Spring naar inhoud

Posts tagged ‘Gordon & MacPhail’

Feest

Voor mij dan toch. Ik heb lang getwijfeld welke whisky ik zou selecteren voor mijn duizendste proefnotitie. Maar omdat ik nogal het besluiteloze type ben, ga ik het feest een beetje rekken. Ik heb de laatste maanden enkele whisky’s verzameld – het dient gezegd dat dit in de meeste gevallen spijtig genoeg flesjes van 2 of 3 cl zijn, alhoewel het financieel gezien beter zo is – en proef deze één voor één gedurende de komende dagen, eventueel onderbroken door een intermezzo indien daar (een goede) reden toe is. Het zijn stuk voor stuk whisky’s waarvan ik weet of hoop dat ze mij in de zevende hemel zullen doen belanden. Ik begin met één van de whisky’s die in de afgelopen drie jaar op mij het meeste indruk maakte, nl. de Glen Grant 21y Securo Cap. De securo cap was een sluiting (type draaidop) die enkel in de jaren 1961, 1962 en 1963 gebruikt werd. En aangezien Glen Grant z’n deuren sloot tijdens WO II, is dit dus jaren dertig whisky. Roffel roffel, hier volgt review nummer duizend.

 

Glen Grant 21y 70° proof, 40%, G&M early 1960’s, securo cap
Ah man, memories! Een avond voor Kerst, een kelder in Mortsel, een gezelschap waarbij het kwijl langs de mondhoeken naar beneden droop. Ik vond dit toen fenomenaal goede whisky, ik vind dat nu… euh, fenomenaal goede whisky. Die neus is echt uniek, indrukwekkend lekker maar niet eenvoudig te beschrijven. Laat me toch een poging wagen. Om te beginnen zoet: acaciahoning, gebak, zoet fruit à la banaan, rode appels en peer. Die banaan is gebakken banaan, met rum en honing. Rum-rozijnen. Dan heide en gedroogde bloemen. Daar stopt het bijlange nog niet bij, hij gaat verder op balsamico crème, oud leder en antiekwas. En de geur deed me van in het begin aan iets denken waar ik maar niet kon opkomen, tot het me ‘Eureka!’-gewijze te binnen schoot: Normandische pannenkoek geflambeerd met Calvados, boenk er op. En nog blijft hij evolueren. Aan de hand van een prachtige onderliggende kruidigheid bijvoorbeeld. En Canada Dry, en een beetje okkernoten, en… dat blijft maar doorgaan en doorgaan. Vermoeiend in zekere zin. Maar wat kan het me schelen! Ronduit subliem! Op de tong is hij smeuïg, dik, zoet en kruidig. Ik schrijf op: zoete appels, kaneel, gember, hars, herbal, siroop, munt, honing, Calvados, belegen eik…. Ja, vooral veel puntjes. Alles elegant, subtiel, niks scherps, complex… zo fucking complex! En lékker dat dit is! De afdronk? Pfff, whatever, lang en bitterzoet en dat zegt niks, ik weet het. Een juweeltje uit een zeer ver verleden. Hoeveel scoorde ik ‘m indertijd? 97? Wel, vandaag doe ik daar geen sikkepit van af. Buitenaards inderdaad. 97/100

Littlemill 18y 1991, G&M Reserve for LMdW

Dat Littlemill 1990 wreed lekker kan zijn, weten we ondertussen wel, écht wel, eens zien of ook een 1991 mij kan bekoren. Deze Gordon & MacPhail werd in 2009 gebotteld voor La Maison du Whisky onder het G&M Reserve label.

 

Littlemill 18y 1991/2009, 46%, G&M Reserve for LMdW, cask 94, 287 bottles
De neus start zoet op honing, marsepein en nougat. Daarna komen er wat waxy tonen door. Bijenwas. Geboend leder. Zoet fruit ook: ananas en rijpe kruisbessen. Een heel klein beetje rook op de achtergrond (dit is niet de eerste Littlemill waar ik dit bij heb). Op de duur ook wat kruiden. De smaak is zacht en romig, fruitig en zoet. Vanille, pompelmoes en wit fruit. Appels en peren. Een lichte granigheid en ook hier wat kruiden. Middellange, eerder zoete en wat grassige afdronk. Erg lekkere (zeker op de neus) en vlot drinkbare Littlemill. 87/100

Balmenach 1975, Connoisseurs Choice

Van Balmenach wordt weleens gezegd dat het een typische blenderswhisky is en dat hun zeldzame single malts niet veel soeps zijn. Ik proefde tot op heden twee Balmenachs, een 1983 en een 1973 die ik respectievelijk 82 en 85 scoorde, voorwaar toch niet slecht? En weet je wat, vandaag wordt het nog beter. Ruben bezorgde mij een sample van een volgens hem heerlijke 1975 van Gordon & MacPhail, waarvoor dank Ruben.
Weetje: je vindt onafhankelijke Balmenach bottelingen ook soms onder de naam Deerstalker. Ook de namen Balminoch of Cromdale werden gebruikt.

 

Balmenach 1975/2007, 43%, G&M Connoisseurs Choice, first fill sherry
Zeer mooie, bitterzoete sherryneus. Geroosterde noten, kandijsuiker (en -siroop), rozijnen, gebakken banaan (op de barbeque), appelsien, belegen eik, de geur van een bos in de herfst, het vallen van de bladeren. Misschien een heel klein beetje rook op de achtergrond, rook van het hout. Acaciahoning ook, gefrituurde peterselie, kaneel en gekonfijte gember. Iets licht waxy. Volle, romige smaak met veel gedroogd fruit en noten, maar ook citrus (oké, de sinaas weer), karamel, koffie (zwart), tabak. Eik, en een aangename kruidigheid. Lange afdronk op gedroogd fruit, honing en kruiden. 88/100

Televoting

Gisteren stond er een nieuwe Fulldram tasting op het programma, met als thema ‘televoting’. De leden kregen op voorhand een lijst van twintig whisky’s voorgeschoteld, waaruit ieder zes whisky’s diende te selecteren. De zes met het hoogste aantal stemmen zouden dan de line-up uitmaken, uiteindelijk werden het er zeven. Vandaag en morgen een verslagje hiervan.

 
The Irishman, 40%, OB 2010
Als opwarmer kregen we deze malt uit de Bushmills stal te proeven, een tiental jaar gerijpt. Granige en licht fruitige neus. Slappe thee, wat kruiden. De smaak gaat daar op door en voegt wat vanille toe. Korte, licht kruidige afdronk. Niets bijzonders. 70/100
 
Glenfarclas 14y 1991/2005, 46%, OB, cask 164, 454 bottles
De neus is zoet en bitter. Hij start op rozijnen, pruimen, karamel en eik, en wordt dan hoe langer hoe kruidiger. Na wat verder in de line-up terug te gaan naar deze Glenfarclas vielen vegetale tonen op. Peterselie, oxo. De smaak is vrij droog. Bittere citrus, wat hars. Iemand merkte koffielikeur op. Middellange bitterzoete afdronk. Niet slecht maar nogal eenzijdig en op sommige momenten wat scherp. De standaard 15y lijkt mij ronder en complexer. 82/100
 
Clynelish 20y 1983/2004, 46%, Murray McDavid Mission III, 498 bts.
Op de neus heb ik niet de verwachte waxyness en ook minder fruit dan verhoopt. Wel dennennaalden, vanille, citrus en abrikoos. En wat peper en zout. Erg delicaat allemaal. Op de tong is hij zoet en fruitig (de citrus maar ook de abrikoos opnieuw). Misschien heel in de verte wat turf. De afdronk is niet echt lang en licht drogend. Ik was hier in eerste instantie een beetje door teleurgesteld, maar na wat andere whisky’s gedronken te hebben, treedt het fruit maar op de voorgrond. Tropisch fruit dan vooral. Toch bleef ie onder par voor Clynelish uit deze periode. 86/100
 
Caol Ila 11y 1995/2006, 57.6%, G&M Cask, casks 10638/10639
Cleane turf en zilt. Gerookt vlees, een hammetje aan het spit. Jodium. Een beetje fruit, niet veel. Op de tong agressief en bitter. Scherpe turf en peper. Niet echt aangenaam maar water doet wonderen. Veel ronder, romiger, zoeter dan. De peper blijft, maar het fruit komt er meer door. Lange, zoete en kruidige afdronk met cleane turf. Lekkere whisky, maar dat is ie enkel met water. 85/100

Bezoekje BB

Vrijdag vergastte Bert Bruyneel mij met een bezoekje. Ik had wat flessen klaargezet waarvan ik de meeste hier al eens besproken heb of dat in de nabije toekomst nog wel zal doen, ik ga ze hier niet oplijsten. Het deed me echter plezier dat hij de Fulldram Xmas bottling (Auchentoshan 1999) erg kon smaken, maar dat hij de Laphroaig 10y Cask Strength Batch 001 beter vindt dan de red stripe 2007, kan er bij mij niet in. Ik zou zeggen “Bert B. kent geen kl**ten van whisky”, maar zo ben ik niet.
Nu, Bert had zelf ook wat lekkers bij, en hij had zich niet ingehouden. Van deze whisky’s heb ik notes gemaakt en aan de hand van sampletjes kan ik deze notes vandaag nog wat verder stofferen.

 

Aberlour-Glenlivet 27y 1963/1991, 55.2%, Cadenhead Authentic Coll.
Erg frisse en levendige neus, bijna 50 jaar na distilleren en 20 jaar na botteling. Floraal (bloesems) en vooral erg fruitig. Meloen, banaan, perzik, sinaas, mandarijn… Vanille, zacht waxy en wat heide. Zeer mooie neus. Ook de smaak is fris en fruitig, met hier wat toegevoegde granen en kruiden. Vanille ook. Best lange, romige en vooral fruitige afdronk. Prachtig oud profiel. 91/100

 

Highland Park 26y 1972/1998, 55.7%, Signatory 10th Anniversary, cask 1632, 252 bottles
Volle, smeuïge en zoete neus op honing, vanille en peperkoek. Van die zelf gebakken peperkoek, nog warm. Gaat verder op boenwas, kruiden, eik en gekookt fruit. Lichte rook ook. Puur genieten deze neus! Smaak: van het zelfde laken een broek. Stevig, zoet, fruitig en kruidig, en alles in perfecte harmonie. Honing, gember, peper en zoet fruit. En hij blijft erg lang hangen. Ik zou dit blind nooit Highland Park raden, eerder oude Speyside. Sublieme oude Speyside dan wel. 93/100

 

Glenburgie 1966/1990, 61.2%, G&M Cask, cask 3405/6, 75cl
En het werd verdorie nóg beter. En wel met een Glenburgie 1966 van G&M, vaten 3405 & 3406. Als ik m’n neus nog maar effe in het glas steek… een explosie van de heerlijkste sensaties! Prikkelende kruiden, sappig fruit (aardbeien, rode appels, cassis, braambessensap – zou dat bestaan?), gebakken banaan, romige karamel, rozijnen op rum, chocolade… chocolade die smelt op de tong. Alwaar hij vergezeld gaat van noten (superieure studentenhaver), rijpe sinaas, de braambessen opnieuw, zachte gember en kaneel. Lichte zilt. Och ja, nu je het zegt, dit is whisky op 61.2%… niets van gemerkt. Lange afdronk op sappig fruit en gekonfijte gember. Sherry op z’n absolute best. A propos, deze krijgt op Whisky Fun een score van 81/100. Laat ons zeggen dat ik lichtjes van mening verschil. 95/100

 

A ja, dan waren er ook nog wat Benriach casksamples. Hierover later meer, maar hou je ogen open, er wordt wat dat betreft naar mijn bescheiden mening iets legendarisch klaargestoomd…

 

Bedankt voor het lekkers Bert!

 

Royal Brackla 1976, G&M

Nog zo’n minder bekende distilleerderij is Royal Brackla. Brackla was de eerste distilleerderij die in 1835, onder de heerschappij van William IV, de titel van hofleverancier mocht dragen, vandaar de ‘Royal’ voor de naam. Brackla werd gebouwd op het domein Cawdor, bekend van MacBeth. En van Samaroli, maar daar kom ik een andere keer op terug.

 
Royal Brackla 1976/2003, 46%, G&M Connoisseurs Choice
Frisse, florale neus met vanille en zachte karamel. Ook een zachte kruidigheid. Niet ongenaam. In de mond komt hij een stuk sterker over dan de 46% alcohol… stevig, mondvullend, krachtig en kruidig. Peper en gember. Vrij lange afdronk. Stevige maar niet al te complexe noch echt boeiende whisky. 78/100

Ardmore 1990, Gordon & MacPhail

Opgericht tijdens de whisky-boom einde negentiende eeuw door William Teachers, bleef Ardmore eigendom van de familie Teachers tot het overgenomen werd door Allied Distillers. Sedert 2005 zit het in de portefeuille van Fortune Brands. De whisky wordt gebruikt in enkele blends, vooral in Teacher’s.

 
Ardmore 1990/2006, 43%, Gordon & MacPhail
Frisse, jonge turf, floraal en zelfs wat bubblegum. Een lichte granigheid. Op de neus komt hij veel jonger over dan de zestien jaar dat hij oud is. Hints van new spirit. Maar hij is wel voller dan new spirit natuurlijk. Heide en honing. Op de smaak gaan het zoete en de turf hand in hand, met ook hier florale toetsen en hooi. Fris. De turf is clean en vertoont geen medicinale trekjes. Middellange, eerder droge afdronk op cleane turf. Straight forward, niet bijzonder boeiend, wel lekker zonder meer. 82/100

Longmorn 1966, G&M for Japan Import System

De tweede Longmorn die ik gisteren proefde, is een 1966 die Gordon & MacPhail enkele maanden geleden bottelde onder z’n Book of Kells label voor Japan Import System. Een beauty.

 

Longmorn 44y 1966/2010, 46.8%, G&M for Japan Import System, cask 612, 278 bottles
Een neus die ondanks z’n 44 jaar op vat nog erg levendig en fris is, en absoluut niet overpowerd wordt door het hout. Integendeel. Zachte, fruitige en zoete sherry op tonen van gedroogd fruit, confituur van allerlei soorten rood fruit, honing, fudge, praliné, mokka, noten, hooi en kruidenthee (niet direct een idee aan welke ik hier concreet moet denken). Zalig! De smaak is mondvullend en stevig. Het fruit blijft duidelijk aanwezig (sinaas nu eerder – sinaasconfituur), net als de praliné en de mokka. Hier wat meer hout dan op de neus, maar vooral als toegevoegde waarde. Correctie: qua fruit niet enkel sinaas, ook bosbessen en braambessen die erdoor komen. Vrij lange, bitterzoete afdronk met het fruit dat prominent aanwezig blijft. Niet overmatig complex maar verschrikkelijk lekker. En voor mij nog ietsje beter dan de 1969. 92/100

Longmorn 1969, G&M for LMDW

Als je van fruitige whisky houdt, zal ook oude Longmorn je zelden teleurstellen. En gelukkig verschijnen er hier vaak onafhankelijke bottelingen van. Longmorn is trouwens één van de weinige distilleerderijen die doorheen z’n geschiedenis de productie nooit heeft moeten stilleggen.
Vandaag proefde ik twee Longmorns van de jaren zestig zij aan zij, beide gebotteld door Gordon & MacPhail. Hieronder lees je mijn bevindingen van de eerste, morgen van de tweede.

 

Longmorn 1969/2008, 50%, G&M for La Maison du Whisky, cask 5295
Zeer fruitige neus, amai. Ik heb zowel heel wat tropische varianten als citrus. Moet ik ze allemaal opsommen? Onmogelijk, maar een poging is: passievrucht, meloen, papaya, ananas, roze pompelmoes, mandarijn, limoen… niet meer dan een poging dus. De neus is daarnaast ook een beetje floraal, biedt vanille en de geur van sommige kruidentheeën (welke? maakt het echt uit?). Het fruit zit ook prominent op de smaak, maar wordt hier vergezeld van heel wat meer hout dan op de neus het geval was. Ook meer kruiden, wat niet onlogisch is. Het maakt het geheel prikkelend en levendig. Het fruit blijft vooral tropisch, minder citrus echter. De finish is lang en fruitig, het fruit wint het hier duidelijk van het hout en de kruiden. Zalige oude Longmorn. 91/100

Port Ellen 1982, Connoisseurs Choice

Vandaag zet ik me aan een Port Ellen 1982, vorig jaar gebotteld door Gordon & MacPhail onder hun Connoisseurs Choice label.

 

Port Ellen 1982/2009, 43%, G&M Connoisseurs Choice
Zachte turf en dito zilt op de neus, vermengd met fruit (citrus, meloen, appel), medicinale tonen en zeewier. De smaak is erg gelijkaardig. Ook hier heb ik naast de te verwachte turf en zilt, de citrus en de appels, het zeewier en ook wat hout. Naar het einde kruiden. Licht drogende afdronk op turf en kruiden. Net als op de neus tevens wat citroen. Dit is een erg lekkere Port Ellen en het stoorde me helemaal niet dat hij maar op 43% gebotteld is. Verre van ‘a little weak on the palate’. 89/100

Twee Gordon & MacPhail’s

Twee 1991’ers ook, meer bepaald een Rosebank gebotteld onder het Connoisseurs Choice label en een Imperial gebotteld onder het G&M Reserve label. De eerste dus op drinksterkte en de tweede op vatsterke.

 
Rosebank 1991/2008, 43%, Gordon & MacPhail, Connoisseurs Choice
Granige neus met associaties van muesli, havermout en malt. Gras ook, net als wat citroenen en bessen. Lichtjes zoet. Nogal eentonig eigenlijk. Ook de smaak is granig en zoet. Vanille, een beetje hout, vrij veel citroenen en kruiden. Korte, cleane en zoete afdronk. Niet slecht, geen fouten, maar al bij al een eerder saaie whisky. 78/100
 
Imperial 1991/2003, 60.4%, G&M Reserve, cask 8681, 243 bottles
Stevige, krachtige Imperial. Veel graan, hout en noten op de neus. Amandelen. En ja, erg alcoholisch. Water toevoegen geeft meer zoets: marsepein, citroensnoepjes. En wat vers gemaaid gras. Ook de smaak kan water gebruiken, blijft anders te ruw en alcoholisch. Een 50% lijkt me ideaal, dan krijg je door het graan en de alcohol citrus, kruiden en noten. Middellange, kruidige finish. Niet slecht, maar enkel met wat water. 81/100

Ardbeg 1975, Jas. Gordon for Auxil

Nog een Lindores sample. Dit is een Ardbeg die ik meenam van – je kan het al raden – Geert Bero z’n stand. De fles was nog dicht, het was dus een beetje een gok, maar zowel Geert als ik waren danig onder de indruk van de neus van deze whisky. Ik besloot dan ook wat in m’n glas zat gezwind over te gieten in een sampleflesje.

 

Ardbeg 1975/1989, 40%, Jas. Gordon (G&M), importe par Auxil, 75 cl
Wohoow… dit is het profiel waar ik een zwakke plek voor heb zie! Veel zoet en sappig fruit met zachte zoete turf op de achtergrond. Ik heb dit profiel al uitgebreid bejubeld bij de Port Ellen 19y 1970 voor Sestante, deze ligt wat in het verlengde. De Port Ellen is nòg fruitiger en misschien nog iets complexer, maar ook deze is top. Ook hier is het het fruit dat om de aandacht vraagt. Ik denk in de eerste plaats aan appel, limoen, roze pompelmoes en wat perzik. Er doemen oesters op, net als zachte, romige karamel. Een beetje teer. Dit alles op een bedje van subtiele, delicate turf. Wat farmy zelfs. Gewoon heerlijk! Minder fruit en meer rook op de smaak. Kruiden ook, licht bitter. Het fruit is citrus, sinaas vooral. Rijpe sinaas. Appelschil. Boter, amandelen en karamel heb ik ook nog. Lange, wat mineralige afdronk op fruit en turf. Schitterende whisky, alhoewel als ik enkel de neus zou scoren, het een een puntje meer zou zijn. 92/100

Balmenach 1973, Gordon & MacPhail

Tijd voor een Balmenach, die hebben we nog niet gehad. Deze distilleerderij met z’n rijke geschiedenis ligt midden in Speyside, naast Tomintoul en werd opgericht in 1824 door James McGregor, een notoir ‘moonshiner’. Het bleef een ganse eeuw familiebezit. In 1993 sloot de toenmalige eigenaar Diageo de deuren, maar tot een afbraak kwam het net niet. Daar zorgde Inver House voor, dat in 1997 Balmenach opkocht, weliswaar met lege warehouses. Je kan de whisky van Balmenach ook tegenkomen onder de namen Balminoch en Cromdale.

 
Balmenach 1973/1995, 40%, G&M Connoisseurs Choice
De neus is droog en wat muf. Niet echt stoffig, ik denk eerder aan champignons en mos. Stro. Niets fouts evenwel. Na enige tijd maakt dit plaats voor fruit. Pruimen, sinaas en zelfs wat mango. Ook een kruidige toets doemt op. Kamille, munt. Evolueert mooi. Fruitige smaak met de mango en de sinaas van de neus, net als kiwi. Ja, deze Balmenach is wat tropisch. Naast het fruit heb ik vanille, zoethout, gember en een beetje hout. Lekker. Dat muffe zit blijkbaar enkel wat in de neus. Middellange afdronk op gestoofd fruit en kruiden, eindigt licht bitter. Een meer dan geslaagde kennismaking. 85/100

St. Magdalene uit z’n beste periode op sherryvat

De beste periode voor St. Magdalene is met voorsprong midden jaren zestig. Als je ooit de kans krijgt St. Magdalene 1964, 1965 of 1966 te proeven, grijpen. Met beide handen. Gordon & MacPhail heeft er meerdere onder z’n Connoisseurs Choice label gebotteld – sommige outstanding – en er bestaan ook enkele sublieme Cadenhead dumpy’s. De meeste bottelingen zijn bourbon-gerijpt, maar er zijn ook enkele sherry-gerijpte. Een voorbeeld hiervan is degene die ik vandaag proef, een 1964 Connoisseurs Choice. Onder het motto ‘ook dit is Lowland!’

 
St. Magdalene 18y 1964, 40%, G&M Connoisseurs Choice 1983, old brown label
Halleluja, dit is een zalige neus! Zachte, fruitige sherry en warme chocolade-saus. Callebaut kwaliteit, minstens. Het fruit is vooral rood: rode bessen, kersen, braambessen (ok, dat is al zéér donker rood). Banaan ook. Pruimen. Steviger dan het alcoholpercentage doet vermoeden. Amandelen, geroosterd hout, antieke lederen zetels… het zegt misschien niet zo veel, maar dit is écht een superneus. Ook de smaak is super. Zalige sherry met rode vruchten, hout, abrikoos, vanille fudge, mokka, tabak, licht waxy… droger naar het einde, het hout zet zich wat door. Ook de afdronk is vrij droog, maar wel érg lekker. Het bittere wordt meer dan voldoende gecounterd door het zoete en het fruitige. 93/100
 

De sherry maakt dat dit een ander profiel is dan de St. Magdalene uit deze periode die ik al dronk. Maar ook deze is fantastisch lekker, ondanks z’n laag alcoholpercentage. Jaren zestig St. Magdalene kan zó goed zijn… spijtig dat ze dit niveau later niet meer hebben kunnen evenaren. Maar dat geldt voor meerdere distilleerderijen natuurlijk.

 

Benromach

Benromach, vandaag eigendom van Gordon & MacPhail, werd in 1898 tijdens de ‘whisky boom’ opgericht door Duncan MacCallum, toenmalig eigenaar van de Glen Nevis distilleerderij op Campbeltown en wijnhandelaar F.W. Brickmann. In 1900 werd de productie opgestart om in 1907 weer stilgelegd te worden. De reden hiervoor was dat Brickmann aan de rand van het faillissement kwam te staan. MacCallum besloot dan maar de zaak alleen draaiende te houden en de productie werd weer opgestart onder de naam Forres en dit tot 1910. Pas na de Eerste Wereldoorlog werd er opnieuw gedistilleerd en werd de naam Benromach weer gebruikt.

Eigenlijk kan de geschiedenis van Benromach best samengevat worden als een continu stilleggen en heropstarten van de productie want in 1931 was het weer zover, dit keer onder de eigendom van Joseph Hobbs (eigenaar van Ben Nevis in die dagen) en Hattim Attari. De Associated Scottish Distilleries Ltd., onderdeel van Train & McIntyre Ltd., namen de distilleerderij over in 1938. ASD ging in 1953 deeluitmaken van DCL, het latere Diageo. En wie Diageo zegt, zegt massale sluiting in 1983. Ook Benromach ontsnapte niet aan de sluitingsronde. De gebouwen werden bijna volledig ontmanteld, enkel de wash backs bleven staan.

In 1992 tenslotte kocht Gordon & MacPhail de zo goed als lege gebouwen en de rest van de stock op. De vermarkting van deze stock financierde de heropbouw, resulterend in de nieuwe opening op 15 oktober 1998, exact een eeuw na de oprichting. Een eerste whisky volledig van de hand van Gordon & MacPhail werd in 2004 onder de naam ‘Benromach Traditional’ op de markt gebracht. Benromach heeft één wash still en één spirit still waarmee ze jaarlijks ongeveer een half miljoen liter alcohol stoken. Hun molen, die gebruikt wordt om de gemoute gerst te malen tot grist, dateert van 1913 en is daarmee één van de oudste nog in werking.
Vandaag kennen we meerdere Benromach-varianten, zowel geturfde als niet-geturfde en zelfs een organische… Onderstaande 10-jarige standaardbotteling is de eerste officiële Benromach die ik proef. Shame on me.

 

Benromach 10y, 43%, OB 2009
De neus ervan is alvast erg lekker en spreidt zoet fruit tentoon, acaciahoning, gras en woodsmoke op de achtergrond. Na enige tijd gerookt vlees, spek. Vanille, zoethout en zachte, zoete turf. Mooie complexiteit! Hetzelfde kan gezegd worden over de bitterzoete smaak. Deze geeft appelsien, gember, zoethout, koffie, leder, een beetje zilt en ook hier de lekkere, lichte turf. Kapt erg vlot binnen. Vrij lange, bitterzoete afdronk op rietsuiker, fruit en turf. Wat een verrassing! Erg complex voor een tienjarige whisky, en alles heel mooi gebalanceerd. En dat voor amper 35 euro. Kopen die handel! 86/100
 

Twee Ardbegs 1974

Bon, genoeg ‘basic’ whisky gehad, terug naar het betere werk. Wat te denken van Ardbeg 1974? Of nog beter, van twee Ardbegs 1974?

 
Ardbeg 1974/1996, 40%, G&M Connoisseurs Choice
Zalige ouwe Ardbeg zonder turfexplosie maar met véél fruit. In de neus geeft dat peer, perzik en abrikoos, met daarnaast zilt, jodium en dus ook een heerlijk toefje zachte turf. In de smaak vervoegt hout het fruit en de turf. Zeewier ook en een lichte kruidigheid. Elegantie in de overtreffende trap! Lange afdronk op zoete turf en kruiden. Mooie balans tussen fruit, zilt en turf, en alles zo zacht… schoon! Misschien dat ie op een hoger alcoholpercentage nog hoger zou scoren, maar het subtiele zachte karakter van deze whisky is misschien wel z’n grootste ‘kracht’. 91/100
 
Ardbeg 26y 1974/2001, 46%, Silver Seal, 264 bottles
Mmm, ik mis het verwachte Ardbeg 1974 karakter in de neus. Turf? Nauwelijks. Zilt? Idem. Fruit? Ja, een beetje (appels denk ik). Voor de rest vrij mineralig. De smaak is beter, stevig en prikkelend. Hier hebben we wel een beetje turf alsook vanille, peren, noten en kruiden. Ja, op de smaak wint hij punten. Middellange, zoete afdronk. Al bij al toch een wat teleurstellende Ardbeg ‘74. 85/100

Oud naar nieuw I

Maandag stond er weer een Fulldram tasting op het programma, een ‘oud naar nieuw’ tasting, één van de klassiekers ondertussen. Deze week hiervan een verslagje.

 

Als welcome dram kregen we de Ambassador 8y ingeschonken, een blend gebotteld vóór 1975. Hij viel bij menigeen in de smaak, in die mate dat hij zelfs de top 3 haalde, ook bij mij.

Ambassador 8y, 43%, OB, Taylor & Ferguson Ltd., bottled <1975, 75 cl
Zachte, zoete neus met graan, honing, veel fruit (ananas onder andere) en bloemen. Dat laatste neigt een beetje naar zeep, maar dit is hier absoluut niet storend, integendeel. Geen franse hoeren hier. Licht waxy. Ook op de smaak is ie erg aangenaam. Zoet (cake) en fruitig. Granen. Hooi? Mocht misschien wat krachtiger, maar dan ben ik aan het zeuren. Geen al te lange maar wel lekkere fruitige finish. Lekkere whisky, en behoorlijk complex voor een achtjarige blend. 81/100
 

Na deze verrassende opener begonnen we aan onze eerste head-to-head, een Pride of Islay gebotteld eind jaren tachtig en de meest recente versie ervan. Pride of Islay is een label van Gordon & MacPhail en is een vatting van Islay whisky. Bij geen van beide konden we uitmaken welke whisky er in zat, de mengeling verdoezelde enig distilleerderijkarakter.

 
Pride of Islay 12y, 40%, Gordon & MacPhail, 2009
De neus is grassig, op hooi, levertraan, kokos, wat zilt en een beetje turf. Een beetje, echt niet veel. Komkommer? De smaak geeft granen, gras opnieuw, infusiethee (slappe kamillethee) en druivensap. Korte en lichte afdronk. Vrij matige whisky en zeker op de smaak zou je ‘m niet op Islay plaatsen. 71/100
 
Pride of Islay 12y, 40%, G&M, Meregalli, Milano, bottled end 1980’s, 75cl
Dit is dus compleet verschillend. Op de neus heb ik zoete cake, karamel, rozijnen, pruimen, noten… duidelijk meer sherryvaten in deze. Zilt ook en turf, meer dan in de recente. De smaak gaat hier op verder, met gedroogde abrikozen, dadels, sinaas, espresso, karamel en subtiele turf. Redelijk vettig, romig. Zoete en kruidige finish. 77/100
 
Zowat iedereen vond de oude beter dan de nieuwe, maar de nieuwe stelde dan ook echt teleur. Morgen het tweede koppel.

Royal flush!

Ok, ok, de jaartallen volgen elkaar niet op, zo royal is deze flush dus ook niet…
 
Highland Park ‘High Dark Plan’ 10y 1998/2009, 46%, Daily Dram – The Nectar – Orkney – 85/100
Herkenbare bitterzoete HP neus met fruit (citrus), honing en (lichte) turf. Ook de smaak is fruitig (appel) en zoet (vanilla, honing) en vermengt zich mooi met de turf. Na een tijdje kruiden. Zoete en kruidige finish. Peper. Klassieke en dus aangename Highland Park.
 
Highland Park 11y 1997/2008, 57.6%, Gordon & MacPhail, sherry cask 5820, 298 bottles – Orkney – 62/100
Wow, dit is speciaal! En niet in positieve zin. Neus is erg scherp, met veel zwavel. Toch is ie ook zoet, mierzoet zelfs. Karamel, maar dan verbrande karamel, zwaar verbrande karamel. Chicorei. En iets van gerookte bacon. Maar de zwavel is veel te dominant. Ook de smaak is erg aggressief. Droog, wrang en scheepladingen zwavel. Water helpt iets, maar niet veel. Doet ook hier chicorei naar boven komen. Afdronk? Welke afdronk? M’n zintuigen zijn KO.
 
Highland Park 12y 1989/2001, 56.5%, Caledonian Selection, cask 1897 – Orkney – 83/100
Elegante sherryneus met fruit en honing. Krachtige, wat zoete smaak. Sinaas en bittere chocolade. Orangettes, jawel! Lichtjes rokerig. Lange droge afdronk. Een lekkere malt.
 
Highland Park 19y 1986/2005, 55.3%, OB for Maxxium Holland, cask 2793, 1120 bottles, 35 cl – Orkney – 90/100
Schattig flesje! En lekkere whisky dat daar in zit! Subtiele en zoete sherryneus op honing, kandijsiroop, rozijnen, rum (en de combinatie van deze laatste twee), hout, koffie, rubber, leder, lichte rook,… zalig complex. Hetzelfde kan gezegd worden van de stevige, ronde smaak. Sinaasschil, bittere karamel, noten, rozijnen (studentenhaver toestanden), beetje turf, hout, chocolade. Mooie bitterheid. Middellange, bitterzoete afdronk. Top-notch HP!
 
Highland Park 24y 1981/2005, 52.3%, Dewar Rattray, cask 6061, 263 bottles – Orkney – 86/100
Zalige zoet-zilte neus. Honing, zee en lichte turf. Appels ook. En na een tijdje krijgt ie iets bloemigs. Erg complex allemaal. Smaak ligt mooi in het verlengde hiervan. Zoet en zilt hand in hand. Ook wel wat hout op het einde en in de lange, zoete afdronk.

Back in business

Zaterdagavond teruggekeerd van twee weken Gardameer. Was daar rond m’n twintigste al geweest, maar ging met plezier nog eens met de kids terug. Prachtig meer ingehouwen in de rotsen. Pittoreske stadjes bezocht, lekker gegeten, genoten van het zwembad, een dagje naar Verona getrokken én twee weken geen whisky gedronken. Dringend tijd dus om deze gewoonte terug op te nemen, vind ik zo. Een oude Linkwood will do the trick.

 
Linkwood 1972/2006, 43%, Gordon & MacPhail – Speyside – 83/100
Aangename sherry-invloed, niet te sterk. Mooi (wit) fruit, karamel, koffie, rook en hout. In de – ietwat droge – smaak ook een sterke kruidigheid. Nootmuskaat, gember en peper vooral. Droge, kruidige afdronk. Lekker, maar net een ietsje te veel hout om hoger in de tachtig te eindigen.

Een koppel oude Gordon & MacPhails

Strathisla 1963/2005, 40%, Gordon & MacPhail – Speyside – 81/100
Fles vermeldt geen leeftijd, gezien distillatie- en botteljaar moet dat 41 of 42 jaar zijn. Erg krachtige neus voor z’n alcoholpercentage. Veel fruit, sinaas, kweepeer… Wat hout ook, en karamel. Daarna bananen. Kiwi. Pisang Ambon! Begrijpt me niet verkeerd, dit is wel degelijk whisky, laat ons zeggen ‘een hint van Pisang Ambon’. Complex in ieder geval. En lekker! Smaak kan dit niveau niet aanhouden. Olie-achtig met sherry (lichte bitterheid met veel hout), zout en beetje fruit (weerom de bananen). Het mondgevoel is snel weg. Afdronk is dan weer wel ok. Die is behoorlijk lang en kruidig. Verliest punten op de smaak.
 
Tamdhu 35y 1973/2008, 56%, Gordon & MacPhail, sherry cask 3230, 481 bottles – Speyside – 79/100
Gordon & MacPhail Reserve. First fill sherry cask. Complexe fruitige neus. Beetje zoet, beetje rook, beetje granen. Smaak is minder. Karamel, wat bitter, kruiden, noten. Okkernoot? Ja, nu duidelijk okkernoot. Ook in de finish, die een tijdje blijft hangen. Mist net de 80 punten.
 

Beide oldies halen een mooie score dankzij de neus. Maar zoals zo vaak bij oudere whisky’s valt de smaak wat tegen. Te laat gebotteld. De oorspronkelijke sensaties van de whisky blijven over het algemeen langer in de neus hangen dan in de smaak, smaak wordt wat slap, verwatert. Nochtans is Strathisla een whisky die over het algemeen wél erg lekker is op latere leeftijd.