Spring naar inhoud

Posts tagged ‘32yo’

Auchentoshan 32y 1979

Auchentoshan werd in 1940 gedeeltelijk verwoest door een Duits bombardement. De reden hiervoor is dat niet ver van de distilleerderij (in de buurt van Glasgow) de Britten oorlogsschepen lieten bouwden. Pas in 1948 werd de distilleerderij heropgebouwd.
Ik proef vandaag de 1979, gedistilleerd in oktober van dat jaar, en gebotteld na een dikke 32 jaar rijping op olorosovat

 

Auchentoshan 32y 1979/2012, 50,5%, OB 2012, first fill oloroso butts, 1000 bottles
Frisse, bijna sprankelende, fruitige neus. Het fruit van het vat, het fruit van de spirit, wat dan ook, fruitig is het wel. Veel citrus en een beetje tropisch fruit. Limoen, appelsien, papaja, meloen, ananas. Daarachter gaat honing schuil, boenwas, zoethout, anijs, pruimentaart, marsepein, cake… allemaal smeuïge en zoete associaties. Maar het is zo veel meer dan dat. De kruiden, leder en belegen eik zorgen voor diepgang en complexiteit. Ronduit machtige neus. De smaak is delicaat en rijk. De subtiele smaken komen en gaan, afwisselend is dat allerlei fruit (appelsienen, gele rozijnen, pruimen en rijpe kruisbessen – het tropische aspect is verdwenen), honing, zachte kandij en marsepein (en de bijhorende amandelen), kruiden (zoethout, peper, gember, kaneel) en onderliggende eik. Meer eik dan op de neus, zonder dat het echter drogend wordt. Lange, mooi licht drogende afdronk op eik, kruiden, leder en sinaas. Een whisky met klasse. En na de 1965 met stip mijn beste Auchentoshan.
Maar waarom moet dit 400 euro kosten? Waar is de tijd, en dat is dus helemaal nog niet zo lang geleden, dat de éne na de andere jaren-zeventiger op de markt kwam voor 130, 150 euro, in 2012 oplopend richting 170, 180 euro… Andere tijden, ik weet het wel. En het is natuurlijk een officiële botteling, dat scheelt ook weer wat. Maar los daarvan is dit fantastische whisky en in de huidige markomstandigheden is hij dat zelfs ook voor z’n prijs. 92/100

Brora 32y 1970, DL Platinum Selection

Onversneden is zo stilaan Lindoresgewijze een oord van decadentie aan het worden. Dringend tijd om weer even back to basics te gaan, kwestie van de balans terug wat in evenwicht te trekken. Maar nu nog even niet.

 

Brora 32 YO 1970, 58.4%, Douglas Laing Platinum Selection, 297 bottlesBrora 32y 1970/2002, 58.4%, DL Platinum Selection, 297 bottles
Ronduit schitterende neus van de zee. Hij start wat bedeesd, maar vertoont dan veel maritieme elementen zoals zilt, jodium, zeewier, gerookte vis, oesters… op een achtergrond van zoete turfrook en aardse tonen (wortels, natte aarde). Er sluimert ook wat fruit door, fruit zoals rode (zoete) appels en zelfs wat banaan en mango. Amandelspijs en nougat vallen er qua zoete associaties te noteren. Maar hoe langer ik hier mee bezig ben, hoe meer zaken ik opmerk. Lijnzaadolie bijvoorbeeld, net als bijenwas, en ook zoethout en tijm. Oude boeken. Vreselijk complex is dit. Doet me wat aan de recentste OB’s denken (de 32y en de 35y). Niet erg ‘farmy’, dit is veel subtieler en eleganter. Op de smaak is dit minstens even goed. Minstens. Neigt een beetje naar oude Port Ellen op een weinig actief sherryvat. Maar dan nog beter eigenlijk. Erg maritiem dus (zie hierboven), maar ook prachtig rokerig en zoet. En fruitig. En waxy. En kruidig. En, vooral, alles perfect verweven. Op de smaak komt de boerderij iets meer naar voor. Nat hooi, natte hond. De marsepein keert terug. Net als de lijnzaadolie. Het fruit is hier minder appel dan wel citrusfruit. Pompelmoes, mandarijn. Het rokerige karakter is hier oude turf. Ik bedoel dan de turf die je ook wel tegenkomt in oude Ardbeg of oude Laphroaig (ja, zelfs met het licht medicinale kantje). Lange, erg lange afdronk. Zilt, rokerig, peperig en zoet. Het fruit is hier zo goed als verdwenen. Is dat een minpunt? Nah, dit is een whisky waar ik wel heel weinig op kan aanmerken. Absouut topspul. Oude Brora, wat wil je? Bedankt Dominiek om ook deze beauty open te trekken. 94/100

Back to Karuizawa

We keren nog eens terug naar Karuizawa. Naar oude Karuizawa. Ik proefde er het voorbije weekend twee schitterende naast elkaar. Hieronder mijn bevindingen van de eerste, morgen deze van de tweede.

 

Karuizawa 32 YO 1976 'Noh', 63%, Number One Drinks, sherry butt #6719Karuizawa 32y 1976/2009 ‘Noh’, 63%, OB, Number One Drinks, sherry butt #6719, 486 bottles
Ronde, volle en rijke geur zoals we ondertussen gewoon zijn van oude Karuizawa. Ondanks het feit dat dit whisky op 63% is, ruik je een arsenaal aan geuren en verdacht weinig alcohol. Wat in eerste instantie opvalt, zijn appelsienen, geboend leder, oude meubels, tabak en geroosterde noten. Dadels, rozijnen en gedroogde abrikozen ook. Nadien komen er spijtig genoeg ook rubber en lichte sulfer bij. Iets wat ik niet in de jaren tachtig en jaren zestig distillaten had, noch in deze van 1972. Maar wel bv. bij 1977. Zou dat periode-gebonden zijn? Koffie noteer ik nog, net als chocolade. Kruiden? Ja, ook dat. Nootmuskaat en gember. Een stevige portie eik natuurlijk ook. Van stevig gesproken, deze whisky explodeert in de mond. Echt een sherrybom. Eik, donkere chocolade, kruidnagel, peper, noten, tabak en ook wel wat fruit. Geen appelsienen meer, wel pruimen en rood fruit zoals braambessen, rode bessen en kersen. En ja, ook een beetje rubber. En veel koffie. En lichte rook. Zeer lange en droge afdronk. Spijtig van de – weliswaar lichte – sulfer op de neus, het scheelt enkele punten. 88/100

Banff 32y 1975, Old Malt Cask

De Banff distilleerderij ligt in het noorden van de Speyside regio, een goeie kilometer buiten het centrum van het stadje Banff. Of beter gezegd lag, na de sluiting in 1983 verwoestte een brand in 1991 immers de overblijvende gebouwen.

 

Banff 32y 1975/2008, 48.7%, DL Old Malt Cask, cask 3971, 164 bottles
Frisse neus op tuinkruiden, mineralen (natte stenen) en heide, snel gevolgd door fruit. Wit fruit (appel, peer), daarna perzik en gele pruimen. Kaarsvet ook wel. Net als wat zilt. En een aangename florale toets. Subtiele rook. Ook de smaak is fris en clean: mineralen, gras, hooi, munt, harde peren vooral en wat vanille. De klassieke mosterd-en-dille combinatie ontbreekt niet. Okkernoten. Eik, en niet zo’n beetje, maar nooit uitdrogend. Bijenwas en kaarsvet. Lange afdronk op tuinkruiden, mosterd, okkernoten en een heel klein beetje rook. Tja, Banff van de jaren zeventig, ik ben fan. 90/100

Brora 32

Brora 32, zou dat geen tijd gaan worden? Welaan dan! Al vaak gedronken, maar dus nog niet besproken. Deze recentste release bevat whisky gerijpt op Amerikaanse en Europese eik. Oorspronkelijk te krijgen voor een 350 euro, nu betaal je minstens honderd euro meer.

 

Brora 32y, 54.7%, OB 2011, 10th annual release, 1500 bottles
Delicate en subtiele neus waarvan je de eerste keer ruiken denkt “bwa, niet slecht”, de tweede keer “mja, toch wel lekker”, de derde keer “gho, toch goed hoor”, de vierde keer “mmm, heerlijk eigenljk” en uiteindelijk (twaalfde maal?) simpelweg “wauw!”. Neem er m.a.w. je tijd voor, dan geeft hij zich in al z’n complexe glorie bloot. En die glorie is zoet (honing en vanille, maar ook wat nougat), fruitig (rijpe sinaas, zoete roze pompelmoes, citroensorbet, sappige perzik, ananas, verse gele pruimen), mineralig (natte stenen), zilt (plus het zeewier), matig kruidig (tuinkruiden), waxy (smeuïge bijenwas, van die kaarsen gemaakt van opgerolde bijenwas) en licht gerookt. Die rook is niet zozeer turfrook, alhoewel dat er ook in zit, maar eerder de rook van een houtvuur. En zelfs daarmee stopt het niet, de geweldige natte hond en al even nat hooi zijn ook van de partij, zonder de mest echter. Niet erg. Rond en romig mondgevoel. De smaak start zoet en fruitig: opnieuw dat zoete citrusfruit (roze pompelmoes en rijpe sinaas), ananas en perzik. Melkchocolade en zachte karamel. Vrij snel valt ook de kruidige rook op. Hier niet onmiddellijk tuinkruiden, wel peper, gember, zoethout en nootmuskaat. Hoe langer hoe meer zilt. Het geheel krijgt een zalig droog kantje (altijd het juiste droog), de kruiden worden grootser, er komt wat eik en noten bij, en zelfs wat hars. Knappe evolutie van fruitig zoet naar kruidig droog. Lange afdronk, balancerend tussen de zoete en drogere aroma’s van de smaak. Een whisky waar je tijd voor moet nemen (aan enkele euros per slok doe je dat ook gewoon). Uitzonderlijk complex en erg delicaat. Het niveau van de 2004, 2005 en 2006 release haalt hij voor mij echter niet. Maar erg veel scheelt dat nu ook weer niet. 93/100

Benriach 32y 1979 for Asta Morris

En Bert Bruyneel weet maar van geen ophouden, na een 1975, een 1977 en een 1978 brengt hij nu een Benriach 1979 op de markt. Binnenkort kan hij aan de jaren tachtig beginnen. Ook deze is een officiële botteling voor Asta Morris.

 

Benriach 32y 1979/2012, 47.3%, OB for Asta Morris, cask 8507, 192 bottles
Romige neus met veel fruit (roze pompelmoes, mandarijn, lychee en meloen), heide, en hooi. Gaat verder op vanille, melkchocolade, noten (marsepein) en zachte eik. En daaronder een klein beetje zachte bijenwas en dito turfrook. Mooie gelaagdheid, en een neus om te genieten. De smaak is vol en rond, en ligt in het verlengde van de neus. Hetzelfde fruit (meloen, lychee, pompelmoes), de heide, de vanille, de noten en de zachte eik op de achtergrond. Hier wel aangevuld met kruiden. Zowel gember als allerlei kruidenthees. Gesuikerde kamillethee bijvoorbeeld. Best lange afdronk, fruitig op bitterzoete tonen. Erg lekkere Benriach die qua profiel weer anders is dan de andere. De 1978 is zoeter en op de neus nóg wat expressiever (maar minder complex), de 1977 is wat frisser en voor mij ook (nog) gelaagder dan zowel de 1978 als deze 1979. Ik heb een lichte voorkeur voor de 1977 (de sublieme 1975 laten we dan even buiten beschouwing), maar dat neemt niet weg dat dit weer een uitzonderlijk vat is waar Bert z’n handen op heeft weten te leggen. 92/100

Bunnahabhain 32y 1979, Duncan Taylor

Vandaag nog een nieuwe botteling van Duncan Taylor, een Bunnahabhain 1979 deze keer. Geen vattype vermeld, maar ik vermoed dat het hier om een bourbonvat gaat.

 

Bunnahabhain 32y 1979/2011, 47.1%, Duncan Taylor Rare Auld, cask 38408, 182 bottles
Zachte zoete neus die het in eerste instantie moet hebben van melkchocolade, marsepein (amandelen, maar dus eerder het zoete en niet het bittere ervan) en sinaas. Ha, van die stammetjes sinaasmarsepein met chocolade rond (denk The Chocolate Line)! Een beetje kokos ook, appel, pistache en weidebloemen. Boter. Erg aangename neus. De smaak is al even zacht als de neus en moet het hebbben van granen (pils), honing, heide en appels. Cider. Wat banaan ook en pompelmoes. Hij wordt hoe langer hoe grassiger. Naar het einde toe doemen nog gember, zoethout en zachte eik op. Wat bitter. Middellange, drogende afdronk op vanille, zoethout en pils. De smaak houdt het niveau van de neus niet helemaal aan, de pils stoort me een beetje. 85/100

Mortlach 32y 1970, G&M

Mortlach bleef tot na de Eerste Werdeldoorlog familiebezit, de enige erfgenaam stierf tijdens de oorlog en daarop werd de distilleerderij noodgedwongen verkocht aan John Walker & co. In 1964 werd een nieuwe distilleerderij gebouwd, maar de oude distilleerketels bleven behouden.

 
Mortlach 32y 1970, 40%, Gordon & MacPhail Licensed bottling, 2002
Erg lekkere sherryneus, zacht en complex. Redelijk wat fruit (sinaas, mandarijn, kersen en bramen). Nat hooi (lichte boerderij-toestanden), geroosterd vlees, koffie en mooie eik. Meer en meer kruiden (gember en zoethout) en een toefje turfrook. Heerlijk om ruiken. Ook de smaak is zacht, niets scherps. Het alcoholpercentage speelt hier natuurlijk een rol in. Smeuïge karamel, honing, fruit (sinaas, warme appelmoes) kruiden (peper, gember, kruidnagel) en zachte, belegen eik. Een klein beetje rook, haardvuur eerder dan turf. Lange afdronk op de sherrytonen van de smaak. Een whisky om ‘s winters bij een haardvuur van te genieten. Met Tom Waits op de achtergrond en een goed boek op de schoot (dan geef ik ‘m ongetwijfeld 90). 88/100

The Asta Morris sessions: Benriach 1978

Ik besluit de Asta Morris sessions with, euh, met de Benriach 1978 die al enkele maanden geleden op de markt kwam, tegelijkertijd met de 1975. Ik proefde deze whisky dus naast de twee nieuwe bottelingen én naast de 1975.

 

Benriach 32y 1978/2011, 48%, OB for Asta Morris, sherry hogshead #7037, 79 bottles
Directe, erg aromatische en expressieve neus. Smeuïg zoet en fruitig. Appel- en perensiroop, zoete ananas, dito sinaas, pruimencompot, rozijnen, evoluerend richting high-end rum en zelfs iets van oude porto. Zo goed als geen eik of kruiden, noch noten of andere eerder bittere associaties. De geur evolueert niet echt en is ook niet super complex (oké, de 1975 is wat dat betreft niet de meest ideale sparring partner), maar dat is natuurlijk allemaal niet nodig als het er meteen boenk op is. Puur genieten! Ook de smaak is vol, romig en zoet. Kandijsuiker. Het fruit is hier eerder citrus (sinaas), naast de rozijnen. Hier wel wat eik, licht en aangenaam bitter. Ook de smaak is niet complex te noemen maar blijft lekker, alhoewel hij niet helemaal het niveau van de neus haalt. Lange, volle afdronk. Puur op de neus was het 93 geweest. 92/100
 
Benriach 1978 is over het algemeen niet zo uitzonderlijk lekker, deze is dat wel. Dit zou dus wel eens de beste Benriach 1978 ooit kunnen zijn. Dat er een betere 1975 dan de Asta Morris zou bestaan, of nog zou verschijnen, lijkt me vrij onwaarschijnlijk. Wat wil zeggen dat de heer Bruyneel wel eens de beste 1975 én de beste 1978 gebotteld zou hebben. Sterk!

Clynelish 1971 en T-Bone Burnett

Gisteren De Kleine Prins aan het werk gezien in Gent, een dijk van een concert. Ik ben absoluut geen fan van de muziek van Prince, maar wat een performer en wat een muzikant ook. Behoorlijk indrukwekkend feestje. Deze avond echter wentel ik me in subtiliteit en elegantie. Subtiliteit? Elegantie? Dan hebben we het toch wel over Clynelish zeker? Oké, oké, ik had ook een andere whisky kunnen nemen, maar ik heb nu eenmaal een zwak voor Clynelish, de keuze was dus evidenter dan het misschien lijkt. Clynelish en zeker oude Clynelish is zelden scherp of hoekig, integendeel, de combinatie van fruit, (bijen)was en romige zoete toetsen maakt het juist een erg toegankelijk profiel. Zacht, smeuïg, elegant, dit profiel moet het minder hebben van explosiviteit en kracht, maar meer van zijdezachte en gebalanceerde tonen. Subtiel en elegant dus, net als de muziek van T-Bone Burnett.

T-Bone Burnett, geboren in St. Louis als Joseph Henry Burnett, is een Amerikaans singer-songwriter en gitarist (er zijn trouwens maar weinig foto’s te vinden waar hij niet met z’n gitaar poseert), maar hij is waarschijnlijk bekender als producer, producer van albums en soundtracks. Artiesten die op hem een beroep deden zijn o.a. Elvis Costello, Los Lobos, Counting Crows, Natalie Merchant en Robert Plant. Qua films zorgde hij voor de geniale soundtracks van o.a. O Brother, Where Art Thou? (Grammy), Walk the Line en The Big Lebowsky. Hij won ook een Oscar voor beste song, The Weary Kind uit Crazy Heart.

Burnett speelde eerst in enkele bands, o.a. in The Alpha Band, dat hij oprichtte samen met David Mansfield en Steven Soles, die hun sporen verdiend hadden bij Bob Dylan. Vanaf 1980 ging hij solo. Zijn albums kregen altijd erg lovende kritieken maar verkochtten voor geen meter, zeker in Europa niet. Ontdekken deed ik hem via Humans From Earth, een song uit de film Until the End of the World van Wim Wenders (ook een geweldige soundtrack trouwens). En de bovenvermelde films maakte me natuurlijk nog meer fan. Ik luister momenteel naar The True False Identity, een plaat uit 2006. Song als Earlier Baghdad (The Bounce) en There Would be Hell to Pay zijn echt parels. Subtiel en elegant, wel ja, het zijn eigenschappen die perfect toepasbaar zijn op deze muziek.

 

Ik drink bij dit album een subtiele en elegante Clynelish 1971 van Jack Wieber. Let op, dit vatnummer staat tweemaal vermeld in de Malt Maniacs Monitor, éénmaal onder het Premier Malts label en éénmaal onder het Auld Distillers label, mèt een ander alcoholpercentage.

 

Clynelish 32y 1971/2003, 54.2%, JWWW Premier Malts, cask 2704
Oké, even de neus in het glas steken maakt duidelijk dat dit weer een topper wordt. Een enorme fruitigheid (peer en veel tropische soorten à la mango, ananas, meloen en papaya), honing, bijenwas, zoethout, een klein beetje zilt, meer bloesems en heel lichte turf. Elegant, subtiel, complex en perfect gebalanceerd. De smaak ligt mooi in het verlengde van de neus. Sappig fruit (veel perzik hier), turf, zilt, bijenwas, pollen, honing (oké, bijenkorf – niet dat ik weet hoe bijenkorf smaakt, maar alla), noten, … van alles een beetje en niets dat de rest verdrukt. Lange, licht bittere afdronk op eik, pompelmoes en turf. Heerlijk. Man, wat hou ik van dit profiel! En van T-Bone Burnett. 92/100

Glen Cawdor 1951

Vermits de Glen Grant 21y securo cap eigenlijk een herneming was, blijft de teller op 999 staan en is het vandaag pas echt aan nummer duizend. Geen nood, ook wat ik vandaag proef heeft genoeg adelbrieven om die eer te krijgen.
Glen Cawdor? Nooit van gehoord? Don’t worry, Glen Cawdor is geen distilleerderij, laat staan een actieve, het is een label van Samaroli. Er zijn meerdere whisky’s gebotteld onder dit label, in sommige gevallen met vermelding van distilleerderij, in andere gevallen zonder enige referentie. Er zijn enkele vrij legendarische bottelingen in dit laatste geval, o.a. de 1951 en de 1964. Het is de 1951 die nu in m’ glas zit. Merci beaucoup Patrick!

 

Glen Cawdor 32y 1951, 46%, Duthie for Samaroli, 120 bottles, 75cl
Neus: mmm, mellow… belegen, rond, romig, niks scherps. Hij start wel een beetje gesloten, heeft wat tijd nodig om al z’n geheimen prijs te geven, maar dan… wat een beauty! Hoe omschrijf ik dit? Uniek. In het begin heb ik honing, romige honing, vergezeld van hooi. Maar echt grassig is dit niet, daarvoor komt er na enige tijd teveel zoets en fruit door. Gestoofd fruit, rijpe kruisbessen, marsepein. Boter. Gezouten boter. Ja, wat zilte aroma’s, licht coastal. Kruiden ook, maar niet zo evident om te benoemen. Heide, dat zeker wel. Hoe langer hoe duidelijker. Boterbloemen misschien. Dju, deze neus laat zich moeilijk doorgronden. Een heerlijke, lichte rokerigheid. Op zich zegt het allemaal niet zo veel, maar dit is één van de boeiendste geuren dit ik de laatste tijd in mijn glas had. Smaak: jawel, de smaak moet niet veel onderdoen voor de neus. Hij is zowel zoet (de honing), als grassig (het hooi, de heide, gedroogde bloemen, linde…) en subtiel kruidig. Erdoorheen priemt iets zalig zilts en een beetje turf. My God, dit is goed. Afdronk: dat is het leuke aan dit soort whisky, er is ook nog een afdronk. Geen idee wat het is, maar het profiel doet me wel wat denken aan oude Talisker of oude Springbank. Of oude Highland Park? Zou ook kunnen. Die honing, die heide. Whatever, dit is bangelijk lekkere whisky. En niet dat ik al geweldig veel Springbank, Talisker of HP 1951 gedronken heb. Omzeggens geen. Talisker 1953 daarentegen… Highland Park 1955… zucht. Iemand uitsluitsel? 94/100

Glenlivet 32y 1977, Asta-Morris

Glenlivet verhuisde in 1858 naar z’n huidige locatie Minmore. Daarna rees de ster van deze distilleerder naar ongekende hoogtes, mede dankzij de exclusieve verdeling via Andrew Usher & Co. Usher is trouwens de vader van de consistentie in blends (altijd hetzelfde profiel trachten te behouden).
Vandaag proef ik een 1977 van het nieuwe Asta Morris label.

 

Genlivet 32y 1977/2010, 56.8%, Asta Morris, bourbon cask
Een neus die zeer mooi van start gaat op zoete en fruitige toetsen. Tuinfruit à la appels, peren en perziken. Daarna komt er een lichte grassigheid bij, net als vanille, cacao, boter en nootmuskaat. Bijenwas, wat nog meer naar voor komt met enkele druppels water. Leder dan ook. Perfect verweven. Een hint van cider is nog het vermelden waard. Net als bloemen en bloesems, alles erg elegant en subtiel. Stevig, romig, bijna boterig mondgevoel. Op de tong meer kruiden en eik, maar het fruit blijft prominent aanwezig, zeker met een beetje water. Qua kruiden denk ik aan kaneel, gember en wat peper. De eik is zacht maar zorgt toch voor de nodige pit. Vanille, cider (hoe langer hoe duidelijker), appelcompot en ook nog wat mandarijn. Middellange afdronk op vanille, appels, gember en zachte eik. Het label vermeldt dat the whisky will give the best of itself with some drops of water, en dat klopt als een bus. Mooi zonder water, prachtig mét. En niet te vergeten, dit is drinkbaar, bangelijk drinkbaar. Eigenlijk een ideale dagelijkse whisky. Met standing. 90/100

Craigduff

Craigduff is geturfde Glen Keith, bij mijn weten enkel door Signatory gebotteld. Naast de onderstaande 1973 is er nog een andere 1973 (vat 2514) door hen onder dezelfde naam op flessen getrokken. Signatory heeft trouwens ook een Glenisla op de markt gebracht, een nog zwaarder geturfd Glen Keith experiment.
Toen Signatory z’n eerste Craigduff 1973 bottelde, ging men er verkeerdelijk van uit dat het om geturfde Strathisla ging, maar nader onderzoek wees uit dat de whisky gedistilleerd werd op Glen Keith. Het label vermeldt dus een verkeerde distilleerderij.
Het experiment dat men op Glen Keith uitvoerde, was op basis van licht geturfde malt én zwaar geturfd water dat bij elke wash toegevoegd werd, à ratio van 10 gallons (een kleine 38 liter) per wash.

 

Craigduff 32y 1973/2005, 49.4%, Signatory Cask Strength Collection, sherry butt #2513, 566 bottles
Frisse, levendige en complexe neus. Cleane turf, geen medicinale elementen, wel veel bijenwas, honing, noten, vers gemaaid gras, composterend tuinafval (dat valt hier heel wat beter mee dan het zo neergeschreven overkomt), wat frisse kruiden ook (the herbal kind). Erg lekker! Op de smaak is hij stevig en mondvullend, waxy, licht rokerig en grassig. Het niveau van de neus wordt hier niet helemaal doorgetrokken, het frisse en zoete ontbreekt. Wat kruiden naar het einde, net als hars. Vooral het waxy karakter valt op. Middellange, eerder droge en kruidige afdronk. Van neus over smaak naar afdronk gaat het van heerlijk tot matig. 86/100

Craigellachie 32y 1973, Douglas Laing Platinum

Craigellachie is niet meteen de meest bekende, laat staan meest sexy distilleerderij. Sedert 1998 is het in handen van John Dewar & Sons (deel van de Bacardi groep), die ook MacDuff en Aberfeldy in portefeuille hebben. Craigellachie, gelegen aan de samenvloeiing van de Spey en de Fiddich, is misschien nog meer bekend van z’n hotel (mét indrukwekkende whiskybar) dan van z’n distilleerderij. En van de Speyside Cooperage natuurlijk. En van Macallan, inderdaad. Eigenlijk van heel wat… kortom, een must bij een bezoek aan Speyside.

 

Craigellachie 32y 1973/2005, 42.7%, Douglas Laing Platinum, 181 bts.
Zoete en grassige neus. Gedroogd gras, gaat richting hooi. Honing. Daarna fruit. Lekker, sappig fruit. Appels, appelsap. Vanille. Wat me ook opvalt, is de geur van geroosterde granen, het maken van muesli (dat is een jeugdherinnering). Natuuryoghurt, samen een ideaal ontbijt. Die neus is echt complex, er komt ook nog wat hout bij en een klein beetje hars. Ha, nu we het toch over bomen hebben: berkensap. Nog zo’n jeugdherinnering. Erg boeiende, lekkere, complexe neus. Op de smaak heb ik meer hout, kruiden, linde, munt en ook hier best wat fruit. Clementines, limoen. Honing, wat hars en een licht mineralige toets. Licht bitter op het einde en in de vrij lange, zoete, kruidige afdronk. Heerlijke genietwhisky, die blijft en blijft boeien. 89/100

En nog een Longmorn

Ook de Longmorn gebotteld door de Van Compernolle Whisky Club ter gelegenheid van het eerste Wild West Whiskyfest proefde ik reeds eerder, nl. tijdens de eerste editie van het festival. Nu dus sample-gewijs een tweede maal. Dit was trouwens één van de twee festivalbottelingen, de andere is een Royal Brackla 1998.

 
Longmorn 32y 1976/2008, 54.7%, V.C.W.C., Wild West Whiskyfest 2009, cask 5895, 125 bottles
Deze 32-jarige Longmorn heeft een zeer aangename, kruidige en wat ‘aardse’ neus (grond, het wroeten in de aarde) en een krachtige, filmende smaak – op fruit en kruiden – die misschien wel wat complexiteit ontbeert, maar de sterke afdronk (zoet, vol) maakt veel goed. Mmm, dit is een korte note, dit moet beter kunnen Johan. Eens kijken wat we nog uit neus kunnen halen. Buiten snot. Vleessaus? Ja, vleessaus. Leder ook en een beetje tabak. Banaan, en iets waxy. Schoensmeer. In de smaak moet ik ook nog een beetje zilt vermelden. Het zijn echter de neus en de afdronk die deze whisky tot een winnaar maken. 89/100