Spring naar inhoud

Posts tagged ‘27yo’

Talisker 27y 1985, Special Release

Ik heb dus ook een sample kunnen bemachtigen van de Talisker 1985 uit de Special Release van Diageo. En hoeft het gezegd, goedkoop is hij niet. 600 euro is gewoon te veel voor een 27-jarige whisky, maar het is wel in lijn met de rest en simpelweg de trend.

 

Talisker 27y 1985, 56.1%, OB 2013, Special Release, 3000 bottles
Heerlijke complexe neus. Smeuïg, zoet, mineralig, rokerig en zilt, dan zijn de eerste zaken die in mij opkomen. Natte stenen en nat gras wat het mineralig karakter betreft, zachte karamel en vanille wat het zoete betreft. Een zalige waxy toets in de vorm van oud leder en geboende meubels. Fruit in de vorm van appelsienen en aardbeienconfituur. Zachte kruiden zoals kamille en zoethout vullen aan. De turfrook houdt zich gedeisd maar is een absolute meerwaarde. De smaak is krachtig, rond en erg rijk. Zilt, rook, olie, vanille, kruiden (zoethout, nootmuskaat en een beetje kruidnagel), de smaken komen en gaan, maar vooral het fruit is groots. Ik noteer aardbeien, perziken, appelsienen en wat ananas. De zee laat zich gelden onder de vorm van zilt en zeewier. Zachte eik. Dito rook. Tabak. Wat drop nu ook. Mooi gelaagd. Erg lange afdronk, rokerig, zilt, kruidig en zoet, al even complex als de smaak. Zilte chocolade. Zo’n whisky waarna je als je hem ’s avonds drinkt, je tanden niet meer poetst. Machtige Talisker, van het niveau van de beste 30-jarigen. 93/100

Port Ellen 27y 1982, Old Bothwell

We blijven nog even hangen bij Port Ellen 1982. Vandaag één van de vele PE’s uit de stal van Old Bothwell. Een stal die ondertussen wel zo goed als leeg is, toch qua Port Ellen betreft, want Diageo heeft de vaten teruggekocht.

 

Port Ellen 27 YO 1982/2010, 55.5%, Old Bothwell, bourbon hogshead, cask 2558Port Ellen 27y 1982/2010, 55.5%, Old Bothwell, bourbon hogshead, cask 2558
Cleane Port Ellen neus. Zilt, jodium, zeewier en citrus, met onderliggend zachte rokerige turf. De klassieke combinatie van een Port Ellen gerijpt op een weinig actief vat (third fill of zo). De citrus is in concreto pompelmoes en limoen. Ik ruik ook groene appels. Of de schil ervan. Een klein beetje hooi. Lichte tonen van gember en munt. De turf komt op de smaak meer naar voor, ook niet ongewoon. Het ‘coastal’ karakter blijft behouden, je proeft de zee. Zilt, jodium, je kent het plaatje. Citroen, limoen, pompelmoes… de citrus zet zich verder. Mooi mineralig ook wel. Natte keien. Nu, het is lang geleden dat ik nog eens natte keien gegeten heb. Kruiden vullen aan. Tuinkruiden nu vooral. Lange afdronk, al even clean en mineralig als de smaak. Zilt en turf blijven het langst hangen. Weerom een heerlijke Port Ellen, maar in het genre van clean en zesty zijn er nog betere te vinden. 90/100

Port Ellen 27y 1982, The Nectar of the Daily Drams

In 2013 hebben nog niet zo veel nieuwe Port Ellens gezien. Zitten de bottelaars stilaan door hun voorraad? Teruggrijpen naar een iets eerdere botteling dan maar. Bedankt voor de sample Gunther.

 

Port Ellen 27 YO 1982/2010, 53%, The Nectar of the Daily DramsPort Ellen 27y 1982/2010, 53%, The Nectar of the Daily Drams
Zalige PE-neus op het beproefd recept van rook, zilt en mineralen. Maar het zijn vooral het zilt en de mineralen die met de aandacht gaan lopen. Vers gemaaid nat gras (slecht voor de grasmaaier I know, maar dat is nu even irrelevant). De gazon na een zomerse regenbui, ook dat wel. Natte keien, ook een klassieker. Veel zilt dus ook. Gerookte vis, oesters. De rook is eerder dat van een smeulend haardvuur dan wel pure turf. Juist, ik moet nog het fruit vermelden, wat ook meer dan voldoende aanwezig is. Peren, rijpe kruisbessen en de onvermijdelijke citroen. Gezoete citroen. Rietsuiker. En een beetje vanille. Op de tong is hij rond en minder scherp dan bij soortgenoten. Wel clean en op gelijkaardige associaties dan op de geur. Dat zijn dus mineralen, rook, zilt (veel zilt) en fruit. Minder de peren en de kruisbessen, hier is het voluit op citrus. Citroen en pompelmoes. Vanille en harde citroensnoepjes. Zachte eik. De afdronk is lang en droog op gerookte heilbot, mineralen en rook. Het fruit is hier verdwenen. Cleane en ronde Port Ellen, zoals ik ze graag heb. 91/100

Clynelish 27y 1982, The Perfect Dram

Van 1989 springen we gezwind naar 1982.

 

Clynelish 27 YO 1982, 55.1%, The Perfect Dram, TWAClynelish 27y 1982/2010, 55.1%, The Perfect Dram (TWA), bourbon hogshead, 256 bottles
De neus van deze is nog een tikkeltje beter dan de 1989. Nog wat ronder en zoeter. Het fruit is een beetje anders. Minder wit fruit, al is dat er wel, ik heb nu ook abrikozen, perziken op siroop, gele pruimen en ananas. De marsepein is grootser en verdringt samen met honing de vanille wat. Die amandelen, daar kan je echt niet naast ruiken. De ‘waxyness’ is even geweldig, de eik en de zachte kruiden iets dieper en het zilt misschien wat minder aanwezig. Top! De vijf percent meer laat zich gelden op de smaak. Hij is nog steviger en prikkelender. Voor dat laatste zorgen zilt, kruiden en citrusfruit zoals pompelmoes, mandarijn en citroen. Wat het kruidencompartiment betreft, noteer ik peper, gember en nootmuskaat. Daarachter heb ik jodium, kamillethee met honing en een stevige portie eik. Maar alles blijft mooi in balans. De mineraliteit is misschien iets minder dan bij de 1989, maar de bijenwas blijft om de aandacht roepen. Lange, verwarmende en waxy afdronk, mineraliger dan op de smaak. Net iets beter dan de 1989, op de neus duidelijker dan op de smaak. 92/100

Balmenach 27y 1973

Balmenach? Jawel, Balmenach. Gelegen nabij Cromdale in Speyside. De naam verwijst naar het Gaelic voor ‘nederzetting in het midden’.

 

Balmenach 27 YO 1973/2000, 46%Balmenach 27y 1973/2000, 46%, OB, 2150 bottles
Njammie, dit is een verrassend mooie neus. Complex, gelaagd en vooral lekker. Ik noteer allerlei tuinkruiden, natte bladeren, mos, paddestoelen, varens (een heel bos als het ware), gedroogde gras, honing en geboende antieke meubels. Best wat fruit ook. Appelsienen, braambessen en een klein beetje ananas. Ronde, belegen eik. Erg drinkbaar, levendig en rond op de tong. Hier start het op zachte karamel, appelsienen, mandarijnen, abrikozen en rode, sappige appels. Daarachter gaan kruiden schuil, kruiden zoals munt, gember en kaneel. Ik proef nu ook amandelen en marsepein. Eik in perfecte hoeveelheid. Een klein beetje rook (van het hout) zelfs. Middellange afdronk op kruiden, thee en het fruit dat tot de laatste snik blijft meedoen. Balmenach, het is nog maar mijn vierde, maar het heeft me nog nooit teleurgesteld. Deze is zelfs écht goed. 89/100

Ben Nevis 27y 1986, Chester Whisky

Ben Nevis, dat is lang geleden. Chester Whisky bottelde een 1986. Ook The Nectar bottelde een 1986, vorig jaar als ik me niet vergis. Ik weet niet of die zo goed was als deze. Wat ik wel weet, is dat 99 euro voor een 27-jarige single malt van dit niveau tegenwoordig een koopje is.

 

Ben Nevis 27 YO 1986/201, 52.9%, Chester WhiskyBen Nevis 27y 1986/2013, 52.9%, Chester Whisky, bourbon hogshead, 157 bottles
Erg aangename en ronde neus, zoet en fruitig. Rijpe kruisbessen, rode appels en perziken. Een wandeling tussen de fruitbomen. Dat fruit wordt gevolgd door hooi, peperkoek en marsepein. Veel marsepein. Vanille ook wel. En honing. Dat zoete wil van geen wijken weten. Een mooie minerale toets maakt het af. Natte stenen en zo, je kent dat wel. Niet al te veel eik, alhoewel aanwezig. Ronde, volle en romige smaak met een zeer leuke ‘kick-back’. Eerst proef ik kruiden zoals peper en kaneel, honing en kandijsuiker, en appels. Siroop van appels, het blijft ook op de smaak erg zoet. Maar dan, plotsklaps en schijnbaar uit het niets, duikt daar roze pompelmoes en mango op. Een tropische terugslag als het ware. Iets wat voor mij het verschil maakt tussen 89 en 90 punten. Knap! Niet alleen dat ik dat proef, maar ook de manier waarop, als een dief in de nacht. Tomatin 1976 heeft dat ook soms. Sappige, ondersteunende eik. Lange afdronk, licht drogend (de eik groeit wat), maar vooral zoet en fruitig. En het goede nieuws is dat het exotisch karakter behouden blijft. Dankzij de geweldige twist op de smaak een welverdiende 90/100

Captain Beefheart & St. Magdalene

Captain BeefheartEen streepje muziek, dat is weer veel te lang geleden. En laat me weer wat van de platgetreden paden afwijken. Zo kom ik terecht bij Captain Beefheart, in het echte leven gekend als Don Van Vliet. Nu ja, leven, de man is sedert twee jaar niet meer onder de levenden, hij stierf op 17 december 2010 – een maand voor hij zeventig zou worden – aan de gevolgen van multiple-sclerose.
Captain Beefheart was zo’n beetje de soulmate van Frank Zappa. Ze groeiden als kind samen op in het Amerika van de jaren vijftig en zestig, bleven hun ganse leven vrienden en werkten ook muzikaal veel samen. De naam Captain Beefheart komt trouwens van een mislukt filmproject van Zappa, genaamd ‘Captain Beefheart vs. the Grunt People’. Van Vliet is vooral bekend als muzikant, maar was ook een niet-onverdienstelijk schilder en beeldhouwer.

In zijn carrière, die startte in 1964, maakte Beefheart twaalf studioplaten, waarvan de meeste samen met zijn Magic Band (waarin o.a. Ry Cooder z’n eerste muzikale stappen zette). Hun creatieve hoogtepunt was ongetwijfeld het experimentele en door Zappa geproducete Trout Mask Replica uit 1969, wat nog altijd wordt beschouwd als één van de hoogtepunten uit de geschiedenis van de rock. Hij componeerde alle muziek en speelde zelf ook saxofoon en mondharmonica. Z’n teksten kan je gerust bizar noemen, maar surrealistisch doet ‘m misschien meer aan. In 1982 stopte hij met muziekmaken en wijdde hij zich volledig aan het schilderen en in mindere mate aan het beeldhouwen.
Ice Cream for CrowDe muziekstijl laat zich moeilijk omschrijven. Het is rock, het is blues, maar het is vooral experimenteel en avant-gardistisch. Regelmatig ook met psychedelische invloeden. Misschien niet altijd even toegankelijk maar vaak geniaal. Niet altijd echter, zo staat de commerciële(re) periode van midden jaren zeventig onder de fans bekend als Captain Beefheart and his Tragic Band. Vooral de periode rond 1970 (met naast Trout Mask Replica o.a. ook het geweldige Lick my decals off, baby) en deze rond 1980 (met de meesterwerkjes Shiny Beast en Ice Cream for Crow) worden beschouwd als z’n hoogtepunten. Tijdens de eerste helft van de jaren zeventig werd z’n muziek uit noodzaak toegankelijker (het was gewoon tè modern voor die tijd), met de nadruk op blues en rock eerder dan op het exprerimentele.

Maar geweldig bekend is Captain Beefheart dus nooit geworden. En hetzelfde kan gezegd worden van het Whisky Tales label. Wie kent dat? Whisky Tales is een Duits initiatief, zij hebben tot op heden een vijftiental bottelingen op hun conto. Ik weet niet of deze St. Magdalene 1982 representatief is, dit is nog maar de eerste die ik proef. Maar ik hoop voor hen van wel. Wat een parel! Met Ice Cream for Crow op de achtergrond. Twee parels.

 

St. Magdalene 27 YO 1982/2009, 58.6%, Whisky Tales 'Poseidon'St. Magdalene 27y 1982/2009, 58.6%, Whisky Tales ‘Poseidon’, bourbon cask, 184 bottles, 500ml
Ronduit prachtige, cleane, complexe neus. Er zit een zoet kantje aan (honing, nougat), een vegetaal (gras, en groene en witte groenten – schorseneren, no kidding), een floraal (gedroogde bloemen), een fruitig (rijpe kruisbessen, banaan, ananas), een zilt en een mineralig (natte stenen, klei enzo). Natte wol. Lampolie. Ronde, sappige eik en lichte begeleidende rook op de achtergrond en in perfecte verhouding. Rond en romig op de tong. Intens en complex. Honing en vanille, peperkoek, zoete witte wijn (uit het topsegment welteverstaan), ronde eik, hoe langer hoe meer fruit ook. Perzik, abrikoos en de (rijpe) kruisbessen die ik ook op de neus had. En ook de zachte rokerigheid is opnieuw van de partij. En hetzelfde kan gezegd worden van het zilt. Lichte aarde tonen. Een beetje hars, noten (lichte en fantastische bitterheid) en leder. Complex, ik zei het al. Vrij lange en complexe afdronk. Zowat alle elementen van de smaak worden doorgetrokken. Elegante complexe klasse. Prachtige whisky. 92/100

Highland Park 27y 1984, The Whisky Agency ‘insects’

Highland Park heeft vier distilleerkolven in gebruik, wat resulteert in een productie van ongeveer 2,5 miljoen liter alcohol per jaar. Het water dat men gebruikt, is afkomstig van de Cattie Maggie’s Pool. De whisky van Highland Park wordt onder andere gebruikt voor de samenstelling van de Long John blends. Interessant? Yeah right. Deze 1984 van The Whisky Agency, dat is interessant.

 

Highland Park 27 YO 1984, 52.5%, The Whisky Agency 'insects'Highland Park 27y 1984/2011, 52.5%, The Whisky Agency ‘insects’, bourbon hogshead, 222 bottles
Expressieve, aromatische neus. Zoet, floraal en fruitig tegelijkertijd (het is niet dat het in lagen of in vlagen komt, het is er allemaal meteen). Gedroogde bloemen en heide wat het florale karakter betreft, honing en nougat qua zoets, en een hele fruitsla wat het fruitige betreft. Citroen, sinaas, evoluerend naar tropische toestanden zoals lychee, meloen en ananas. Dat alles ondersteund door sappige eik, zachte munt en rook van het hout. En qua appreciatie: I love it! De smaak is stevig en prikkelend. De heide, de honing, de ronde eik, het fruit, de rook van het hout, het komt allemaal terug. De kruiden zijn hier (zoals wel vaker) wel prominenter aanwezig. Peper, nootmuskaat en munt. Lange afdronk op citrusfruit, kruiden en eik. Heerlijke whisky. En bedankt om deze te delen Gunther. 91/100

Ardbeg 27y 1973, Old Malt Cask

We feesten verder op Islay, meer bepaald met een Ardbeg in de hand. Douglas Laing heeft veel Ardbeg gebotteld, zowel onder z’n Old Malt Cask label als onder de Platinumvlag. Daaronder ook een aantal 1973’ers. 1973, dat is dus Ardbeg uit z’n topperiode. Deze botteling wordt beschouwd als één van de beste 73’ers.

 

Ardbeg 27 YO 1973/2000, 50%, DL Old Malt Cask, 240 bottlesArdbeg 27y 1973/2000, 50%, DL Old Malt Cask, 240 bottles
Bingo! Geweldige ‘farmy’ turf op de neus. Dat is dus de zoetzure variant die doet denken aan nat hooi, stallen en de bijhorende mest. Hij is ook zalig ‘coastal’, waarmee we het dan hebben over zilt, zeewier en jodium, dat soort zaken. Maar ook oesters. En welke Engelse termen kunnen we nog gebruiken? Wel, ‘fruity’ of course. Kweeperen, limoen en ananas. Lichte tonen van rubber ook. En melkchocolade. En dennennaalden. Chocolaty indeed. Maar vooral: f#*!ng great! Dit is echt machtig om ruiken. De smaak is al even machtig. Erg complex. Intens en dik op de tong. De boerderij, de zee, het fruit (citrus en kiwi, jawel), de lichte rubber, het zit ook hier. Samen met kruiden zoals zoethout en gember. En cacao. En noten. En marsepein. En lichte teer. En gedroogd gras. Complex, ik zei het al. Fantastisch droog. Indrukwekkend lange afdronk. Fenomenaal, één van de beste oude Ardbegs die ik al kon proeven. 95/100

Bowmore 27y 1973, Blackadder

Vandaag een oude Bowmore, een 1973 van Blackadder.

 

Bowmore 27y 1973/2000, 50.2%, Blackadder, cask 3176, 233 bottles
Niet het verwachte (tropische) fruit. Of toch niet onmiddellijk. Wel granen, koffie en zilt. Hars ook wel. Pas na enige tijd zet het fruit zich door en dat is inderdaad tropisch. Ananas, banaan, mango, meloen, en ook wat limoen. Vanille. Het geheel is wel vrij vluchtig, ik mis de nodige body. De smaak is redelijk droog, daar zorgen eik, noten en kruiden voor. Het fruit wordt er wat door onderdrukt. Maar het is er wel, onder de gedaante van mango, meloen en mandarijn. Vanille, zilt en dan nu (dus niet onmiddellijk) turfrook. Vrij lange afdronk op vanille, mandarijnen en veel zilt. Lekker, absoluut, maar ik mis consistentie, aroma’s komen en gaan. 86/100

Dailuaine 27y 1966, Cadenhead

Vandaag een oude Dailuaine, meer bepaald een 1966 van Cadenhead, ondertussen bijna twintig jaar geleden gebotteld. Cadenhead heeft meerdere Dailuaines 1966 gebotteld, waaronder de legendarische 1966/1997 onder hun Authentic Collection label.

 

Dailuaine 27y 1966/1994, 45.7%, Cadenhead’s Original Collection
Hola, wat een mooie oude sherry op de neus. Belegen eik, geboende meubels, antiekwas, oud leder, oude kleerkast, oude boeken. Alles aan deze whisky geurt oud. Maar nooit stoffig of saai. Daar zorgt het fruit voor, fruit dat na enige tijd op de voorgrond treedt. Ananas, gedroogde abrikozen, mango… tropical. Heerlijk zoet. Crème brûlée. Amandelspijs. Dan ook nog frisse kruiden zoals eucalyptus en munt. Samen met het fruit geeft dat een erg frisse en levendige toets aan deze whisky. Prachtig. Volle smaak, erg kruidig. Ik heb nog gedroogd fruit en kandijsuiker, maar de eik en vooral de kruiden gaan hoe langer hoe harder roepen. Zoethout, peper, kruidnagel en munt. Licht bitter. Okkernoten en aarde ook. Lange afdronk, ook hier licht bitter maar met zacht tropisch fruit dat nog om de hoek komt kijken, wat de balans terug in evenwicht trekt. Heerlijke old school sherry. 92/100

Glen Garioch 27y 1970

Oude Glen Garioch kan vreselijk goed zijn. Denk maar aan de legendarische 1968’ers of die paar sublieme Samaroli’s. Maar er zijn natuurlijk altijd uitzonderingen die de regel zo nodig dienen te bevestigen…

 

Glen Garioch 27y 1970/1997, 43.9%, OB, cask 7
Oei… wat ruik ik daar? Zeep, jawel. In het begin valt het nogal mee, maar het groeit. Spijtig genoeg. Het is op de duur moeilijk om nog naast de zeep te ruiken. En als dat toch lukt, krijg je sinaas, pompelmoes en tijm. Bloesems ook, maar dat florale leunt natuurlijk erg dicht aan bij parfum en zo beland je vanzelf bij zeep. Lijm misschien nog. Op de smaak laat de zeep nog minder ruimte voor andere sensaties. Misschien wat gras, peper, noten en tuinkruiden. Maar ver op de achtergrond. Er zit ook wel een zoete ondertoon in, maar veel positiefs brengt dat niet bij. Hout ja, maar ook dat verbleekt bij de zeep. De afdronk is er spijtig genoeg ook nog en hij is daarenboven wreed lang. En dat ‘wreed’ mag je hier letterlijk nemen. 67/100

Dailuaine 27y 1974, Silver Seal

Dailuaine 1983 kan erg lekker zijn, dat weten we ondertussen. Laat ons vandaag een klein decennium verder in de tijd gaan, uitkomende in het jaar 1974 met een botteling van Silver Seal uit 2001.

 

Dailuaine 27y 1974/2001, 53%, Silver Seal ‘First Bottling’, 210 bottles
Zachte, zoete en fruitige neus. Ik noteer onder andere vanille, ananas en banaan. Die ananas, dat is eerder ananas in blik, en op siroop. Dat wordt gevolgd door boter, nat hooi en natte aarde (wat damp uit de aarde ook wel). En daar dan onder lichte eik (geboend) en nog lichtere rook. Aroma’s die in lagen komen. Delicaat profiel, ook op de smaak. Ik noteer vanille, honing, kruiden (hier valt zoethout op), eik, granen, noten, citrus…. bittere en zoete tonen dus die elkaar mooi in evenwicht houden. Middellange, bitterzoete afdronk (zie de associaties van de smaak) met ook hier een klein beetje rook. Foutloos en aangenaam zonder dit echt geweldig te kunnen noemen. 84/100

Cardhu 27y 1984, The Whisky Agency

We kunnen dus kiezen, want ook The Whisky Agency heeft een Cardhu 1984 gebotteld. Deze is met z’n kleine 150 euro wel iets duurder dan de Duncan Taylor. Geen idee of het een zustervat betreft, maar als hij even lekker is als de DT, kunnen we al meer dan tevreden zijn.

 

Cardhu 27y 1984/2011, 52.6%, The Whisky Agency ‘Funghi’, bourbon cask, 199 bottles
Het profiel van de neus is in ieder geval gelijkaardig. Ook hier heb ik appels (met kaneel) en bijenwas (geboende meubels), en ook de toast met sinaasconfituur heb ik terug. Ha, ook het natte hooi ontbreekt niet. Het geheel is romig, zoet en warm. Hier wel wat meer kruiden, naast de kaneel. Nootmuskaat en gember onder andere. Deze Cardhu is romig op de tong, boterig bijna. En ook hier wat kruidiger dan de Duncan Taylor. De kruiden dus naast het zoets (kandij, rozijnen) en het fruit (sinaas, mandarijn, bramen). En de bijenwas opnieuw en het hooi. Dat laatste zet zich verder in de lange afdronk, samen met sinaas en de gember. Even lekker? Nee, beter, de kruiden geven het geheel extra punch en extra complexiteit. 90/100

Glen Scotia 27y 1966, Signatory

Oude Glen Scotia moet dikwijls niet onderdoen voor oude Springbank. Ze delen immers vaak dat typische oude Campbeltown profiel, gekenmerkt door belegen eik, was en zoete turf. Het is dan ook met wreed veel goesting dat ik me aan deze Glen Scotia 1966 zet.

 

Glen Scotia 27y 1966/1994, 51.5%, Signatory, casks 1271&1272, 550 bottles
All right, inderdaad dat oude Campbeltown profiel… nice! Naast de reeds vermelde associaties die met dit profiel gepaard gaan, valt me een zalige zoete fruitigheid op. Geflambeerde banaan en ananas in blik. Rijpe sinaas ook. Voor de rest antiekwas (dat is die waxyness die ik bedoelde), mineralen, marsepein, gember en zachte turfrook. Zelfs (maar niet abnormaal) lichte zee-elementen. Zilt en zeewier. Zoete eik op de achtergrond. Heerlijke neus. Stevig, romig mondgevoel, met een smaak die het moet hebben van zoet fruit (zie de beschrijving van de neus), zachte turf, sinaas, walnoten, zoethout en bijenwas. Best grassig ook, maar dan richting hooi en – vooral – heide. Naar het einde toe opnieuw zilt. Eik, maar net als in de geur eerder op de achtergrond. Lange, zoete en zilte afdronk. Tja, oud Campbeltown-profiel… ik ben fan. 90/100

The Whiskyman

The Whiskyman is de naam waarmee Dominiek Bouckaert zich whiskygewijze door het leven begeeft. Onder die naam importeert hij Malts of Scotland in België en verdeelt hij de Thosop handwritten bottelingen. Maar selecteren en verdelen is één ding, als je zo gepassioneerd bent door whisky als hij, is het een natte droom om een volledig eigen label in de markt te zetten. En zo geschiedde. Na enkele maanden denkwerk, vatenselectie, labelontwerp en weet ik veel wat nog allemaal, is hier het resultaat. Een Port Ellen 1983… hij zet dus meteen erg hoog in. Een statement, ongetwijfeld. En geef toe, als deze eerste whisky even knap is als het label (I just love it!), dan schiet hij hiermee recht in de roos.
Uit het label kan je afleiden dat Dominiek niet alleen een gepassioneerd whiskyliefhebber is, maar een minstens even gepassioneerd muziekliefhebber. Volgende bottelingen onder dit label zullen een variant zijn op dit thema (andere kleuren, andere variaties op song titles).

Bon, de whisky nu. Ik zet ‘m naast de Port Ellen 1983 Malts of Scotland en de Port Ellen 1982, DR for The Nectar, de lat ligt dus hoog. Maar ik proefde deze whisky reeds eerder en weet dus in welke gewichtsklasse hij speelt.

 

Port Ellen 27y 1983/2011 ‘While My Whisky Gently Weeps’, 55.5%, The Whiskyman, 120 bottles
O ja, de neus van deze Port Ellen zit alvast meteen goed. Ho, goed is hier echt wel een understatement! Vol, romig, zoet, fruitig, ziltig en zesty. En complex! Waar te beginnen? Met het zeekarakter bijvoorbeeld. Zilt dus, maar ook jodium en zeewier. Dan het fruit. Ik had het over ‘zesty’, ik bedoel dus de schil van allerlei citrusfruit. Limoen, citroen, sinaas. Zonder dat het bitter is, eerder zoet, gesuikerde zeste. Pompelmoes met griessuiker. De schil van groene appels. Naast de suiker ook vanille, marsepein en fudge qua zoets. Wat nog? Euh, wat te denken van kruiden? Nootmuskaat bijvoorbeeld, en kaneel. Een licht mineralige toets ook. En natuurlijk de rook: lichte rook, van een houtvuur, kampvuur en een toefje turfrook. Prachtig! En complex, ik vermeldde het al. Ook op de smaak is ie dat. Romig, olieachtig mondgevoel. Zoet (marsepein, nougat), fruitig (citroen en limoen), zilt en kruidig (gember, peper, kaneel). Een beetje eik, hazelnoten en pompelmoes zorgen voor een erg aangename bitterheid. De kruiden komen meer naar voor, en pas daarna laat de turfrook zich gelden. Die turf blijft dan wel lang hangen, net als de citrus en het zilt. Zoute drop. Pfff, wat een heerlijke whisky. Oké, het is een profiel waar ik behoorlijk wild van ben, maar zelfs binnen dit profiel is dit bij het beste wat ik al dronk. 92/100

Hij is een stuk complexer dan de Malts of Scotland (die ik al erg lekker vond, 90/100), hij is gelaagder en gaat dieper, en hij kan perfect naast de Dewar Rattray for The Nectar gaan staan, wat echt wel een prestatie is.

The Asta Morris sessions: Dailuaine 27y 1983

De tweede nieuwe Asta Morris is een Dailuaine 1983. In tegenstelling tot de Glenburgie heeft Bert dit vat onder het eigen label gebotteld. Dailuaine 1983… al even weinig tot de verbeelding sprekend als Glenburgie 1997, geef toe. Maar niets zo misleidend als imago.

 

Dailuaine 27y 1983/2011, 50%, Asta Morris, refill sherry hogshead AM004, 248 bottles
Mooie neus die start op gedroogd gras, hooi en allerlei tuinkruiden. Maar dan gaat hij over in andere sensaties en is het niet meer mooi, maar prachtig. Mandarijn, boter, zachte vanille, bloemen van de weide (echt een wandeling door een weide in volle bloei). Iets van geroosterd brood. Besmeerd met honing. Zeer elegante en delicate neus. Krachtig en stevig op de tong, en toch zacht, niets scherps. Boterig bijna. Perfecte drinksterkte me dunkt. Vanillecrème, rijpe sinaas, warme appelmoes, heide, honing, tuinkruiden (tijm, laurier), nootmuskaat en wat eik. Perfecte balans, op geen enkel moment drogend. En zo makkelijk drinkbaar! Lange, smeuïge afdronk met hier iets meer kruiden. Ook deze had wat tijd nodig om volledig tot z’n recht te komen, maar dan… een juweeltje. 92/100
 

Hier heb ik toch op zitten wroeten. Ik bedoel dat ik ‘m meerdere malen proefde, op verschillende momenten in de line-up. Zowel na de zéér lekkere Glenburgie 1997, als na de schitterende Benriach 1978, als na de hors-catégorie Benriach 1975. Ik vond deze whisky na een eerste keer uitgebreid te proeven meteen geweldig en had een score van 92 in gedachten. Maar, 92 voor een Dailuaine 1983? Het is niet omdat Bert een sympatieke gast is, dat ik met punten moet gaan smijten hé… laat ons zo correct en consistent mogelijk blijven… maar toch, telkens als ik ‘m opnieuw proefde moest ik toegeven dat dit een fantastische whisky is, die in mijn scoring gewoon 92 waard is. En wat moet dat kosten? 89 euro. Knappe prijs/kwaliteitverhouding noemt men dit, en dat is hier dan nog een understatement.

Caol Ila 1983 QV.ID

En nu we het toch over Caol Ila hebben, ook QV.ID (Cuvee Idee) heeft onlangs een mooie Caol Ila laten bottelen, een zéér mooie, een 1983.

 

Caol Ila 27y 1983/2010, 54.5%, selected by QV.ID, sherry cask
Succulente neus met veel fruit en gedroogd gras op een bedje van zilt en zachte, zoete turf. That says it all. Alhoewel nee, er is nog zoveel meer te ontdekken in deze neus, maar dit geeft wel een idee. Het fruit wordt gedomineerd door sinaas, rijpe sinaas, vergezeld van limoen en kruisbessen. Het gedroogde gras neigt naar gedroogde bloemen, potpourri, maar dan niet van die goedkope rommel. Romige honing zorgt voor het zoets, het zilt en zeevruchten voor de coastal touch, de zachte turf vult zeer mooi aan, zonder ook maar ooit de hoofdrol op te eisen. Wat leder haal ik er ook uit, net als oude boeken, boter en marsepein. Je leest het, ‘complex’ is het woord dat hier meer dan op z’n plaats is. Maar ook ‘heerlijk’. Eigenschappen die ook op de smaak van toepassing zijn. Stevig zonder scherpe kantjes, prikkelend, romig en licht mineralig. Het zilt zit ook hier, net als het fruit. Duidelijk citrus, en dan eerder citrusschil (zesty as they say). Gezoet citroensap. Hier ook kruiden, wat ik minder op de neus had. Zoethout, mosterd. Een lichte rokerigheid. Perfect drinkbaar op deze sterkte, ik heb absoluut geen behoefte om hier water bij te doen. Vatsterkte? Of ideale drinksterkte? Of gewoon beide? De afdronk is middellang, clean, rokerig en licht zilt met de citrus die blijft hangen. Heerlijk gewoon. Na de Port Ellen 1982 (eigenlijk voor, maar voor mij na) opnieuw een schot in de roos. Bull’s eye. 91/100

Glen Mhor 28y 1982, Riverstown

Riverstown is een nieuw label van Robin Tucek, de man achter Blackadder en The Clydesdale. De naam Riverstown verwijst naar een Ierse distilleerderij, gelegen in de buurt van Cork, die niet lang actief was, waarschijnlijk opgericht in 1824 en gesloten rond 1840.
Ook Glen Mhor (spreek uit glen vhoar) is één van die weinig gekende distilleerderijen, deze 1982 is er trouwens mijn tweede review van en misschien nog maar de vierde of vijfde die ik proef.

 

Glen Mhor 27y 1982/2010, 55.8%, Riverstown, cask 1348, 259 bts.
De neus is stevig en start floraal en granig, vermengd met citrus. Daarna gevolgd door waxy tonen. Boenwas, antieke (geboende) meubelen. Zoethout zit er ook bij. Hoe langer hoe zoeter. Op de smaak tref ik dezelfe waxyness aan, maar minder uitgesproken, net als het zoethout, honing en wat zilt. Zoute drop. Wat eucalyptus? Drogend, zeker naar het einde en in de afdronk. Best lekker, zonder mij evenwel van m’n sokken te blazen. 84/100

Linlithgow 27y 1974, Silver Seal

Linlithgow is eigenlijk St. Magdalene onder een andere naam en verwijst naar het plaatsje Linlithgow waar de distilleerderij gevestigd is. De distilleerderij was enkel in z’n beginjaren gekend als Linlithgow, de naam werd spoedig veranderd in St. Magdalene. Er zit echter geen logica in het gebruik van beide namen in de bottelingen, zowel bij officiële als onafhankelijke bottelingen heb je beide. Blijkbaar drukte men soms de éne naam op de vaten en soms de andere. Bizar.

 

Linlithgow 27y 1974, 50%, Silver Seal ‘First Bottling’ 2001, 180 bts.
Cleane, sobere neus die me onmiddellijk doet denken aan olijfolie. Daarna krijgt hij een zoet en licht fruitig kantje. Perziken en tropisch fruit. Kaarsvet, amandelen (de noten welteverstaan), marsepein. Subtiel, je moet wat zoeken, maar dan is het een beauty. De smaak is zacht en fruitig. Na een tijdje komen er kruiden en hout bij. De noten zitten ook hier, net als wat citrusschil. Een aangename bitterheid. Lange, licht bittere afdronk. Erg lekkere St. Magdalene (of nee..), niet helemaal het niveau van midden jaren zestig spul, en eerder neigend naar 1966 St. Magdalene dan naar 1964 of 1965, voor zover ik dat kan beoordelen in functie van wat ik daar van gedronken heb tenminste. 89/100