Spring naar inhoud

Posts from the ‘Glen Scotia’ Category

Glen Scotia 17y 1992, Samaroli Coilltean

Ik heb gemengde gevoelens bij Glen Scotia 1992, soms is dat matig, soms lekker, nooit uitzonderlijk. Ook deze van Samaroli is dat niet.

 

Glen Scotia 17 YO 1992, 45%, Samaroli CoillteanGlen Scotia 17y 1992/2009, 45%, Samaroli Coilltean, fino sherry butt #3, 858 bottles
De geur start op vuile sherry, die me doet denken aan rubber en aan een vuile schotelvod. Na enige tijd verdwijnt dat vuile naar de achtergrond en komen er tonen van Maggi en tabaksbladeren in de plaats. En andere, wat klassiekere sherry-associaties: noten, karamel, rozijnen, pruimen en veel leder. De noten krijgen een geroosterd kantje en worden vergezeld van geroosterd graan. Crème brûlée. En ook nog wat zilt. Wordt duidelijk beter na wat lucht gehapt te hebben. Minder vuile start op de smaak, wel stevige sherry. Zilte sherry. Doet zelfs een beetje denken aan Old Pulteney op sherryvat. De sherry laat zich kennen in de vorm van eik, noten (echt wel veel noten, van allerlei slag), gedroogde vruchten, karamel en koffie. En ook de tabak keert terug. Kruiden zoals peper en zoethout. Redelijk droog allemaal. Behoorlijk lange, droge afdronk, op kruiden en donkere chocolade. Los van de eerste indruk is dit best een aangename whisky. Aangenaam zonder meer. 83/100

Advertenties

Glen Scotia 20y 1992, Thosop

Een nieuwe Thosop handwritten, altijd iets om naar uit te kijken. Deze keer is het een Glen Scotia 1992. Hij kost je 110 euro.

 

Glen Scotia 20y 1992/2012, 48.2%, Thosop Handwritten label by The Whiskyman, refill sherry hogshead, 162 bottles
Mooie sherryneus, zoet en ‘notig’. Studentenhaver, met z’n gedroogd fruit (rozijnen, vijgen) en allerlei noten. Prikkelende munt, eucalyptus en gember. Fris. Hoestbollen. Geboende eik, en een mooie rokerigheid. Geen turfrook, eerder tabaksrook en de geur van sigarendoosjes. Tabaksbladeren. Enorm dat laatste. Erdoorheen wat bosvruchten (bramen, zwarte en rode bessen). Elegante en rijke neus. Ook in de mond is dit een elegante whisky, het droogt nooit uit. Daar zorgt het (weliswaar gedroogde) fruit, de chocolade en de bijenwas voor. Zilt (iets wat ik bij deze niet op de neus had) en munt komen daar bij, net als de onvermijdelijke eik en kruiden. Qua kruiden denk ik aan nootmuskaat, kaneel, peper en (veel) zoethout. Sterke kruidenthees. En ook hier bosvruchten na enige tijd. Ik vreesde dat ik dit op de smaak té droog zou vinden, maar dat is dus niet het geval. Pas op, dit is redelijk droog, maar nooit té. Nice. Middellange afdronk, mooi droog, op eik, noten, kruiden en zilt. Dit is één van de beste Glen Scotias 1992, van de velen die we de jongste jaren voorgeschoteld kregen. 87/100

Glen Scotia 1992, Archives

Een andere nieuwe botteling onder het Archives label is een Glen Scotia 1992. Eén van de vele Glen Scotia’s 1992 die de laatste jaren zijn uitgebracht, in mijn appreciatie met wisselend succes. Deze kost 85 euro.

 

Glen Scotia 20y 1992/2012, 50.4%, Archives, Whiskybase, hogshead #08/71, 80 bottles
De neus van deze whisky moet je laten groeien, hij heeft wat tijd nodig om zich bloot te geven. Planten en zachte rubber vallen als eerste associaties op. Daarna vervagen die om plaats te maken voor gras en bloemen (de weide), gevolgd door noten en een beetje zilt. In de verte zelfs licht rook. Daarna bijenwas, antiekwas en geboend leder. Fruit? Ja, toch ook wel: rijpe ananas en zwarte bessen. Lekker. De smaak moet het hebben van kruiden (nootmuskaat, kaneel), leder, pompelmoes en zilt. En opnieuw de zwarte bessen. Best wat eik ook. En chocolade. Middellange afdronk, aangenaam bitter. Het label vermeldt enkel Hogshead qua vattype, de kleur brengt me op bourbon maar er zitten toch enkele elementen in die me aan een sherryvat doen denken. Iemand uitsluitsel? Whatever, ik vind dit lekkere whisky, één van de betere Scotia 92’ers. 86/100

Glen Scotia 20y 1992, Malts of Scotland

Next in line bij de nieuwe Malts of Scotland is een Glen Scotia 1992. En dat is niet hun eerste, we hadden al een 1992/2010 die me niet zo kon bekoren. Ook een 1991 trouwens, die me dan weer wel erg beviel. Deze kost je 95 euro.

 

Glen Scotia 20y 1992/2012, 51.9%, Malts of Scotland, Sherry hogshead #MoS12031, 158 bottles
Zoete sherryneus met veel chocolade (donkere), gedroogde vijgen en pruimen (pruimentaart), tabak (tabaksrook en tabaksdoosje) en leder. Ook wel wat rood fruit, maar niet zo veel. Braambessen. Munt. Drogend op de tong, met een extra kruidigheid. Tuinkruiden, maar ook wat peper en zoethout. De pruimen, het leder, de chocolade en de tabak tref ik ook hier aan, samen met rozijnen en karamel. Eik natuurlijk ook, en noten, zorgend voor het droge karakter. Niet helemaal in balans hier. Naar het einde toe ook nog iets ziltigs. Zoute drop. Lange afdronk, waar het zoete meer dan op de smaak de strijd aangaat met de drogere elementen. De balans zit hier dan ook beter. 83/100

Glen Scotia 20y 1991, Malts of Scotland

Ik heb dit weekend het proeven en bespreken hervat, aan de hand van enkele recente samples van verschillende bottelaars. Daaronder o.a. deze Glen Scotia 1992 van Malts of Scotland. Een 1992 MoS, een jaar eerder gebotteld, kon me niet echt bekoren. Maar dit is een bourbonvat, dat wordt dus sowieso een heel ander profiel. Hij kost je een 100 euro.

 

Glen Scotia 20y 1991/2012, 54.5%, Malts of Scotland, bourbon hogshead #MoS12009, 158 bottles
Mmm, waxy! Oud, geboend leder, geboende planken vloer, oude boeken… aangename verrassing, had ik niet verwacht in Glen Scotia van die leeftijd. Bij die was komt eerst fruit bij, in de gedaante van roze pompelmoes en rode appels. Rozijnen ook. Gele rozijnen. Van die grote. Daarna de geur van natte stenen (mineralig), gevolgd door munt en tijm. Ronde, volle witte wijn (muscat). Licht zoet dus, ook door de vanille die opduikt. Complexe en klassevolle neus. De smaak is wat minder rond dan de neus, wat scherper. Licht bitter. Krachtig mondgevoel. Wat opvalt zijn tuinkruiden en een stevige schep zout. Eik ook wel, zoethout en gember. Bittere appelsien. Dat bittere wordt in balans getrokken door vanille en gele appels (cider). Wat hebben we nog? Pruimtabak onder andere en ook wat mokka. Lange, droge afdronk, waar de kruiden en de vanille van de smaak ten dans spelen. Een whisky die zeker op de neus een pak ouder overkomt. Knappe selectie. Die neus verdiende trouwens een nog hogere score. 88/100

Glen Scotia 27y 1966, Signatory

Oude Glen Scotia moet dikwijls niet onderdoen voor oude Springbank. Ze delen immers vaak dat typische oude Campbeltown profiel, gekenmerkt door belegen eik, was en zoete turf. Het is dan ook met wreed veel goesting dat ik me aan deze Glen Scotia 1966 zet.

 

Glen Scotia 27y 1966/1994, 51.5%, Signatory, casks 1271&1272, 550 bottles
All right, inderdaad dat oude Campbeltown profiel… nice! Naast de reeds vermelde associaties die met dit profiel gepaard gaan, valt me een zalige zoete fruitigheid op. Geflambeerde banaan en ananas in blik. Rijpe sinaas ook. Voor de rest antiekwas (dat is die waxyness die ik bedoelde), mineralen, marsepein, gember en zachte turfrook. Zelfs (maar niet abnormaal) lichte zee-elementen. Zilt en zeewier. Zoete eik op de achtergrond. Heerlijke neus. Stevig, romig mondgevoel, met een smaak die het moet hebben van zoet fruit (zie de beschrijving van de neus), zachte turf, sinaas, walnoten, zoethout en bijenwas. Best grassig ook, maar dan richting hooi en – vooral – heide. Naar het einde toe opnieuw zilt. Eik, maar net als in de geur eerder op de achtergrond. Lange, zoete en zilte afdronk. Tja, oud Campbeltown-profiel… ik ben fan. 90/100

Glen Scotia 1992, A.D. Rattray

Eén van de nieuwe bottelingen van A. Dewar Rattray is een Glen Scotia 1992. Ook deze is een split cask, wat wil zeggen dat men maar een deel van het vat gebruikt heeft. Het vattype is een butt, met een inhoud van zowat 480 liter ongeveer het dubbel van een hogshead en dus perfect om te delen met een andere bottelaar.

 

Glen Scotia 19y 1992/2011, 59.6%, A.D. Rattray, sherry butt #2 (part), 359 bottles
Toen ik even aan het flesje rook, vreesde ik wat voor sulferaroma’s, maar met de whisky in m’n glas te gieten en even te laten ademen, is daar geen sprake meer van. Wel veel aarde (natte grond), nieuw rubber, donkere chocolade, gedroogde pruimen en rozijnen, noten, nieuw leder, een beetje munt en jonge rode wijn. Een behoorlijk actief sherryvat met andere woorden. Wat pijptabak mag ik niet vergeten te vermelden. En hoe langer hoe meer de geur van natte kranten erdoorheen. Met water meer richting wijn. Proeven nu. Hola, stevige sherry, echt stevig. Droog, wat bitter. Associaties van Eau-de-vie, Kirsch, donkere chocolade, eik, hars, sinaas, veel kruiden en jeneverbessen. Met water meer gedroogd fruit maar de drogende eik blijft domineren. Lange, droge afdronk. Niets verkeerds met deze whisky, maar niet echt mijn ding, zeker op de smaak vind ik ‘m (veel) te droog. 77/100

Malts of Scotland, Luc’s choice – part II

Na de plaspauze – veel te veel water gedronken om die dekselse chipssmaken te neutraliseren – gingen we verder met twee Malts of Scotland die ik hier al eens eerder zij aan zij besprak, whisky’s waarvan ik het absoluut niet erg vond ze nog eens te kunnen proeven. Daarna volgde een nieuwe botteling, een Caol Ila, en afsluiten deden we met Luc’s recentste Glenfarclas.

 
Glen Scotia 37y 1972/2010, 45.1%, MoS, cask 1926, 114 bottles
Zie hiervoor mijn notes in bovenstaand link. De score blijft dezelfde, in dit rijtje scoort enkel de Glenfarclas heel nipt meer. Ik heb er lang over gedaan om uit te maken welke van deze twee ik de beste vond, twee compleet verschillende profielen maar beide absolute top, eigenlijk zou ik ‘m 92,5 moeten geven, het verschil is misschien geen heel punt. Prachtig oud Campbeltownprofiel. 92/100
 
Glengoyne 37y 1973/2010, 50.4%, MoS, cask 678, 97 bottles
Ook van deze was ik volledig weg, hij moest indertijd maar nipt voor de Glen Scotia onderdoen. Ook nu, hij nestelt zich mooi tussen de Glen Scotia en de Bunnahabhain in. Frisser (fruitig, floraal) en makkelijker dan z’n voorganger, minder complex, meer ‘direct’, maar o zo heerlijk direct. 91/100
 
Caol Ila 29y 1981/2010, 59.8%, MoS, cask 4807, 216 bottles
Dit is één van de nieuwe bottelingen. Petrolium, rook, plastic, niet meteen de beste neus ever. Maar dat is dan zonder water. Water toevoegen doet wonderen, een heel pallet een geuren komt naar voor. Zoet fruit, oesters, zilt, winegums, vanille, zoethout… complex. Zoete turf ook, zowel op de neus als op de smaak. Ik noteerde qua smaken nog drop (zoute drop) en het zoete fruit van de neus. Lange, fruitige en kruidige finish. A perfect swimmer, gaat van gesloten en niet aangenaam zonder water naar open en heerlijk mét. 89/100
 
Glenfarclas 41y 1968/2010, 49.7%, OB for Thosop, casks 702 & 5240, 318 bts.
Eindigen deden we dus met deze Glenfarclas, een whisky die al behoorlijk wat airplay heeft gehad maar waarbij ik voor de volledigheid nog vermeld dat het een vatting is van twee vaten die elk op zich hun kwaliteiten hadden maar ook hun mindere kanten. Samengevoegd bleken ze echter elkaars mindere kanten op te heffen, resulterend is een perfect huwelijk. Vat 702 is een first fill oloroso, vat 5240 een first fill fino. De complexe neus geeft donkere chocolade (waarvoor dank oloroso, maar zonder echt bitter te zijn, waarvoor dank fino), noten, hout (niet te veel, niet te weinig), fruit (zowel gedroogd als geconfijt fruit), kruiden, leder, een lekkere waxyness en nog heel wat meer. Na enige tijd krijg ik ook wat vegetale tonen (denk aan peterselie, en zeker ook munt). Een neus om van te genieten. Op de tong toont hij zich stevig, mondvullend en licht drogend. Veel kruiden, bessen, hout, koffie, de donkere chocolade, enzovoort enzoverder. Lange, droge, kruidige finish met ook het fruit dat nog de kop opsteekt. Vooral de neus van deze whisky is geweldig. 93/100
 
Voila, ik vond dit een mooie line-up. Buiten onze opwarmer was de jongste whisky 29 jaar oud, en toch had ik nooit het gevoel op een stuk hout te sjieken, het zijn stuk voor stuk zeer mooi gerijpte whisky’s die alle hun smaken perfect geïntegreerd hebben. Mijn top-3 bleek dezelfde te zijn als deze van de groep (alhoewel ze voor mij alle drie erg dicht in elkaars buurt liggen), nl.:

  1. Glenfarclas 1968
  2. Glen Scotia 1972
  3. Glengoyne 1973

Glen Scotia 33y 1977, A.D. Rattray

Het stadje Campbeltown op het gelijknamige schiereiland telde op een gegeven moment liefst 33 distilleerderijen, wat het tot de whiskyhoofdstad van Schotland maakte. De financiële crisis rond 1930, de drooglegging, overproductie, de opkomst van blends, twee wereldoorlogen, de instorting van het Britse rijk en de soms povere kwaliteit van sommige producenten, leidde tot de sluiting van al deze distilleerderijen op twee na, Springbank en Glen Scotia. Recent kwam daar met de heropstanding van Glengyle opnieuw een derde bij.

 
Glen Scotia 33y 1977/2010, 57%, Dewar Rattray, cask 985, 195 bottles
Sherry hogshead. Lekkere zoete sherryneus. Veel gedroogd fruit à la pruimen, dadels en abrikozen. Vooral die laatste. Wat nog? Tabak, noten, aarde, zachte rook, zilt, rijpe, overrijpe appelsienen, orangettes, leder, zoethout, hooi, heide… complex that is. Stevig en verwarmend op de tong met gelijkaardige associaties. Ik heb het gedroogde fruit terug, de noten (amandel en okkernoten), karamel, kruiden, tabak, koffie ook. Daarna zwarte bessen, zeezout en stroop. Kandijstroop. Lange, droge en bitterzoete afdronk, met wat ‘herbal’ tonen. Lekkere oude Glen Scotia waarbij de droge sherry mooi wordt gecounterd door het zoets. 88/100

Een Glen Scotia die z’n naam niet gestolen heeft

Vandaag proef ik een Glen Scotia van de Scotch Malt Whisky Society. Glen Scotia is de minder bekende distilleerderij op Campbeltown, naast grote broer Springbank (en recente aanwinst Glengyle). Dat oude Glen Scotia overheerlijk kan zijn, bewees de 1972 van Malts of Scotland al, nu eens zien hoe het met recentere zit.

 
Glen Scotia 16y 1992/2008, 55.1%, SMWS 93.34 ‘Absolutely delicious!’, 178 bottles
Laten we ons vooral niet beïnvloeden door de naam die de Society deze whisky meegaf. The proof of the pudding enzo. Mooie, rokerige en zoete neus. Het zoete laat zich vertalen als karamel, zachte karamel. Daarnaast is hij licht ziltig en kruidig. Maggi. Wat nog? Leder, tabak en peper. Ook de smaak is zilt en zoet. Pittig op de tong en wat stroperig. Ik heb tonen van pruimen, zoethout, appel, rozijnen, rook… complex. Vrij lange afdronk op gedroogd fruit en kruiden. Doet me wat aan oude rum denken. Heerlijke whisky, en volledig terecht die naam. 87/100

Malts of Scotland H2H: Glen Scotia 1972 vs Glengoyne 1973

Vanaf vandaag bespreek ik de nieuwe Malts of Scotland bottelingen. Twee ervan zijn exclusief voor België gebotteld, een Glengoyne 1973 en een Glen Scotia 1972. Maar met welke begin ik? Mmm, vermits ik niet kan kiezen (ben van het besluiteloze type), ga ik ook niet kiezen. Het zijn trouwens twee whisky’s die niet alleen ongeveer even oud zijn en beide op bourbonvaten rijpte, maar na een eerste keer proeven ook aan elkaar gewaagd bleken te zijn, ideaal dus om head to head elkaar te laten uitdagen en zo de finesses van beide te ontdekken. De Glen Scotia proefde ik trouwens vorige week maandag al, maar laat ons zeggen dat ik het niet erg vind deze nog eens te ‘moeten’ proeven. Oude Glen Scotia is zeldzaam, 1975 (o.a. een lekkere voor The Whisky Fair) en 1977 ben ik al tegengekomen, oudere nog niet.

 
Glen Scotia 37y 1972/2010, 45.1%, MoS, cask 1926, 114 bottles
De neus zou die van een oude Clynelish kunnen zijn. Van een zeer lekkere oude Clynelish. Bijenwas, gedroogde bloemen en veel fruit is het eerste wat er uitspringt en wat mij aan Clynelish doet denken. Wat nog? Pollen, honing, marsepein, antiekwas. Qua fruit denk ik aan perziken, druiven, ananas, rijpe appelsienen, dadels en de schil van Granny Smith appels. Vers gemaaid gras ook en een subtiele rokerigheid. Licht ‘old bottle effect’ – zou wel kunnen, zit toch al zeker een maand in de fles. Het zal de antiekwas zijn die me aan een antiekshop doet denken. Soit, die neus is in ieder geval absolute top. Weinig tot geen hout trouwens. Ah, op de smaak wel wat hout, net als nootmuskaat, gember, zoethout en noten. Dit maakt het geheel aangenaam bitter met zoete (honing) en fruitige tonen die het geheel in balans trekken. Hier vooral gedroogd fruit. Naar het eind druivenpitten (tannines). Middellange, droge finish op peper en noten met ook hier lichte tannines. De neus verdient 93 punten, de tannines in de mond kosten ‘m spijtig genoeg een puntje. 92/100
 
Glengoyne 37y 1973/2010, 50.4%, MoS, cask 678, 97 bottles
De neus start zoet en fruitig. Banaan, kokos (véél kokos), ananas en rijpe kruisbessen. Ik zei ‘start’, maar eigenlijk blijft hij verder gaan op zoete en fruitige tonen. Vanille en ook wat bloemen, maar vooral het fruit domineert. Geroosterde noten, dat is ook nog het vermelden waard. Ook op de smaak is hij zeer fruitig. Groene kruisbessen (dus minder rijpe dan in de geur), groene appels, witte druiven, witte pompelmoes. Boterig en mondvullend met naast het fruit redelijk wat hout (zonder echt bitter te worden), honing, vanille en kruiden. Lange fruitige afdronk met hier wel een licht bittere ondertoon. Gho, deze Glengoyne moet niet echt onderdoen voor de Glen Scotia. Op de smaak vind ik ‘m misschien zelfs iets beter. De indrukwekkende neus van de Glen Scotia is echter moeilijk te kloppen, dat rechtvaardigt het puntje extra. 91/100

Glen Scotia 1992 Malts of Scotland

Dit is nog maar mijn tweede Glen Scotia, mijn tweede 1992 ook. Die Jack Wieber viel me al redelijk mee, benieuwd wat deze geeft.

 
Glen Scotia 1992/2010, 53.3%, Malts of Scotland, sherry cask #429, 199 bottles
Prominente sherryneus op koffie, rubber, verbrande cake, crème (tres) brûlée, hooi… best aangenaam. Ho, wacht ‘s, wat is dat? Een minder aangenaam trekje. Karton? Ja, karton verdorie. En oude boeken. Natte kranten. Stof. Klei. Vreemde neus met een bizarre twist. Smaak: punchy! Eucalyptus, hooi, hout, Irish coffee, bittere chocolade, kaneel, kruidnagel, zoethout, een beetje zout, gepofte kastanjes… en dan ook hier die onaangename kant van karton, kranten en stof. De afdronk is redelijk lang op noten en zilt. Speciale whisky die zo z’n momenten heeft, maar die me vooral stevig in verwarring bracht. Ben in m’n beoordeling tussen 85 en 70 geslingerd. Met stip de minste van de drie nieuwe Malts of Scotland. 76/100

Jack Wiebers

Jack Wiebers is het geesteskind van Lars-Göran Wiebers en is dus geen Britse maar Duitse whiskyimporteur, gevestigd in Berlijn. In 1998 begon het zelf whisky te bottelen.
Dit bottelen doet het onder verschillende labels. The Cross Hill, Old Train Line en de Auld Distillers collection zijn misschien wel de bekendste reeksen. Daarnaast heb je nog de Prenzlow Portfolio Collection, Premier Malts, Scottish Castles (de goedkoopste reeks) en de recente Gentle Nose range.
Alle reeksen bevatten een beperkt aantal bottelingen, meestal single casks, vaak op vatsterkte en op een gelimiteerd aantal flessen gebotteld. Nooit koud gefilterd of gekleurd.
Als je in Berlijn bent, moet je zeker eens in Jack Wiebers’ bar binnenstappen. Je kan er een groot deel van de Jack Wiebers bottelingen proeven.

By the way, Wiebers was in het verleden met het platenlabel Jack Wiebers Records één van de drijvende krachten achter de Neue Deutsche Welle. Doens’t ring a bell? De namen Nena, Rheingold, Nina Hagen en het onvolprezen Einstürzende Neubauten doen dat ongetwijfeld wel. Zoniet ben je waarschijnlijk nog niet op alcoholdrinkende leeftijd – ksj, ksj, van mijn blog! – of ben ik het misschien die ouder word?

 
Glen Scotia 16y 1992/2008, 51.6%, Jack Wiebers Auld Distillers Collection, 174 bottles – Campbeltown – 79/100
Mijn eerste Glen Scotia. Frisse fruitige neus. Wat zoet ook. Karamel. Zilte ‘coastal’ smaak met weerom de karamel. Vrij droge en zilte afdronk. Best wel ok.
 
Longmorn 1975/2007, 53.2%, Jack Wiebers, The Cross Hill, 130 bottles – Highland – 86/100
Stevige en complexe neus met veel fruit (perzik, abrikoos, appel, banaan), subtiele waxyness (boenwas, schoensmeer, kaarsvet, dat soort zaken), munt? Beetje kruidig, zoethout. Honing en wat hout ook. De smaak is van hetzelfde laken een broek. Zelfde fruit, zelfde waxyness, de honing, de kruiden (peper), maar ook een beetje zilt en wat citrus op het eind. Lichte bitterheid. Lange afdronk op citroen en peper. Wat kunnen oude Longmorns toch lekker zijn!