Spring naar inhoud

Posts from the ‘_Grain Whisky’ Category

Nikka Single Coffey Grain

Coffey grain is graanwhisky gedistilleerd in Coffey stills. Dat zijn distilleerkolven ontworpen door de Ier Aneas Coffey in 1830. Een andere benaming is column still. De Nikka Coffey Grain heb je als 45%, maar er worden ook regelmatig cask strengths van gebotteld. Vandaag proef ik één uit die laatste categorie.

 

Nikka ‘Single Coffey Grain’ 14y 1997/2011, 58%, OB, cask 199816
Stevig en prikkelend in de neus, op scheepsladingen vanille, granen en eik. In mindere mate ook amandelen, munt, nootmuskaat en kamille en kokos. Misschien ook nog wat melkchocolade en marsepein (de amandelen). Met water wordt het geheel nog wat zoeter, dan is de vanille echt wel dominant. Té dominant. De smaak al even stevig als de neus, en behoorlijk scherp. Ananas en kokos, munt en nootmuskaat, granen en eik. En dat alles samen met veel vanille. Nog een beetje pompelmoes. Witte pompelmoes (zorgend voor extra bitterheid). Niet echt boeiend, maar zonder fouten. Het wordt wel vrij droog op de duur. Ook de vrij lange afdronk is vooral droog, noten en eik spelen de eerste viool, maar toch blijft ook de vanille lang hangen. Matige grain. Nu ja, jonge grain vind ik zelden super. Deze kan er nog best mee door. 78/100

Advertenties

Jack Daniels Old no 7

Back to basics. To the very basics dan nog. Wie heeft er nog nooit een Jack Daniels gedronken? Wel, ik tot op heden dus nog niet.
Jack Daniels is in tegenstelling tot wat soms gedacht wordt geen bourbon, het is een Tennessee whiskey, geproduceerd in Lynchburg. Waarom het geen bourbon is, heeft meer met marketingredenen dan met iets anders te malen, want de whiskey zou wel voldoen aan de criteria om als bourbon door het leven te gaan.

 

Jack_Daniels_Old_no7Jack Daniel’s Old no 7, 40%, OB 2013
Erg zoete neus, op vanille, granen en eik. Met wat goede wil ook karamel en kruiden. Nootmuskaat? Kaneel, dat zeker wel. Erg licht wel, en vooral weinig aromatisch. Misschien een hint van petroleum. En meer valt er echt niet te vertellen. Simpel en saai, dat wil ik wel nog kwijt. En dat vat eigenlijk ook goed de smaak samen. Eik, granen, vanille, kaneel… maar plat, slap, waterig zelfs. Hoestsiroop in de verte. En eens je aan karton denkt, kan je niet anders dan het proeven. De afdronk is zoals te verwachten erg kort, granig en kruidig. Ja, sorry, ik kan dit echt, zelfs met de beste wil van de wereld, niet lekker vinden. Nu, indien je per se cola in je whisk(e)y wil doen, kan een Jack Daniels nog van pas komen. 53/100

North British

North British is een distilleerderij in Speyside die enkel Grain whisky distilleert, whisky van verschillende graansoorten dus en niet exclusief gerst. Ik heb hier nog maar één North British whisky besproken, hoog tijd om dat aantal wat op te krikken, en wel met een twintigjarige van Master of Malt en een vijftigjarige (jawel) van Whiskybase.

 

North British 20y 1991/2011, 55.8%, Master of Malt, first fill bourbon cask #3228, 244 bottles
Een neus die barst van de vanille, gevolgd door kruiden. Kruidnagel (big time), zoethout en kaneel. Appelsiroop, zachte karamel, butterscotch, gezoete koffie, kokos… vooral zoete associaties dus. Ook iets van nat hooi. En warm hout. Aangenaam om ruiken. De smaak is voor z’n alcoholpercentage zacht en romig. En zoet. Zoete granen, karamel, geflambeerde banaan, ananas in blik, kandijsuiker (zelfs wat verbrande kandijsuiker, tonen van crème brûlée), zoethout, kaneel… Esdoornsiroop ook. Het geheel is erg dik, stroperig. Ook een beetje zout, en een weinig eik. Warme krieken. Mwa, ik vind dit best lekker. Middellange afdronk op een zoete kruidigheid, eik en vanille. Doet me wat aan rum denken (het zoete, de banaan). De betere rum dan wel. 84/100

 

North British 50y 1962/2012, 45.2%, Archives, Whiskybase, hogshead #29, 168 bottles
Holala, dit is toch van een andere categorie hoor, gewoon even ruiken maakt duidelijk dat deze toch nog meerdere klassen hoger speelt. De eik en de zoete tonen (kandij- en appelsiroop) deelt hij met de Master of Malt, maar hier komt nog heel wat anders bij kijken, zoals natte aarde, mos en natte bladeren (ik hou enorm van die herfstgeur), rozijnen op rum, geboend leder, tabak, oude geboende meubels (allemaal wat ‘oudere’ associaties). Bijenwas. Kruiden zoals kaneel, zoethout en gember, maar de kruiden noch de eik domineren, iets waar ik wel voor vreesde bij vijftig jaar oude grain. Fruit mag ik zeker niet vergeten te vermelden, en niet zo’n beetje ook. De banaan en de kokos die ik ook in de MoM had en die niet ongewoon zijn bij grain, maar ook rijpe sinaas, mango en al even rijpe kruisbessen, zaken die eerder aan oude single malt doen denken. Knap! Zijdezacht op de tong, waar dat fruit z’n mannetje blijft staan. Sinaas, ananas, banaan, kruisbessen. Tabaksbladeren, munt, iets van natte aarde, was en meer eik dan op de neus. Nougat. Ook hier geen al te lange afdronk, maar wel gebalanceerd, ook hier gaan de eik en de kruiden nooit overheersen, het zoete en het fruit blijven meespelen. Complexe en perfect gebalanceerde grain die je soms doet geloven geen grain te zijn. 90/100

Deze Archives botteling kost je 150 euro, wat een sterke prijs is voor vijftigjarige whisky. Oké, het is grain, maar toch, bij The Whisky Exchange kan je een North British 1962 van Douglas Laing kopen aan 332 pond.

Back to reality – Fulldram ledentasting

Het leven gaat verder, zo zegt men. Maar het zal niet helemaal meer het leven zoals voordien zijn. Ik kan me voorstellen dat er heel wat lezers zijn die niet weten waarom deze blog bijna twee weken heeft stilgelegen. Wel, dat had te maken met het fatale busongeval van dinsdagavond vorige week om 9u15 nabij Sierre, Zwitserland, een bus waarop ook mijn oudste zoon zat. Met veel schroom naar diegenen die veel minder geluk gehad hebben, kan ik zeggen dat Simon het fysiek goed stelt. Het verlies van twee van z’n beste vrienden echter, van z’n meester Frank waar hij enorm naar opkeek, van de andere klasgenootjes (ruimtevaardertjes die niet meer naar school zullen komen), de traumatische ervaringen in de bus… het zijn zaken die maken dat het leven voor hem, maar ook voor ons, niet helemaal hetzelfde zal zijn.
Laat me het leven echter opnieuw opnemen met één van de meest futiele dingen in mijn leven, whisky. Sinds onze terugkomst uit Zwitserland heb ik nog geen druppel gedronken, zelfs nooit de behoefte gehad me een dram in te schenken. Ik merk dat daar stilaan verandering in komt, en dat is goed. Ik begin echter met een verslagje van de Fulldram ledentasting van maandag 12 maart, een verslag dat ik de avond erop al grotendeels rond had, maar een telefoontje enkele uren later heeft dit twee weken in koelkast doen belanden.

 

Danny en Alex Eekelaers namen de honneurs waar in Tasttoe, Kampenhout. Ze kregen van het bestuur een mooi bedrag en carte blanche om een leuke tasting in elkaar te boksen. En dat is het ook geworden. Ze legden de lat voor zichzelf wel behoorlijk hoog door zes whisky’s te schenken die volgens hen door minstens 1/3 van de leden telkens 90 punten of meer zouden krijgen. Deze zes whisky’s werden gepresenteerd in koppels, twee uit Speyside, twee uit de Highlands en twee van de eilanden, en dat alles blind geschonken. Daarenboven werd geopteerd voor whisky’s van één en dezelfde bottelaar, die nog niet vaak aan bod was gekomen in onze club. Dat bleek The Whisky Fair te zijn, een label uit de stal van The Whisky Agency. Hieronder een verslagje van deze toch wel bijzonder geslaagde tasting.

 

Als aperitief schonk het bestuur de Glen Grain Class 2000/2011, 50%, Malts of Scotland, first batch uit, een vatting van vier sherryvaten North British grain whisky. Een whisky die maar matig ontvangen werd. Veel granen (nu ja), alcohol en ook lijm (Velpon) zijn me bijgebleven. Na enige tijd kwam hij iets meer open (tuinkruiden en zoete tonen), maar lekker werd het nooit. 70/100

 

Wat volgde was dus wel lekker, en eigenlijk ook meer dan dat. De familie Eekelaers ging van start met Speyside whisky’s. Het bleken, net zoals bij de andere koppels, twee verschillende profielen te zijn. De eerste whisky werd op het einde onthuld als de Tomatin 30y 1977/2007, 48.6%, The Whisky Fair, bourbon hogshead, 223 bottles. Deze heeft een erg fruitige neus (roze pompelmoes, mango, ananas), vermengd met kandij, yoghurt en rozenbottel. Ook op de smaak speelt het fruit de eerste viool. Zoet en tropisch fruit. Niet erg complex, maar wel zeer lekker en zeer drinkbaar ook. Ja, achteraf gezien toch wel typisch Tomatin uit deze periode, alhoewel het niet de veel gekendere 1976 vintage betrof. Maar is Tomatin geen Highland whisky? En haalt ie de negentig? Wel ja, voor mij net, lang getwijfeld, 89 of 90, maar uiteindelijk dus met de hakken over de sloot. 90/100

De tweede helft van dit Speyside koppel werd gevormd door de Inchgower 36y 1974/2010, 50.4%, The Whisky Fair, sherry wood, 180 bottles, wat trouwens ook de tweede helft is van de botteling van The Whisky Agency (hetzelfde vat, hetzelfde moment gebotteld, hetzelfde alcoholpercentage, gewoon een ander label), een whisky die onmiddellijk uitverkocht was. Deze is dus, net zoals de andere in de line-up, nog steeds te koop. Het is maar dat je het weet. Nu ja, de Whisky Agency botteling is door Serge besproken (en met 91/100 meer dan goed bevonden), de Whisky Fair versie niet. Dat scheelt. Voor mij was het de winnaar in deze battle, vooral omwille van de veel grotere complexiteit, de mooie evolutie in het glas en natuurlijk ook omdat het gewoon geweldig lekkere whisky is. De belangrijkste associaties die ik opgeschreven ben, zijn kruiden (ook tuinkruiden), citrus, honing, natte bladeren, eik en lichte rook. Een erg fris, levendig profiel. 91/100
 

Vervolgens namen de heren ons mee naar de Highlands (alhoewel we daar al even beland waren), met de Royal Lochnagar 37y 1972/2009, 50.7%, The Whisky Fair and Three Rivers bar, 126 bottles, die uiteindelijk bij de stemming de winnaar van de avond werd. Een typisch oud Highland profiel, dat me spontaan aan Clynelish uit deze periode deed denken. Zoet (marsepein), fruitig, waxy, floraal, op een ondergrond van mooie sappige eik. Op de smaak aangevuld met kruiden. Ronde, romige, erg elegante en complexe whisky, een absolute topper. 92/100

Deze parel werd vergezeld door de duurste whisky van de avond, de Ben Nevis 43y 1966/2009, 43.8%, Douglas Laing Platinum Selection for The Whisky Fair, 141 bottles, een whisky gekenmerkt door kruiden (veel kruiden), banaan en zoete tonen. Toen bekend werd welke whisky het was, was ik toch opgelucht dat ik deze exact dezelfde score gaf dan een dikke twee maanden geleden. Geluk? Nee, expertise! Oké, hier zou een smiley moeten volgen. 91/100

 

Tot slot bezochten we de eilanden. Islay lijkt dan een evidente keuze, maar we kwamen terecht op Skye en Mull. Beide eilanden (waar Skye sinds de bouw van de brug eigenlijk een schiereiland is geworden – bedankt om dit te vermelden Alex, dat maakte het raden naar distilleerderij toch wel wat makkelijker) hebben maar één distilleerderij, respectievelijk Talisker en Tobermory. De eerste whisky luisterde naar de wat mysterieuze naam Talimburg 20y 1986/2006, 43.8%, The Whisky Fair (Artist Edition), 240 bottles. Een samentrekking van Talisker en Limburg, het stadje waar The Whisky Fair resideert. De goedkoopste botteling in de line-up trouwens. Dit is een profiel waar ik volledig weg van ben. Niet geweldig complex, maar o zo mooi. Ronde, zoete turf en mineralen (heeft echt wel wat weg van Riesling), vergezeld van zoet fruit zoals ananas en rode appels, en planten. Op de smaak komt daar dan nog wat zilt en peper bij. Niet iedereen was hier echter even wild van, hij eindigde voorlaatste in de eindrangschikking. Ik vind het super. 92/100

Na deze Talisker, viel de Ledaig 33y 1973/2006, 48%, The Whisky Fair, bourbon hogshead, 281 bottles mij een beetje tegen, maar dat lag vooral aan z’n gangmaker. Zeer lekkere whisky, daar niet van, maar toch een trapje lager. Weer zo’n twijfelgeval tussen 89 en 90. Had ‘m eerst op 90 staan, maar hij moet het uiteindelijk met een puntje minder stellen. Zachte ronde turf op de neus, net als gerookt vlees, kruiden, eik en een beetje boenwas. Meer fruit op de smaak: sinaas, aardbei. Ook de eik en de turf zijn dominanter. Complexer dan de Talisker, zeker, maar minder mijn ding. 89/100

 

Aangezien de heren gans het budget aan deze zes flessen gespendeerd hadden, mochten we Stijn dankbaar zijn dat hij nog een extraatje bij had, dat dienst kon doen als toetje. Rarara, wat had hij bij? Z’n eigenste Macduff 14y 1997/2012 ‘Freyr’, 50%, Lord of the Drams, sherry, 104 bottles natuurlijk. Een whisky die niet helemaal tot z’n recht kwam na de voorgaande kanonnen. Hij is daarenboven amper half zo oud dan het voorgaande geweld. Het is ook een ander profiel, met de nadruk op zoete granigheid.

 

Uit de einduitslag bleek dat de whisky’s erg dicht bij elkaar lagen, het waren dan ook alle zes toppers. Opzet geslaagd dus. En wat meer is, allemaal nog verkrijgbaar via de shop van TWF. De finale rangschikking voor de groep was:

  1. Royal Lochnagar 1972
  2. Tomatin 1977
  3. Ben Nevis 1966
  4. Ledaig 1973
  5. Talimburg 1986
  6. Inchgower 1974

 

Parker’s Heritage Collection, Golden Anniversary

Deze luxe bourbon werd gebotteld ter ere van Master Distiller Parker Beam’s vijftig jaar in de business en bevat whiskey van elk van de vijf voorbije decennia, van de jaren zestig tot heden dus. Een bourbon van meer dan 150 euro, benieuwd wat dat geeft.

 

Parker’s Heritage Collection, Golden Anniversary, 50%, Heaven Hill 2009
Mmm, dit is toch een beauty. De neus start zoet op kandij, donkere chocolade, honing, pruimencompot en perensiroop. Daarna zetten de granen zich door, net als noten en fruit. Braambessen. Na enige tijd ook duidelijk sinaas. Leder. Eikenhout en een wel heel bijzondere kruidigheid. Selderijzout, anijs. Schoenenwinkel. Complex. En erg lekker. Dezelfde smeuïge zoete tonen op de smaak, vermengd met een prominente kruidigheid. Het zoet doet me denken een chocolade, praliné en kandijsiroop, qua kruiden heb ik kaneel, peper en munt. Mooie, ronde eik. Tabak. Warme appeltaart. Verwarmend, absoluut. Lange, ronde en perfect gebalanceerde afdronk, op kruiden, roze pompelmoes en kandij. De integratie van jong en oud is hier echt wel geslaagd. Ben niet zo’n grote fan van bourbon, maar dit is gewoon schitterende whiskey. 89/100

Crossing the ocean…

…om in de VS uit te komen. Ik proefde zonet twee goedkopere Amerikaanse whiskey’s, een Bourbon en een Rye, beide van Heaven Hill, beide ginds te koop voor een $20, hier zal je misschien iets meer moeten neertellen. De eerste is dus een distillaat van meerdere graansoorten waarvan maïs minstens 51% moet uitmaken, de tweede bevat dan weer minimum 51% rogge.

 

De Old Fitzgerald 12y 90 proof zou meer tarwe bevatten dan andere bourbons en is blijkbaar populair in het Witte Huis, want gekend als ‘The favorite of American Presidents’. Old Fitzgerald werd geïntroduceerd in 1870 en vandaag wordt nog steeds hetzelfde originele mash-recept van John Fitzgerald en Pappy Van Winkle gebruikt. De 90 proof is hier dus 45%, gewoon delen door twee. Niet te verwarren met het Europese proofstelsel.


Old Fitzgerald ‘Very Special’ 12y 90 proof, 45%, Kentucky Straight Bourbon, Heaven Hill 2010
De neus combineert het klassieke kruidige en granige profiel met zoetzuur fruit. Kruisbessen, onrijpe bananen, bosvruchten. Leder. Vanille. Wat noten. En een beetje stof ook. Vrij complex maar erg lekker vind ik dit toch niet. Olieachtig in de mond met een bitterzoete smaak. Granen, kruiden (peper), vanillepudding, zachte karamel, de bosvruchten (ik denk vooral aan bosbessen), wat abrikoos, pruimtabak en een beetje hout. Middellange, verwarmende en eerder droge afdronk. De vanille, de kruiden en het hout blijven hangen. Hier is nog weinig sprake van fruit. Degelijke instap-bourbon, maar ook niet meer dan dat. Dat Crembo de volgende keer eens Belgian Owl meepakt naar het Witte House i.p.v. een kristallen vaas. 75/100
 

De Rittenhouse ‘Bottled-in-bond’ 100 proof Rye Whiskey kreeg in 2006 de prijs van ‘North American Whiskey of the Year’ op het San Francisco World Spirits Competition. Rye whiskey wordt gezien als de meest oorspronkelijke en unieke Amerikaanse whiskey, die er lange tijd ook de belangrijkste was, voor hij overschaduwd werd door bourbon en Schotse en Ierse import.


Rittenhouse 100 proof, 50%, Straight Rye Whiskey, Heaven Hill 2010
Zoete en kruidige neus. Ik denk aan karamel, chocolade, vanille, geroosterde noten, kruiden (peper, gember), granen en wat gedroogd fruit. Wat associaties ja, maar het geheel kan me toch niet echt bekoren. De smaak is vrij straight forward. Erg kruidig en vrij droog. Wat gedroogd fruit, noten en rozijnen, naast de overdosis aan kruiden. De afdronk is lang, maar ook hier erg (tè) kruidig. Heb al betere Rye gedronken. Voor de Sazarac betaal je misschien iets meer, maar die vind ik merkelijk beter. Whiskey of the year!? 74/100

Een super bourbon

De Ezra Brooks 15y 101 proof is één van de (misschien wel dé) beste bourbon die ik al dronk. Het is een botteling van ergens de jaren zeventig en de fles gaat vergezeld van het opschrift ‘Rare Old Sippin’ Whiskey’. Sippin’ Whiskey indeed, echt een whiskey om van te smullen. Let op, de 101° proof is hier niet een dikke 57% maar 50,5% alcohol. Dit is immers American proof, simpelweg het dubbele van wat wij als alcoholpercentage tellen. In Schotland hadden ze een ander ‘proof’-stelsel, 100° proof was de alcoholsterkte waarop men buskruit nog kon doen ontsteken, zijnde 57% (70 proof = 40%, 80 proof = 45,7% enzovoort), met minder dan deze 57% bevatte het mengsel te veel water om het buskruit nog te doen ontbranden.
Ezra Brooks was in de jaren zeventig alles behalve een goedkope bourbon, iets wat het vandaag wel is. Het was integendeel een high-end whiskey, vooral populair bij de beter gegoede college studenten.

 
Ezra Brooks 15y 101 proof, 50.5%, ‘Rare Old Sippin’ Whiskey’, Kentucky Straight Bourbon, 1970’s
Zo goed als geen old bottle effect op de neus, wel een mengeling van de typische bourbongeur en sherry-associaties. Een ander type hout gebruikt voor het rijpen? Toch een bepaald effect van de 30 à 40 jaar op fles? Of gaf hij deze indrukken indertijd ook al? Wie zal het zeggen, en wie maalt er om… dit is in ieder geval een heerlijke neus. Enerzijds heb ik granen, vanillestokjes, vegetale en herbal tonen (broccoli, peterselie, eucalyptus, menthol) en daarna ook kaneel. Maar daar houdt het niet bij op, er zit een lekkere waxyness onder. Oud leder, antiekwas, oude meubels, dat soort zaken. Het geeft het geheel een zachte, romige, smeuïge toets. Gekonfijt en gedroogd fruit ook, net als wat balsamico. Karamel. Subtiele en complexe neus. Stevig op de tong, zoet en kruidig, erg kruidig. Vanille, maar ook zachte karamel, nootmuskaat, kaneel, peper en wat gember. Hout natuurlijk, licht bitter, propolisdruppels. Evoluerend naar bosvruchten. Ik denk aan cassissiroop en braambessen. Lange, droge en kruidige afdronk. Geweldige bourbon. 88/100

Sazerac Straight Rye

Dit label van Buffalo Trace is genaamd naar het Sazerac koffiehuis in New Orleans, alwaar de beroemde, gelijknamige cocktail het levenslicht zag. De Sazerac draagt trouwens de titel van eerste Amerikaanse cocktail. Sazerac Coffee House werd opgekocht door Thomas H. Handy, die deze Sazerac – oorspronkelijk op basis van Cognac – massaal in flessen verkocht. Omdat Cognac alsmaar moeilijker te importeren werd, werd het in het recept vervangen door roggewhisky (rye). Uiteindelijk ging ook deze Thomas H. Handy roggewhisky, eigendom van Buffaolo Trace, de naam van de cocktail dragen.
De Sazerac die ik vandaag proef – sample gekregen van Ben Ellefsen van Master of Malt – heeft geen leeftijdsaanduiding, maar zou een vijftal jaar oud zijn.

 

Sazerac Straight Rye, 45%, OB Buffalo Trace, 2010, 75 cl
De neus bevalt me wel, hij is erg kruidig zoals we gewoon zijn van rye, ik denk aan gember en peper. Maar hij biedt meer dan dat, hij is ook fruitig (gebakken banaan, sinaas) en zoet (vanille en karamel). Gras, munt, kokos… ja, heeft best wat te bieden. I like this. Op de tong is hij krachtig en pittig. Aangenaam bitter, lekker kruidig en zoet. Kruidnagel, kaneel, eucalyptus, citroen, karamel, kandijsiroop, hout (vrij veel, maar stoort niet). Zoete en kruidige afdronk met hout en groene thee. Ik kan niet zeggen dat ik al veel Rye Whiskey gedronken heb, maar dit is toch van het betere spul. 84/100

Goldlys 21y 1989 Sherry Wood

De Goldlys 1989 Sherry Wood die begin dit jaar het licht zag, is een mengeling van graandistillaten die gedurende 21 jaar rijpte op ex-sherryvaten.

 

Goldlys 21y 1989, 46%, OB 2010, sherry wood, 680 bottles
Zachte sherryinvloed op de neus met bitterzoete tonen. Gedroogd fruit (dadels vooral), veel granen (je ruikt de rogge), gesuikerde koffie, misschien wat karamel en een lichte kruidigheid (the herbal kind). De smaak is vrij droog en nogal éénzijdig droog: granen, hout en kruiden, weinig anders om het pallet wat meer in balans te trekken. Misschien een beetje fruit, maar minder dan op de neus. De afdronk is dan weer iets beter (iets meer fruit). ‘Niet slecht’ is hier de perfecte conclusie en dus midden in de ‘niet slecht’ categorie, zijnde de scores in de zeventig. Maar dan ook een stuk verwijderd van de categorie van de echt lekkere whisky’s, de scores in de tachtig. 75/100

Battle of the Stunners


 

Het nieuwe Fulldram seizoen werd dit jaar afgetrapt door Bert Bruyneel, notoir levensgenieter uit Ingooigem. Het beproefde concept dat de naam Battle of the Stunners draagt, vormde een ideale opener voor zowel anciens als nieuwe leden. In vijf categorieën voerden Bert en het Fulldrambestuur een strijd om wie de beste ‘stunner’ meehad. Een stunner – term indertijd door Luc Timmermans gelanceerd – is een bangelijk lekkere whisky die minder dan 50 euro kost. Alle whisky’s werden uiteraard blind geproefd – jawel, er was iemand die een blinddoek bijhad. Hieronder een verslag van een leuke avond – gelardeerd met de nodige hilarische anekdotes – waar het wedstrijdelement ondergeschikt was aan het plezier. Om één of andere reden was het vooral Bert die dit laatste meermaals benadrukte. De uitslag zie je bovenaan – voor alle duidelijkheid, dat leest als Fulldram-Bert en niet omgekeerd. Let op, de winnaar voor de groep was niet altijd mijn winnaar.

 

Categorie 1: super-stunner (minder dan 25 euro)

Goldlys Rye & Malt 1988, 46%, Filliers 2010
Twee graandistillaten, rogge en gerst, 22 jaar samen gerijpt op bourbonvaten. Erg granig met een beetje fruit. Wordt hoe langer hoe zoeter. Veel vanille. Ik was hier niet echt wild van. Bijlange niet het niveau van de Limousin als je het mij vraagt.

Fighting Cock 103 proof, 51.5%, Heaven Hill 2010
Een Bourbon die ik ook bij een vorige proefbeurt niet echt geweldig vond. Zoet, granig, verbrande karamel, leder, iets geroosterd en veel kruiden.

Voor mij twee tegenvallers.
Winnaar: Goldlys, Fulldram. I disagree (lichtjes).

 

Categorie 2: Niet-geturfd, geen vatsterkte

Arran 14y, 46%, OB 2010
Vrij complexe, frisse en fruitige whisky. Redelijk zoet ook, wat hout en een aangename kruidigheid op de smaak.

Amrut 2004/2009, 52%, OB for Crombé, cask 2930, 221 bottles.
Moeilijke whisky. Start wat vreemd, niet gemakkelijk om te associëren. Grassig, floraal, kruiden. Een bijzondere bitterheid.

Winnaar: Arran, Fulldram. I agree.

Hier moet ik ootmoedig toegeven dat ook bij mij de Arran de winnaar was alhoewel ik de Amrut indertijd een hogere score gaf dan onlangs de Arran. Dit toont nogmaals de relativiteit aan van scores. Omstandigheden, line-up, stemming, het speelt allemaal een rol. Maar als ik er mijn oorspronkelijke notes bijhaal, merk ik dat ik ook toen wel wat worstelde met deze Amrut maar er uiteindelijk wel volledig voor viel. Misschien heeft deze Amrut gewoon meer tijd nodig.

 

Categorie 3: Geturfd, geen vatsterkte

Lagavulin 16y, OB 2010
Zachte, zoete, ronde turf met fruit en kruiden erdoorheen. Redelijk complexe, subtiele en mooi gebalanceerde whisky. Herkenbaar Lagavulin 16y.

Laphroaig Quarter Cask, 48%, OB 2009
Medicinaler en meer rook dan de Lagavulin. Meer zilt ook. Kruidigheid van het hout, vooral op de smaak. Voor mij iets ééndimensionaler, minder complex.

Twee erg lekkere whisky’s, maar ik vond de Lagavulin iets beter.
Winnaar: Laphroaig, Fulldram. I disagree.

 

Categorie 4: Niet-geturfd, vatsterkte

Westport (Glenmorangie) 9y 2000/2010, cask 800104, 644 bottles
Lekkere sherry! Zoet (geconfijt en gedroogd fruit) en aangenaam bittter. Koffie, noten, hout… Droog, maar nooit té.

Glenfarclas 105, 60%, OB 2010
Ook dit is lekkere sherry. Meer op kruiden wel. En ook eerder rood fruit. Stevig! De Westport is echter beter, complexer.

Winnaar: Westport, Fulldram. I agree.

 

Categorie 5: Geturfd, vatsterkte

Laphroaig 10y Cask Strenght, 57.8%, OB 2009, Batch 001
Erg rokerig. Medicinaal, houtskool, een beetje fruit, peper. Voor mij teveel rook, te ééntonig.

Bowmore 10y ‘Tempest’, 56.3%, OB 2010, 12.000 bottles
Dit is beter, de rook zit ook hier maar wordt vergezeld van zilt, veel fruit (sinaas vooral), vanille, bloemen… een pak complexer dan de Laphroaig en alles perfect in balans. Deze bespreek ik later deze week meer in detail, flesje staat klaar.

Winnaar: Bowmore, Fulldram. I fully agree.

 

Conclusie: afgedroogd. Nu is het wel zo dat het Fulldrambestuur ondertussen goed weet wat het gemiddelde lid lekker vindt. Bert had daar misschien een lichte handicap. Maar desalniettemin, 5-0… het staat daar wel mooi te blinken bovenaan.

 

Heaven Hill

Vandaag steken we de plas over en belanden we in Kentucky, meer bepaald in de distilleerderij van Heaven Hill. Elijah Craig en Fighting Cock zijn hun bekendste bourbon merken. Ik proef er van elk één.


Elijah Craig 12y, 47%, OB Heaven Hill 2010
Zoete neus op de typische bourbon granigheid en vanille, vergezeld van butterscotch, hout, fruit en een beetje zilt. Aangenaam. Stevig in de mond op granen, hout, veel vanille, kruiden, gedroogd gras, abrikozen en bosbessen. Middellange finish op zoethout en vanille, met een klein beetje rook. Niet geweldig complex, wel lekker. 81/100
 
Fighting Cock 6y 103 proof, 51.5%, OB Heaven Hill 2010
Zoete, granige neus met karamel, vanille, veel kruiden (kaneel is het dominanste, maar ook nootmuskaat), een klein beetje leder, hout en citrus. Wat scherp. Ook de smaak is zoet (ik heb zowel vanille als karamel), met kruiden die mee om de aandacht dingen. Woudvruchten ook. Echt lekker vind ik dit evenwel niet. Middellange, droge en kruidige afdronk. Matige whisky. De Elijah Craig is niet veel duurder maar wel een pak lekkerder. 73/100

Greenore 15y ‘Small batch’

Van de Greenore, een single grain whisky, hebben we al twee batchen van de 8y gehad, tijd dat ik ook eens de 15y proef.

 
Greenore 15y ‘Small batch’, 43%, OB 2009, single grain
Frisse neus op fruit en zoets. Ik denk aan meloenen, kruisbessen en vanille. Eucalyptus ook, en granen. Licht etherisch. Wordt hoe langer hoe zoeter. Suikerspin. De smaak is redelijk droog op hout en kruiden. Gember, zoethout. Wat fruit (sinaas), vanille en graan erdoorheen. Bitterzoete afdronk, niet al te lang. Hij mist een beetje punch maar ik kan ‘m best wel appreciëren. Bert Bruyneel is behoorlijk zot van dit profiel, ik toch iets minder. 80/100

Twee Amerikanen

Vandaag maak ik tijd voor twee whiskeys van Buffalo Trace, een Rye en een Grain.

 
Thomas H. Handy Sazerac, Straight Rye Whiskey, 127.5 proof (63.8%), OB Buffalo Trace 2008, 3rd release, 75cl
Volgens mij is dit de eerste Rye whiskey die ik bespreek. Rye whiskey is gemaakt van minimum 51% rogge. Het hoge alcoholpercentage maakt dat je ‘m even tijd moet geven. Dan komen er in de neus kruiden (peper, veel peper), granen, sinaas en iets zoets door. Karamel. Deze whiskey is zeer levendig op de tong, prikkelend. Zonder water geeft hij noten, kruiden en hout. Met water komt het zoete bovendrijven, de kruidigheid blijft evenwel dominant. Kaneel, peper, kruidnagel, een hele kruidenwinkel eigenlijk. De afdronk is middellang, kruidig en aangenaam bitter. Meer dan leuke kennismaking met Rye whiskey, maar kan wel wat water gebruiken. 81/100
 
George T. Stagg ‘Hazmat II’, 141.2 proof (70.6%), OB Buffalo Trace 2005
De onversneden neus laat tussen de alcohol door al heel wat vrij: koffie, vanille en bittere siroop. Met wat water ook noten, hout en leder. Niet overdadig complex, wel aangenaam. Proeven nu (en veel speeksel maken). Ja, ook hier is ie best toegankelijk. Hij vult wel meteen je mond (alsof je gehemelte uitroept “what the f#!&ck?”). Donkere chocolade, koffie, tabak, peper (niet abnormaal op dit alcoholpercentage). Wat water toevoegen brengt vanille en kruiden naar boven. Vrij lange afdronk, maar wat te bitter, droogt snel uit. Minder dan de Hazmat IV, maar nog altijd damn good whiskey. A beast of bourbon! 83/100

Twee Ieren

Vandaag maak ik tijd voor twee scherp geprijsde Ierse producten, de Tyrconell zonder leeftijdsindicatie (25 euro) en de Greenore 8y small batch (35 euro), een grain whiskey. Vooral die laatste vind ik best koopwaardig.

 
Tyrconnell NAS, 40%, OB 2009
Granig en floraal op de neus. Muesli, kamille, gras, bierbeslag, maar ook citrus en vanille. Licht mineralig. Nat mos? Mmm, nat karton ook wel. Niet echt boeiend te noemen. De granen, het grassige en het mineralige zitten ook in de zachte, ietwat droge smaak. Hop en een beetje kruiden maken het… nu ja, af. Korte, weinig uitgesproken finish. Saai is het woord. 69/100
 
Greenore 8y ‘Small Batch’, 40%, OB 2009
De neus is fris en fruitig. Wat zoet (karamel). Zoet fruit à la ananas, banaan en meloen. Ook wat fruit op de tong, naast amandel en marsepein. Beetje kruiden. Ja, best lekker. Geen al te lange, maar wel zachte sappig-fruitige finish. Zachte, zoete, aangenaam drinkende kaarterswhisky. Merkelijk beter dan de vorige batchen. 81/100

Goldlys 1994 ‘Limousin Cask’

Vrijdagavond ben ik effe bij Bert Bruyneel gepasseerd. Nu ja, ‘effe’… na wat Bert me in de kraag goot, zou huiswaards rijden wel héél onverantwoord zijn geweest, dat ‘effe’ werd dus al gauw een etmaal. We proefden veel en vooral fantastisch spul, Bert toonde zich een geweldige gastheer moet ik zeggen. Ik kom hier volgende week zeker nog op terug, maar eerst wil ik even tijd maken voor de Goldlys 1994 Limousin Cask, een whisky waar Bert op z’n dagboek al de loftrompet over heeft gestoken. Eigenlijk zou ik deze post de titel ‘Bert Bruyneel heeft weer gelijk’ moeten geven, naar analogie met mijn bevindingen van de Benriach 1976 for LMDW, maar ik zou niet willen dat hij naast z’n schoenen gaat lopen. In ieder geval, ik was stevig onder de indruk van deze Belgische whisky. Zeker gezien de reputatie en mijn eigen ervaring met Goldlys, was ik behoorlijk sceptisch voordat ik proefde, maar ik kon m’n verbazing moeilijk maskeren vrees ik, dit is wreed lekker spul man! Echt waar, je houdt het niet voor mogelijk, de inhoud stemt gevoelsmatig niet overéén met het label. Ik heb trouwens met m’n eigen ogen gezien dat Bert de fles opende, hij heeft niks anders in een lege Goldlysfles gekapt (en ja, ik was toen nog bloednuchter, het was amper nummert zes in de line-up).
Om toch in alle objectiviteit te oordelen (voor zo ver dat mogelijk is natuurlijk, het blijft in sé een heel subjectieve bezigheid), vroeg ik of ik een sampletje meer naar huis mocht nemen en nu proef ik ‘m dus nog eens op m’n gemak en los van enige situationele beïnvloeding (ja, ’t was gezellig bij Bert).

 
Goldlys 1994/2009, ‘Limousin Cask’, 55% OB, Filliers, 440 bottles – België
De neus is zalig zoet en fruitig. Ik heb vanille, kandijsuiker, crème brûlée, onrijpe banaan (nog wat groen, maar al wel eetbaar), geconfijt fruit, antiekwas, een fruitgaard in bloei, een beetje hout… erg complex. De smaak is romig en mondvullend, op kruisbessen, meloen, kiwi, vanille, hout, nootmuskaat, peper, gesuikerde lindethee en ook hier een zalig waxy toefje. Wat drogend naar het einde. Lange, droge afdronk op fruit, hout en kruiden. Ja wadde, dit scoort achteraan in de tachtig verdorie. Een Goldlys! Een geweldig lekkere, complexe en mooi gebalanceerde Goldlys dus. En neen, er zit geen fout in deze zin, sinds heden kunnen ‘Goldlys’, ‘lekker’, ‘complex’ en ‘geweldig’ perfect in één zin samengaan.

We hebben er vrijdag de Amrut for Crombé naast gezet, om een eikpunt te hebben. Ik gaf deze laatste 89 punten. Het zijn verschillende profielen maar qua beoordeling komt de Goldlys héél dicht in de buurt, is op de neus misschien een tikkeltje minder complex, maar het scheelt niet veel. Een product om als Belg verdomd trots op te zijn. En dit voor een schamele 30 euro… spread the word! 88/100

Straffe whisky

George T. Stagg is een bourbon whiskey uit Buffalo Trace’s Antique Collection. Elk jaar wordt er een botteling op de markt gebracht, een 15-tal jaar gerijpt, altijd op hoge sterkte. Zéér hoge sterkte.

 
George T. Stagg ‘Hazmat IV’ 144.8 proof, 72.4%, OB 2007 – USA – 85/100
Even de alcohol laten waaien… Neus is vrij toegankelijk en geeft karamel, sinaas, tabak, koffie… lekker! Karamel ook in de volle, romige smaak, naast chocolade, en nougat? Verdacht drinkbaar op dit astronomisch alcoholpercentage. Zelfs vergeten water bij te doen…

Twee single grains

Greenore 8y 1997 Single Grain, 40%, Cooley, OB 2006, 5000 bottles – 74/100
Greenore is een single grain whisky van de Cooley distilleerderij. Deze 8 jarige heeft een zoete neus, met karamel, graan, hout, citroen, bloemen en… velpon. Die velpon ben ik nog ergens tegengekomen. Ja, bij de Redbreast 15y, een blend die ik 82 punten heb gegeven. Het hoeft dus niet echt een minpunt te zijn die velpon. Smaak: hout, graan, honing, lichtjes bitter. Korte droge afdronk. Heb al betere maar zeker ook al slechtere grains gedronken.
 
Cameronbridge 29y 1978/2008 Single Grain, 57%, Duncan Taylor, cask D5211, 266 bottles – 81/100
Wat je van een graanwhisky kan verwachten, maar dan lekkerder. Typische granige neus met ook vanille, koffie en amandel. Ook noten en vanille in de smaak. Ook redelijk wat fruit. Kokos. Afdronk op noten en vanille. Heel aangename en vooral vlot drinkende grain.

Staaltjes – The Sequel

Gisteren concertje van Giant Sand in het Depot meegepikt. Was weerom een erg sterk optreden en den How, tja, die was weer volledig zichzelf. Toch heeft hij een aantal nummers redelijk coherent uitgespeeld, durft soms wel eens anders te zijn. De set bevatte logischerwijze een aantal nummers uit het nieuwe album proVISIONS, sommige zeer intimistisch, andere dan weer gedreven beukend. Rap aanschaffen die proVISIONS is de boodschap.

Bon, hieronder het vervolg van mijn sample-flesjes-recuparatie-actie.
 
Auchroisk 18y 1989, 59.4%, Blackadder Raw Cask, sherry but, bottled 2007 – Speyside – 65/100
Wrang, bitter, alcoholisch. Met water granen, ziltig en zoet. Saai, valt weinig te beleven. Tegenvaller die eerste Auchroisk.
 
North British 19y Single Grain, 60.8%, 190 bottles – Speyside – 80/100
Veel graan (euh ja, niet onlogisch), maar nooit overheersend. Voldoende fruit en zoet ter compensatie, mooie balans.
 
St. Magdalene 1965/1993, 40%, G&M Connoisseurs Choice – Lowland – 91/100
Geweldig lekkere, zachte en complexe neus. Veel fruit. Tropisch fruit. Meloen en zo. Perzik. Zoet (honing), lichte rook ook. Ronduit schitterend! Zou hoog in de negentig scoren, ware het niet dat hij enkele punten verliest op de smaak. Ook die is superzacht (waar is de alcohol?) en superfruitig (fruitsla), maar is vrij snel weg, mist wat body. Nu ja, ik dronk hem na twee cask strengths. Eigenlijk verdient hij een herkansing, spijtig genoeg is het flesje leeg. Maar welke score dan? 90? Mmm… 91? Yep 91!

(Single) Grain Whisky

Grain whisky is whisky gedistilleerd uit verschillende graansoorten, zowel gemoute gerst als andere (ongemoute) granen. Single Grain whisky is dan whisky van verschillende graansoorten, maar van één en dezelfde distilleerderij.
Het grootste deel van de Schotse graanwhisky wordt verwerkt in blended whisky’s. Blended whisky is een mengeling van malt whisky en grain whisky.

Graanwhisky’s zijn over het algemeen lichter, maar scherper van smaak. De gebruikte graan is vaak tarwe, waar vroeger eerder mais werd gebruikt.
Momenteel zijn er in Schotland nog maar enkele actieve Grain distilleerderijen actief, vooral in de Lowlands.

Hieronder twee oude single grain whisky’s.
 
Invergordon 41y 1965/2007, 50.4%, Duncan Taylor, cask 15512, 244 bottles – Highland – 76/100
Deze heeft een frisse neus met granen, hout en citrus (sinaas, mandarijn). Ook wat zoet. Vanille, karamel. Doet me aan één of ander koekje denken, maar kom er niet op. Zachte zoete smaak. Ook hier iets van karamel. Marsepein ook. Niet slecht.
 
North of Scotland 33y 1972/2006, 56.7%, Dewar Rattray, cask 25772, 172 bottles – Lowland – 83/100
Distilleerderij North of Scotland bevindt zich op 30 km van Glasgow, in de Lowlands… niet echt ‘North’ dus. Gesticht in 1958 voor de productie van single malt, maar vrij snel overgeschakeld op het distilleren van grain whisky. Gesloten in 1980, na amper 2 decennia activiteit.
Zesde whisky op de DR tasting in Tasttoe op 13 september 2007. Schitterende zoete neus! Vanille, karamel, zoethout… Appels. Speculaas. Yep, duidelijk speculaas (kruiden). Ook in de smaak, naast de vanille en appelsien. Lange zoete afdronk met de alomtegenwoordige speculaas. Speciaal en erg lekker.