Spring naar inhoud

Posts tagged ‘Speyside’

Nog een Glen Elgin

Ik proefde een tweetal weken geleden al twee Glen Elgins, waaronder een bijzondere Thosop botteling. Vandaag nog eentje, ook een 1984, van The Nectar deze keer. Het label vermeldt geen vattype, maar ik ga ervan uit dat het een bourbonvat is. Nog op meerdere plaatsen te koop voor een 100 euro.

 

Glen Elgin 25y 1984/2010, 43.8%, The Nectar of the Daily Drams
Lichte neus die start op florale tonen, granen, olijven en vanille. Daarna zet er zich fruit door (abrikoos, perzik en peer) en na enige tijd ook wat kruiden. Eerder tuinkruiden (kamille bv.), in lijn met het eerder florale karakter van deze neus. Zacht en boterig op de tong, erg genietbaar en al even erg drinkbaar. Fruit, maar hier eerder citrusfruit. Suikerspin ook, net als kaneel, munt en eik. Die eik groeit en maakt het geheel licht drogend. Een klein beetje zilt op de achtergrond. Geen al te lange afdronk op granen, florale tonen en eik. Wat simpel misschien, maar aangenaam om drinken. Een typische 85/100

Mortlach 32y 1970, G&M

Mortlach bleef tot na de Eerste Werdeldoorlog familiebezit, de enige erfgenaam stierf tijdens de oorlog en daarop werd de distilleerderij noodgedwongen verkocht aan John Walker & co. In 1964 werd een nieuwe distilleerderij gebouwd, maar de oude distilleerketels bleven behouden.

 
Mortlach 32y 1970, 40%, Gordon & MacPhail Licensed bottling, 2002
Erg lekkere sherryneus, zacht en complex. Redelijk wat fruit (sinaas, mandarijn, kersen en bramen). Nat hooi (lichte boerderij-toestanden), geroosterd vlees, koffie en mooie eik. Meer en meer kruiden (gember en zoethout) en een toefje turfrook. Heerlijk om ruiken. Ook de smaak is zacht, niets scherps. Het alcoholpercentage speelt hier natuurlijk een rol in. Smeuïge karamel, honing, fruit (sinaas, warme appelmoes) kruiden (peper, gember, kruidnagel) en zachte, belegen eik. Een klein beetje rook, haardvuur eerder dan turf. Lange afdronk op de sherrytonen van de smaak. Een whisky om ‘s winters bij een haardvuur van te genieten. Met Tom Waits op de achtergrond en een goed boek op de schoot (dan geef ik ‘m ongetwijfeld 90). 88/100

Glen Grant 38y 1972, Malts of Scotland

De nieuwe batch Malts of Scotland besluit ik in schoonheid met een Glen Grant 1972, die 38 jaar op sherryvat rijpte.

 

Glen Grant 38y 1972/2011, 48.2%, Malts of Scotland, sherry hogshead #8235, 148 bottles
O ja, heerlijke neus! Start op zoet, gestoofd fruit, kweeperengelei en sinaasconfituur, gaat verder op marsepein en honing. Vervolgens komen er kruiden bij: munt, kaneel. Mos ook en noten. Best complex. Op de smaak iets meer eik en noten. De marsepein blijft aanwezig, net als het fruit. Hier is het echter meer gedroogd fruit dat de dienst uitmaakt (abrikozen en vijgen), de sherry laat zich gelden. Sinaas ook nog wel. Mooie balans echter tussen de aangename bittere tonen en de eerder zoete fruitige tonen. De munt zit ook hier, net als wat anijs. Koffie erdoorheen. De afdronk is niet erg lang, licht drogend op kruiden en amandelen. Zeer lekkere en vooral zeer drinkbare oude Glen Grant. 90/100

Glenlivet 1973, The Whiskyman

En dan nu dus de Glenlivet 1973 ofte ‘Lucy in the Sky with Whisky’. Glenlivet is vandaag de dag eigendom van Pernod-Ricard, samen met o.a. Longmorn, Aberlour, Strathisla en Scapa. Het kocht de distilleerderij over van de Seagram groep. Glenlivet wordt naast single malt ook gebruikt in premium blends zoals Chivas Regal en Royal Salute.

 

Glenlivet 38y 1973/2011 ‘Lucy in the sky with whisky’, 47.5%, The Whiskyman, 78 bottles
Zoals je kon lezen was ik behoorlijk weg van de Linkwood 1984. Wel, deze is beter. Een beetje toch… En daar zorgt de sublieme eik voor. Schitterende, sappige eik die naast het fruit (gestoofd fruit en gedroogde abrikozen), het zoet (marsepein en honing) en de kruiden (vooral kaneel valt me op) voor een geweldige ‘body’ zorgt. Een hint van rook (van het hout ongetwijfeld). Wow! En er is nog goed nieuws. Wat ik halvelings vreesde, nl. dat het hout op de smaak te veel van z’n tak zou gaan maken (van z’n tak, ha! Euh, sorry…), wordt immers niet bewaarheid. Integendeel, het zoete (bruine suiker), het fruit (de gestoofde variant, ook hier), de kruiden (peper, gember, mosterd), ze krijgen allemaal vrij spel. De eik vult aan, zorgt samen met de kruiden voor de nodige punch. Maar het geheel blijft erg elegant. Middellange, zoete en kruidige afdronk. Ik veronderstel dat dit een refill sherryvat was. In ieder geval, het is een whisky met klasse. Grote klasse. 92/100

Longmorn 36y 1975, Malts of Scotland

Vandaag nog een Malts of Scotland, de op één na laatste in mijn rijtje van de nieuwe release, een Longmorn 1975 die rijpte op bourbonvat. Ook hier moeten we vaststellen dat het niet de eerste Longmorn 1975/1976 is die deze dagen op de markt komt. Maar anderzijds is het natuurlijk een profiel waar er niet genoeg van gebotteld kan worden.

 

Longmorn 36y 1975/2011, 46.4%, Malts of Scotland, bourbon hogshead #3977, 122 bottles
Aangename neus, fruitig en zoet. Ananas uit blik, harde appels en peren. Veel vanille en wat honing. Een klein beetje eik, en lichte tonen van gedroogd gras. Niet echt complex deze neus, wel lekker om ruiken. Zacht en romig op de tong, ook hier niet al te veel houtinvloeden. Nougat, vanille, tuinkruiden (gezoete kruidenthees), het gedroogde gras opnieuw, en wat tropisch fruit erdoorheen. Middellange afdronk, fruit en kruidig. Mist wat complexiteit om hoger te scoren. Lekker, absoluut, maar anderzijds niet de beste Longmorn uit deze periode. 88/100

Glen Elgin 1984, Thosop Handwritten Label

Het staaltje dat ik nog had staan van de Glen Elgin 1991 Murray McDavid vormde eigenlijk niet meer dan de aanloop naar een andere Glen Elgin, nl. de nieuwe Thosop Handwritten Label.

 

Glen Elgin 1984/2011, 46.1%, Thosop Handwritten Label, selected by The Whiskyman, Bourbon Hogshead, 213 bottles
Deze Glen Elgin is toch een stuk beter dan de 1991 van Murray McDavid. Mooie ronde, olieachtige (lijnzaadolie) en grassige neus met een zoete toets en lichte rook van het hout. Het grassige vertaalt zich de geur van nat hooi, het geheel heeft zelfs iets licht farmy. Het zoete in honing, nougat en bananen. Bijenwas ook, geboend leder en mineralen. Rond dus en perfect gebalanceerd. Ook de smaak is rond en olieachtig, wat vettig. En mooi in lijn met de neus. Het natte hooi opnieuw, de bijenwas, het licht mineralige, het zoete (suikerspin), het zit allemaal ook hier. Een zeer aangename bitterheid in de vorm van eik, tuinkruiden en witte pompelmoes geeft het geheel wat extra karakter. Sinaas ook, meer fruit dan in de geur in ieder geval. Zoethout. Lekker! Best lange afdronk, kruidig en zesty (de schil van allerlei citrusfruit). Een Glen Elgin met een erg clean, natuurlijk profiel. Prikkelende, complexe en erg boeiende whisky. Knappe vatselectie. 89/100

Glen Elgin 12y 1991, Murray McDavid

Glen Elgin werd gebouwd rond 1898 in Fogwatt, een klein dorp vlakbij Longmorn. Maar na amper zes maanden productie diende het z’n deuren omwille van de crisis al te sluiten. Daarna kwam de distilleerderij in handen van verschillende eigenaars om in 1936 in de portefeuille van Scottish Malt Distillers, het latere Diageo, te belanden. Ik proef vandaag twee Glen Elgins naast elkaar, een wat oudere 1991 botteling van Murray McDavid en een recente 1984 van Thosop.

 

Glen Elgin 12y 1991/2004, 46%, Murray McDavid, refill sherry cask #MM0407, 432 bottles
Kruidenthees. Zoethout. Gho, in de verte heel lichte tonen van lucifers, zonder dat dit een sulferneus is, alhoewel ik het toch liever niet geroken had. Stevig op de tong, mondvullend. Bittere sinaas, witte pompelmoes, karamel, eik, kruiden en een heel klein beetje rook. De lichte sulfer is hier niet te bespeuren, maar geweldig lekker vind ik deze whisky toch niet, net iets te bitter. Lange afdronk op allerlei tuinkruiden, karamel en dat klein beetje rook van op de smaak. Niet slecht, maar niet helemaal mijn ding. De Thosop daarentegen… 80/100

Tomintoul 43y 1967, Liquid Sun

De laatste Liquid Sun botteling die ik hier heb staan, is een Tomintoul 1967 (kost een 190 euro). Ook dit is niet de eerste Tomintoul 1967 die recent op de markt kwam, ik besprak al eerder een heerlijke Thosop en dito Rattray. De verwachtingen staan dus hoog gespannen.

 

Tomintoul 43y 1967, 49.8%, Liquid Sun, Bourbon hogshead, 209 bottles
Lichte, breekbare, wat vluchtige neus, een beetje zoals bij de botteling van Dewar Rattray. Wat fruit (perzik en abrikoos vooral, ook een beetje meloen), wat honing, amandelen (geroosterd), eik en een lichte kruidigheid op de achtergrond. De neus blijft echter gedempt, ook met tijd te geven. Zachte, romige smaak op fruit (banaan, perzik), honing, granen en eik. Nootmuskaat. Middellange afdronk op fruit en zachte kruiden. Gho, dit is opnieuw erg lekkere whisky, maar toch een lichte teleurstelling, zowel de Thosop als de Rattray vond ik beter, complexer en expressiever. 87/100

Macallan 21y 1990, Malts of Scotland, Oloroso Sherry

Na de fino #1135, vandaag het zustervat met referentie 1134, een oloroso hogshead vat dus.

 

Macallan 21y 1990/2011, 49.1%, Malts of Scotland, oloroso sherry hogshead #1134, 184 bottles
De neus van deze whisky start meteen een stuk aromatischer, expressiever en voller dan de fino. Karamel, gesuikerde en geroosterde noten, rozijnen, cake, gekonfijt fruit (Christmas cake inderdaad), noten, dadels, tabak en chocolade. Volle, romige en bitterzoete smaak op gedroogd en gestoofd fruit, noten, eik, gember en nootmuskaat. In tegenstelling tot bij de fino zit hier de balans tussen de bittere en zoete tonen beter me dunkt. Lange bitterzoete afdronk. Het is niet dat ik een voorkeur heb voor oloroso gerijpte whisky, maar bij deze Macallans gaat mij voorkeur toch uit naar deze botteling. 86/100

Macallan 21y 1990, Malts of Scotland, Fino Sherry

Vandaag en maandag twee Macallan’s 1990 van Malts of Scotland. Zustervaten, dus waarschijnlijk hetzelfde distillaat. Beide rijpten ze op sherryvaten, maar het profiel is gans anders. Het vattype (de éne rijpte op fino, de andere op oloroso) drukt hier echt wel z’n stempel op de uiteindelijke whisky, iets wat ons ondertussen niet meer zou mogen verbazen.

 

Macallan 21y 1990/2011, 51.5%, Malts of Scotland, fino sherry hogshead #1135, 254 bottles
De neus start wat gedempt op gekookte groeten en zilt. Ook wat bostoestanden: mos, varens, gevallen bladeren. Maar met wat ademen, komt hij open. Dan krijg ik fudge, vanille (american oak?), kruiden (zoethout onder andere) en meer en meer fruit. Pompelmoes, kruisbessen. Wordt aangenaam om ruiken. Stevig op de tong en licht drogend. Veel noten hier, honing, eik, kruiden, dezelfde vegetale toets van de neus, net als florale tonen. Hooi en heide. Lange, eerder bittere afdronk op eik, pompelmoes en kruiden. Lekkere neus die tijd nodig heeft, een ietsje te droog op de tong echter om hoger te scoren. 84/100

Tomatin 34y 1976, Liquid Sun

De volgende in het rijtje Liquid Sun bottelingen is een Tomatin 1976. Tomatin 1976 is zo’n beetje zoals Longmorn 1976. Keuze te over en bijna altijd super lekker. In ieder geval, de Tomatins die ik van dat jaar geproefd heb waren stuk voor stuk excellent. Ik ga er van uit dat deze niet uit de toon zal vallen.

 

Tomatin 34y 1976/2011, 48.7%, Liquid Sun, sherry butt, 366 bottles
De geur van fruit, maar niet echt prikkelend noch sappig. Het zijn tuinkruiden, noten en rozijnen die het fruit in eerste instantie wat onderdrukken (subtiele sherrytonen). Maar met wat tijd geven, laat het fruit zich kennen. Sinaas, perzik, abrikozen en meloen. Op de smaak is het fruit prominenter aanwezig. Banaan, perzik, meloen, mango (best wel tropisch ja), vermengd met wat florale toetsen, honing en een (klein) beetje eik. Zoethout. Ook wat gekookt fruit (allerlei confituren). Lange fruitige afdronk met hier wat meer hout en kruiden, wat de whisky op het einde een erg aangename bitterheid bezorgt. Niet super complex, maar wel super lekker. En beter dan de onlangs besproken 1966 van TWA & The Nectar als je het mij vraagt. 1976 is gewoon een top-vintage voor Tomatin. 91/100

Benriach 20y 1991, Malts of Scotland

Een gunstige wind bracht samples van de nieuwe batch Malts of Scotland ten huize Onversneden. Het betreft weer een erg gevarieerde reeks, zowel qua regio, leeftijd als type vat. Beginnen doen we met een Benriach 1991 op bourbonvat.

 

Benriach 20y 1991/2011, 51.6%, Malts of Scotland, bourbon barrel #32283, 251 bottles
Frisse, grassige neus met een licht mineralige toets. Vers gemaaid gras, afgereden toen het nog wat nat was (ja, probeer deze zomer maar eens je gras af te rijden als het volledig droog is). Honing, kruisbessen, frambozen, abrikozen, boter en wat munt. Hooi (het gras raakt stilaan droog), heide en op de achtergrond zelfs heel lichte rook. Heide en lichte rook, een combinatie die je wel vaker tegenkomt. Erg genietbaar. Stevig, romig mondgevoel. Fruitige smaak (mandarijn, limoen), met ook hier de honing en het grassige. Die heide opnieuw. Meer eik, licht drogend. Gember. Middellange afdronk op citrusfruit en kruiden. Ik vind dit verrassend lekkere whisky, zeker op de neus. 87/100

Tamdhu 21y 1990, Liquid Sun

In z’n geschiedenis (die in 2010 tot een voorlopig einde kwam – voorlopig, want recent overgenomen door Ian MacLeod) sloot Tamdhu tweemaal de deuren, in die periodes deed het dienst als warehouse voor Glenrothes. Het grootste deel van de productie ging naar de blends Famous Grouce, J&B en Cutty Sark. Het produceerde naast een officiële standaardbotteling ook lange tijd een malt onder de naam Saladin box.

 

Tamdhu 21y 1990/2011, 48.1%, Liquid Sun, sherry butt, 312 bottles
Hola, stevige sherryneus! Beginnen doet ie met gedroogde vruchten (rozijnen, enorm, maar ook pruimen en vijgen), noten en wat vegetale tonen (ik denk aan peterselie en kervel). Vleessaus ook. Oxo. Wat sinaas, rijpe sinaas. Daarna wat zoets, kandijsuiker. Bitterzoet en vrij droog op de tong op tonen van kandij, verbrande karamel, gedroogd fruit, noten, zilt, zoethout, tuinkruiden, hout, koffie en bittere chocolade. Op de duur toch wat te droog. Lange, vrij bittere afdronk. Aangename neus, maar voor mij wat te droog en bitter op de tong om hoger te scoren. Erg gelijkend op de Malts of Scotland (cask 8119, dit zou wel eens een zustervat kunnen zijn), maar ik vond deze laatste toegankelijker op de smaak. 82/100

Balvenie 86° proof, pear shaped bottle

Morgen trek ik nog eens voor een weekje richting Schotland, de Highlands en Orkney. Op het programma staan o.a. Dalmore, Clynelish/Brora, Pulteney en Highland Park. Echt wel iets om naar uit te kijken. Vandaag proef ik dan ook enkele whisky’s waarvan ik mijn bevindingen de komende dagen zal publiceren. Ik heb hier o.a. nog nieuw werk van Malts of Scotland staan, enkele Liquid Suns (het nieuwe label van The Whisky Agency) en een unieke primeur. Maar beginnen doe ik met een oude Balvenie.

 

86 proof en toch maar 43%? Wel ja, het gaat hier om een botteling voor de Amerikaanse markt, alwaar men een ander ‘proof’ stelsel heeft dan in Europa. In de VS is het aantal graden proof gewoon het dubbele van het alcoholpercentage hier. Deze botteling is daarna ingevoerd in Italië.

 
The Balvenie 86° proof, 43%, pear shape bottled, 1970’s, Italian import, Genova
Zachte en lichte neus op honing, kweeperengelei, tuinkruiden, kruidenthees (met honing, inderdaad), een licht florale toets, maar ook karton. Nat karton, wat hier niet echt een meerwaarde genoemd kan worden. De smaak is romig en iets voller dan de neus, maar blijft vrij ‘plat’, vlak. Kruidenthee (eerder slappe kruidenthee dus), honing, vanille, puree, cake. Een klein beetje rook in de verte. De afdronk is redelijk lang, op… ja, slappe kruidenthee met honing. Echt slecht is dit niet, maar deze whisky proeft een stuk lichter, platter dan 43%. 76/100

Glendronach 21y ‘Parliament’

Ik denk niet dat ik de enige was bij wie er vorige week een sample van de nieuwe Glendronach 21y in de bus stak. Leuke actie, dank aan GlenDronach en The Nectar!
Na de standaard 12y, 15y (Revival) en 18y (Allardice), wordt de range dus uitgebreid met een 21y. Deze 21 jarige whisky kreeg de naam ‘Parliament’ mee. Parliament is naast de gekende betekenis ook de naam die men geeft aan een verzameling roeks, een kraaiachtige vogel. GlenDronach was lange tijd een favoriete nestplaats voor deze vogel. Let op, onderstaande foto toont de sample, niet de 70cl fles.

 

Glendronach 21y ‘Parliament’, 48%, OB 2011
Romige, bitterzoete neus. Complex, met alle associaties perfect geïntegreerd. Mooie verwevenheid m.a.w. (ik denk niet dat ik Danny E. reeds bedankt heb voor deze uitbreiding van mijn whisky-vocabularium, bij deze). Maar over welke associaties hebben we het hier? Om te beginnen chocolade (niet te bitter, eerder melkchocolade), praliné, rozijnen (op rum), dadels, pruimentaart en warme aarbeienconfituur. Lekker zoet, inderdaad. Voor het (aangename) bittere tegengewicht zorgen zachte kruiden en al even zachte, warme eik. En de balans zit perfect. Na enige tijd ook leder, geboend leder. Noten ook. Een neus om van te genieten. Stevig, rond mondgevoel. 48% lijkt me ideaal, krachtig maar geen behoefte om water toe te voegen. Ook hier heb ik chocolade, donkere deze keer. Pruimen, rozijnen, koffie, karamel en tabak, dat komt het eerste in me op. Dan veel kruiden, meer dan op de neus. Peper, kruidnagel. Pompelmoes. Hazelnoten. En best wat eik. Licht drogend. Lange, verwarmende afdronk, de whisky blijft echt in je mond plakken. Kruiden domineren, samen met wat leder. Integenstelling tot bij de eerste batchen van de Revival en de Allardice heb ik hier niets van zwavel, nice! Perfect gebalanceerde, volle en complexe whisky. 88/100

The Asta Morris sessions: Benriach 1978

Ik besluit de Asta Morris sessions with, euh, met de Benriach 1978 die al enkele maanden geleden op de markt kwam, tegelijkertijd met de 1975. Ik proefde deze whisky dus naast de twee nieuwe bottelingen én naast de 1975.

 

Benriach 32y 1978/2011, 48%, OB for Asta Morris, sherry hogshead #7037, 79 bottles
Directe, erg aromatische en expressieve neus. Smeuïg zoet en fruitig. Appel- en perensiroop, zoete ananas, dito sinaas, pruimencompot, rozijnen, evoluerend richting high-end rum en zelfs iets van oude porto. Zo goed als geen eik of kruiden, noch noten of andere eerder bittere associaties. De geur evolueert niet echt en is ook niet super complex (oké, de 1975 is wat dat betreft niet de meest ideale sparring partner), maar dat is natuurlijk allemaal niet nodig als het er meteen boenk op is. Puur genieten! Ook de smaak is vol, romig en zoet. Kandijsuiker. Het fruit is hier eerder citrus (sinaas), naast de rozijnen. Hier wel wat eik, licht en aangenaam bitter. Ook de smaak is niet complex te noemen maar blijft lekker, alhoewel hij niet helemaal het niveau van de neus haalt. Lange, volle afdronk. Puur op de neus was het 93 geweest. 92/100
 
Benriach 1978 is over het algemeen niet zo uitzonderlijk lekker, deze is dat wel. Dit zou dus wel eens de beste Benriach 1978 ooit kunnen zijn. Dat er een betere 1975 dan de Asta Morris zou bestaan, of nog zou verschijnen, lijkt me vrij onwaarschijnlijk. Wat wil zeggen dat de heer Bruyneel wel eens de beste 1975 én de beste 1978 gebotteld zou hebben. Sterk!

The Asta Morris sessions: Dailuaine 27y 1983

De tweede nieuwe Asta Morris is een Dailuaine 1983. In tegenstelling tot de Glenburgie heeft Bert dit vat onder het eigen label gebotteld. Dailuaine 1983… al even weinig tot de verbeelding sprekend als Glenburgie 1997, geef toe. Maar niets zo misleidend als imago.

 

Dailuaine 27y 1983/2011, 50%, Asta Morris, refill sherry hogshead AM004, 248 bottles
Mooie neus die start op gedroogd gras, hooi en allerlei tuinkruiden. Maar dan gaat hij over in andere sensaties en is het niet meer mooi, maar prachtig. Mandarijn, boter, zachte vanille, bloemen van de weide (echt een wandeling door een weide in volle bloei). Iets van geroosterd brood. Besmeerd met honing. Zeer elegante en delicate neus. Krachtig en stevig op de tong, en toch zacht, niets scherps. Boterig bijna. Perfecte drinksterkte me dunkt. Vanillecrème, rijpe sinaas, warme appelmoes, heide, honing, tuinkruiden (tijm, laurier), nootmuskaat en wat eik. Perfecte balans, op geen enkel moment drogend. En zo makkelijk drinkbaar! Lange, smeuïge afdronk met hier iets meer kruiden. Ook deze had wat tijd nodig om volledig tot z’n recht te komen, maar dan… een juweeltje. 92/100
 

Hier heb ik toch op zitten wroeten. Ik bedoel dat ik ‘m meerdere malen proefde, op verschillende momenten in de line-up. Zowel na de zéér lekkere Glenburgie 1997, als na de schitterende Benriach 1978, als na de hors-catégorie Benriach 1975. Ik vond deze whisky na een eerste keer uitgebreid te proeven meteen geweldig en had een score van 92 in gedachten. Maar, 92 voor een Dailuaine 1983? Het is niet omdat Bert een sympatieke gast is, dat ik met punten moet gaan smijten hé… laat ons zo correct en consistent mogelijk blijven… maar toch, telkens als ik ‘m opnieuw proefde moest ik toegeven dat dit een fantastische whisky is, die in mijn scoring gewoon 92 waard is. En wat moet dat kosten? 89 euro. Knappe prijs/kwaliteitverhouding noemt men dit, en dat is hier dan nog een understatement.

The Asta Morris sessions: Glenburgie 1997

Asta Morris, het label van Bert Bruyneel, begint stilaan wat bekendheid te genieten in onze contreien. Een zeer lekkere Glenlivet 1977, een schitterende Benriach 1978 en een absoluut indrukwekkende Benriach 1975 hebben Asta Morris op korte tijd niet enkel in de markt gezet maar ook al een bepaalde reputatie bezorgd. Een reputatie die natuurlijk snel om zeep geholpen kan worden met enkele zwakke bottelingen. De lat en de verwachtingen heeft Bert met z’n eerste vaten dus best hoog gelegd. Ik bespreek vandaag, morgen en overmorgen twee spiksplinternieuwe Asta Morris selecties én als toetje de Benriach 1978 die ik al een paar keer geproefd had maar nog niet besproken. Starten doe ik dus met de Glenburgie 1997, te koop voor 59 euro.

 

Glenburgie 1997/2011, 57.6%, Gordon & MacPhail Exclusive for Asta Morris, bourbon cask 8551, 212 bottles
Pfiew, geweldig aromatische geur, barst meteen open in je neus. De eerste sensaties zijn deze van wit fruit (zoete appels en peer), vanille, honing en kaneel. Maar als je hem wat tijd geeft, evolueert hij verder en krijg je als beloning voor je geduld ook nog gekonfijt fruit, nougat en gekonfijte gember. Dan ook wat kaarsvet en lijnzaadolie. Ik meende te moeten opmerken dat de neus weliswaar erg lekker maar niet al te complex was, ik diende die mening dus na een tijdje te herzien. Het mondgevoel is stevig en romig, de smaak clean, zoet en fruitig. Vanille, rode appels, kruisbessen. Met een andere whisky te proeven en dan terug te keren naar deze whisky maakte ik de associatie met Calvados. Dan ook kruiden (peper en gember). En cake. Je ruikt en neemt een aantal zaken waar, je proeft en neemt een aantal zaken waar, je ruikt terug en ruikt weer andere zaken, je proeft nog ’s en opnieuw merk je andere dingen op. Knappe evolutie, mooie gelaagdheid. Best lange, verwarmende, zoete en kruidige afdronk. Tja, Glenburgie 1997, dat was nu niet direct een whisky waar ik veel van verwachtte. Zo zie je maar, in elke warehouse, in elke rij vaten, zit ergens wel een juweeltje verborgen. De kunst is dat vat te vinden en voor de neus van andere belangstellenden weg te kapen. En zo geschiedde. 89/100

Tomatin 1966, The Whisky Agency & The Nectar

Vandaag één van de nieuwe joint bottlings van The Whisky Agency en The Nectar, een Tomatin 1966 die 45 jaar gerijpt heeft op sherryvat. Op die leeftijd kunnen we alleen maar hopen dat dat vat niet ál te actief was.

 

Tomatin 45y 1966/2011, 46.1%, TWA & The Nectar, sherry butt, 391 bts.
Volle, fruitige neus. Sappig fruit à la peer, meloen en ananas. Een beetje tropisch dus. Daardoorheen zoete toetsen (honing en marsepein) en wat eik, maar niet te veel. Iets licht floraals ook. O, daar doemt bijenwas en oud leder op. Heerlijk! Zachte kruiden ook en amandelen. Ook de smaak is vol en zoet. Dik en mondvullend. Ook hier fruit, misschien wel evenveel als op de smaak (peer, sinaas, vijgen). De bijenwas en de honing opnieuw, maar het zijn vooral het hout en de kruiden (peper, munt, tuinkruiden) die nu op de voorgrond treden. Wordt wat bitter, zeker naar het einde en op de afdronk. Erg lekkere neus, wat tegenvallende smaak. Iets te laat gebotteld me dunkt, het hout voert zeker op de smaak te veel de boventoon. 87/100

Strathmill 35y 1976, A.D. Rattray

Ha, Strathmill! Nog nooit geproefd denk ik, in ieder geval de eerste keer dat hij hier aan bod komt. Een typische blenderswhisky, buiten een botteling onder het Flora & Fauna label en recent een Manager’s Choice (1996) ken ik geen officiële bottelingen. Maar vandaag dus mijn eerste Strahmill, en wel een 1976 gebotteld door A. Dewar Rattray.

 

Strathmill 35y 1976/2011, 44%, A.D. Rattray, bourbon cask #1125, 179 bottles
Lekkere, frisse en fruitige neus. Start op sappige en zoete rode appels, peren en bloemen van de weide. Dan tonen van boter (veel boter, melkerijboter), gedroogd gras, varens en honing. Onderliggend een beetje eik, zachte kruiden (kaneel en gember) en kokos. Erg genietbare neus. Ruikt evenwel bijlange geen 35 jaar. Zacht en elegant in de mond, met het fruit en de honing van de neus, maar hier wel meer eik, wat hars en kruiden. Peper, gember, zoethout. Amandelen ook. Deze laatste elementen maken het geheel wel wat droog, waardoor het zoete en het fruitige in de verdrukking raken (hier laat het vat zich duidelijk meer gelden). Middellange, volle en licht bittere afdronk. Heerlijk op de neus, een beetje te droog op de smaak om negentig punten te halen. Maar naast de neus is de sterkte van deze whisky ook wel z’n prijs, een goeie 120 euro voor een 35 jaar oude whisky, dat zie je niet zo vaak meer. 88/100