Spring naar inhoud

Glen Cawdor 1951

Vermits de Glen Grant 21y securo cap eigenlijk een herneming was, blijft de teller op 999 staan en is het vandaag pas echt aan nummer duizend. Geen nood, ook wat ik vandaag proef heeft genoeg adelbrieven om die eer te krijgen.
Glen Cawdor? Nooit van gehoord? Don’t worry, Glen Cawdor is geen distilleerderij, laat staan een actieve, het is een label van Samaroli. Er zijn meerdere whisky’s gebotteld onder dit label, in sommige gevallen met vermelding van distilleerderij, in andere gevallen zonder enige referentie. Er zijn enkele vrij legendarische bottelingen in dit laatste geval, o.a. de 1951 en de 1964. Het is de 1951 die nu in m’ glas zit. Merci beaucoup Patrick!

 

Glen Cawdor 32y 1951, 46%, Duthie for Samaroli, 120 bottles, 75cl
Neus: mmm, mellow… belegen, rond, romig, niks scherps. Hij start wel een beetje gesloten, heeft wat tijd nodig om al z’n geheimen prijs te geven, maar dan… wat een beauty! Hoe omschrijf ik dit? Uniek. In het begin heb ik honing, romige honing, vergezeld van hooi. Maar echt grassig is dit niet, daarvoor komt er na enige tijd teveel zoets en fruit door. Gestoofd fruit, rijpe kruisbessen, marsepein. Boter. Gezouten boter. Ja, wat zilte aroma’s, licht coastal. Kruiden ook, maar niet zo evident om te benoemen. Heide, dat zeker wel. Hoe langer hoe duidelijker. Boterbloemen misschien. Dju, deze neus laat zich moeilijk doorgronden. Een heerlijke, lichte rokerigheid. Op zich zegt het allemaal niet zo veel, maar dit is één van de boeiendste geuren dit ik de laatste tijd in mijn glas had. Smaak: jawel, de smaak moet niet veel onderdoen voor de neus. Hij is zowel zoet (de honing), als grassig (het hooi, de heide, gedroogde bloemen, linde…) en subtiel kruidig. Erdoorheen priemt iets zalig zilts en een beetje turf. My God, dit is goed. Afdronk: dat is het leuke aan dit soort whisky, er is ook nog een afdronk. Geen idee wat het is, maar het profiel doet me wel wat denken aan oude Talisker of oude Springbank. Of oude Highland Park? Zou ook kunnen. Die honing, die heide. Whatever, dit is bangelijk lekkere whisky. En niet dat ik al geweldig veel Springbank, Talisker of HP 1951 gedronken heb. Omzeggens geen. Talisker 1953 daarentegen… Highland Park 1955… zucht. Iemand uitsluitsel? 94/100

Feest

Voor mij dan toch. Ik heb lang getwijfeld welke whisky ik zou selecteren voor mijn duizendste proefnotitie. Maar omdat ik nogal het besluiteloze type ben, ga ik het feest een beetje rekken. Ik heb de laatste maanden enkele whisky’s verzameld – het dient gezegd dat dit in de meeste gevallen spijtig genoeg flesjes van 2 of 3 cl zijn, alhoewel het financieel gezien beter zo is – en proef deze één voor één gedurende de komende dagen, eventueel onderbroken door een intermezzo indien daar (een goede) reden toe is. Het zijn stuk voor stuk whisky’s waarvan ik weet of hoop dat ze mij in de zevende hemel zullen doen belanden. Ik begin met één van de whisky’s die in de afgelopen drie jaar op mij het meeste indruk maakte, nl. de Glen Grant 21y Securo Cap. De securo cap was een sluiting (type draaidop) die enkel in de jaren 1961, 1962 en 1963 gebruikt werd. En aangezien Glen Grant z’n deuren sloot tijdens WO II, is dit dus jaren dertig whisky. Roffel roffel, hier volgt review nummer duizend.

 

Glen Grant 21y 70° proof, 40%, G&M early 1960’s, securo cap
Ah man, memories! Een avond voor Kerst, een kelder in Mortsel, een gezelschap waarbij het kwijl langs de mondhoeken naar beneden droop. Ik vond dit toen fenomenaal goede whisky, ik vind dat nu… euh, fenomenaal goede whisky. Die neus is echt uniek, indrukwekkend lekker maar niet eenvoudig te beschrijven. Laat me toch een poging wagen. Om te beginnen zoet: acaciahoning, gebak, zoet fruit à la banaan, rode appels en peer. Die banaan is gebakken banaan, met rum en honing. Rum-rozijnen. Dan heide en gedroogde bloemen. Daar stopt het bijlange nog niet bij, hij gaat verder op balsamico crème, oud leder en antiekwas. En de geur deed me van in het begin aan iets denken waar ik maar niet kon opkomen, tot het me ‘Eureka!’-gewijze te binnen schoot: Normandische pannenkoek geflambeerd met Calvados, boenk er op. En nog blijft hij evolueren. Aan de hand van een prachtige onderliggende kruidigheid bijvoorbeeld. En Canada Dry, en een beetje okkernoten, en… dat blijft maar doorgaan en doorgaan. Vermoeiend in zekere zin. Maar wat kan het me schelen! Ronduit subliem! Op de tong is hij smeuïg, dik, zoet en kruidig. Ik schrijf op: zoete appels, kaneel, gember, hars, herbal, siroop, munt, honing, Calvados, belegen eik…. Ja, vooral veel puntjes. Alles elegant, subtiel, niks scherps, complex… zo fucking complex! En lékker dat dit is! De afdronk? Pfff, whatever, lang en bitterzoet en dat zegt niks, ik weet het. Een juweeltje uit een zeer ver verleden. Hoeveel scoorde ik ‘m indertijd? 97? Wel, vandaag doe ik daar geen sikkepit van af. Buitenaards inderdaad. 97/100

Duizend

Wel, bijna toch. Vrijdag publiceerde ik mijn 999ste proefnotitie. En dat na drie jaar en drie maanden Onversneden. Time flies. Ik heb dan ook wat lekkers (en ja, dat is een understatement) klaar staan, maar daarover later meer. Ik wil immers van de gelegenheid gebruik maken om een soort van round-up te maken van Onversneden. Sommige bloggers geven bij het begin van een nieuw jaar een overzicht van hun bezoekersaantallen en dergelijke van het voorbije jaar, ik heb dat tot op heden nooit gedaan, omdat ik er niet direct de meerwaarde van inzag. Of wou inzien, want ik krijg daar toch regelmatig (nee, dat is gelogen, af en toe) vragen over. Vandaar dat ik de gelegenheid te baat neem om eens wat cijfers de ether in te gooien, zonder het evenwel te kunnen laten daar enkele al dan niet zinvolle bedenkingen bij te formuleren.

 

Bezoekersaantallen. Tricky! Sommigen geven zogenaamde pageviews of bezichtigingen, andere bezoeken, nog andere unieke bezoekers. Het is dus niet altijd even evident appels met appels te vergelijken. Indien jij vandaag drie maal Onversneden bezoekt, de eerste keer twee pagina’s opent, de tweede keer één en de derde keer vier, zijn dat zeven bezichtigingen, drie bezoeken en één unieke bezoeker. Spijtig genoeg heb ik geen cijfers over het aantal unieke bezoekers, daarvoor moet je Google Analytics of andere site stats in je pagina’s hebben staan, wat ik niet heb. Soit, bezichtingen en bezoeken dus. Onversneden genereert tussen de 500 en de 800 bezichtigingen per dag, met de laatste maand een gemiddelde van 588. Aan gemiddeld 1,4 bezichtigingen per bezoek geeft dit meer dan 400 bezoeken per dag. Rekening houdend met het feit dat het Nederlands het hinterland ervan behoorlijk inperkt, overtreft dit eerlijk gezegd mijn stoutste dromen.

Omwille van die taal merk ik dat de pagina’s regelmatig worden vertaald. De top-3 van talen zijn niet echt verrassend te noemen, nl. Engels, Duits en Japans. Ook Chinees, Frans en Zweeds scoren niet slecht. Een aparte vermelding verdient echter Swahili. No kidding, weliswaar buiten de top-10, maar toch. Swahilli! Ik stel me dan de Keniaanse savanne voor, een local die zich Hakuna-Matata-gewijze tegen een baobab vlijt en op z’n laptop http://www.onversneden.com intikt (of nee, uit z’n favorieten selecteert). De realiteit is ongetwijfeld een stuk prozaïscher, maar sta me toch toe dit beeld even te koesteren.

 

Bezoekduur. Ook tricky! Er moet immers een onderscheid gemaakt worden tussen de gemiddelde bezoekduur en de tijd dat de gemiddelde bezoeker op de site blijft hangen. Voorbeeld: indien er van de laatste 100 bezoeken een bezoeker 2 uur op Onversneden zit en de andere 99 telkens een tiental seconden, krijg je een gemiddelde bezoekduur van 1 min. 22 sec. terwijl de gemiddelde bezoeker maar 10 seconden op de blog blijft. De gemiddelde bezoekduur op Onversneden is trouwens 2 minuten en 26 seconden.
Maar als ik het voorbeeld van daarnet concretiseer en de laatste 100 bezoeken nader bekijk, zie ik dat 41 van de 100 bezoeken geregistreerd staan als een 0 seconden bezoek. Een 0 seconden bezoek is een niet relevant bezoek, ééntje met een duur van minder dan vier seconden. Typisch en ongetwijfeld herkenbaar: Onversneden openen, zien dan er niets nieuws gepubiceerd staat en onmiddellijk weer weg. Of nog: zoekopdracht ‘mest schapenstal te koop’ in Google ingeven, resultaat ‘Brora 1972’ aanklikken, en met gefronste wenkbrauwen weer teruggaan naar de zoekresultaten.
Daarnaast zijn er 24 bezoeken met een duur tussen 4 en 10 seconden. Typisch: pagina openen, lezen over welke whisky het gaat, conclusie en score lezen en weer weg. Toch is de gemiddelde bezoekduur van die laatste 100 bezoeken 4 minuten en 11 seconden omwille van een paar lange bezoeken van meer dan een uur en één van 2 uur en 36 minuten (get a life!). De mediaan echter is een bezoek van 8 seconden. Het is dus belangrijk te weten wat je meet.

 

De populairste pagina is de home page, gevolgd door ‘geproefd’, wat niet hoeft te verbazen omdat er van daaruit veel genavigeerd wordt. Daarna volgen Whisky Top 20, Japan, Over en Whiskytermen.
De populairste zoektermen zijn ook weinig verrassend: onversneden, whisky kopen, whisky top-10, whisky tasting notes, japanse whisky, onversneden whisky, beste whisky, whisky besprekingen, whisky veiling, duurste whisky, whisky reviews… maar bv. ook Duvel distilled deed het goed, net als Lagavulin, Brora, Clynelish, Bowmore, The Belgian Owl, Bruichladdich, Ardbeg, Benriach, Laphroaig, Glenfarclas, Springbank en Port Ellen. Diageo, Douglas Laing, Blackadder (hier zitten ongetwijfeld een hoop mensen tussen die niet begrijpen hoe ze hier terecht zijn gekomen), Rare Malts, Samaroli, Signatory, Malts of Scotland, La Maison du Whisky, Gordon & MacPhail, Duncan Taylor, Dewar Rattray zijn ook populair. Ook op een zekere Luc Timmermans wordt veel gezocht. Zou die iets hebben met whisky misschien?

 

De whisky’s die tot vandaag het meest aan bod zijn gekomen, zijn Caol Ila (36), Bowmore (32), Ardbeg (31), Laphroaig (30), Brora (28), Clynelish (27), Port Ellen (27), Glenfarclas (26), Benriach (26), Springbank (26), Highland Park (24) en Longmorn (21). Ik kan niet onder stoelen of banken steken dat mijn persoonlijke voorkeur enigzins meespeelt in het selecteren van whisky’s. Zo geweldig veel Brora wordt er immers niet meer gebotteld, maar je moet al erg je best doen om geen Caol Ila, Laphroaig, Clynelish of Bowmore tegen te komen.

 

Voila, tot zo ver deze kleine round-up. Er rest mij jullie enkel nog te bedanken voor de online bezoeken. Zoals gezegd ga ik me de komende dagen wat lekkers inschenken, laat je niet weerhouden dit zelf ook te doen. Op het onversneden zintuiglijk genot dat whisky ons dag in dag uit verschaft!

 

Tomatin 18y

Ondanks twee faillissementen (in 1906 en 1985), was Tomatin op een gegeven ogenblik de grootste distilleerderij van Schotland. Het heeft in totaal 23 stills, resulterend in een productie van 12 miljoen liter alcohol (25 miljoen flessen whisky) per jaar. Vandaag wordt nog niet de helft van deze productiecapaciteit (5 miljoen liter) gebruikt.

 

Tomatin 18y, 46%, OB 2011
Volle, romige, bitterzoete sherryneus. Heerlijke sensaties van zoet fruit: crème de cassis, frambozen, gevolgd door honing, heide, koffie en tabak. Een klein beetje rook (van het hout). Wat munt ook en meer en meer zoethout. Ook op de tong is de toon bitterzoet. Kruiden (gember, peper) en eik aan de éne kant, karamel, honing, crème brûlée en marsepein aan de andere kant. Zacht, romig mondgevoel, boterig bijna. En de balans tussen beide sensaties is perfect. Lange, bitterzoete afdronk op eik, honing en kruiden. Wel, ik vind dit erg lekkere whisky. En voor een goeie 50 euro een prachtige prijs-kwaliteitverhouding. 89/100

Port Ellen 29y 1979, Douglas Laing for Duty Free

Port Ellen, we kunnen er niet genoeg van krijgen! Met alle 1982 en 1983’ers die recent gebotteld worden, stel ik voor even stil te staan bij eentje uit 1979, gebotteld door Douglas Laing onder z’n exclusieve Platinum label.

 

Port Ellen 29y 1979/2009, 53.8%, Douglas Laing Platinum for World Duty Free, 261 bottles
De neus vermengt turf met wat bitters. Noten, graan, de schil van pompelmoes, hooi. Langzaamaan komen er zilt en zoete tonen door. Honing, zachte karamel. Oké, fudge. Zéér lekker by the way, zeker na wat lucht happen. Stevig en dik op de tong, met turf, citrus, hout, noten… dezelfde zalige bitterheid van in de neus. Zilt en kruiden (kruidnagel, peper) niet te vergeten. Knappe balans tussen al deze smaken. Toch een ander profiel dan Port Ellen van begin jaren tachtig. De afdronk is lang en zet zich mooi in het verlengde van de smaak. Prachtige Port Ellen. Again. 92/100

Littlemill 18y 1991, G&M Reserve for LMdW

Dat Littlemill 1990 wreed lekker kan zijn, weten we ondertussen wel, écht wel, eens zien of ook een 1991 mij kan bekoren. Deze Gordon & MacPhail werd in 2009 gebotteld voor La Maison du Whisky onder het G&M Reserve label.

 

Littlemill 18y 1991/2009, 46%, G&M Reserve for LMdW, cask 94, 287 bottles
De neus start zoet op honing, marsepein en nougat. Daarna komen er wat waxy tonen door. Bijenwas. Geboend leder. Zoet fruit ook: ananas en rijpe kruisbessen. Een heel klein beetje rook op de achtergrond (dit is niet de eerste Littlemill waar ik dit bij heb). Op de duur ook wat kruiden. De smaak is zacht en romig, fruitig en zoet. Vanille, pompelmoes en wit fruit. Appels en peren. Een lichte granigheid en ook hier wat kruiden. Middellange, eerder zoete en wat grassige afdronk. Erg lekkere (zeker op de neus) en vlot drinkbare Littlemill. 87/100

Bunnahabhain ‘Darach Ùr’

De Bunnahabhain Darach Ùr zou volledig gerijpt zijn op nieuwe eiken vaten uit de States (Darach Ùr is trouwens Gaelic voor ‘nieuw hout’) en werd gebotteld exclusief voor de duty free markt, maar is ook op andere plaatsen verkrijgbaar voor een 50 euro.

 

Bunnahabhain ‘Darach Ùr’, batch No. 1, 46.3%, OB 2009
Zoete neus met best wat fruit. Gekonfijt fruit, perziken, abrikozen en bananen. Groene bananen. Vanille-fudge. Hazelnoten. Iets licht floraals. Erg aangename neus en veel minder woody dan gevreesd. Op de tong ook zoete tonen, net als licht bittere. Kruiden (gember en nootmuskaat – die doemen wel vaker samen op), rozijnen op rum, braambessen en bosbessen. Opnieuw groene banaan en wat meer vanille dan op de neus. Vrij lange, bitterzoete afdronk met het fruit dat aanwezig blijft tot het einde. Een tweede keer proeven geeft wat meer hout, vers geschaafd hout op de neus. Maar in tegenstelling tot sommigen vind ik dit erg lekkere whisky, helemaal niks mis mee. 86/100

Tobermory 15y

In z’n 187-jarig bestaan (oprichting 1823) heeft de productie bij Tobermory exact honderd jaar stilgelegen, van 1837 tot 1978, van 1928 tot 1972 en van 1975 tot 1990. Tobermory is vandaag eigendom van Burn Stewart, die ook Bunnahabhain en Deanston in portefeuille heeft.

 

Tobermory 15y, 46.3%, OB 2010
Lichte sherrytonen in de neus: gedroogde abrikozen, noten, peterselie (vegetaal) en zelfs een klein beetje sulfer. Oké, een heel klein beetje. Gestoofd fruit ook, het maken van confituur. Aardbeienconfituur that is. Vers gemaaid gras ontwaar ik ook nog. De smaak is vol en rond, start zoet met naast het gedroogde fruit van de neus ook wit fruit à la appels en peren. Het vegetale opnieuw (peterselie, kervel), naast best wat kruiden (zoethout, gember, nootmuskaat), mokka, tabak en chocolade. Middellange, licht drogende en vooral kruidige afdronk. Correcte, aangename whisky waar ik evenwel niet echt warm van word. 81/100

Bruichladdich Organic

De Bruichladdich ‘Organic’ is een 100% organische whisky. Dit wil zeggen dat de ingrediënten op bio-dynamische wijze geproduceerd werden én van Schotse oorsprong zijn. Het graan komt van vijf Schotse boerderijen. De whisky is gecertifieerd door de Bio Dynamic Agricultural Association. De naam die deze botteling meekreeg is Anns an t-seann doigh, ofte ‘zoals het vroeger was’.

 

Bruichladdich ‘Organic’ 2003/2009, 46%, OB, 15000 bottles
Maltige en granige neus. Bierbeslag, gist, ontbijtgranen. Wat gele appels erdoorheen, maar weinig andere elementen. Misschien een beetje aardbei op de achtergrond. Saai. Ook de smaak is vooral granig. Pils (goedkope pils), wort, wat florale toetsen, schil van sinaas… vrij bitter en niet echt lekker te noemen. Middellange, licht bittere afdronk op granen en kruiden. Een dag later een tweede keer proeven geeft een gelijkaardig oordeel, echt appreciëren kan ik deze whisky niet. 73/100

Springbank 1969/1995 Signatory

Springbank uit de jaren zestig… we weten dat dat wreed lekker kan zijn. Hoog tijd dus om dat nog eens onder mijn neus en aan mijn lippen te zetten.

 

Springbank 1969/1995, 51.7%, Signatory dumpy, 790 bottles
Ja ja, dit is wat men lekkere whisky noemt. Waxy sherry! De geur van boenwas en antieke meubels vermengd met noten, rood fruit (gestoofd rood fruit), braambessen, tabak en lichte farmy notes. Mosterd in de verte. Duidelijker waar te nemen is marsepein. Eucalyptus ook. Njummie! Deze Springbank voelt erg dik aan, stroperig bijna. Ik heb lichte turf, mandarijn en sinaasconfituur met de sherry die meer en meer naar voor treedt. Chocolade, rozijnen op rum, koffie, eik, wat zilt, peper en hars. Mooie bitterheid. Lange, bitterzoete afdronk op dadels en peper. Erg lekkere oude Springbank. 90/100

Twee exclusieve Tomatin single casks

Laat ons even de decadente toer op gaan. Recent bracht Tomatin twee exclusieve single casks uit, een 1982 en een 1973, geselecteerd door Master Distiller Douglas Campbell himself. Het exclusieve zit ‘m onder andere in de verpakking maar ook in de prijs, je betaalt al gauw 350 pond voor de 1982 en 500 pond voor de 1973. Pond. Deze whisky’s kunnen maar beter waanzinnig goed zijn.

 

Tomatin 28y 1982/2010, 57%, OB, refill sherry, cask 92, 560 bts.
Lekkere, zachte, zoete sherryneus met licht florale tonen. Rozenbottel. De sherry vertaalt zich in noten, zoethout, leder, pruimen, eucalyptus en tabak. Een klein beetje rook ook. Woodsmoke. Geroosterd vlees. Ook behoorlijk wat fruit. Sinaas vooral. Opgelegde peren? Kaarsvet. Anijs komt ook om de hoek kijken. Aangenaam, complex en perfect gebalanceerd. De smaak is vol, romig en ondanks het alcoholpercentage zijdezacht. Donkere maar absoluut geen bittere chocolade, dadels, vijgen en kruiden springen er in eerste instantie uit. Dan kruidnagel, kaneel en behoorlijk wat zoethout. Daarna hazelnoten en lichte eik. De sinaas hebben we terug, net als wat roze pompelmoes. Lange, verwarmende afdronk. Zachte, erg toegankelijke en ook erg lekkere whisky maar veel te hoog geprijsd. 88/100
 
 

Tomatin 36y 1973/2010, 44%, OB, refill bourbon, cask 26502, 184 bts.
O, dit is meteen full blown op fruit. Zoet fruit. Sappige peren en dito rode appels, bananen en andere tropische varianten. Mango, meloen enzo. Honing, marsepein, boter, gedroogd gras en kruiden. Kruidenlikeur à la Jägermeister. Zalig is dit! De smaak is licht en subtiel en moet het hebben van fruit en kruiden. Qua fruit de peer weer, net als het tropische fruit. Wat eik, maar op de achtergrond. Hier mist hij misschien een beetje power. Dat laatste zorgt er ook voor dat de afdronk niet al te lang is, op fruit en honing. Zilt? Een beetje ja. Licht drogend. Wreed lekker, zeker op de neus, maar ook hier is de (retorische) vraag of hij z’n exuberante prijs wel waard is. 90/100

Dailuaine 10y 1999, The Real Wee Dram

Een half jaar geleden vierde The Wee Dram Whisky Society, de sympathieke whiskyclub uit het Kortrijkse (de club ook die het meeste nominaties voor Beste Whiskyclub van het land achter z’n naam heeft), zijn tiende verjaardag. Ter gelegenheid van deze mijlpaal werd een eerste clubbotteling gebotteld, een Dailuaine 1999. Geef toe, een verrassende keuze. Maar na hem te proeven blijkt dit ook een zeer geslaagde keuze te zijn.

 

Dailuaine 10y 1999/2010 ‘The Real Wee Dram No 1’, 58.6%, sherry butt #6287, bottled for Wee Dram 10th Anniversary, 180 bottles
Stevige neus, wat gezien het alcoholpercentage niet mag verwonderen, maar toch meteen erg toegankelijk. Mooie maltigheid vermengd met fruit (peren, perziken, mandarijn) en florale toetsen. Bloesems, heide, hooi en gras. Voor het zoets zorgen vanille en zoethout. Wat munt ook en noten. Erg lekkere neus. Daarenboven is hij perfect drinkbaar zonder water. Romige, volle smaak, zoet en fruitig. Gekonfijt fruit, sinaas, ananas, honing en karamel. Lichte eik. Tijm en gember zorgen voor een extra kruidigheid. Een heel klein beetje zilt. Lange, zoete afdronk met een prachtige bitterheid erdoorheen. Pompelmoes met griessuiker. Gekonfijte gember en peper (de alcohol). Knappe vatselectie, gebotteld op ideale leeftijd me dunkt, het hout heeft reeds z’n bijdrage geleverd maar blijft netjes op de achtergrond. 88/100

Teaninich 12y, The Nectar of the Daily Drams

Vandaag proef ik een 12-jarige Teaninich van The Nectar. Ik heb geen idee wanneer deze whisky gebotteld is, maar ik hoef me niet te schamen want ook de mensen van The Nectar weten dit niet, volgens James waarschijnlijk reeds ergens in de jaren negentig. Het betreft blijkbaar een pallet flessen dat enkele malen de wereld heeft rondgereisd en vergeten was in één of andere magazijn. Pas recent wordt het te koop aangeboden bij verschillende slijters.

 

Teaninich 12y, 40%, The Nectar of the Daily Drams
Deze whisky laat zich onmiddellijk kennen als een échte daily dram. Zacht, aangenaam en erg vlot drinkbaar. De neus geeft in eerste instantie een zoete granigheid, ontbijtgranen en vanille, gevolgd door lichte, frisse, grassige tonen. Tevens heb ik een klein beetje bijenwas, noten, citrus en zachte eik. Ook de smaak is zoet, maar hier wordt deze Teaninich wat fruitiger. Naast de citrus doemen ook appels en gele perziken op. Vanille, eik en gember maken het plaatje af. Romig, licht boterig mondgevoel. En dat kapt dus verschrikkelijk gemakkelijk binnen. De afdronk is niet geweldig lang maar wel aangenaam, romig, op appels, zacht hout, kandij en peper. Voor een 40 euro iets om snel in huis te halen, maar let op, want de fles zal al even snel leeg zijn. 84/100

Caol Ila 16y 1977, Cadenhead

Vandaag proef ik een oude jonge Caol Ila. Deze Cadenhead botteling is een 1977, maar al bijna twee decennia geleden op flessen getrokken.

 

Caol Ila 16y 1977/1993, 58.6%, Cadenhead
De neus van een hammetje aan ‘t spit, rokerig en zilt, maar ook van behoorlijk wat groene appels, net als van gras (hooi misschien eerder), mineralen (natte steen), mosterd en peper. Dik en boterig op de tong. Hier heb ik in eerste instantie turf, daarna een stevige portie kruiden en wat hout. Hier is echter niet veel fruit te bespeuren, tenzij wat witte pompelmoes. Lange afdronk op kruiden en turf. Lekkere, foutloze Caol Ila, ook toen al. 86/100

Yoichi 1987, beste single malt WWA 2008

Deze Yoichi werd uitgeroepen tot beste single malt van de wereld op de World Whisky Awards 2008. Let op, er zijn nadien nog bottelingen gevolgd (althans op z’n minst één waarvan ik weet heb), ik proef de eerste uit 2007. Nikka bottelt trouwens elke winter een zogenaamde ‘limited edition’ whisky die twintig jaar eerder werd gedistilleerd.

 

Yoichi 1987, 55%, OB 2007, Nikka, 2000 bottles
Lekkere sherryneus met veel fruit (gedroogde abrikozen, vijgen, rabarber-confituur), een beetje hars, stroop, peper en zoethout. Tabak, lichte kruidige turf. Antiekshop (oude meubels, oud geboend leder). Volle, romige smaak, zoet en kruiden. Stroop, karamel en zoet, gekookt fruit. Nootmuskaat. Zachte turf. Een beetje zilt zelfs. Mooi in balans, verwarmend en elegant. Met water erbij treden de kruiden meer op de voorgrond. Lange, bitterzoete afdronk, wat drogend. Erg lekkere whisky, dat zeker, maar ik kan me niet voorstellen dat er in 2008 geen betere single malt te krijgen was. 87/100

Tomintoul 1967, Thosop

Niet zo lang geleden proefde ik de Tomintoul 1967 van A.D. Rattray. Dat was een whisky die moest groeien, hij startte heel gedempt, zowel op de neus als op de smaak, maar met wat moeite doen en vooral tijd geven, bloeide hij open tot een wondermooie whisky. Vandaag proef ik de 1967 van Thosop, en aangezien ik nog wat over had van de Rattray heb ik meteen een mooie sparring partner.

 

Tomintoul 43y 1967/2010, 49.3%, Thosop, handwritten label, bourbon cask #5426, 112 bottles
Deze Thosop is in tegenstelling tot de Dewar Rattray meteen erg aromatisch, hier moet je niet zo veel moeite voor doen. Ook een bourbon cask maar het hout was hier actiever, zonder dat het z’n stempel op de whisky drukt. Veel fruit: ananas, rijpe sinaas, appels. Veel groene thee ook. Dan geroosterde noten. Karamel? Ja, een beetje. Butterscotch. Nootmuskaat, en dus de mooie, zachte eik. De smaak is zeker steviger dan die van de Rattray (logisch, 9% meer), met de eik die zich heel mooi vermengd met tonen van gebakken banaan, pompelmoes, karamel en kruiden. Hier echt veel nootmuskaat. Daarna ook wat peer. De eik zorgt voor een mooie bitterheid. Eerder lange, verwarmende en drogende afdronk op kruiden en sinaas. Erg lekkere whisky. Het is moeilijk kiezen tussen beide, het zijn twee verschillende profielen, je moet ze ook anders benaderen… maar beide zijn toppers, laat dat duidelijk zijn. 90/100

Parker’s Heritage Collection, Golden Anniversary

Deze luxe bourbon werd gebotteld ter ere van Master Distiller Parker Beam’s vijftig jaar in de business en bevat whiskey van elk van de vijf voorbije decennia, van de jaren zestig tot heden dus. Een bourbon van meer dan 150 euro, benieuwd wat dat geeft.

 

Parker’s Heritage Collection, Golden Anniversary, 50%, Heaven Hill 2009
Mmm, dit is toch een beauty. De neus start zoet op kandij, donkere chocolade, honing, pruimencompot en perensiroop. Daarna zetten de granen zich door, net als noten en fruit. Braambessen. Na enige tijd ook duidelijk sinaas. Leder. Eikenhout en een wel heel bijzondere kruidigheid. Selderijzout, anijs. Schoenenwinkel. Complex. En erg lekker. Dezelfde smeuïge zoete tonen op de smaak, vermengd met een prominente kruidigheid. Het zoet doet me denken een chocolade, praliné en kandijsiroop, qua kruiden heb ik kaneel, peper en munt. Mooie, ronde eik. Tabak. Warme appeltaart. Verwarmend, absoluut. Lange, ronde en perfect gebalanceerde afdronk, op kruiden, roze pompelmoes en kandij. De integratie van jong en oud is hier echt wel geslaagd. Ben niet zo’n grote fan van bourbon, maar dit is gewoon schitterende whiskey. 89/100

Blairfindy Moor

Blairfindy Moor is een stuk heide tussen de rivieren Avon en Livet en is onderdeel van het Cairngorms National Park. Blairfindy is ook de naam van een single malt van Blackadder, meer bepaald van een familiale distilleerderij uit Ballindalloch wiens naam niet het etiket mag staan. Rarara. Blairfindy is trouwens de naam van de boerderij waar de familie vandaan kwamen, men noemt hen dan ook de Blairfindy Grants. Toch is niet elke Blairfindy van Blackadder een Glenfarclas, zo werd er in 2007 een Mortlach 1989 gebotteld voor Whisky Live Brabant, welke de naam Blairfindy Moor meekreeg.

 
Blairfindy Moor 1989 (Mortlach), 60.5%, Blackadder for Whisky Live Brabant 2007, 99 bottles
De neus is erg krachtig en alcoholisch, wat niet mag verwonderen. Hars, hout, de schil van appelsienen, graan, chocolade. Met water krijgt hij iets geparfumeerds, zonder te storen evenwel. Al even krachtig op de tong, laat zich moeilijk drinken zonder water. Met water zoet. Bananenlikeur, appelsien, karamel, aardbeien, gember… ja, versneden is hij best aangenaam. Middellange, fruitige finish (met water dus). 83/100

Balmenach 1975, Connoisseurs Choice

Van Balmenach wordt weleens gezegd dat het een typische blenderswhisky is en dat hun zeldzame single malts niet veel soeps zijn. Ik proefde tot op heden twee Balmenachs, een 1983 en een 1973 die ik respectievelijk 82 en 85 scoorde, voorwaar toch niet slecht? En weet je wat, vandaag wordt het nog beter. Ruben bezorgde mij een sample van een volgens hem heerlijke 1975 van Gordon & MacPhail, waarvoor dank Ruben.
Weetje: je vindt onafhankelijke Balmenach bottelingen ook soms onder de naam Deerstalker. Ook de namen Balminoch of Cromdale werden gebruikt.

 

Balmenach 1975/2007, 43%, G&M Connoisseurs Choice, first fill sherry
Zeer mooie, bitterzoete sherryneus. Geroosterde noten, kandijsuiker (en -siroop), rozijnen, gebakken banaan (op de barbeque), appelsien, belegen eik, de geur van een bos in de herfst, het vallen van de bladeren. Misschien een heel klein beetje rook op de achtergrond, rook van het hout. Acaciahoning ook, gefrituurde peterselie, kaneel en gekonfijte gember. Iets licht waxy. Volle, romige smaak met veel gedroogd fruit en noten, maar ook citrus (oké, de sinaas weer), karamel, koffie (zwart), tabak. Eik, en een aangename kruidigheid. Lange afdronk op gedroogd fruit, honing en kruiden. 88/100

Ballantine’s Blended, Quartino import 1950’s

Ballantine’s, ik heb er trauma’s van! Hoe slecht kan whisky zijn? Oké, ik weet ook wel dat er andere Ballantine’s zijn dan de standaard blend – zo gooide de 17-jarige nog hoge ogen in de recentste Whisky Bible van Jim Murray – maar ik wil nu toch eens zien wat de gewone leeftijdloze Ballantine’s uit lang vervlogen tijden waard was. En dat zal ik spoedig weten want voor mij heb ik de eerste botteling voor de Italiaanse markt staan, eentje uit de jaren vijftig. Grazie Giovanni!

 

Ballentine’s Blended, 43%, OB imported by Quartino 1950’s, first import in Italy
De neus moet het hebben van de verwachte granen, maar ook van heel wat meer. En zo goed als geen karamel. Dat heel wat meer komt verdacht fris over voor meer dan vijftig jaar op fles te hebben gezeten: kamille, eucalyptus, jodium, lichte rook… daarna mos en wierook (vraag me niet welke). Antiekwas, oud leder, oude kleerkast… ja, lichte old bottle toestanden, maar op de achtergrond. Op de smaak wel een beetje karamel, wat granen maar ook zoethout, vrij veel kruiden, misschien wat zilt, gekonfijt fruit, melkchocolade. En ook hier dat licht stoffige op de achtergrond, net zoals in de middellange, granige en waxy afdronk. Niet meer te vergelijken met het huidige spul, maar of dat aan de blend van vijftig, zestig jaar geleden ligt dan wel aan die periode op de fles… het is ongetwijfeld een samenspel van beide. 84/100