Spring naar inhoud

Posts tagged ‘whisky’

Enkele klassiekers – de letter T

Talisker 10y, 45.8%, OB 2002 – Skye – 88/100
Dit is nog de doos met de kaart van Isle of Skye, niet de recentere blauwe doos. Een klassieker onder de eiland whiskies. Let op het alcoholpercentage. Talisker bottelt al z’n standaardwhisky’s op 45,8%. Waarom niet gewoon op 46% (of 43%) vraagt u zich af, wel om dat te begrijpen moet je Marketing gestudeerd hebben.
Stevige neus, lichte turf, zilt, rook, njammie! Smaak van de zee, maar ook fruitig en wat zoet. Kruiden en licht rokerig in de (lange) afdronk. Eén van m’n favorieten! Naar het schijnt is de nieuwe botteling minder. I’ll cherish what’s left!
 
Tobermory 10y, 40%, OB 2006 – Mull – 61/100
Muffe neus met behoorlijk wat rubber. Kruidig ook. Zoethout. Iets medicinaals. Hint van turf, maar zonder de rook. Dit wil zeggen dan de turf van de venen komt en niet van het drogen van de gerst. Peperige smaak met ook hier dat licht medicinale. Niet echt aangenaam.
 
Tomintoul 16y, 40%, OB 2006 – Speyside – 77/100
Zacht zoete, wat belegen neus. Fruitig. Perzik? Ook smaak is fruitig. Mooie balans.

Duncan Taylor

Duncan Taylor is een onafhankelijke bottelaar gevestigd in het stadje Huntly, midden in Speyside. Het is ook één van de oudste bottelaars van single malt whisky.

Opgestart in 1931 in Glasgow handelde het vooral als trader tussen distilleerderijen, bottelaars en blenders. Maar dit nam niet weg dat het gedurende al die jaren een uitgebreide verzameling aan vaten van verschillende Schotse distilleerderijen kon aanleggen, welke vanaf de verhuis naar Huntly op de markt worden gebracht.
In tegenstelling tot andere bottelaars is het beleid van Duncan Taylor er nu niet meer op gericht vaten te selecteren bij distilleerderijen om deze dan te bottelen, maar wel om lege vaten bij de distilleerder te laten vullen en deze in de warehouses van de betreffende distilleerderij te laten rijpen.

Bekende reeksen van Duncan Taylor zijn The Duncan Taylor Cask Strength Collection, The Rarest of the Rare Cask Strength Collection, Duncan Taylor NC² (hierover volgende week meer), The Whisky Galore Single Malt Collection en The Lonach Collection of Single Malt Scotch Whiskies.
Deze laatste serie betreft bottelingen van verschillende vaten waarvan er één of meerdere een alcoholpercentage hebben van minder dan 40%. Wanneer het percentage van de whisky in een vat geen 40% meer bedraagt, mag het distillaat de naam ‘whisky’ niet meer dragen en dus ook niet als dusdanig gebotteld worden. Het vermengen met andere vaten van dezelfde distilleerderij met een hoger alcoholpercentage maakt dat het geheel wel als ‘whisky’ door het leven kan gaan.
Naast single malt whisky bottelt Duncan Taylor ook blends en wat m’n ‘bastard’ whisky’s of whisky’s van ‘undisclosed distilleries’ noemt, whisky’s zonder referentie naar de distilleerderij. Voorbeelden hiervan zijn The Big Smoke, Scottisch Glory Superior en de Auld reekie 12y.
 
Proefnotities van drie Speysiders, door Duncan Taylor op vatsterkte gebotteld:
 
Caperdonich 38y 1968/2006, 56.3%, Duncan Taylor, cask 2616, 174 bottles – Speyside – 85/100
Meer dan 56% na 38 jaar op vat gelegen te hebben, sterk! Lekkere neus met enorm veel fruit. Tropisch fruit (passievrucht), maar ook perzik en peer. Beetje anijs ook. Smaak is al even fruitig, met vooral perzik hier. Ook wat zoet (honing) en kruidig. Lange, zoete en fruitige afdronk. Lekkere whisky!
 
Dallas Dhu 25y 1981/2007, 57.9%, Duncan Taylor, cask 419, 261 bottles – Speyside – 80/100
Zoet en granig in de neus. Smaak van kruiden (nootmuskaat?) en fruit. Duidelijk sinaas. Vrij korte afdronk op lekkere citrus. Eenvoudig maar erg aangenaam.
 
Knockando 25y 1980/2005, 48.3%, Duncan Taylor Auld Collection – Speyside – 77/100
Frisse, kruidige neus. Bloemig ook. Doet me wat denken aan een witte wijn (appelbloesem). Neigt na enige tijd wat naar het zure. Smaak is erg droog en bitter, maar eerder aangenaam bitter. Beetje kruidig, beetje granig. Middellange droge afdronk.

Een schitterende Pittyvaich

Vandaag effe tijd nemen voor een geweldig lekkere Pittyvaich die Dominiek Bouckaert mij op een ‘parking tasting’ (dat zijn de beste) liet proeven.
 
Pittyvaich 26y 1974/2000, 55.8%, Kingsbury, cask 3498, 514 bottles – Speyside – 91/100
Gebotteld voor de Japanse markt. Complexe neus met bloesems, iets ziltigs, kruidig, wat zoets, noten… Mondvullende smaak met kruiden, sherry, fruit (aardbei?). Geweldig lekker. Heerlijke, lange afdronk. Merci Dominiek!

(Single) Grain Whisky

Grain whisky is whisky gedistilleerd uit verschillende graansoorten, zowel gemoute gerst als andere (ongemoute) granen. Single Grain whisky is dan whisky van verschillende graansoorten, maar van één en dezelfde distilleerderij.
Het grootste deel van de Schotse graanwhisky wordt verwerkt in blended whisky’s. Blended whisky is een mengeling van malt whisky en grain whisky.

Graanwhisky’s zijn over het algemeen lichter, maar scherper van smaak. De gebruikte graan is vaak tarwe, waar vroeger eerder mais werd gebruikt.
Momenteel zijn er in Schotland nog maar enkele actieve Grain distilleerderijen actief, vooral in de Lowlands.

Hieronder twee oude single grain whisky’s.
 
Invergordon 41y 1965/2007, 50.4%, Duncan Taylor, cask 15512, 244 bottles – Highland – 76/100
Deze heeft een frisse neus met granen, hout en citrus (sinaas, mandarijn). Ook wat zoet. Vanille, karamel. Doet me aan één of ander koekje denken, maar kom er niet op. Zachte zoete smaak. Ook hier iets van karamel. Marsepein ook. Niet slecht.
 
North of Scotland 33y 1972/2006, 56.7%, Dewar Rattray, cask 25772, 172 bottles – Lowland – 83/100
Distilleerderij North of Scotland bevindt zich op 30 km van Glasgow, in de Lowlands… niet echt ‘North’ dus. Gesticht in 1958 voor de productie van single malt, maar vrij snel overgeschakeld op het distilleren van grain whisky. Gesloten in 1980, na amper 2 decennia activiteit.
Zesde whisky op de DR tasting in Tasttoe op 13 september 2007. Schitterende zoete neus! Vanille, karamel, zoethout… Appels. Speculaas. Yep, duidelijk speculaas (kruiden). Ook in de smaak, naast de vanille en appelsien. Lange zoete afdronk met de alomtegenwoordige speculaas. Speciaal en erg lekker.

Enkele klassiekers – de letter I

Isle of Jura 10y, 40%, OB 2007 – Jura – 70/100
Redelijk wat rubber in de voor de rest zoete neus. Honing. Ziltig ook. Zachte smaak met drop en peperkoek. Geconfijt fruit. Vrij lange en vettige afdronk. Boter. Kruiden ook. Matig.

Signatory

Eén van de jongste onafhankelijke bottelaars is Signatory. Signatory werd opgericht in 1988 en is nog steeds volledig in familie-handen. Het is ook één van de weinige volledig onafhankelijke bottelaars die hun eigen vaten bottelen. Heel wat bottelaars bottelen onder contract.
Oorspronkelijk gevestigd in Leith, verhuisde Signatory in 1992 naar de huidige thuisbasis Newhaven – Edingburgh, waar het over grotere opslagfaciliteiten beschikte. Na deze verhuis ontving de bottelaar een licentie om ter plaatse eigen vaten te bottelen, waarop een bottelinglijn werd geïnstalleerd.

Sedert 2002 is Signatory tevens eigenaar van Edradour, Schotland’s kleinste distilleerderij.

De bottelingen van Signatory vermelden meestal de datum van distillatie, de datum van botteling en het vatnummer. Elke fles krijgt een individueel nummer mee.

Hieronder drie Signatory bottelingen die ik recent kon proeven.
 
Glen Ord 8y 1998/2006, 40%, SIG, cask 3440, 407 bottles – Highland – 73/100
Hogshead vat. Frisse, fruitige neus. Vanille. Zachte, weinig uitgesproken smaak. Granen en fruit, meer haal ik er niet uit. Middellange fruitige afdronk. Beetje te vlak, te weinig karakter.
 
Highland Park 18y 1985/2003, 53.9%, SIG for LMDW, cask 2915, 415 bottles, 50cl – Orkney – 85/100
Schattig 50 cl flesje, gebotteld uit een Hogshead vat voor La Maison Du Whisky. Behoorlijk ziltige en rokerige neus met de typische Highland Park honing. Ook veel honing in de smaak, met rook en fruit. Marsepein! Njammie. Lange, ziltige afdronk. Lekker!
 
Rosebank 13y 1991, 43%, SIG, casks 4717 & 4718 – Lowland – 84/100
Dit is dus geen Single Cask, maar een botteling van twee vaten. Lekkere neus. Kruidig. Peper. Licht ziltig. Fruitig, maar ook bloemig. Hint van turf? Ook de smaak mag er zijn, kruidig en fruitig. Citrus. Lange droge afdronk. Ben niet echt een Lowland fan, maar deze is erg lekker!

Enkele klassiekers – de letter H

Highland Park 12y, 40%, OB 2003 – Orkney – 74/100
De naam en de herkomst zeggen alles. Verenigt Highland kenmerken (maltig, fruitig, kruidig) met eiland karakteristieken (beetje ziltig, lichte turf in de afdronk). Geen al te lange noch prettige afdronk. Een echte all rounder, maar daardoor te weinig karakter.

The Scotch Malt Whisky Society (SMWS)

De Scotch Malt Whisky Society is een genootschap van whiskyliefhebbers, opgericht in 1983 met als doel het promoten van Schotse single malt whisky. Het bottelt vaten van zowat iedere Schotse distilleerderij, alle single casks op vatsterkte en non-chill-filtered.
De bottelingen van de SMWS dragen alle hetzelfde label, en worden enkel onderscheiden door twee getallen. Het eerste verwijst naar de distilleerderij. De Society mag immers de naam van de betreffende distilleerderij niet vermelden. Je hebt dus de lijst met getallen en bijhorende distilleerderijen nodig om te weten wat je drinkt of koopt. Het tweede getal verwijst naar het nummer van de botteling. Zo is 85.12 het 12e vat Glen Elgin (85) dat de Society bottelt.
Tot op heden heeft de SMWS vaten van 125 distilleerderijen gebotteld, Glenmorangie sluit de rij met nr. 125.

De bottelingen van de SMWS zijn enkel beschikbaar voor leden en zijn dus niet te vinden in de reguliere handel. Sinds kort zijn de SMWS whisky’s ook in de Benelux verkrijgbaar via een filiaal in Roosendaal, Nederland. Lidmaatschap kost het eerste jaar 110 euro, jaarlijks hernieuwbaar aan 60 euro. Ieder lid krijgt op regelmatige basis een nieuwsbrief en bijhorende bottelinglijst.
Voor iedere botteling is er een proefnotitie beschikbaar, opgesteld door het SMWS proefpanel. Dit panel geeft elke botteling ook een ‘poëtische’ naam. Momenteel telt het genootschap wereldwijd meer dan 15.000 leden.

Vandaag en morgen publiceer ik enkele proefnotities van SMWS bottelingen die ik recent kon proeven.
 
Highland Park 22y 1984/2007, 52.7%, SMWS 4.113, 271 bottles – Orkney – 75/100
Deze fles draagt het nummer 4.113, wat wil zeggen dat het om het 113de vat van Highland Park (nr. 4) gaat. Hij kreeg als naam Hush-a-by Hoggie mee, waarmee we meteen weten dat het een Hogshead vat betreft.
De neus is zonder water erg gesloten en geeft enkel wat houtskool associaties. Met water wordt ie meer typisch Highland Park, zowel in de neus als in de smaak. Honing, sinaas, beetje kruiden en wat rook. Ziltige afdronk. Gewoon lekker.
 
Bowmore 10y 1997/2007, 59.6%, SMWS 3.132 – Islay – 79/100
Deze botteling draagt het nummer 3.132 (132e vat Bowmore) en m’n heeft dit Beachcomber’s tipple (strandjutter’s drankje) genoemd. Is een botteling van een Refill Hogshead vat. Cleane, wat zoete neus met turf en fruit, zonder enige zeep associatie. Hebben ze het bij Bowmore eindelijk begrepen? Smaak is stevig, wat zoet, maar vooral rokerig. Ook rook in de afdronk.
 
Springbank 11y 1996/2007, 57.9%, SMWS 27.66 – Cambeltown – 63/100
Deze botteling van de SMWS draagt het nummer 27.66, waaruit je kan afleiden dat het een Springbank betreft (nr. 27). De naam heb ik vergeten te noteren. Neus is erg fris, bloesemig, maar ook fruitig. Appel. Smaak vind ik maar plattekes, weinig expressief. Water toevoegen helpt niet echt. Bloemen en slappe thee. Heel lichte rook, ook in de afdronk. Slechte Springbank.
 
Teaninich 21y 1983/2005, 56.6%, SMWS 59.31, 252 bottles – Highland – 80/100
Draagt het nummer 59.31. Is dus het 31e vat van distilleerderij met nr. 59. Kreeg de naam Light smoke from a wood fire opgeplakt. Effe de SMWS lijst erbij halen en 59 blijkt Teaninich te zijn, mijn eerste Teaninich trouwens. Neus is aangenaam zoet en fruitig. Fruitsnoepjes! Ook een hint van rook (toch wel). Zachte fruitige smaak, vlot drinkbaar. Middellange finish.

Enkele klassiekers – de letter G (bis)

Vandaag nog enkele Glens.
 
Glengoyne 10y, 40%, OB 2006 – Highland – 67/100
Neus: rubber, nat hout, kruiden, zoethout en zilt. Smaak: zoet en peperig. Droge, wat scherpe afdronk met veel alcohol, ondanks laag percentage. Beetje een tegenvaller.
 
Glenlivet 12y, 40%, OB 1999 – Speyside – 59/100
Fruitig, maltig. Kan er mee door, maar daarmee is ook alles gezegd. Te vlak, te weinig complex.
 
Glenmorangie 10y, 40%, OB 2000 – Highland – 67/100
Zacht, moutig, fruitig, licht zoet. Honing. Vanille. Geen bijzondere whisky, wel een frisse en aangename all-rounder.

Tom Waits & Whisky op Facebook

Voor de Facebookers met smaak: vervoeg The Tom Waits and Whisky Appreciation Society! Vermits zwaar gepassioneerd door beide, beschouw ik mezelf als erelid.
Heb prompt nog ’s het ronduit geniale Real Gone door de luidsprekers laten knallen. Wat een dijk van een plaat! Natuurlijk heb ik dit auditief genot laten vergezellen door een olfactorisch equivalent, de Talisker 18y.
 
Talisker 18y, 45.8%, OB 2006 – Skye – 90/100
Fles meegebracht van ons reisje naar Isle of Skye, eind 2006. Gekocht voor amper 50 euro in de distilleerderij zelf, hier in België betaal je gauw 20 euro meer. Deze 18y standaard botteling kan je vergelijken met de 10y, maar dan met nog meer karakter en finesse. Honing en licht ziltig in de complexe neus. Wat turf en bittere chocolade. Ook de smaak is redelijk zoet, zoeter dan de 10y. Lichte turf, zilt, kruiden ook. Enorm veel smaken, allemaal mooi in balans. Behoorlijk rokerig in de zachte en droge afdronk. Fantastische whisky! En nu nog betaalbaar.

Enkele klassiekers – de letter G

Glen Deveron 10y 1989, 40%, OB 1999 – Speyside – 60/100
Glen Deveron is een brand van de MacDuff distilleerderij. Maltig, droog. Korte afdronk. Niet slecht voor z’n prijs, maar de prijs ligt dan ook niet hoog.
 
Glenfarclas 10y, 40%, OB 2006 – Speyside – 76/100
Neus is bitterzoet. Gebrande karamel. Crème brûlée. Lichte rook. Volgens mij een sherry vat. Ook wat karamel in de smaak, naast hout en fruit. Droge, kruidge, middellange afdronk. Een ideale after-dinner malt.
 
Glenfiddich 12y Special Reserve, 40%, OB 1997 – Speyside – 58/100
Spreek uit ‘Glen-fiddie’. Tja, iedereen heeft ‘m al wel eens geproefd. Massaproduct, grootste gemene deler. Vlakke, weinig uitgesproken smaak. Mist duidelijk karakter. Kan doorgaan voor een goeie blend…

Enkele klassiekers – de letter D

Dalwhinnie 15y, 43%, OB 2006 – Highland – 76/100
Lekkere neus met fruit, graan, honing en vanille. Vage hint van turf. Maltige, olie-achtige smaak. Zoet ook. Zoetigheid gaat over in bitterheid, maar deze is zeker niet onaangenaam. Korte, licht bittere afdronk. Best wel ok.

Benriach – slot

Eindigen doen we met drie geturfde Benriachs, die daarenboven ook nog effe gefinished werden. Zoals vrijdag reeds vermeld, is dit een heel ander type geturfde whisky dan bv. Islay whisky’s.
 
Benriach 12y ‘Heredotus Fumosus’ richly peated, 46%, OB 2007, Pedro Ximenez Sherry finish, 3180 bottles – Speyside – 76/100
Zoete, cleane turf. Geen zeewier, geen jodium, niks medicinaals. Wel vanille, citrus en gerookt spek. Ook in de smaak domineert de zoete turf. Zoethout en rozijnen ook. Na een tijdje wordt ie vrij bitter, hints van Earl Grey. Vrij lange, wat droge afdronk op zoete turf. Slecht is dit niet, maar ik mis toch die medicinale touch.
 
Benriach 21y 1985/2007 richly peated, 54.5%, OB, Sherry Oloroso finish, cask 3766, 666 bottles – Speyside – 86/100
Heerlijke turf, zowel in de neus als in de smaak. Neus is ook zoet (vanille) en wat kruidig. In de smaak zit ook fruit (citrus), honing en rozijnen (nota voor mezelf: niet de eerste Benriach waarin ik dit proef). Peper ook. Alles mooi in balans. Lange afdronk. Erg lekkere Benriach en duidelijk de winnaar van de avond.
 
Benriach 31y 1975/2007 lightly peated, 53.7%, OB, Tawny Port Wood finish, cask 4451, 707 bottles – Speyside – 76/100
Na 3 decennia bourbon, hebben ze deze whisky nog een jaartje op een Porto (Tawny) vat gestoken. Dit lijkt mij een doodzonde, maar ‘the proof of the pudding is in the eating’ niet waar? De porto is in ieder geval duidelijk aanwezig in de neus, rood fruit. Maar ook citrus en kruiden. En lichte turf. Smaak is zoet (vanille), erg bloemig (infusie thee van rode vruchten?), sinaas, peper.. en op het eind een beetje turf. Vrij lange, peperige finish. Was deze whisky echt zo slecht dat ze hem moesten maskeren met de porto? We zullen het nooit weten…

Benriach – vervolg

Vandaag snijden we drie finishes aan. Wat finishes zijn en wat ik er van vind lees je onder Arran. Uit de onderstaande scores kan je afleiden dat er bij de Benriachs geen hoogvliegers zaten, maar anderzijds ook geen zware tegenvallers. Nog zus, nog zo, een goede samenvatting van het gros van de finishes.
 
Benriach 15y Dark Rum Wood Finish, 46%, OB 2006 – Speyside – 72/100
Een jaar op een rum vat gelegen… ben benieuwd of ik hier de geweldige rum-rozijnen ga proeven. Er zit een beetje vanalles in de neus: bloesems, iets fruitigs (banaan), iets kruidigs (kaneel) en iets zoets (caramel). Maar geen rum-rozijnen verdorie. Smaak is zoet (de caramel opnieuw) en fruitig. Ananas? In de smaak is de rum duidelijker aanwezig, maar of dit een goeie zaak is? Neus bevalt me in ieder geval beter dan de smaak. Middellange, zoete afdronk.
 
Benriach 15y Madeira Wood Finish, 46%, OB 2006 – Speyside – 73/100
Na 14 jaar op bourbon vaten, heeft deze whisky nog een jaar op een Madeira (Henriques and Henriques) vat gelegen. Dit resulteert in een zoete whisky met vanille (van het bourbonvat), fruit (perzik), rozijnen en iets kruidigs in de neus. De perzik en de kruiden zitten ook in de smaak, de Madeira heeft z’n werk gedaan. Banaan ook. Droge, wat zoete finish. Niet echt geweldig.
 
Benriach 16y 1991/2008 Sauterne Wood Finish, 56%, OB 2008, cask 6910 – Speyside – 76/100
Advanced sample, op ogenblik van proeven nog niet gebotteld. Zou begin 2008 gebotteld worden, na een kleine 15 jaar Bourbon en 18 maanden Sauterne vat. Wat stoffige neus met veel vanille (het bourbon vat) en fruit (perzik, abrikoos). Met water ook peer. Frisse, fruitige smaak ook iets kruidigs (nootmuskaat?). Relatief korte afdronk. Een echte zomerwhisky.

Benriach

En dan nu een streepje Benriach (spreek uit ben-rie-ak), distilleerderij uit Lossie, streek in het hart van Speyside. Benriach = ‘gespikkelde berg’.

Na in 1897 de Longmorn distilleerderij gebouwd te hebben, stampte John Duff een jaar later Benriach uit de grond. In 1900 werden beide distilleerderijen verkocht, waarop de nieuwe eigenaar Benriach meteen sloot. Het mouten werd evenwel niet gestopt (voor Longmorn o.a.). Pas in 1965 werd de productie er terug opgestart. In 1977 kwam Benriach in handen van Seagram, dat in 1985 de productiecapaciteit verdubbelde (twee naar vier stills). In de jaren tachtig werd er op Benriach ook getrufde whisky gedistilleerd, welke we nu terugvinden in recente bottelingen. Deze peated malt is erg clean en verschilt in die zin erg van de meeste geturfde eilandwhiskies, welke over het algemeen een stuk medicinaler zijn.
In 1999 sloot Benriach opnieuw. In 2001 werd de distilleerderij overgenomen door Pernod-Ricard die het in 2002 weer sloot en 2004 doorverkocht aan het Zuid-Afrikaanse Intra Trading van Billy Walker.

Alan McConnochie, Benriachs distillery manager, stelde onlangs enkele nieuwe bottelingen voor. Hieronder en volgende dagen een verslag. Beginnen doen we met twee standaard, non-peated, non-finished bottelingen.
 
Benriach 12y, 43%, OB 2006 – Speyside – 75/100
30% 13y second fill bourbon, 30% 13y third fill bourbon, 40% 14y reracked in Sherry Oloroso cask. Lekkere neus met honing en veel fruit. Iets subtiel kruidigs ook. En bloesems. Ook smaak is erg fruitig en zoet (vanille en caramel) en ook hier weer iets kruidigs. Easy drinking.
 
Benriach 25y, 50%, OB 2006 – Speyside – 80/100
Samenstelling van deze botteling: 20% first fill Oloroso sherry vat, 60% second fill Oloroso sherry vat en 20% nieuwe eiken vaten. Wat zoete neus (honing) met hout (de sherry), appels, zoethout, mosterd en lichte turf. Ook duidelijke sherry in de smaak: hout, appels, sterke thee. Beetje bitter. Maar ook kruiden (peper) en honing. Middellange afdronk op hout en sherry. Best lekker.

Een ronduit fantastische Macallan

Onlangs kon ik een 37 jarige Macallan van Duncan Taylor (DT) proeven en man, die maakte indruk! Het bewijs dat Macallan in het verleden erg hoge toppen scheerde.
 
Macallan 37y 1969/2007, 44.6%, Duncan Taylor, cask no 8373, advanced sample – Speyside – 92/100
Dit is een echte ‘wow!’ whisky. Een geweldige, zachte neus met veel (zoet) fruit. Banaan. Kiwi? Duidelijk sherry invloeden en honing. Enorm krachtige smaak met ook hier de alomtegenwoordige sherry. Maar dan de meest verfijnde sherry. Bittere chocolade en sinaas. De geweldige orangettes! Olie-achtig. Hout (eik veronderstel ik). Erg complex allemaal, maar toch very ‘smoothly’. Heerlijk zachte, kruidige afdronk met citrus fruit. Eén van de beste whiskies die ik ooit geproefd heb!

Enkele klassiekers – de letter C

Caol Ila 12y, 43%, OB 2006 – Islay – 82/100
Lekkere neus met eerst de dominante turf, maar ook een lichte fruitigheid en wat zoet. Fris. Na een tijdje ook kruiden. I love it! Smaak is toch wat minder. Turf en zoet. Redelijk krachtig, maar ik mis de complexiteit van de neus. Na een tijdje toch wat fruitig, maar al bij al een beetje vlak. Afdronk is lekker en behoorlijk lang. Smaak net 80, maar hoger gescoord omwille van de lekkere neus.
 
Clynelish 14y, 46%, OB 2006 – Highland – 71/100
Dit is een botteling waarover de meningen erg uitéénlopen. Ik hou van Clynelish, maar ben absoluut geen fan van deze 14 jarige. Neus is rokerig, maar niet aangenaam. Scherp. Ook iets fruitigs. Sinaasschil? In de smaak naast de lichte turf en citrus ook wat kruidig (peper). Afdronk is behoorlijk bitter.
 
Connemara Peated Malt NAS, 40%, OB 2006 – Ireland – 73/100
NAS = No Age Specified. Connemara, een brand van de Cooley distilleerderij, is de enige geturfde Ierse whisky. Dit ‘instap model’ heeft een lekkere neus met zoete turf en fruit. Peer en citroen. Mooie balans. Vrij vlakke, wat waterige smaak. Slappe tee. Beetje fruit (sinaas) en kruiden (peper). Minder turf en rook dan in de neus. Integenstelling tot de Islay whiskies, heeft de Connemara een erg zachte en zoete turf. Niet echt medicinaal, weinig iodium. Middellange afdronk met wat peper en rook. Indien gebotteld op enkele graden meer scoorde deze ongetwijfeld enkele punten hoger.

Enkele klassiekers – de letter B

En vandaag diepen we proefnotities van enkele klassiekers met de letter B op.

The Balvenie 12y ‘Double Wood’, 40%, OB 2001 – Speyside – 81/100
Sherry, zoetig (marsepein?) en licht maltig. Fruit ook. Ben geen Speyside fan, maar deze is een aanrader! Stevige, mooi gebalanseerde malt met een lange, kruidige afdronk.
 
Bowmore 12y, 40%, OB 1999 – Islay – 62/100
Rook, beetje zilt, bloemen en… zeep. Lavendelzeep. Zowel in de neus, de smaak als in de afdronk. Zonder die zeepsmaak zou dit best een lekkere whisky zijn, want heel wat aangename elementen, alle mooi de das om gedaan door de zeep. Wat heeft men op Bowmore in de jaren 80 toch z’n best gedaan z’n whisky te verkrachten!
 
Bruichladdich 10y, 46%, OB 2005 – Islay – 79/100
Licht geturfd. Beetje ziltig. Beter dan de 12y, complexer en meer body. Wat zoet (honing). Lekkere afdronk.
 
Bunnahabhain 12y, 40%, OB 2006 – Islay – 71/100
Een buitenbeentje onder de Islay’s. Hoegenaamd geen turf. Licht rokerig in de neus & afdronk. Neus wat peperig ook. Smaak maltig, bourbon, wat bitter. Haalt de 70 punten, maar met de hakken over de sloot.

Enkele klassiekers – de letter A

Nu we de Lagavulin 16y hebben gehad, lijkt het me geen slecht idee een paar andere geproefde klassiekers (officiële bottelingen welteverstaan) op een rijtje te zetten. Laat ons vandaag beginnen met de letter A.
 
Aberlour 10y, 40%, OB 2000 – Speyside – 75/100
Zeg niet ‘Aberloer’, maar ‘Aberlauwer’. Neus van honing en sherry. Zoete, fruitige smaak en kruidige afdronk. Niet erg complex, maar ook niet slecht. Ideale beginners whisky.
 
An Cnoc 12y, 40%, OB 2006 – Speyside – 71/100
An Cnoc is een label van de Knockdhu distilleerderij. Zoethout, vanille… behoorlijk maltig (mout) met beetje fruit. Mist kracht en complexiteit. Niet mijn ding.
 
Ardbeg 10y, 46%, OB 2002 – Islay – 80/100
Stevige turf in neus, smaak & afdronk, behoorlijk dominant. Te vergelijken met de Laphroaig 10y, maar medicinaler en zouter. Minder zoet. Wel fruitig (citrus en appels). Ietsje bitter in de smaak, tabak, koffie. Teer. Lekker, maar ik vind de Laphroaig 10y net een ietsje beter, is complexer.
 
Auchentoshan 10y, 40%, OB 2005 – Lowland – 69/100
Triple distilled. Vrij zoete en fruitige neus. Gebakken banaan. Houtskool. Volgens mij een zwaar gebrand vat. Zachte, vlakke smaak met veel graan. Korte, licht zoete, boterige afdronk. Mist power. Wel een correcte malt zonder meer.

Lagavulin

De Lagavulin 16y was voor mij – en waarschijnlijk niet alleen voor mij – dé whisky die de passie heeft aangewakkerd. Het is immers een whisky die makkelijk verkrijgbaar, betaalbaar (een 40 euro in den Delhaize) én daarenboven ook nog ’s geweldig lekker is. Prijs/kwaliteit top m.a.w.. Wel hoor je vaak zeggen dat deze whisky over de jaren heen wat aan kwaliteit heeft ingeboet, en dat de recente bottelingen niet meer kunnen typen aan de superieure Lagavulins van eind jaren 80, maar ook niet meer aan deze van de jaren 90. Onlangs kon ik een recente botteling van de 16y proeven, en aangezien er nog een klets in mijn eerste fles van 1999 zat, was dit de ideale gelegenheid de proef op de som te nemen en beide eens tegenover elkaar te zetten.

Lagavulin ligt aan de zuidkust van Islay, tussen Ardbeg en Laphroaig in, en werd in 1813 opgericht door John Johnston. In 1816 kreeg Lagavulin met Kildalton er een zuster-distilleerderij bij. Vanaf 1837 werden de activiteiten samengevoegd. Vervolgens ging Lagavulin over in verschillende handen tot Peter Mackie in 1878 het roer overnam. Hij lanceerde de ‘White Horse’ blend, bouwde in 1908 een nieuwe distilleerderij Malt Mill (sinds 1960 onderdeel van Lagavulin) en ging een harde concurrentiestrijd aan met de buren van Laphroaig. Na de dood van Peter Mackie is Lagavulin opnieuw verscheidene malen van eigenaar veranderd om uiteindelijk in de portefeuille van Diageo te belanden.
 
Lagavulin 16y, 43%, OB 1999 – Islay – 91/100
Mijn kennismaking met Islay dus, en met lekkere whisky in het algemeen, en wat voor een kennismaking… een echte (turf) bom! Smooky. Lichte sherry in neus en smaak. Smaak van de zee, zeewier en zilt. Licht zoet. Honing? En de afdronk, die blijft maar duren. Dé klassieker onder de turf whiskies. Heb ik hier nog ergens een sigaar liggen?
 
Lagavulin 16y, 43%, OB 2007 – Islay – 88/100
In vergelijking met de 1999, valt deze recente botteling me inderdaad toch wat tegen. Het blijft een heerlijke whisky, maar niet meer zo smashing als de oudere versie. Eerder Bourbon karakter naast de turf en het zilt.