Spring naar inhoud

Archief voor

Malt Maniac Awards 2011

Zonet zijn de resultaten bekend gemaakt van de Malt Maniac Awards 2011. Veertien maniacs proefden en scoorden in totaal 171 whisky’s, blind. Dat zijn er merkelijk minder dan de 263 van vorig jaar, wat de opdracht ongetwijfeld een stuk aangenamer maakte. De scores vind je hier, het volledige jury rapport hier. De acht gouden medailles gaan naar:

  • Glendronach 39y 1972/2011, 49.9%, OB, Oloroso Butt #712, 466 bts.
  • Karuizawa 1981/2011, 55.2%, OB, cask 2634
  • Glendronach 39y 1972/2011, 54.7%, OB for Taiwan, PX cask 2033
  • Lochside 46y 1965/2011, 52.3%, Adelphi, Blended, 499 bts.
  • Strathisla 1970/2011, 43%, G&M Licensed Bottling, 514 bts.
  • Strathisla 1965/2011, 48%, G&M for LMdW, 1st Fill sherry, cask 3473
  • Port Ellen 28y 1982/2011, 60%, Wilson & Morgan, cask 2011, 534 bts.
  • Glen Grant 59y 1952, 49.2%, G&M Book of Kells, cask 1134

Weinig bekende bottelingen, maar anderzijds ook geen echte verassingen. Het overwicht van sherry-gerijpte whisky’s, La Maison du Whisky, Glendronach 1972, Port Ellen, Karuizawa… het zijn stilaan usual suspects geworden.

Advertenties

Caol Ila 10y 2000, Kintra Single Cask Collection

Kintra is het geesteskind van Erik Molenaar, een Nederlander met een grote passie voor whisky. Hij organiseert al vele jaren tastings, maar in 2009 schakelde hij een versnelling hoger met de oprichting van Kintra Whisky. Een jaar later begon hij zelf whisky te bottelen onder z’n Kintra Single Cask Collection label.
De regio waar de whisky vandaan komt wordt verraden door de kleur van het label: rood voor Speyside, blauw voor de Highlands, groen voor de Lowlands en bruin voor Islay. Ik begin met een bruin…

 

Caol Ila 10y 2000/2011, 62.6%, Kintra Single Cask Collection, Bourbon Hogshead #309534, 120 bottles
Zoet-rokerige neus. Niet zozeer turfrook echter, eerder een smeulend haardvuur, wat assig. De assen van sigaren ook wel. Die rook vermengt zich met kandij, acaciahoning en amandelen. Niet veel fruit, enkel wat citrus (ik denk aan limoen). Water versterkt de grassigheid en brengt de geur van natte wol en mineralen naar voor. Best lekkere neus. Gezien het alcoholvolume hoeft het niet te verbazen dat het mondgevoel stevig en prikkelend is, maar hij is verdacht drinkbaar zonder water. Erg clean, rokerig en grassig met gezoete citrus erdoorheen. Hier wel turf. Zoete turf. En wat zilt niet te vergeten. Niet complex maar erg rechttoe rechtaan. Met water nog wat zoeter en assiger. Tja, zelfs op 62.6% (op welk percentage is deze spirit op vat gedaan???) heb ik ‘m het liefst zonder water. Lange afdronk, zoet, rokerig en zilt. Ik vind dit een erg lekkere jonge Caol Ila, knappe vatselectie van de mensen van Kintra. 86/100

Bunnahabhain 1968, The Whiskyman

De vijfde botteling van The Whiskyman is een Bunnahabhain 1968. 1968, het jaar van de Auld Acquaintance… (sorry, even het kwijl van m’n mondhoeken vegen). Deze botteling werd getiteld ‘Dram together’. Je moest eens weten hoeveel Beatle-songs er zich nog lenen tot een leuke whisky-gerelateerde verbastering. Bring it on Dominiek!
Ik proef ‘m op de tonen van Chet Baker’s Angel Eyes. Oké, dat is niet van hem, het een jazzstandard uit de jaren 1940, maar zijn versie dus. Ah, melancholie…

 

Bunnahabhain 1968/2011 ‘Dram Together’, 46.5%, The Whiskyman, 120 bottles
Bananen! Gebakken bananen. Geflambeerde bananen… zalig gewoon! Niet dat ie nogal ééntonig is, verre van, maar die warme bananen is toch wel het eerste dat opvalt in deze neus. Vijgen, ja ook dat valt op. Maar ook andere soorten fruit laten zich gelden: pruimen, gele rozijnen, aardbeienconfituur. Naast dit (zoete) fruit heb ik honing, antiekwas en (oud) leder. Daarna gember (gekonfijte gember) en zoethout. Dennenhars. Melkchocolade. Subtiele sherrytonen. Eik? Ja, maar heel wat minder dan je zou verwachten op deze leeftijd. Getemde eik. Het zoete en het fruitige halen het op de neus van het bittere, met meerdere fietslengtes. Op de smaak meer eik, zoals wel vaker, maar het wordt nooit drogend. Integendeel, het zoete en vooral het fruit blijven de forcing voeren. De bananen en de vijgen zetten zich door en worden vergezeld van sinaas, sappige peren en zelfs wat mango. Qua zoets heb ik honing en rozijnen. Kaneel, zoethout en nootmuskaat qua kruiden. Tabak noteerde ik nog, net als toast. Meer ‘sherry’ dan op de neus. En een perfect, romig mondgevoel. Lange afdronk op vijgen, zoethout, honing en zachte eik. Het blijft dus tot op het einde zacht en elegant. En dat is de sterkte van deze whisky: 43 jaar oud en nog zo levendig, fris en vol aroma’s. Prachtig! 93/100

Royal Lochnagar ‘Selected Reserve’, 75cl

De Royal Lochnagar Selected Reserve is een botteling zonder leeftijd en daarom op het eerste zicht de instapmalt van de distilleerderij. Maar als je naar de prijs kijkt (een kleine 120 euro voor de recentste batch), weet je dat deze botteling toch wel enkele trapjes hoger staat dan de standaard 12y. Hij bevat whisky van allerlei leeftijden maar vooral ouder dan twintigjaar. De batch die ik vandaag proef, een botteling van vóór 1992 (want 75 en geen 70cl) heeft daarenboven door de jaren heen een mooie reputatie opgebouwd. Een sample van bij de Dutch Connection op Spirits in the Sky.

 

Royal Lochnagar ‘Selected Reserve’, 43%, OB bottled before 1992, 75cl
De neus start wat gesloten, beetje stoffig, om daarna plaats te maken voor fruit (meloen, zoete appels en ananas in blik) en zachte sherrytonen. Vers gebakken cake, geroosterde noten, café au lait, confituur en stroop. Nat hooi ook en heide. Zachte, elegante smaak op de aroma’s van de neus (de cake, de ananas, de geroosterde noten), met een extra kruidgheid (gember) en een toefje turfrook. De afdronk is niet erg lang te noemen maar ook hier is dit een meer dan aangename whisky. Blij deze eens geproefd te hebben. 87/100

Clynelish 14y

Clynelish 14 is één van die standaardbottelingen die mij maar matig kan bekoren, ondanks het feit dat ik een zwak heb voor het Clynelish profiel. Eens zien of de recentste batch hier verandering in brengt.

 

Clynelish 14y, 46%, OB 2011
Cleane, mineralige neus die start op granige en florale tonen, gevolgd door vanille, een beetje zilt en turf. Fruit? Ja, maar niet veel, appel misschien, en iets van rode bessen, maar dat fruit zit wel ver op de achtergrond. Bijenwas? Ja, maar ook dat eerder weggestoken. Zacht, romig mondgevoel, en qua smaak in het verlengde van de geur. Clean, mineralig, zoet (vanille en granen) en zilt. En ook hier een weinig fruit (appel), een even weinig was, maar wel wat meer kruiden (peper). Middellange, eerder droge afdronk op het zilt en de granen van de smaak, aangevuld met lichte rook en eik. Wat beter misschien dan vorige batchen, maar nog steeds geen hoogvlieger. 78/100

Longmorn 23y 1969, G&M Cask

Bert Bruyneel bottelt niet alleen lekkere dingen, hij heeft daarnaast ook nog heel wat lekkers staan. Zo ook deze Longmorn 1969 van Gordon & MacPhail. 1969 is hét topjaar voor Longmorn en G&M heeft er heel wat gebotteld. Bedankt Bert!

 

Longmorn 23y 1969/1993, 61.2%, G&M Cask, cask 3721 & 5297
Complexe, volle en ‘diepe’ neus. Met diep bedoel ik dat je vele lagen hebt, geuren die niet zo zeer naast elkaar (en tegelijk) maar onder of achter elkaar naar boven komen. Een whisky om bijna letterlijk in te graven. De start is alvast zoet. Fudge, honing en praliné. Dat zoete krijgt daarna een fruitige toets. Gedroogde abrikozen en ananas. Dan volle eik en kruiden, die het geheel dragen. Daarna was. En niet een beetje… dit is de heerlijkste bijenwas met associaties van geboende meubelen en dito leder. Een vage rokerigheid ook. Alles erg krachtig natuurlijk, maar absoluut geen behoefte om water toe te voegen, deze neus is perfect zo. Zelfs op de smaak is water niet echt nodig. Je proeft weinig alcohol, de smaken barsten meteen open op je tong. Vooral het fruit dan. Nog meer tropisch fruit dan op de neus. De ananas, maar ook meloen, passievrucht, papaya, you name it. Mandarijnen ook. Praliné opnieuw. De eik en de bijhorende kruiden geven stevigheid, het fruit en de bijenwas elegantie, en ronden alle scherpe kantjes af. Lange afdronk, eerder droog maar met het tropische fruit dat lang blijft hangen. Misschien niet de beste Longmorn 1969 die ik al proefde (dat is een andere uit dezelfde reeks), maar veel scheelt het niet. Wat kan Longmorn 1969 toch lekker zijn. 93/100

Bowmore 1998, Asta Morris

De jongste botteling van Bert Bruyneel is een Bowmore 1998 onder z’n eigen Asta Morris label. Ik proefde er een tijd geleden al een cask sample van en was meteen verkocht. Ondertussen heeft de whisky nog wat verder gerijpt en is ie ook versneden tot ideale drinksterkte. Opnieuw proeven dus.

 

Bowmore 13y 1998/2011, 49.7%, Asta Morris, cask AM003, 211 bts.
Mineralige, prikkelende turf, dat was het eerste wat me in de cask sample opviel. Nu is hij ronder, minder scherp. Op de neus heb ik nog steeds de mineralen (natte stenen, zomerse regenbui, je kent het wel) en de turf, maar wat mij nu vooral opvalt, is zwarte woudham en lapsang souchong thee, twee associaties die een smile op m’n gezicht brengen. Lapsang souchong thee wordt gedroogd op een vuur van naaldhout, en dat is wat ik in deze neus terugvind, de rook die vrijkomt bij het verbranden van naaldhout. De zwarte woudham wijst dan weer op zilt en zoete rook (en vlees natuurlijk). Wat heb ik nog? Honing, kruisbessen, bijenwas en bostoestanden. Met dat laatste bedoel ik mos, varens enzo. En ja, het is een naaldbos. Rond, romig mondgevoel met opnieuw het gerookte vlees en dito thee. Barbeque, hammetje aan het spit… gemarineerd. Met honing. Kruidig dus, zilt en zoet. Naast de honing noteer ik ook vanille. Qua kruiden heb ik tijm, citroenmelisse, gember, en nog heel wat meer. Amandelen schrijf ik nog op, net als wat citrus en lichte eik. Wreed lekkere whisky, en zo drinkbaar! Lange afdronk op zoete en zilte turfrook. Prijs/kwaliteit een absolute topper. En een whisky die recht op mijn smaakprofiel zit, alsof ie voor mij gemaakt is. 91/100

Dalmore 14y 1996, Master of Malt

De derde sample die ik van Master of Malt ontving, is een eigen botteling van hen, de Dalmore 14y 1996/2011 Master of Malt. Ook verkrijgbaar in 3cl flesje dus.

 

Dalmore 14y 1996/2011, 55.5%, Master of Malt, refill hogshead
Frisse neus op granen, vanille en fruit. Dat fruit is gele appel, citroen en limoen. Hooi heb ik ook. Niet slecht, maar simpel. De smaak ligt in het verlengde van de neus, met citrus, granen en hooi. Hier aangevuld door kruiden zoals peper en gember en alcohol (eau de vie). Kan volgens mij wel wat water gebruiken. Met water inderdaad meer fruit, zeker op de smaak, hij wordt er een beetje minder scherp door. Middellange afdronk, kruidig met een beetje fruit erdoorheen. Citrus en abrikoos. Niet slecht, zeker niet, maar een foutloze whisky is daarom nog niet lekker. A ja, volgens Master of Malt is dit een sherryvat… really? Ik durf het in ieder geval niet vermelden, laat het ons op refill hogshead houden. 77/100

Highland Park 30y 1981, The Whisky Agency

Ik proefde deze Highland Park reeds enkele maanden geleden, toen ie nog geen 30 jaar oud was. Ik was er toen volledig weg van. Toch zie ik me verplicht ‘m nog eens te proeven, enkele maanden extra rijping kunnen het profiel immers (soms zelfs drastisch) wijzigen. Oké, ik geef toe, elke reden is goed deze nog eens te proeven. Pas in de winkel, maar volgens mij al uitverkocht…

 

Highland Park 30y 1981/2011, 52.2%, The Whisky Agency, Fungi, ex-bourbon wood, 198 bottles
Bingo! Pure Highland Park neus: heide (enorm), honing, sinaas, veel pollen, turfrook (maar duidelijk heideturf): de typische markers voor Highland Park. Nat hooi ook, wat deze neus een zalige ‘farmy’ toets geeft. Daarna komt er meer fruit door. Kruisbessen, kokos en de sinaas dus. Rijpe sinaas. Die heide die van in het begin zo op de voorgrond trad, wordt nu eerder verbrande turf. Is dat storend? Forget it, I just love it! Zoethout ook en een beetje bijenwas. Warm zaagsel niet te vergeten. Man, wat vind ik dit goed. Krachtig en romig mondgevoel, en al even typisch Highland park als de neus: heide, smeuïge honing, overrijpe sinaas en prachtige heideturf. Nootmuskaat en zoethout zorgen voor een lekkere kruidgheid. Kokos opnieuw. En mooie eik. Lange, verwarmende afdronk, perfect in het verlengde van de smaak. Een prachtige en uitgepuurde Highland Park. 92/100

Tasting met Jim McEwan

Op vrijdag 9 december organiseert Fulldram samen met The Nectar in Leuven een tasting met niemand minder dan Jim McEwan. Dit zal waarschijnlijk de laatste keer zijn dat hij naar België komt.

Voor diegenen onder jullie die Jim niet kennen, hij is geboren en getogen op Islay, en een legende in de Schotse whiskywereld. Vroeger Distillery Manager van Bowmore en vandaag Master Distiller van Bruichladdich. Begonnen op z’n 15e als leerling-kuiper bij Bowmore en ondertussen bijna 50 jaar ervaring in de industrie. Er zijn weinigen met een even grote kennis over whisky en er zijn er nog minder die even gedreven over het product praten als hij.

De whisky’s die Jim ons zal laten proeven, zijn stuk voor stuk pareltjes, de éne al verrassender als de andere:

  • Bruichladdich 5y, 50%, Murray McDavid by Jim Murray, for the 5th anniversary of The Nectar, enhanced in Chateau d’Yquem Sauternes casks, 500 bottles
  • Bruichladdich 18y 1992 Calvados finish, 46%, OB 2011 for The Nectar, 270 bottles
  • Bunnahabhain 33y 1976/2010, 49%, Murray McDavid, Celtic Heartlands, 465 bottles
  • Caol Ila 30y 1980/2010, 51.9%, Murray McDavid, Celtic Heartlands, 1017 bottles
  • Glenlivet 33y 1977/2010, 47.7%, Murray McDavid, Celtic Heartlands, 1358 bottles
  • Bruichladdich 32y 1977/2010 ‘MCMLXXVII’, 47.4%, OB, DNA2, 844 bottles

 

Jullie zijn welkom op 9 december 2011 om 20u in Sportoase, Philipssite 6, 3001 Leuven.

Inkom: 60 euro

Inschrijven kan via whisky@fulldram.be. Let op: je inschrijving is pas bindend na betaling van 60 euro op rekeningnummer 063-4514511-69 (IBAN: BE71 0634 5145 1169, BIC: GKCCBEBB). Gelieve als mededeling bij je betaling ‘McEwan’ te vermelden, alsook je naam en voornaam, emailadres en telefoonnummer.

Longmorn 12y 1996, Dun Bheagan

Met al die Longmorns van midden-jaren-zeventig die recent zijn uitgebracht, zou je bijna vergeten dat ze daar ook nadien nog volop gedistilleerd hebben. Bij deze dus wat recenter werk, een 1996 gebotteld door Ian MacLeod onder hun Dun Bheagan label. Hier en daar nog te koop voor een 40 euro.

 

Longmorn 12y 1996/2009, 46%, Dun Bheagan, sherry hogshead #156876, 384 bottles
Wat eentonige neus op zoete en granige toetsen. Nougat, honing, noten, havermout… gevolgd door cider (appels) en gras. Niet bijzonder. Ook de smaak is dit niet. Zacht, granig en zoet. En ook hier doet ie me wat aan cider denken. Abrikoos schrijf ik nog op, net als wat kruiden. Kaneel bijvoorbeeld. Middellange, kruidige afdronk. Zoals ik al zei, niets bijzonders deze Longmorn. 78/100

Bunnahabhain 32y 1979, Duncan Taylor

Vandaag nog een nieuwe botteling van Duncan Taylor, een Bunnahabhain 1979 deze keer. Geen vattype vermeld, maar ik vermoed dat het hier om een bourbonvat gaat.

 

Bunnahabhain 32y 1979/2011, 47.1%, Duncan Taylor Rare Auld, cask 38408, 182 bottles
Zachte zoete neus die het in eerste instantie moet hebben van melkchocolade, marsepein (amandelen, maar dus eerder het zoete en niet het bittere ervan) en sinaas. Ha, van die stammetjes sinaasmarsepein met chocolade rond (denk The Chocolate Line)! Een beetje kokos ook, appel, pistache en weidebloemen. Boter. Erg aangename neus. De smaak is al even zacht als de neus en moet het hebbben van granen (pils), honing, heide en appels. Cider. Wat banaan ook en pompelmoes. Hij wordt hoe langer hoe grassiger. Naar het einde toe doemen nog gember, zoethout en zachte eik op. Wat bitter. Middellange, drogende afdronk op vanille, zoethout en pils. De smaak houdt het niveau van de neus niet helemaal aan, de pils stoort me een beetje. 85/100

Glen Scotia 27y 1966, Signatory

Oude Glen Scotia moet dikwijls niet onderdoen voor oude Springbank. Ze delen immers vaak dat typische oude Campbeltown profiel, gekenmerkt door belegen eik, was en zoete turf. Het is dan ook met wreed veel goesting dat ik me aan deze Glen Scotia 1966 zet.

 

Glen Scotia 27y 1966/1994, 51.5%, Signatory, casks 1271&1272, 550 bottles
All right, inderdaad dat oude Campbeltown profiel… nice! Naast de reeds vermelde associaties die met dit profiel gepaard gaan, valt me een zalige zoete fruitigheid op. Geflambeerde banaan en ananas in blik. Rijpe sinaas ook. Voor de rest antiekwas (dat is die waxyness die ik bedoelde), mineralen, marsepein, gember en zachte turfrook. Zelfs (maar niet abnormaal) lichte zee-elementen. Zilt en zeewier. Zoete eik op de achtergrond. Heerlijke neus. Stevig, romig mondgevoel, met een smaak die het moet hebben van zoet fruit (zie de beschrijving van de neus), zachte turf, sinaas, walnoten, zoethout en bijenwas. Best grassig ook, maar dan richting hooi en – vooral – heide. Naar het einde toe opnieuw zilt. Eik, maar net als in de geur eerder op de achtergrond. Lange, zoete en zilte afdronk. Tja, oud Campbeltown-profiel… ik ben fan. 90/100

Glengoyne 13y 1997 ‘English Merchants’ Choice’

Een tweede sample van Master of malt is de Glengoyne 13y 1997 ‘English Merchats’ Choice’. Het principe achter de Merchants’ Choice is dat Glengoyne een aantal bekende handelaren vroeg een vat uit hun opslagplaatsen te selecteren. De keuze viel op een 1997, gerijpt op Europese eik, die in september 2010 gebotteld werd. Hij is te koop bij zes handelaren waarvan Master of malt, Milroys en Royal Mile Whiskies bij ons het bekendst zijn. Ik denk niet dat dit concept dit jaar (reeds) herhaald is.

 

Glengoyne 13y 1997 ‘English Merchants’ Choice’, 54.6%, OB 2010, sherry cask, 291 bottles
Stevige maar mooi gebalanceerde sherryneus op tonen van zoet fruit à la rozijnen, pruimen en perensiroop, kandijsuiker, bittere chocolade, sappge eik, balsamico en kruiden. In deze laatste categorie vallen vooral nootmuskaat en gember op. Een beetje tabak noteer ik nog, alsook wat leder. Complex, u leest het, en zoals gezegd met alle elementen in balans. Knap. Stevig, drogend mondgevoel. Voor dat droge gevoel zorgen eik, okkernoten, koude zwarte koffie, kruiden (de gember vooral) en zwarte thee, maar er is toch ook redelijk wat zoets te vinden, wat er voor zorgt dat het geheel niet té bitter wordt. Kandij, donkere chocolade en de gedroogde pruimen opnieuw. Bitterzoete, verwarmende afdronk. Zeker op de neus is het genieten, op de smaak is deze whisky voor mij een ietsje te droog om nog hoger te scoren. 85/100

Ardbeg Alligator

Ardbeg bracht recent een nieuwe botteling op de markt, de Alligator. De naam alligator is afgeleid van het proces waarbij men de binnenkant van vaten schroeit alvorens er whisky op te lageren. De staven die men hiervoor gebruikt, zouden het patroon van krokodillenhuid hebben. Bon, tijd om dit varkentje, ik bedoel krokodilletje te wassen.

 

Ardbeg Alligator, 51.2%, OB 2011
De neus start op turf, rubber en houtkool, snel gevolgd door kruiden, citrus en rabarber. Best veel kruiden op de duur: zoethout, gember, tijm… Amandelen ook, net als wat zilt. Gerookte heilbot. Water toevoegen is niet nodig, doe je dat wel dan komt de citrus meer naar voor. Volle smaak op turfrook, sinaas, appels, gember, nootmuskaat, zoethout en toast. En ook hier wat zilt, net als zeewier. Meer zilt met water. Niet erg complex. Geen al te lange, droge afdronk in het verlengde van de smaak met noten als extraatje. Lekkere whisky, maar dat is lekker zonder meer. Voor mij een lichte teleurstelling, ik had hier nog net wat meer van verwacht. 84/100

Dalmore ‘Vintage 2000’

Dalmore werd gesticht met de bedoeling het te verhuren. Doorheen z’n geschiedenis kende The Dalmore dan ook verschillende huurders, zoals daar zijn de familie Sutherland, Robert Pattison en Andrew Mackenzie. Deze laatste kocht uiteindelijk in 1891 onder z’n vehikel Mackenzie Brothers Company The Dalmore op.

 

Dalmore ‘vintage’ 2000, 46%, OB 2011
Zoete en kruidige neus. Sinaas, chocolade, aardbeienconfituur en honing zorgen voor zoets, peper, citroenmelisse en kaneel voor de kruidigheid. Je ruikt er ook granen door. De kruiden zetten zich verder op de smaak (stevig op gember) en worden vergezeld van abrikozen, mandarijn, tabak en vanille. Eik en noten, lichte taninnes. Middellange, kruidige afdronk. Foutloze maar niet erg boeiende whisky. 80/100

Dalmore 18y

Vandaag en morgen twee officiële Dalmore’s. Beginnen doen we met de 18y. Deze whisky rijpte 14 jaar op Amerikaanse eik en daarna nog eens minstens 4 jaar op Spaanse sherryvaten.

 

Dalmore 18y, 43%, OB 2011
Zachte sherryneus die start op sappige eik, granen, kandijsuiker, rozijnen, sinaas en rabarberconfituur. Daarna tabak, leder, geroosterde noten en chocolade. Best complex dus. De smaak is eerder droog en kruidig: peper, kaneel, kruidnagel. Zelfs ook wat lichte zilt. Naast de kruiden ook noten, granen, eik, koffie en wat gedroogd fruit. Allemaal nogal ‘droge’ associaties dus. Donkere chocolade en verbrande karamel noteer ik ook nog. Lange, eerder bittere afdronk met opvallende kruidnagel. Beter op de neus dan op de smaak en afdronk me thinks. 83/100

Lagavulin 1988, Moon Import

Deze Lagavulin werd geschonken tijdens de ‘Happy Masterclass’ op Spirits in the Sky vorig weekend. Het moet daar naar het schijnt een zeer gezellige boel zijn geweest, met Bert Bruyneel, Mario Groteklaes en Paul Dejong die ten dans speelden. Ik was spijtig genoeg van dienst. Bij Bert en Michiel van de Dutch Connection zag ik echter diezelfde Lagavulin staan. Here we go:

 

Lagavulin 1988/1998, 50%, Moon Import, Horea Solaris, 1300 bottles
Prachtige, elegante en cleane neus die het niet zozeer moet hebben van zware turf maar van subtielere tonen. Tonen van gele appels, citrus, aardbeien, bramen, wat zilt, zwarte thee, rietsuiker, natte bladeren, natte stenen… en natuurlijk toch ook wel wat turf, maar eerder als één van de vele elementen. Complex en vooral zalig om ruiken. Al even mooi en clean op de smaak. Misschien minder complex dan de neus, maar wat maakt dat uit, als het zo leker is als hier? De gele appels en de citrus van op de neus heb ik terug, aangevuld met aardbeiconfituur en suikerspin (best zoet ja), en cleane turf. De afdronk borduurt hier op verder, met nog wat extra kruiden. Tien jaar oud? Wow! 92/100

Glen Moray 24y 1986, Duncan Taylor

Vandaag en ook later deze maand bespreek ik enkele nieuwe Duncan Taylor bottelingen. Beginnen doe ik met een Glen Moray 1986, die je voor 85 euro op de kop moet kunnen tikken.

 

Glen Moray 24y 1986/2011, 53.2%, Duncan Taylor, cask 2860, 246 bts.
Aromatische, grassige en florale neus met tussen dat buitenlevengevoel ook wat mandarijn en veel vanille. Na enige tijd kruiden à la gember, kaneel en munt. Houtsnippers ook. Met water buigt het fris florale zich om in nat hooi, het geheel een lichte farmy toets gevend. Mooi. Op de volle, ronde smaak zetten de kruiden zich door, vergezeld van fruit. Ik heb hier trouwens meer fruit dan op de neus. De mandarijn opnieuw, maar ook abrikozen en ananas. En kokos. Zachte eik en honing. Met water komt daar nog zoethout en marsepein bij. Lange, verwarmende afdronk op citrus en kruiden. Munt opnieuw, het vat heeft z’n werk gedaan. Erg aangename whisky. 85/100

Auchentoshan 16y, Duthies (Cadenhead)

Vorige week vielen er enkele samples van Master of Malt in de bus. Master of Malt heeft een ruim aanbod aan samples, wat het handig maakt een whisky eerst te proeven alvorens er een fles van aan te kopen. Eén van de samples die ik ontving is de Auchentoshan 16y Duthies van Cadenhead. Duthies is een recent label van Cadenhead. Maar bij ‘Duthies’ denken wij natuurlijk vooral aan de leverancier van enkele legendarische Samaroli bottelingen.
 

Auchentoshan 16y, 46%, Duthies, Cadenhead 2009, bourbon barrel
Gedempte neus die niet geheel onverwacht gekenmerkt wordt door een zoete granigheid. Mout, ontbijtgranen met yoghurt (lichte zurigheid), vanillepudding, karamel en sappige zure appels. Wat pompelmoes ook nog. Weinig complex maar niet onaangenaam. Stevig op de tong, voelt sterker aan dan 46%. Romig mondgevoel. Ook hier voeren de (zoete) granen de boventoon, maar daar komt niet veel anders bij, buiten wat citrus (mandarijn) en gember misschien. Middellange, droge afdronk met meer kruiden dan ik op de smaak had. Clean maar wat simpel profiel. 78/100