Spring naar inhoud

Posts tagged ‘Old Malt Cask’

Port Ellen 25y 1979, Old Malt Cask

Port Ellen van eind jaren zeventig heeft over het algemeen een ander profiel dan dat van begin jaren tachtig. Het is minder mineralig, minder ‘zesty’, minder scherp en clean, eerder ronder. Maar daarom niet beter of slechter. Gewoon anders.

 

Port Ellen 25y 1979/2005, 50%, DL OMC, cask 2016, 425 bottles
Mooie, zachte en zoete neus op appelsien, chocolade (orangettes), citroensnoepjes, vanille en cake. Altijd met zoete turfrook en zilt op de achtergrond. Ook de geur van teer en rubber. En zeewier. Zelfs een lichte medicinaliteit. Verband. Mercurochroom. Een lichte florale toets komt ook om de hoek kijken. Best complex. Hetzelfde patroon op de smaak: zoete elementen, citrusfruit, turf en zilt. Associaties van kandijsuiker en vanille, chocolade en cake, mandarijn en citroen, gezouten nootjes en drop, turf en (een beetje) rubber. Lichte, dragende eik. En maar weinig kruiden, enkel een beetje peper. Stevig en dik mondgevoel. Lange afdronk, rokerig en zoet. Ja, Port Ellen 1979, dit is opnieuw een beetje anders dan wat we de laatste jaren gewoon zijn van 1982/1983. Maar dus zeker niet beter of slechter. 91/100

Banff 32y 1975, Old Malt Cask

De Banff distilleerderij ligt in het noorden van de Speyside regio, een goeie kilometer buiten het centrum van het stadje Banff. Of beter gezegd lag, na de sluiting in 1983 verwoestte een brand in 1991 immers de overblijvende gebouwen.

 

Banff 32y 1975/2008, 48.7%, DL Old Malt Cask, cask 3971, 164 bottles
Frisse neus op tuinkruiden, mineralen (natte stenen) en heide, snel gevolgd door fruit. Wit fruit (appel, peer), daarna perzik en gele pruimen. Kaarsvet ook wel. Net als wat zilt. En een aangename florale toets. Subtiele rook. Ook de smaak is fris en clean: mineralen, gras, hooi, munt, harde peren vooral en wat vanille. De klassieke mosterd-en-dille combinatie ontbreekt niet. Okkernoten. Eik, en niet zo’n beetje, maar nooit uitdrogend. Bijenwas en kaarsvet. Lange afdronk op tuinkruiden, mosterd, okkernoten en een heel klein beetje rook. Tja, Banff van de jaren zeventig, ik ben fan. 90/100

St. Magdalene 23y 1982, Old Malt Cask

Alhoewel ik oude St. Magdalene enorm kan appreciëren, bevalt de whisky uit hun nadagen mij heel wat minder. St. Magdalene sloot z’n deuren, net zoals heel wat andere distilleerderijen van Diageo, in 1983.

 

St. Magdalene 23y 1982/2006, 50%, DL Old Malt Cask, cask 2918, 331 bts.
Cleane, granige en licht zoete neus. Ontbijtgranen, vers gebakken brood. Vanille. Vrij grassig ook (hooi). Iets licht zurigs… rottend hooi? Wat rubber misschien ook. Daarnaast heb ik de geur van boter, noten en wat vegetale toetsen. Net als kaarsvet. Een klein beetje turf vervolledigt het geheel. Al bij al een weinig boeiende neus. In de mond is dit een olieachtige whisky, redelijk dik. De start is ook hier zoet en granig en wordt net zoals op de neus gevolgd door grassige tonen. Wat bijenwas, citrus en ook hier een beetje turf. Wat ik niet zo op de neus had, zijn kruiden. Munt, peper. Best lange afdronk, zoetzuur (neigt richting farmy tonen). Een whisky die weinig met me doet. 78/100

Port Ellen 26y 1982, Douglas Laing for The Nectar

Pfff, weer Port Ellen…

 

Port Ellen 26y 1982/2009, 56.2%, DL OMC for The Nectar, refill hogshead #4900, 193 bottles
Bitterzoete neus op vanille, citroen, roze pompelmoes en groene appels. Ertussen priemt zilt en jodium, amandelen en versgemaaid gras. En natuurlijk ontbreekt ook de zachte turfrook niet. Krachtig op de tong, mondvullend. Een behoorlijke hoeveelheid turf, wat zilt, hars ook, vanille, honing, sinaasconfituur (best wat zoete tonen), citroen, gember en peper. Lekkere neus, maar ik vind de smaak nog beter. Lange, kruidige afdronk met een aangename bitterzoete fruitigheid. 91/100

Eindigen in schoonheid

Laat ons het rijtje feestwhisky’s in schoonheid afsluiten met twee sublieme pareltjes van whisky’s. Twee compleet verschillende profielen, in een ander decennium gebotteld, maar beide niet meer of niet minder dan onversneden godendranken. Eén van de twee is de Ardbeg Ardbeggeddon, een cult-Ardbeg als geen ander. Deze whisky werd in 2001 door Douglas Laing gebotteld onder hun Old Malt Cask label en dit voor het whiskygenootschap PLOWED, ofte People Lucid Only While Enjoying Dalwhinnie (de originele afleiding, maar daar zijn ondertussen al meerdere varianten op gefabriceerd).

 

Ardbeg 29y 1972/2001 ‘Arbeggeddon’, 48.4%, DL OMC for PLOWED, 227 bottles
Halleluja, dit is zalig! Big! Enorm intense neus op romige turf, gerookte vis en andere zilte aroma’s. Asfalt ook, net als een beetje teer. Houtskool. Zoete appels. Vanille. Gerookt spek. Nat hooi. Wat farmy, indeed. Wat een complexiteit en zo geconcentreerd, genieten in overdrive. Op de tong is hij dik en romig. De associaties die me het eerste te binnen springen zijn turf, smeuïge turf that is, honing, kandij, citrus, zilt, wat eik, kruiden… lichte sherrytonen. En wat een prachtige bitterheid! En dan hebben de afdronk nog niet gehad… gigantisch. Man man, wat een dijk van een whisky! 95/100

Twee Port Ellens

Port Ellen 26y 1982/2008, 50%, DL Old Malt Cask, cask 4808, 731 bottles – Islay
Lichte neus op zilt, wit fruit (appel, peer) en lichte rook. Mist punch. Smaak is steviger, met peper en zout. En een beetje turf, of course. Kruidige afdronk. Lekker, maar wat ééntonig en er bestaan heel wat betere Port Ellens. 83/100
 
Port Ellen 21y 1982/2003, 46%, Silver Seal, 375 bottles – Islay
Dit is beter zie! Erg lekkere Port Ellen met zachte zilt, zeewier, oesters, sappige groene appels, zoethout, nootmuskaat en een beetje rubber op de neus. Complex en mooi gebalanceerd. De smaak ligt in het verlengde van de neus, maar geeft een hevigere rokerigheid. Lange, zilte afdronk. I like. 89/100

Brora & Clynelish tasting I

De eerste clubtasting van het seizoen zette ons onder de noemer ‘Back to basics’ weer met beide voeten op de grond, de tweede tasting had een lichtjes ander effect. De meesten onder ons bevonden zich na afloop met hun hoofd in de wolken, wolken die naar bijenwas en schapenstal roken dan nog (ja, ik kan me voorstellen dat dat voor menigeen een nieuw concept is). Bijenwas en schapenstal, dat is dus Clynelish en Brora. Voor de geïnteresseerden, ik heb me in het verleden al aan een beknopte geschiedschrijving van deze toch wel legendarische distilleerderijen gewaagd, daar hoef ik me dus niet meer mee bezig te houden.
Dominiek, die niet vies is van dit soort whisky, had acht flessen mee. Sommige whisky’s waren lekker, voor andere moet ik een ander vocabularium bovenhalen.

 

Het opwarmertje was de Clynelish 12y, 46%, OB for the Friends of the Classic Malts. Geen slechte whisky om mee te starten, maar wel veruit de minste van de avond. De neus vond ik heel mineralig. Natte steen. Ook geeft ie wat citrusfruit, wat zoets (karamel), rook, zilt en een heel lichte zeeptoets, wat geen meerwaarde te noemen is. Die zeep had ik weliswaar pas toen ik er na enkele andere whisky’s terug naar greep, dat viel dus nog wel mee. De smaak vonden sommigen wat zurig. Ik had appels (maar inderdaad eerder zure dan zoete), citrus opnieuw en een beetje was. Licht zoete en kruidige finish die effe blijft hangen. Al bij al weinig distilleerderijkarakter. Score? 76/100. Ik zie dat SV ‘m 85 geeft, die was er dus duidelijk meer van onder de indruk.

 

Ook nummer twee was een Clynelish, meer bepaald de Clynelish 31y 1970/2001, 48.4%, Douglas Laing OMC, sherry finish, 186 bottles, die ik hier al eens besproken heb. Net zoals toen was ik er ook maandag niet echt wild van. Het is lekkere whisky, zeker op de neus, maar hij had eerder gebotteld moeten zijn. Het hout maakt het op de tong en in de afdronk wat te droog. Mijn bevindingen en score van maandag komen mooi overéén met wat ik begin dit jaar neerpende. Die 85/100 blijft dus ongewijzigd.

 

Tijd voor een Brora, ééntje uit 1972 (jawel): Brora 1972/1997, 40%, Gordon & MacPhail Rare Old. Gordon & MacPhail heeft een aantal Brora’s 1972 onder het Connoisseurs Choice label uitgebracht, waarvan ik er onlangs twee proefde en een derde (1992) mij wel heel verleidelijk vanuit m’n whiskyschap staat aan te staren (ja, flessen en samples kunnen staren). Deze 25 jarige Brora hebben ze – bij mijn weten als enige – onder hun Rare Old label gebotteld. De neus is wat je van Brora 1972 mag verwachten: farmy! Very farmy that is. De stallen, de mest, het hooi, de natte hond die tegen je opspringt, de… nee Johan, laat de boerendochter maar achterwege. Zachte zoete turf ook, beetje fruit, beetje honing… smullen! Ook de smaak is lekker, maar mist punch. De Connoisseurs Choices bewijzen dat dat niet aan het lage alcoholpercentage hoeft te liggen, toch is deze op de smaak wat plattekes, licht waterig. Pas op, wat je proeft is nog altijd zeer Brora-ig (turf, farmy, honing, beetje zilt) en dus lekker-lekker. De 1993 blijft echter mijn favoriet, die is steviger én complexer. De extra waxyness, bloemen en zalige fruitigheid van de 1993 ontbeert de Rare Old. Desondanks geef ik ‘m toch nog 90/100, vooral dankzij de neus.

 

Het eerste gedeelte van de tasting eindigde met de Clynelish 8y 1999/2008, 62.8%, SMWS 26.54 ‘Midsummer nights’ dram’, een erg lekkere, frisse Clynelish die wel water nodig heeft. Zonder water is de neus erg mineralig. De natte steen weer. Wat metalig ook. Met water gaat hij open, wordt zoeter en komen er bloemen, fruit en wat zilt door. Ook de smaak kan water gebruiken, best veel water zelfs, deze Clynelish toont zich een erg goeie zwemmer (iets wat niet over mezelf gezegd kan worden, maar dit volledig terzijde). Fruitig (peer, perzik), bijenwas, noten, kruiden, erg complex voor zo’n jonge whisky. Hij blijft ook z’n kracht behouden, zelfs nog indien verdund tot onder 40%. Knap! 86/100.

 
Morgen deel twee, going crescendo.

Glenugie 27y 1982/2009 OMC

Ook deze stond nog op m’n verlanglijstje. Eerder proefde ik al de Glenugie 20y 1984/2004 OMC, wat een meer dan aangename kennismaking was met deze distilleerderij.

 
Glenugie 27y 1982/2009, 50%, DL OMC, cask 5040, 216 bottles – Highland – 89/100
Ha, dit is weer een lekkere! Hij spreidt zalig sappig fruit (appel, sinaas, meloen…) tentoon, zowel in de neus als in de smaak. In de neus vanille, een beetje hout en een mooie kruidigheid erdoorheen. Ook hout (maar bescheiden) in de vrij smeuïge smaak. Suikerspin, rozijnen, amandel. Kokosmelk? Middellange, zachte en kruidige afdronk. Smullen!

Port Ellen 21y 1982/2004, DL OMC, cask 414, 420 bottles

Port Ellen 21y 1982/2004 OMC 414

Heb lang getwijfeld om van deze whisky een proefnotitie te publiceren, gewoon omdat ik ‘m niet kan vatten. Bij het proeven van deze Port Ellen kom ik tot erg uiteenlopende conclusies. En omdat ik er geen hoogte van krijg, is ie onmogelijk te scoren.

Het is volgens – niet van de minste – kenners één van de beste Port Ellen bottelingen of all times, met scores van 94, 95, 97… Het was dus tot mijn grote vreugde dat ik deze fles op eBay zag staan. Moet zomer 2007 zijn geweest. Verstand op nul gezet en zwaar geboden. Sedert aankoop hem ik al enkele malen geproefd, met erg verschillende resultaat dus.

Ik publiceer hieronder mijn twee extreemste notities van deze whisky en neem als score het gemiddelde. Met een stevige korrel zwavel, euh zout te nemen dus.

 
Februari 2008
Port Ellen 21y 1982/2004, 50%, DL OMC, sherry cask 414, 420 bottles – Islay – 92/100
Het ogenblik om mij een paar cl uit te schenken, is aangebroken. Om te beginnen heeft dit vocht een donker amberige kleur, de kleur van een rode pineau des charentes. De sherry heeft hier echt wel z’n werk gedaan. En dan de neus het glas in… Halleluja! Sherry en turf, en wat een balans! Kruiden ook (peper), fruit (zure appels), hout, verbrand rubber, tabak… ongelooflijk complex en krachtig. De perfecte whisky-neus! Maar spijtig genoeg kan de smaak dit niveau niet helemaal aanhouden… net een ietsje te scherp, te bitter. Wel erg lekker hoor, maar niet het top-niveau van de neus. Kruiden, zoethout, rook en veel hout, wat het geheel dat tikkeltje te droog maakt. De afdronk is dan weer wel dik in orde, lang op sherry en vooral zááálige rook. Score? Wel, als de smaak in het verlengde van de neus had gelegen, dan was het 95 geworden. Nu toch nog 92, wat ook niet slecht is natuurlijk.

P.S., een tip na een volgende proefbeurt: eerst een stuk bittere chocolade in je mond laten smelten en vervolgens de PE proeven… man, zou de score zo met enkele punten verhogen!
 
Oktober 2008
Port Ellen 21y 1982/2004, 50%, DL OMC, sherry cask 414, 420 bottles – Islay – 75/100
Neus: zwavel. Damn, dat had ik in het begin dus helemaal niet. En de zwavel is zelfs vrij dominant, je kan er moeilijk naast ruiken. De turf moet wijken voor sulfer. Het hout en het verbrand rubber zijn er nog wel. De smaak, die ik oorspronkelijk al wat minder vond dan de neus, kan dit niet compenseren. Verdorie toch, zo’n dure fles!
 
Het gaat dus wel degelijk om dezelfde whisky, dezelfde fles zelfs. In het hetzelfde glas, in dezelfde zetel, genuttigd door dezelfde proever. Aan hetzelfde promillegehalte. Zou het kunnen dat deze whisky geen lucht kan hebben? Dat na enkele maanden open de zwavel ‘geactiveerd’ wordt?

Bon, dat wordt dus een gemiddelde en vooral waardeloze score van 83,5.

Twee puberende Laphroaigs van Douglas Laing

Puberende Laphroaigs??? Stop met drinken Johan!
 
Laphroaig 15y 1982/2003, 50%, DL Old Malt Cask, cask 914 – Islay – 86/100
Een 15-jarige Laphroaig, gedistilleerd in 1982 en gebotteld in 2003, straf! Nochtans staat het zo op het etiket. Is ie nu een goeie 20 jaar oud of gedistilleerd rond 1988? Soit, proeven nu. Vrij typische – en dus best wel lekkere – Laphroaig neus met veel zoete turf en citrus. Ook de smaak is zoet en rokerig. Exotisch fruit en een beetje kruiden. Lange, zoet-rokerige afdronk. Njammie.
 
Laphroaig 17y 1990/2008, 56.1%, Signatory, cask 08/45, 224 bottles – Islay – 90/100
Ook deze is lekker, vooral in de smaak en afdronk. Zoete neus. Iets van amandel. En houtskool. In de mond zalige zoete turf, met voor de rest citrus, peper en een beetje zilt naar het einde toe. Lange, zilte en rokerige afdronk… Lovely!
 
Weerom twee toppers van Laphroaig dus.

Enkele peaty Douglas Laings

Ardbeg 10y 1996/2006, 50%, DL OMC, 331 bottles – Islay – 82/100
Voor een Ardbeg een erg lichte neus. Licht maar toch complex. Graan, kruiden, beetje zoet, rook en maar een lichte hint van turf. Daarna ook fruit. Citrus. Turf komt langzaam meer zeker naar boven. Smaak is minder complex, eerder droog en beetje zoet met duidelijke turf. Droge, ietwat bittere afdronk.
 
Brora 18y 1981/1999, 50%, DL OMC, 335 bottles – Highland – 92/100
Dit is Clynelish met een zalige Brora touch. De neus heeft de ‘waxyness’ van Clynelish met de lekkere, subtiele turf van Brora. Voorts is ie fris en zoet. Honing, vanille, bloemen, fruit (perzik, abrikoos, beetje citrus), boenwas en zachte turf dus. Iets van nat hooi ook. Heerlijk is dit! Krachtige en frisse smaak met granen, vanille en zilt. Daarna komt de turf bovendrijven. Eerst subtiel en dan alsmaar ruiger. Nice! Zalige, lange afdronk met terugkerende rook. Blijkbaar maakte Brora in z’n laatste jaren (begin jaren 80 – distilleerderij gesloten in 1983) toch nog enkele geturfde batches. Deze is duidelijk verschillend van de Brora’s van de jaren 70, maar kan er zonder blozen naast gaan staan.
 
Laphroaig 18y 1988/2006, 50%, DL OMC, Rum finished, 328 bottels – Islay – 79/100
Rum finished??? Ben benieuwd! De klassieke Laphroaig kenmerken, medicinaal, zilt, zeewier… zijn er wel, maar absoluut niet uitgesproken. Neus is erg ‘bloemig’ en fris. En ja, de rum is duidelijk aanwezig. Behoorlijk on-whisky. Ook de smaak is dat. Beetje turf en rook, maar ook wat zoet (marsepijn?) en bitter (sinaasappelschil). Levertraan? Hu, jeugdtrauma! Zoet-bittere afdronk. Op z’n minst speciaal te noemen. Moeilijk te scoren.

Oude Ardbeg

Veel lekkerders dan oude Ardbeg bestaat er niet. Oude Bowmore en oude Brora misschien ja. Voor Ardbeg is vooral het jaar 1974 legendarisch. En onbetaalbaar… Beetje wat 1972 voor Brora is.

 
Ardbeg 32y 1967/2000, 49%, Douglas Laing OMC, 276 bottles – Islay – 90/100
M’n eerste jaren 60 Ardbeg! Lekkere neus met veel sherry maar ook turf, rubber, honing, peper… erg complex. Ook duidelijk invloeden van het sherryvat in de smaak. Daarnaast heerlijke rook en peper. En na een tijdje komen er tonen van sinaas en bittere chocolade naar boven. Echt een whisky waar je tijd voor moet nemen. Middellange afdronk met rook en kruiden. Een meer dan aangename kennismaking.
 

Ook geproefd: Ardbeg 25y 1975/2001 van John Milroy en de 32 jarige 1974 voor La Maison du Whisky. Beide bespreek ik binnenkort in de rubriek ‘kleppers’, waar ze hun plaats meer dan verdienen.

Twee Speysiders van Douglas Laing

Mannochmore 12y 1990/2003, 46%, DL Provenance Spring distillation, cask 1012 – Speyside – 68/100
Erg lichte whisky, subtiel. Maar mist daardoor toch wel wat punch. Lichte sherryneus, maar meer kan ik er niet uithalen. Beetje zoet misschien. Banaan? Smaak is zeker fruitig en ook lichtjes zoet. Vanille. Korte, droge afdronk. Slecht kan ik dit niet noemen, maar lyrisch wordt ik er nu ook niet van.
 
Dufftown 20y 1980/2000, 50%, DL OMC, sherry cask , 630 bottles – Speyside – 86/100
Een heerlijke sherry neus met wat fruit en tabak. Ook sherry in de smaak, naast rozijnen (I love it) en behoorlijk wat fruit. Appels. Peer. Vrij lange afdronk op zoete en – aangenaam – bittere tonen. Dit is echt wel lekker!

Douglas Laing

Douglas Laing is een onafhankelijke bottelaar, in 1948 door Fred Douglas Laing opgericht onder de naam Douglas McGibbon. De liefde voor het gerstenat had hij ongetwijfeld van z’n vader, die z’n heel leven werkzaam was in de whisky branche. ‘McGibbon’ verwijst naar Fred Douglas’ eerste vrouw, Morag Douglas McGibbon. Haar grootvader was trouwens een Stillman op Islay.
De leiding over Douglas Laing & Company – met thuisbasis Glasgow – werd overgenomen door Fred Douglas’ twee zonen, Fred en Steward Laing, die nog steeds aan het hoofd van de firma staan.

Oorspronkelijk was Douglas Laing evenwel een blender. Tot de beide broers beseften dat bepaalde whisky’s gewoon té goed waren om te blenden en ze besloten bepaalde vaten als single malt whisky op de markt te brengen.
Zo ontstond in 1998 de Old Malt Cask (OMC) serie, een reeks Single Cask whisky’s gebotteld op 50%, de ideale drinksterkte volgens het huis. Whisky’s uit de OMC reeks zijn steeds non chillfiltered en niet gekleurd. Andere bekende labels van Douglas Laing zijn McGibbons Provenance op 40, 43 of 46% en de exclusieve Old and Rare ‘Platinum’ reeks op vatsterkte, gepresenteerd in een mooie houten doos inclusief individueel genummerd certificaat.
Douglas Laing heeft gedurende z’n 60 jarig bestaan een enorme voorraad aan vaten van verschillende distilleerderijen weten op te bouwen, waaronder ook heel wat van ondertussen gesloten distilleerderijen. Regelmatig brengt het nieuwe bottelingen uit, welke over gans de wereld verkocht worden.
 
Twee lekkere Speysiders van Douglas Laing:
 
Tomatin 40y 1962/2002, 44%, DL Platinum, 186 bottles – Speyside – 84/100
Voor z’n 40 jaar nog erg fris en vooral zéér fruitig. In de neus eerst appel en banaan, daarna evoluerend naar kweepeer. Wat zoet. Honing. Ook smaak is fruit, fruit en fruit. Opgelegde peer. Middellange, licht zoete afdronk. Lekker is dit.
 
Dufftown 20y 1981/2002, 49.6%, DL Old Malt Cask, sherry cask 533, 672 bottles – Speyside – 80/100
Lekkere sherry en rook, met een zoet ondertoon. Meer en meer evoluerend naar houtskool. Kampvuur. Dezelfde aangename sherry in de smaak, met fruit (sinaas) en een beetje peper. Karamel. Middellange afdronk op sherry.