. Veel fruit (de kiwi keert terug, maar ook appelsienen, rijpe kruisbessen en een klein beetje mango), vanille en zachte karamel. Fudge. Qua kruiden kaneel en zoethout. Vooral zoethout hier. Geroosterde eik. Vrij lange afdronk, op kruiden, appelsienen, kiwi en druiven. Een meer dan geslaagde botteling. Well done Eifelboys. 89/100

Een schitterende Convalmore…

…die indertijd een kleine 100 euro kostte verdorie. Dat wordt veilingen in de gaten houden. Zeker omdat Convalmore van dit niveau echt uitzonderlijk is.

 

Convalmore 30 YO 1975/2006, 46%, Dun Bheagan, cask 3758Convalmore 30y 1975/2006, 46%, Dun Bheagan, cask 3758, 264 bottles
Zeer aangename romige, waxy neus. Dit barst echt van bijenwas, kaarsvet, schoensmeer… Die wastoestanden worden gevolgd door associaties van versgebakken brood, warme croissants, melkchocolade en praliné. Smeuig en romig allemaal. Geweldig. Er valt ook fruit te ontwaren. The orange kind. Abrikozen en perziken. Achterliggend ook wat ‘bos’: natte bladeren, varens, takken… Een subtiele rokerigheid, eerder tabaksrook en heide. Lichte kruiden. Oude Highland stijl, wat ik alleen maar kan toejuichen. En nog goed nieuws: dat profiel zet zich gezwind verder op de smaak. Waxy! Bijenwas, pollen, honing, we zitten duidelijk bij de imker. Nougat maakt het nog wat zoeter. De subtiele rook blijft voor een meerwaarde zorgen. Het fruit van de neus wordt vergezeld van appelsienen. Eik, wat ik in de geur zo goed als niet had, maakt hier wel z’n opwachting, samen met noten en een beetje peper. Peper en zout moet dat zijn. Lange afdronk, zilt, kruidig en zoet. Dit kan met sprekend gemak naast de beste (oude) Clynelish gaan staan. Convalmore? Wat een ontdekking! 92/100

Glen Avon 35y

Glen Avon is de naam waaronder Gordon & MacPhail Glenfarclas bottelde. Glenfarclas, één van die distilleerderijen die het niet erg op prijs stelt dat onafhankelijke bottelaars onder zijn naam whisky op de markt brengt.

 

Glen Avon 35 YOGlen Avon 35y, 41.2%, Gordon & MacPhail mid 1990’s
Meer dan aangename sherryneus, waar veel kruiden, chocolade en eik de dienst uitmaken. Koffie, de geweldige sigarendoosjes en rook van het hout. Niet veel fruit, buiten een beetje sinaas. Ook niet veel zoete elementen. Tenzij sojasaus. Tamari. Op de smaak zet dat patroon zich verder, wat wil zeggen dat het behoorlijk droog is. Noten, donkere chocolade, eik, kruiden, je kent het plaatje. Eucalyptus en peper wat die kruiden betreft. Kersen en appelsienen compenseren, maar net iets te weinig. Zeker naar het einde wordt het mij te droog. Lange, licht bittere afdronk. De neus is geweldig, op de smaak is hij me wat te bitter. Een whisky die net boven de negentig startte maar er uiteindelijk stevig onder tuimelde. 85/100

Glen Turret 75 proof

Jawel, Glen Turret en niet Glenturret. Dit is een officiële botteling van een veertig jaar geleden, toen het nog zo geschreven werd. 75 proof, dat is dus 43%. 26 2/3 fl. oz., dat is dus 75,7 cl.

 

Glen Turret 75 proofGlen Turret 75 proof, OB 1970’s, Paisley Whisky Co, 26 2/3 Fl. Oz.
Bizarre neus die nog behoorlijk start op zoete en florale tonen: zoete granen, appels, sinaas, marsepein, tuinkruiden en gedroogde bloemen. Potpourri. Maar het florale karakter slaat snel om in zeeptoestanden. Op de duur ruik je niet veel meer dan zeep. Of toch wel, kaarsvet, maar dan nogal stevig geparfumeerde kaarsen. En spijtig genoeg komt er ook nog nat karton om de hoek kijken, nog zo’n afknapper. Op de smaak is er geen ontkomen aan de zeep. Parfum op 43%. Ook niet aan het karton. Het natte karton. Dit is op het randje van vies. Het geheel wordt daarenboven erg bitter. Okkernoten en hout. De afdronk is niet erg lang, maar sowieso te lang. Lang geleden dat ik nog zo’n slechte whisky gedronken heb. 55/100

Glengoyne 16y 1997, Malts of Scotland

In de beginjaren van Malts of Scotland werden we zowat overspoeld door Glengoynes 1998 op sherryvat (de 113X-reeks). Whisky’s waar ik nooit echt fan van ben geweest. In de laatste batch Malts of Scotland zit een 1998, maar dan op bourbon. Vergelijken is dus onmogelijk.

 

Glengoyne 16 YO 1997/2013, 54.6%, Malts of Scotland, bourbon hogshead #MoS13020Glengoyne 16y 1997/2013, 54.6%, Malts of Scotland, bourbon hogshead #MoS13020, 269 bottles
Cleane, frisse neus. Knapperig, granig en fruitig. Fruitige malt. Wat het fruit betreft, vallen arme appels op. Appelmoes, warme appeltaart appeltjes uit de oven. Ik ruik ook rijpe kruisbessen, peren en gele pruimen. Vanille en zachte karamel. Gedroogd gras valt er ook te noteren. Een hint van kaneel, maar voor de rest niet al te veel kruiden. Een beetje eik. Niet extreem boeiend, maar wel genietbaar. Ronde, romige smaak waar de granen in eerste instantie de dienst uitmaken. Gevolgd door vanille en tuinfruit. Wit fruit. Peren nu vooral. En na enige tijd ook ananas. Jong. Ja, deze whisky doet jonger aan dan z’n zestien jaar. Clean, dat wel. En meer kruiden hier, kruiden zoals peper en kaneel. Een beetje zoethout. Eik, wat het samen met de kruiden een droog kantje geeft. Geen erg lange afdronk, op eik, kruiden en het witte fruit dat we ook in de geur en op de smaak hadden. Cleane, natuurlijke en jonge Glengoyne. Helemaal niets mis mee. 83/100

Ben Nevis 27y 1986, Chester Whisky

Ben Nevis, dat is lang geleden. Chester Whisky bottelde een 1986. Ook The Nectar bottelde een 1986, vorig jaar als ik me niet vergis. Ik weet niet of die zo goed was als deze. Wat ik wel weet, is dat 99 euro voor een 27-jarige single malt van dit niveau tegenwoordig een koopje is.

 

Ben Nevis 27 YO 1986/201, 52.9%, Chester WhiskyBen Nevis 27y 1986/2013, 52.9%, Chester Whisky, bourbon hogshead, 157 bottles
Erg aangename en ronde neus, zoet en fruitig. Rijpe kruisbessen, rode appels en perziken. Een wandeling tussen de fruitbomen. Dat fruit wordt gevolgd door hooi, peperkoek en marsepein. Veel marsepein. Vanille ook wel. En honing. Dat zoete wil van geen wijken weten. Een mooie minerale toets maakt het af. Natte stenen en zo, je kent dat wel. Niet al te veel eik, alhoewel aanwezig. Ronde, volle en romige smaak met een zeer leuke ‘kick-back’. Eerst proef ik kruiden zoals peper en kaneel, honing en kandijsuiker, en appels. Siroop van appels, het blijft ook op de smaak erg zoet. Maar dan, plotsklaps en schijnbaar uit het niets, duikt daar roze pompelmoes en mango op. Een tropische terugslag als het ware. Iets wat voor mij het verschil maakt tussen 89 en 90 punten. Knap! Niet alleen dat ik dat proef, maar ook de manier waarop, als een dief in de nacht. Tomatin 1976 heeft dat ook soms. Sappige, ondersteunende eik. Lange afdronk, licht drogend (de eik groeit wat), maar vooral zoet en fruitig. En het goede nieuws is dat het exotisch karakter behouden blijft. Dankzij de geweldige twist op de smaak een welverdiende 90/100