Spring naar inhoud

Posts tagged ‘Islay’

Caol Ila 17y 1995, The Auld Alliance

De tweede whisky in het rijtje van drie Auld Alliance bottelingen is een Caol Ila 1995. De Ardmore 1992 volgt spoedig.

 

Caol Ila 17 YO 1995/2013, 51.1%, The Auld Alliance, selection 002Caol Ila 17y 1995/2013, 51.1%, The Auld Alliance, selection 002, bourbon hogshead, 70 bottles
Cleane en medicinale geur. Vrij complex ook. Ik heb fruit zoals kruisbessen, appels en citroen, zoete zaken zoals vanille en kandijsuiker, zilt en zeewier. En echt wel mooie medicinale rook. De zee brengt jodium met zich mee. Ik ruik ook wat natte aarde, samen met een lichte mineraliteit. Bestek? Soit, het draagt bij tot de complexiteit. Ook op de smaak leidt de zoete en medicinale turf ten dans. Het mondgevoel is olieachtig. Naaste de turf (die licht assig is) hebben we zilt, marsepein (amandelen), honing, citroen, pompelmoes, kruiden zoals zoethout en nootmuskaat, een beetje eik en opnieuw de aarde. Naar het einde toe wordt het beetje scherp, maar dat kan ik wel hebben. Lange cleane afdronk, op zilt, citrus en turfrook. Krachtige whisky, en een stuk medicinaler dan we gewoon zijn van Caol Ila. Doet eerder denken aan Laphroaig. Maar dat heb nog al gehad bij Caol Ila 1995. 87/100

Brodir

Als ik Brodir schrijf, weet iedereen genoeg neem ik aan, ik hoef daar geen ‘Laphroaig’ voor te zetten. De Brodir heeft op korte tijd een stevige status gekregen, omdat hij – naar het schijnt – zo geweldig is en vooral omdat hij enkel verkrijgbaar was via Viking Line (ferrymaatschappij die opereert op de Baltische zee). Je betaalde op hun boten net geen 100 euro voor een fles, nu makkelijk het dubbele op veilingen. Er zijn echter genoeg Scandinaviërs die zo altruïstisch zijn hun Brodir(s) te koop aan te bieden, je vindt makkelijk een flesje.

 

Laphroaig 13 YO 'Brodir', 50.5%, OB 2012 for Viking LineLaphroaig 13y ‘Brodir’, 50.5%, OB 2012 for Viking Line, 2000 bottles
Het goede nieuws is dat de neus het soort turf tentoonspreidt dat ik bijzonder kan appreciëren. Geen assige turf, geen scherpe turf, wel zoete, romige turf. Ik heb veel vanille en honing. En florale elementen zoals gedroogde bloemen en hooi. Ook de zee laat zich gelden, in de vorm van zilt en gerookte vis. En nog iets wat toch altijd een plus is, de geur is behoorlijk fruitig. De schil van groene appels (licht, maar mooi zurig), mandarijn, perziken op siroop, ananas uit blik… man, dit is heerlijk. En complex. Het mondgevoel is romig en dik. Het fruit wil van geen wijken weten (meer citrus nu, maar ook ananas, perzik, banaan, mandarijn…), de turf is rond en heeft niets scherps. Het florale blijft aanwezig, net als het zilte. Kruiden komen er bij, kruiden zoals peper en kaneel. Vanille en kandijsuiker zorgen voor het zoete karakter. De whisky vlijt zich neer op de tong, het geheel is erg elegant en delicaat. Atypisch eigenlijk. Ik vind het geweldig. Lange, complexe afdronk. Het fruit, de kruiden en de turf hand in hand. Jonge Laphroaig, ik ben niet altijd fan, maar dit is super. Maar dan ook écht super. 92/100

Bowmore 11y 2001, The Whiskyman

Vandaag een Bowmore 2001 die The Whiskyman eind vorig jaar bottelde voor drie whiskyshops: QV.ID, Whiskysite.nl en Single Malt Whisky Shop. Nog te koop aan 65 euro.

 

Bowmore 11 YO 2001/2012, 50.6%, The WhiskymanBowmore 11y 2001/2012, 50.6%, The Whiskyman, 240 bottles
De neus laat zich samenvatten als rokerig, granig en zilt. Deze drie geuren zijn mooi verweven met elkaar en domineren het geheel. Boter, neigend naar boterkoekjes. Petit Beurre. Ook motorolie laat zich ruiken, net als teer. En binnenbanden. En leder. De geur wordt hoe langer hoe zoeter. Bananen, de schil van appels en appelsienen qua fruit, vergezeld van zoethout en kandijsuiker. Rond romig mondgevoel. Minder granen dan in de geur, wel veel turfrook, zilt en zoete associaties. Zoete associaties zoals daar zijn: zoethout, appelsienen, gezoete pompelmoes en gekonfijte gember. Bij het zilte moet ik denken aan gerookte vis. Heilbot bijvoorbeeld. Vrij lange afdronk, op hetzelfde patroon als dat van de smaak. Zilt, rokerig en zoet dus. Jonge Bowmore, het blijft een succesverhaal. Benieuwd naar dezelfde vintages na een tiental jaar extra rijping (meer fruit, getemperde turf en zilt), dat moeten kanonnen worden. 88/100

Bowmore 24y 1974, First Cask

Bowmore van een niet alledaagse vintage deze keer. 1974. Op de overgang tussen de sublieme whisky’s van de jaren zestig en vaak ook nog begin jaren zeventig en de mindere goden van eind jaren zeventig en (vooral) jaren tachtig.

 

Bowmore 24 YO 1974, 46%, First Cask, cask 2109Bowmore 24y 1974, 46%, First Cask +/- 1998, cask 2109
Een whisky waar ik lang op heb zitten wroeten. Hij heeft fantastische kanten maar ook kanten die me minder aanstaan. Enerzijds heeft hij tropisch fruit (zoals passievrucht, mango, meloen en pompelmoes), maar anderzijds ruik ik ook inkt en karton. Deze laatste associaties verdwijnen wel na enige tijd, om na terug te grijpen naar deze whisky opnieuw aan de oppervlakte te komen drijven. Bizar. Maar wat ruik ik nog? Om te beginnen zilt en zeewier. We zijn aan zee. Turf natuurlijk ook, maar die is zacht en zoetzuur. Nat hooi. Honing en zoethout vallen ook nog op. Op de smaak valt eerst het fruit op, en dat is een goede zaak. Pompelmoes, mandarijn, citroen en ananas. Dat fruit wordt gevolgd door honing, zoute drop en teer. Hars en zachte eik geven structuur. Zoete turf. Daarna wordt het droger. Kruiden, eik, maar ook karton. Een heel klein beetje karton, maar toch. Droog karton, wat beter is dan nat karton. Licht medicinaal. De afdronk is minder lang dan verwacht, de whisky valt vrij snel weg. Zilt, rook en kruiden, niet veel fruit meer. Was het niet van dat karton en die inkt, het was een topper. Moeilijk te scoren dus, laat het me houden op 87/100

Port Charlotte 11y 2001, Malts of Scotland

De Longmorn 1976 van Malts of Scotland wordt vergezeld van een Port Charlotte 2001, gerijpt op een Riojavat. White Rioja neem ik aan. Ik ben echt wel fan van Port Charlotte, over het algemeen prefereer ik Port Charlotte boven jonge Laphroaig of Ardbeg. Samen met jonge Bowmore zowat het boeiendste wat ze tegenwoordig op Islay produceren. Niet goedkoop echter, 109 euro is gewoon duur voor single malt van deze leeftijd.

 

Port Charlotte 11 YO 2001/2013, 57.5%, Malts of Scotland, Rioja Hogshead #MoS13027Port Charlotte 11y 2001/2013, 57.5%, Malts of Scotland, Rioja Hogshead #MoS13027, 358 bottles
Zoet en zilt profiel op de neus. Een hammetje gebraden boven een houtvuur op het strand. Met een honingsausje. Ik krijg er honger van verdorie. Ook gerookte heilbot stimuleert de honger. Het geheel wordt hoe langer hoe zilter. Kappertjes. Gezouten boter. Natuurlijk is dit ook erg rokerig. Turfrook, rook van een haardvuur. De wijn maakt het zoet. Honing heb ik al vermeld, naast de geur van citroensnoepjes. Ik ruik ook een beetje schoensmeer en kaarsvet. Op de smaak wordt dit patroon van zoet, zilt en rokerig verder gezet. Met de (turf)rook nog wat meer op het voorplan. De gerookte vis doet verder z’n ding, vergezeld van best wat citrusfruit. Minder citroen hier, wel appelsienen en mandarijnen. Vanillefudge. Met water (nog) zoeter en (nog) rokerig. Ondanks de 57,5% is water niet noodzakelijk. Erg lange afdronk, perfect in lijn met de smaak. Zilt, rokerig en zoet dus. Toch weer erg lekker hoor. Het zijn extreme smaken, oké, maar het is allemaal wel zeer mooi verweven en geïntegreerd. 89/100

Bowmore 17y 1994, Signatory for The Nectar

Signatory heeft een hele reeks zustervaten Bowmore 1994 gebotteld, allemaal in 2010 en 2011. Eén daarvan werd geselecteerd tijdens een masterclass en gebotteld voor The Nectar.

 

Bowmore 17 YO 1994/2011, 48.8%, Signatory for The Nectar, cask 570Bowmore 17y 1994/2011, 48.8%, Signatory for The Nectar, cask 570, 227 bottles
De geur wordt gedomineerd door zoete en medicinale turfrook. Jodium, turf, honing en kandij. Deze elementen worden gevolgd door fruit. Maar niet veel. Een beetje ananas, kruisbessen en appel. Wat nog? Wel, eik sowieso. Kaarvet ook. En kruiden zoals zoethout en munt. Een beetje springerig wel, niet helemaal geïntegreerd en rond. Zacht en romig in de mond (laag alcoholpercentage gezien de relatief jonge leeftijd). De turf domineert, de kruiden (peper, gember, zoethout) staan hun mannetje, het fruit (citrus nu) laat zich wat wegdrukken. Zilt vult aan (zoute drop) en kandijsuiker en appelsiroop maken het zoet. Rubber (binnenband van een fiets), wat ik hier een beetje storend vind. Lange afdronk (wat eigenlijk normaal is, ik ken weinig geturfde whisky’s met een korte afdronk, turf heeft nu éénmaal de eigenschap lang te blijven hangen), licht bitter. Zeker niet slecht maar de rubber op de smaak doet ‘m geen goed. 84/100

Bowmore 16y 1972, Prestonfield

Vandaag een Bowmore van het veelbelovende jaar 1972, gebotteld door Signatory onder z’n Prestonfieldlabel. Reken op 400/500 euro op veilingen. Ik doe het met 2 cl.

 

Bowmore 16 YO 1972/1988, 43%, Signatory, Prestonfield, sherry wood, casks 1036-1039Bowmore 16y 1972/1988, 43%, Signatory, Prestonfield, sherry wood, casks 1036-1039
Expressieve geur met een leuk farmy kantje. De turf is dus zuurzoet en wordt vergezeld van tonen van nat hooi. Braambessen, pompelmoes en granaatappel brengen fruit aan, kaneel en zoethout kruiden, praliné en zachte karamel zorgen voor het zoets. Op de smaak is dit een vrij simpele whisky, maar wel lekker. Zachte, zoete sherry voert de boventoon. De belangrijkste associaties zijn voor mij appelsienen, gele rozijnen, chocolade, natte bladeren en mos, lichte rook, eik en peper. Zacht en romig mondgevoel. Niet erg lange afdronk. Iets te simpel en niet vol genoeg om negentig te scoren. En dus ook te duur voor wat hij te bieden heeft. 88/100

Caol Ila 18y 1995, Chester Whisky

Nog een Chester whisky uit de laatste batch die ik bijna vergeten was. Een Caol Ila 1995. Kost net geen tachtig euro.

 

Caol Ila 18 YO 1995/2013, 53.8%, Chester Whisky, bourbon hogsheadCaol Ila 18y 1995/2013, 53.8%, Chester Whisky, bourbon hogshead, 175 bottles
Zoete en aardse geur. Honing vermengd met natte aarde. Of zoiets. Die natte aarde brengt een stevige mineraliteit met zich mee. Gepoetst zilverwerk. Lijnzaadolie. Turf is er natuurlijk ook. Licht assige turf met een medicinaal kantje. Atypisch Caol Ila. Wat amandelen en lichte zilt. Langzaamaan komt er ook fruit door, wit fruit zoals peren en appels (appelsap). Behoorlijk complexe neus. Het mondgevoel is olieachtig, de smaak erg zoet (honing, marsepein) en meteen ook erg assig. Een beetje té assig voor mij. Meer zilt ook dan in de geur. Qua fruit minder de boomgaard, eerder citrus. Witte pompelmoes (met kristalsuiker). Gerookte vis (heilbot) legt nog wat extra nadruk op het zoute karakter. De aarde van de neus en lichte kruiden zoals gember en zoethout vullen aan, maar vooral de assen en het zilt roepen om de aandacht. Lange, zoete, zilte en rokerige afdronk. Een whisky die me meer aan jonge Laphroaig dan aan Caol Ila op middelbare leeftijd doet denken. Soit, aangename neus maar naar mijn smaak te veel assen op de tong. 83/100

Bunnahabhain 40y 1973, Archives

De nieuwe Archives bottelingen dragen een nieuw en wat mij betreft zeer geslaagd label. Onder de naam The Fishes of Samoa staat op elke botteling een afbeelding van een vis uit een historisch-wetenschappelijke publicatie. Naast onderstaande Bunnabahabhain 1973, zit er ook een Tormore 1984 en een niet nader genoemde Speysider bij.
Archives Whiskybase 2013
Maar dus eerst de Bunnahabhain, een botteling waar ik me wat vragen bij stelde. Het gaat om 156 flessen, wat wil zeggen dat – vermits het een butt is – de rest van het vat nog ergens anders zal opduiken, of reeds opgedoken is. Zoeken op vatnumer bracht me bij Malts of Scotland, die whisky uit dit vat twee jaar geleden op 50.6% bottelde, 0.4% minder dan deze Archives. Twee jaar ouder en een hoger alcoholpercentage, dat is bizar. Nee, dat is onmogelijk. Ofwel zou er een fout in het vatnummer zijn, ofwel zou deze Archives eigenlijk al twee jaar geleden gebotteld zijn en was dit dus zogenaamde unlabeled stock. Weet dat een bottelaar maximum 0.2% van het feitelijke alcoholpercentage mag afwijken, wat wil zeggen dat deze whisky (net als de MoS) eigenlijk 50.4% alcohol zou bevatten. En dan is dit geen 40 maar 38 jaar oude whisky met twee jaar flessenrijping. Mmm, plezant, zo’n raadsel.
Ik ben dan toch maar even bij de jongens van Whiskybase te rade gegaan. Zij bevestigen mij, na consultatie van hun broker, dat deze whisky onlangs pas gebotteld is en dat het vatnummer klopt. Het gaat hier zeker om een ander vat dan dat van MoS, wat wil zeggen dat er in het verleden dus een foutje is gemaakt. Tot zo ver dit mysterie.

 

Bunnahabhain 40 YO 1973/2013, 50.6%, Archives, Whiskybase, butt #3463Bunnahabhain 40y 1973/2013, 50.6%, Archives ‘The Fishes of Samoa, Whiskybase, butt #3463, 156 bottles
Hola, wat een zalige neus. Fruitig, zoet en waxy. Rijpe bananen, mango, papaja, perziken en een beetje ananas. Pruimen ook, en gele rozijnen. Gevolgd door warme bijenwas, geboende antieke meubels. Iets floraals. Snijbloemen. En een aantal zoete elementen zoals honing en vanille. Een lichte mineraliteit op de achtergrond. Natte stenen, nat gras en nat mos. In de verte zachte rook. Geen turf, wel rook van het hout. Zacht en zoet op de tong met bananen à volonté. Geflambeerde bananen. Njummie! Meer fruit in de vorm van ananas, papaja en appelsienen. Dadels ook. Daarna de alomtegenwoordige bijenwas en kruiden. Eik en geroosterde noten zorgen voor de nodige body. Een mooie, lichte bitterheid. Lange, mooi droge afdronk op bananen (maar dan minder rijp, het is wat droger hier), kruiden, eik en naar het einde toe een zoetere terugslag. Geweldige Bunna. En zoals je merkt, scoor ik deze hoger dan de Malts of Scotland, hij is gewoon beter. Ik was me al aan het afvragen of in die twee jaar mijn smaak veranderd is (kan perfect), of dat twee jaar flessenrijping een gunstig effect op deze whisky heeft gehad. Dat laatste zou niet voor het eerst zijn. Let er maar eens op, een whisky die je enkele jaren laat liggen alvorens open te doen, is vaak (nog) beter. Dat is geen old bottle effect, gewoon de rijping die zich nog even verder zet (vertraagd natuurlijk, want glas heeft geen invloed op whisky). En dat zonder de whisky droger te maken (geen eik meer om mee te interageren). De verandering in whisky wordt niet abrupt gestopt na botteling, het vertraagt langzaamaan. Ik heb daar geen wetenschappelijke verklaring voor, ik merk het gewoon op. Maar al deze theorieën kunnen naar de prullenmand, het gaat simpelweg om een ander vat. Ook de meest logische verklaring. 91/100

Laphroaig 16y 1996, Malts of Scotland

Vandaag een mooie Laphroaig uit de recentste batch van Malts of Scotland. Kost je 110 euro.

 

Laphroaig 16 YO 1996/2013, 56.2%, Malts of Scotland, bourbon hogshead #MoS13028Laphroaig 16y 1996/2013, 56.2%, Malts of Scotland, bourbon hogshead #MoS13028, 213 bottles
De neus laat zich kennen als zilte en zoete turf met een medicinaal kantje. De turf is helemaal niet dominant of assig, het gaat hier om balans. Wat ik alleen maar kan toejuichen. Voor het zoete karakter zorgen vanille en zachte karamel, butterscotch. Maar ook marsepein en zoet fruit. Fruit zoals pruimen, perziken en rode sappige appels. Zilt dus ook, samen met zeewier en jodium. En wat nat hooi, altijd een meerwaarde. Na verloop van tijd ruik ik zelfs wat tropisch fruit. Ananas en papaja. Nice! Zoals wel vaker is de turf(rook) grootser op de smaak. Het zilt en de jodium zijn evenzeer aanwezig, het fruit wordt iets meer naar de achtergrond gedrukt maar wijkt nooit. Appels en citrus. De kruiden komen meer naar voor. Het geheel blijft zoet (vanille, zachte karamel, chocolade). Lange, rokerige en zilte afdronk met altijd een beetje citrus. Zoete en zilte Laphroaig, die alle sensaties mooi gebalanceerd weergeeft. 88/100

Bunnahabhain ‘Mòine’ 5y 2006, Archives Anniversary Release

Ik heb even gewacht met mijn bevindingen van deze whisky te publiceren. Ik vind ‘m dan ook niet echt geweldig. Het betreft een wel erg jonge Bunnahabhain, amper 5 jaar oud. Hij draagt de naam ‘Mòine’, Gaelic voor turf en dus het geturfde product van de distilleerderij.

 

Bunnahabhain 'Mòine' 5 YO 2006/2012, 61.1%, Archives, Whiskybase, Anniversary Release, Bourbon hogshead #800041Bunnahabhain ‘Mòine’ 5y 2006/2012, 61.1%, Archives, Whiskybase Anniversary Release, Bourbon hogshead #800041, 264 bottles
De neus is erg zoet op bubblegum en fruitsnoepjes. Jong dus. Veel granen en gist ook. Nog redelijk ‘new make’ (nog niet gerijpt distillaat). Rokerig natuurlijk, maar niet te assig. Smeulende houtskool. Grassig is het ook, net als ‘notig’. Okkernoten. Fruit zegt u? Amper, in de verte misschien wat citroen. Erg zoete smaak. Naast het granig en zilt karakter. Hier krijg je kruiden als extra. Zoethout en peper. Gist opnieuw. Ah, en nu ook fruit. Aardbeien(snoepjes) en peren. Een stevige portie assen. Lange, zoete en rokerige finish. Dit hadden ze echt nog langer moeten laten rijpen, dit is nog veel te veel new make. Meer educatief dan genietbaar. 60/100

Port Charlotte 10y 2001, Malts of Scotland

De oude Port Charlotte distilleerderij, ook gekend als Lochindaal, was actief tussen 1829 en 1929. De gebouwen zijn nooit afgebroken en worden nu o.a. door Bruichladdich gebruikt om een deel van hun ‘Port Charlotte’ whisky te laten rijpen. Bruichladdich produceert immers vanaf 2001 sterk geturfde whisky, die dan onder de Port Charlotte of Octomore vlag wordt gebotteld.
Vandaag een PC die vorig jaar gebotteld werd voor het Islay whisky dinner van Malts of Scotland.

 

Port Charlotte 10 YO 2001/2012, 63.3%, Malts of Scotland, Islay Whisky dinner, sherry hogshead #MoS12039Port Charlotte 10y 2001/2012, 63.3%, Malts of Scotland for the Islay Whisky dinner, sherry hogshead #MoS12039, 302 bottles
Frisse en prikkelende neus, eerst kruidig, dan zoet. Het zijn munt, eucalyptus, kaneel en zilt die voor het prikkelende karakter zorgen. Daarachter treft ik chocolade en karamel aan, net als perensiroop en appelsienen(confituur). Oud leder. Sappige eik. En natuurlijk ontbreekt ook de stevige, zoete turf niet. Zoet turf die wat farmy tonen met zich meebrengt. Mooie balans tussen bitter en zoet. Op 63% is dit een stevig beestje, maar toch is het mondgevoel romig en (redelijk) zacht. Daar zorgt de zoete sherry voor: chocolade, karamel, siroop, rozijnen, mokka. Gekonfijte gember en zilt zorgen voor de nodige pit. Ook de sappige eik doet dat. Turf en barbecuetoestanden (gerookt vlees, smeulende houtskool) zorgen voor een lekkere rokerigheid. Erg lange afdronk, dankzij de turf, het zilt en het alcoholpercentage. Eén van die heerlijke Port Charlottes op sherryvat. 88/100

Bunnahabhain 22y 1991, Chester Whisky

Tijd voor een betere Bunnahabhain. Een veel betere. Chester Whisky Company heeft ook een 1991 gebotteld. Niet geturfd. Wel heerlijk fruitig.

 

Bunnahabhain 22 YO 1991/2013, 48.3%, Chester WhiskyBunnahabhain 22y 1991/2013, 48.3%, Chester Whisky, bourbon hogshead, 153 bottles
Yep, dit is veel meer spek naar mijn bek. Fris, grassig en fruitig. In het fruitcompartiment vallen er meloenen, perziken en appels te noteren. Voor het grassige karakter zorgt pas afgereden gras. Nog wat nat (licht mineralig). Vanille en honing zorgen voor de zoete toets. Zeer aangename neus. De smaak is al even fris. Prikkelend en levendig mondgevoel. Fruitig vooral. De meloenen en de perziken keren weer, en worden hier vergezeld van mandarijn en pompelmoes. Pompelmoes met kristalsuiker (bitterzoet). Vanille ook. Kruiden zoals zoethout (kauwend op een kalissestok) en nootmuskaat. Groene thee. Een heel subtiele rokerigheid, sluimerend op de achtergrond. Een rokerigheid die enkel van het hout kan komen en in de verste verte niets te maken heeft met geturfde Bunnahabhain. Zeer goed. Verse eik, perfect in balans met de fruitige elementen. Middellange, frisse, mooi bittere afdronk. Knappe Bunna, clean en fris profiel. 87/100

Bunnahabhain 16y 1997, Chester Whisky

Ook Chester Whisky Company brengt in snel tempo nieuwe bottelingen op de markt. We hebben nog maar net kennis gemaakt met Chester, en hier is de volgende batch al. In deze batch zitten onder andere twee Bunnahabhains, een 1991 en een geturfde 1997. Ik begin met de jongste, die eigenlijk een ‘Moine’ is. Bunnahabhain bottelt z’n geturfde whisky immers onder de naam ‘Moine’, wat turf betekent in het Gaelic.

 

Bunnahabhain 16 YO  1997/2013, 57.1%, Chester WhiskyBunnahabhain 16y 1997/2013, 57.1%, Chester Whisky, bourbon hogshead, 222 bottles
Mmm, ik ben eigenlijk niet zo’n fan van die Moines… Ook deze steekt me op de neus onmiddellijk wat tegen. Ondanks de leeftijd komt hij nog altijd erg jong over, met zelfs een klein beetje new make. Vreemd. Alhoewel die new make langzaam verdwijnt. Wat wel blijft is de geur van kolen, roet en lichte assen. De assige turf is nooit mijn favoriete turfvariant geweest. Niet veel fruit (ook een spijtigheid), enkel wat citroen. Natte wol. Vers gebakken brood. Lichte tonen van groene thee. Bwa, dit is niet slecht hoor, maar overtuigen doet hij niet. Alvast niet op de neus. Zeker niet nu de new make een come-back maakt. De smaak wordt gedomineerd door scherpe turf en wortels (met bijhorende natte aarde), gevolgd door zilt en drop. Een bittere ondertoon die niet geweldig aangenaam is. Pompelmoes, citroen en misschien wat perzik. Misschien. Peper en scherpe gember. Amandelen. De afdronk is erg lang en moet het hebben van assen, aarde, zilt, peper en citroen.
Nope, Moine… misschien moet dat dertig jaar rijpen voordat ik dat ga appreciëren. 75/100

Bruichladdich 10y 2002, Malts of Scotland

En dan gaan we nu naadloos over tot de nieuwste batch Malts of Scotland. Deze werden voorgesteld op The Whisky Fair in Limburg, Duitsland en zijn heden te koop bij de gekende verdelers. Ik begin met een Bruichladdich (nu ja) 2002. Kost 75 euro.

 

Bruichladdich 10 YO 2002/2013, 55.2%, Malts of Scotland, bourbon barrel #MoS13026Bruichladdich 10y 2002/2013, 55.2%, Malts of Scotland, bourbon barrel #MoS13026, 235 bottles
Hola, zilt en turf, dat had ik niet verwacht. Alhoewel, 2002… er is in het verleden nog Port Charlotte 2002 als Bruichladdich gebotteld. Het is geen stevige turf echter, eerder het zachte, zoete en mineralige type. Het type dat best te pruimen valt, en dat is een licht understatement. Mooi zilt dus ook. Met de jongste zoon spelend aan het strand. In de regen. Niet dat dat al vaak voorgevallen is, maar dat is in deze compleet irrelevant. Houtskool. Een beetje munt. Oud en geboend leder, en zelfs wat nat hooi (ja ja, een beetje farmy that is). Zachte, zoete eik. Prachtige neus vind ik dit. Hij is zachter op de tong dan het alcoholpercentage doet vermoeden. De turfrook blijft daarenboven getemd door de mineralen en de zoete tonen. Nougat, vanillefudge. Kruiden ontbreken niet, hier zijn het vooral de tuinvarianten. Het zilt blijft zich op de voorgrond werken. Aarde. Doorheen dit alles is citrus de rode draad. Die proef je en blijf je proeven. Citroen en limoen. Zowel het sap als de zeste. Mooie bitterheid. Lange afdronk op zilt, citroen en zachte turf. Zesty, prikkelend en toch erg rond profiel. Balans weet je. 89/100

Bunnahabhain 38y 1967, Duncan Taylor voor Van Wees

Vandaag een Bunnahabhain 1967 (de topperiode) die Duncan Taylor enkele jaren geleden bottelde voor Van Wees. Met voor mij één van de beste sherryneuzen ever. Ook bedankt voor deze sample Gunther.

 

Bunnahabhain 38 YO 1967/2005, 40.8%, Duncan Taylor Rare Auld for Van Wees, sherry cask #3328Bunnahabhain 38y 1967/2005, 40.8%, Duncan Taylor Rare Auld voor Van Wees, sherry cask #3328, 209 bottles
De neus legt meteen z’n troeven op tafel: krachtige, expressieve en sappige sherry. Erg rijk en vol, startend op sappig fruit zoals rijpe appelsienen, bananen, kiwi, mango, perziken en ananas. Tropical! Sappige rozijnen, en ook wat gekonfijt fruit. Prachtig. Een klein beetje ‘zee’. Zeewier en zilt. Chocolade, twijfelend tussen melkchocolade en donkere. Veel eik, maar niks drogend. Kruiden zoals kaneel, zoethout en anijs. Maar doorheen deze kruiden en eik is het fruit ronduit groots. De perfecte sherryneus voor mij. De smaak is een stuk krachtiger dan de 41% alcohol kon doen vermoeden. Daar zorgt de eik, de kruiden en het zilt voor. Het maakt het stevig en prikkelend. Ik heb hier minder fruit dan ik in de geur had. Appelsienen, mandarijnen, limoenen en bananen, dat wel, en ook rozijnen en pruimen, maar allemaal wat minder aromatisch. De chocolade keert weer. De balans tussen de droge en de zoete elementen slaat op de duur iets te veel door naar het droge. Het wordt redelijk bitter. Noten en hoestsiroop komen erbij. Lichte tannines. Middellange, licht bittere afdronk. De neus geef ik nog enkele punten meer. 91/100

Bowmore 15y 1998, Chester Whisky

Chester Whisky & Liqueur Company is een nieuwe bottelaar, wiens whisky’s in België worden ingevoerd door Dominiek Bouckaert aka The Whiskyman. Oorspronkelijk een slijter uit het plaatsje Chester, nabij Liverpool, die whisky en likeuren aan de man brengt, maar sedert enige tijd dus ook een bottelaar. En vanaf heden ook beschikbaar in de Lage Landen. Je hebt de keuze uit deze Bowmore 1998, een Clynelish 1997, een Glenburgie 1989 en een Tomintoul 1968.

Chester Whisky
 

Bowmore 15 YO 1998/2013, 55.2%, Chester Whisky Liqueur CompanyBowmore 15y 1998/2013, 55.2%, Chester Whisky & Liqueur Company Ltd, refill bourbon hogshead, 242 bottles
Zoals wel vaker bij jonge Bowmore is dit vooral fruitig en pas in tweede instantie rokerig. Exact zoals ik mijn geturfde whisky het liefst heb. Witte perziken, kruisbessen en harde rode appels, gevolgd door tonen van citrus. Daarachter gaat er zilt en een beetje jodium schuil. De turf is discreet, niet te veel, juist genoeg. Doorheen dit alles zit een mooie mineraliteit geweven. Kalk. En wat ook niet ongewoon is bij Bowmore uit deze periode is een licht ‘farmy’ kantje. Nat hooi dan vooral. Het mondgevoel is zacht en olieachtig. Lijnzaadolie. De turf is iets prominenter aanwezig en is licht assig. Het fruit blijft om z’n plekje strijden. Vooral citrus nu (citroen, pompelmoes) en minder wit fruit (zie de appels en de perziken van in de geur). Amandelen (wat zoet, dus neigend naar marsepein) en best wat zilt. Het zoete laat zich na enige tijd wel wat wegdrukken door bitterdere elementen. De noten, kruiden (peper valt op) en eik. Dat bittere is hier verre van storend. Lange, volle afdronk op zilt en rook. De neus komt in de buurt van de negentig punten, de smaak doet niet veel onder. Als deze botteling representatief is voor de rest, kijk ik al uit naar de volgende. En dat zal de Tomintoul worden. 88/100

Bruichladdich 30y 1968, Signatory 10th Anniversary

En dan nu nog ‘s een whisky die me volledig van m’n sokken blies. Een whisky die weinig bekendheid geniet, en waarover ik eigenlijk beter niets zou schrijven alvorens ik een fles op de kop kan tikken. Maar ach, er is nog genoeg lekkers out there.

 

Bruichladdich 30 YO 1968/1998, 52.9%, Signatory 10th Anniversary, cask 2326Bruichladdich 30y 1968/1998, 52.9%, Signatory, 10th Anniversary, cask 2326, 186 bottles
Wow, wow, wow, wat een neus! Elegant, delicaat, aromatisch en complex. Zijdezachte geur van licht gezoute boter, nat hooi, heide, vanille, honing, zoet fruit (meloen, banaan, kruisbessentaart), zachte peper, kaneel en groene thee. Pollen. Fris en levendig. Ook wat boselementen: mos, natte bladeren. Dat zegt allemaal misschien niet veel, maar ik kan je verzekeren, deze neus is simpelweg subliem. De smaak doet niet onder, zijdezacht vlijt dit goddelijk vocht zich neer op je tong (sorry voor de wat pathetische lyriek, maar je zou voor minder). Meloen, ananas, vanille, allerlei kruidenthees (met honing), prachtige eik, crème brûlée, kandijsuiker, nootmuskaat. Een hint van turfrook. Alsook een hint van zilt. Pfiew, dit is goed spul! Lange, elegante afdronk op gestoofd fruit, kruiden en prachtige eik. By far de beste Bruichladdich die ik al proefde. 93/100

Ardbeg Uigeadail

Ik heb hier al eens een Ardbeg Uigeadail besproken, maar dat was de batch van 2003. Ik proefde recent de nieuwste batch. Voor een zestig euro is hij de jouwe.

 

Ardbeg UigeadailArdbeg Uigeadail, 54.2%, OB +/- 2012
Mooi gebalanceerde neus, de Ardbeg turf knap verweven met de sherry van de rijping. Turfrook, teer en zilt, wat we kunnen verwachten van Ardbeg. Gestoofd en gedroogd fruit, sinaas, noten, chocolade, leder en koffie, wat we kunnen verwachten van sherryvaten. Vanille, karamel en kandijsuiker maken het zoet. Dat laatste, die suiker doet me wat aan rum denken. Geturfde rum, wel ja. Ook de op de smaak vermengt de sherry zich mooi met de typische Ardbegsmaken. Qua associaties ga ik mij het gemakkelijk maken en verwijzen naar de neus, dit ligt mooi in het verlengde. Rokerige, zoete en zilte aroma’s springen het meeste in het oog. Enkel balsamico wil ik nog als extra vermelden. Iets licht zurigs. Het geheel wordt wel wat droog naar het einde, maar dat vinden we niet erg. Stevig en olieachtig mondgevoel. Lange, zoete en rokerige afdronk. Turf op sherry zoals het moet. Ik ga ervan uit dat niet alle whisky in deze vatting op sherryvaten rijpte, maar toch wel een significant deel. Het niveau van de Airigh Nam Beist (voor mij de laatste echte top-Ardbeg) haalt hij echter niet. Maar dit is absoluut geen slecht alternatief. 87/100

Bowmore 14y 1991, A. Dewar Rattray

Vandaag een whisky waar hier en daar behoorlijk wild wordt over gedaan. Zo één van die verborgen schatten, whisky’s die wat aan de aandacht zijn ontsnapt, tussen de mazen van het (inter)net zijn geglipt, maar pareltjes blijken te zijn. Bedankt voor de sample Johan.

 

Bowmore 14 YO 1991/2005, 59.6%, A. Dewar Rattray, sherry butt #2054Bowmore 14y 1991/2005, 59.6%, A. Dewar Rattray, sherry butt #2054, 575 bottles
Indrukwekkend massieve neus. Een bom. Sherry en turf die beiden om ter luidst om de aandacht roepen zonder dat één van beide de ander overstemt. Geweldig vind ik dit. Ik ruik getoaste eik, abrikozentaart, romige chocolade, tabak, oud leder, koffie, peperkoek, stroperige karamel, zoute drop, oesters, toast met sinaasconfituur en nog heel wat meer. Zelfs farmy tonen. Natte hond, lichte mest (de geur van een koeienstal). Wat een sensatie! Verdacht drinkbaar op zo goed als 60%. Maar niet minder een bom dan op de neus. Dik en vettig. Turfrook en tabak vallen eerst op, waarna de smaak een vegetaal kantje krijgt. Tabaksbladeren vooral. En rubber. Teer. Chewy. Onderliggend sappige eik. En daarna komt het fruit langzaamaan naar boven: pruimen (big time) en bittere appelsienen. Water versterkt het fruit en is op de smaak dus een meerwaarde (op de neus komen met water de boerderijtoestanden meer naar voor – oké, ook daar een meerwaarde dus). Kruiden? Bwa ja, zoethout en peper. Karamel ook (stroperig). Ansjovis. Gezouten karamel eigenlijk. Uniek. En zo’n afdronk waar maar geen einde aan lijkt te komen. Ongelooflijk geconcentreerd, met de turfrook, de kruiden en de gezouten karamel die het langst blijven hangen. Blij dat ik dit beest heb kunnen ontdekken. En kunnen temmen. 91/100