Spring naar inhoud

Posts tagged ‘Douglas Laing’

Big Peat

De Big Peat, een product van Douglas Laing, is een vatted malt met whisky van Ardbeg, Caol Ila, Bowmore en Port Ellen. Er zit dus ook behoorlijk oude whisky tussen if you snap what I mean. Geweldig etiket trouwens.

 

Big Peat, 46%, Douglas Laing 2010
Zalige zoete en licht medicinale neus. Veel vanille heb ik, net als zoethout, zachte zoete turf en zilt. Dan koffie en karamel, daarna fruit ook. Appel, perzik. Complex. Drinkt vlot weg, hij is ook erg lekker op de smaak. De start is zoet, rokerig en licht coastal (zilt, zeewier). Ook hier komt na enige tijd fruit opzetten. Pompelmoes en limoen. Toast. Lange, eerder droge, rokerige en zoete afdronk. Ik proefde hem blind en dacht dat het twintig jaar oude Laphroaig was. Natuurlijk zit er vanalles is behalve Laphroaig. In ieder geval, prachtige vatting! Voor een kleine 40 euro een wel erg sterke aanrader. 89/100

Glen Grant 30y 1976, Old Malt Cask

Oude Glen Grant kan geweldig lekker zijn. Ook de 1976 die in 2007 door Douglas Laing werd gebotteld, toont dit aan.

 
Glen Grant 30y 1976/2007, 50%, DL Old Malt Cask, cask 3745, 228 bttls
Vat 3745 is een sherryvat, dat maakt de whisky wel heel snel duidelijk. Op de neus heb ik woudvruchten, donkere chocolade, noten, leder, rozijnen, koffie, wat rook en hout. Pas op, niks scherps hoor. Njummie! De smaak is prikkelend, kruidig en fruitig. Veel gedroogd fruit à la rozijnen, pruimen, dadels. Noten ook, studentenhaver. Awel ja, studentenhaver in bittere chocolade, bij elke bakker tegenwoordig wel te krijgen. De smaak is droog, maar niet té. Lange, kruidige afdronk. Erg lekkere oude gesherriede Glen Grant, die mooi in balans blijft en nooit te droog of te wrang wordt. 88/100

Glenburgie 12y 1996, Douglas Laing

Glenburgie 12y 1996/2008, 46%, DL Provenance Spring Distillation – Speyside
Lekkere neus met een mooie balans tussen fruitig (zoet fruit) en kruidig. In de smaak veel hout, wat het geheel bitter en droog maakt, té droog voor mij, beetje wrang. Droge, kruidige afdronk. Veelbelovende neus, maar smaak kan het verwachtingspatroon niet inlossen. 72/100

Twee Port Ellens

Port Ellen 26y 1982/2008, 50%, DL Old Malt Cask, cask 4808, 731 bottles – Islay
Lichte neus op zilt, wit fruit (appel, peer) en lichte rook. Mist punch. Smaak is steviger, met peper en zout. En een beetje turf, of course. Kruidige afdronk. Lekker, maar wat ééntonig en er bestaan heel wat betere Port Ellens. 83/100
 
Port Ellen 21y 1982/2003, 46%, Silver Seal, 375 bottles – Islay
Dit is beter zie! Erg lekkere Port Ellen met zachte zilt, zeewier, oesters, sappige groene appels, zoethout, nootmuskaat en een beetje rubber op de neus. Complex en mooi gebalanceerd. De smaak ligt in het verlengde van de neus, maar geeft een hevigere rokerigheid. Lange, zilte afdronk. I like. 89/100

Drie Longmorns, een oude en twee jonkies

Longmorn-Glenlivet 1963/2003, 40% Gordon & MacPhail – Highland
Deze oude Longmorn is nog erg fruitig, het hout heeft ondanks de 40 jarige rijping niet de overhand gekregen. Mooie balans! Aangenaam bitter, lekkere sherry. Smaak mocht iets meer punch (i.e. alcoholpercentage) hebben, maar is nog steeds erg aangenaam. Middellange, droge finish. 87/100
 
Longmorn 14y 1994/2008, 50%, DL Old Malt Cask, 352 bottles – Highland
Neus startte met een lichte off-note. Waspoeder? Krijt, kalk, dat zeker. Dit verdwijnt na een tijdje en maakt plaats voor fruit en graan. Mineralig ook. Vettige smaak (olie) met honing, fruit en kruiden. Zoete, kruidige afdronk. Mooie bitterheid. 81/100
 
Longmorn 1990/2005, 46%, Berry Bros, casks 30111-30112 – Highland
Superneus. Veel fruit, beetje rook, honing, daarna bloemen… zalig. Erg complex. Ook de smaak is lekker. Fruit, karamel, hout… mmm, wordt mij een ietsje te droog, het hout gaat wat overheersen. Spijtig. Bitter-fruitige afdronk. Verliest enkele punten op de smaak, was anders vooraan in de negentig geëindigd. 89/100

Glenugie 27y 1982/2009 OMC

Ook deze stond nog op m’n verlanglijstje. Eerder proefde ik al de Glenugie 20y 1984/2004 OMC, wat een meer dan aangename kennismaking was met deze distilleerderij.

 
Glenugie 27y 1982/2009, 50%, DL OMC, cask 5040, 216 bottles – Highland – 89/100
Ha, dit is weer een lekkere! Hij spreidt zalig sappig fruit (appel, sinaas, meloen…) tentoon, zowel in de neus als in de smaak. In de neus vanille, een beetje hout en een mooie kruidigheid erdoorheen. Ook hout (maar bescheiden) in de vrij smeuïge smaak. Suikerspin, rozijnen, amandel. Kokosmelk? Middellange, zachte en kruidige afdronk. Smullen!

Fulldram SUPERtasting

Maandagavond hebben we met Fulldram Leuven in stijl het seizoen afgesloten. Het betrof een supertasting samengesteld en geleid door Luc Timmermans. Dan weet je dat ‘in stijl’ geen verkeerde woordkeuze is. We kregen acht whisky’s voorgeschoteld (ja whisky’s, we zijn niet voor niets een whiskyclub nietwaar) waaronder een nogal indrukwekkende Ardbeg 1967 Pale Oloroso. Deze won echter het pleit niet, om maar te zeggen dat je mij niet gaat horen klagen over het niveau van deze tasting.
Nu donderdagavond. De madam op de lappen, de kids in bed, de ideale gelegenheid om mijn sampleflesjes met de overschotjes te ledigen. Samen met mijn notities van maandag resulteert dit in het volgende:

 
Miltonduff 12y, 43%, OB bottled mid 1990’s – Speyside
Deze laat zich herleiden tot kurk, kurk en kurk. En misschien een beetje rauwe champignons. Geen score dus, want defective bottle. De eerlijkheid gebiedt me wel te zeggen dat ik dat niet onmiddelijk merkte, pas nadat Luc ons op ‘een offnote’ wees, rook ik de kurk. Ik ging er van uit dat dat kwam omdat het kurkgehalte nog best meeviel, maar na andere whisky’s te degusteren, werd de kurk in deze alsmaar prominenter. Didactisch materiaal.
 
Glenugie 20y 1984/2004, 50%, DL OMC, cask 1320, 201 bottles – Highland – 90/100
Aangezien Glenugie z’n deuren sloot in 1983 hebben we hier te maken met een misprint. Ofwel heeft de kuisploeg zich in 1984 eens goed laten gaan. Soit, het is dus whisky van 1983. Stevige neus met veel fruit. In your face fruit. In your face fruit?? Het is nogal een krachtige neus is, het fruit stuwt zich als het ware een weg door je neusholte, dat bedoel ik. Vooral wit fruit. Sappige peer. Zoet ook. En een beetje kruidig. Maar dan het ‘herbal’ type kruidigheid. Kruidenthee. Het Nederlands maakt spijtig genoeg niet het onderscheid tussen ‘herbal’ en ‘spicy’ kruidigheid. De spicy variant zit dan weer wel in de smaak. Vooral op het eind veel peper. Natuurlijk ook hier veel (zoet) fruit. Vrij lange, fruitige afdronk. Smullen!
 
Port Ellen 21y 1979/2001, 50%, DL OMC, 618 bottles – Islay – 91/100
Deze heb ik recent nog bij Dominiek gedronken. En goed bevonden. Lekkere turf perfect in harmonie met dito sherry. En zonder scherpe kantjes. Score bevestigd.
 
Tomatin 25y 1980/2005, 56.6%, Weiser Germany, cask 13462, 320 bottles – Speyside – 91/100
En dan gingen we weer de fruitige torr op. En hoe. Deze Tomatin zit vol fruit, fruit van het exotische type hier. Passievrucht, mango, ananas… Schitterende frisse neus en erg drinkbaar voor dit alcoholpercentage. Lange afdronk met… juist, fruit. Top!
 
Bowmore 35y 1968/2004, 40.5%, DT for The Whisky Fair, cask 3818, 150 bottles – Islay – 88/100
En voor diegenen die nog niet genoeg fruit hadden, stond er nog een Bowmore 1968 op het programma. Bowmore 1968, dat is tropisch fruit. Veel ervan in de neus. Nat hooi ook. Beetje zoet. Smaak is erg zacht (ok, amper 40%), zoet en fruitig. Naast de tropische toestanden ook wat citrus. Na een tijdje komen er bloesems door. Lange afdronk. Lekker? Zeer zeker, maar mist de complexiteit van de 1966 distillaten. Dat laatste zet ik er vooral bij omdat dat wel chique staat, niet dat ik al geweldig veel jaren zestig Bowmore gedronken heb. Met 88 punten voor mij de minst scorende dram. Jawel, een Bowmore 1968.
 
Nectar of the Gods (Glenfarclas) 38y 1966/2004, 42.3%, Whisky Magazine Editor’s Choice, cask 6461, 84 bottles – Speyside – 92/100
De naam die de jongens van Whisky Magazine deze whisky hebben meegegeven, wekt wel wat verwachtingen moet ik zeggen. Benieuwd of hij deze kan waarmaken. Zoete neus met honing en speculaas. Bodding roept er iemand. Nu je het zegt. Boenwas heb ik ook. Fruit natuurlijk. Gestoofd fruit en confituur toestanden. En dan komt er ook nog ‘s subtiele rook door. Woodsmoke zegt Luc, hout dat verwarmd wordt. Inderdaad. Sherry? Amper. Heerlijke complexe neus. Hetzelfde geldt voor de zoete, romige smaak. Bijenwas, honing, hout, sinaas, perzik, beetje zilt, beetje meer peper, en ongetwijfeld nog heel wat meer want complex is ie wel. Zeer lange afdronk. Schitterende whisky.
 
Ben Nevis 34y 1966/2001, 53.7%, OB for Germany, cask 4276, 209 bottles – Highland – 93/100
Neus: banaan! Ben Nevis noemt men ook wel de banaanwhisky. Nu weet ik waarom. Ondanks het feit dat deze vrij recent gebotteld is toch wat lichte old bottle toestanden. Oude boeken, oude kleren… dat soort zaken. Zoet (karamel) en geleidelijkaan kruidiger. Zalig! Het fruit (banaan, jawel, maar niet alleen dat) en de kruiden kom ik ook de smaak tegen, én in de lange afdronk. Voor de leeftijd niet te veel hout. OK, de smaak wordt naar het einde wat bitter, maar het is een bitterheid van de heerlijkste soort. Lange zalige afdronk. Deze whisky leunt trouwens een beetje tegen rum aan. De banaan, de (verbrande) karamel. Zeker geen gemakkelijke whisky, je moet hem wat tijd geven. Maar hij is o zo lekker.
 

En dan… dan kwam de Ardbeg 1967 Pale Oloroso. Ik kan me moeilijk een betere afsluiter van een supertasting voorstellen. Man, dit is zó goed. Whisky van een andere planeet. Whisky van een ander tijdperk, en dat mag wél letterijk genomen worden. Dit soort whisky maken ze vandaag immers niet meer. En kán – met de huidige productieprocessen – ook niet meer gemaakt worden. Vandaar ook de prijzen. Deze kan je met wat geluk nog wel op één of andere veiling op de kop tikken, maar dan moet je wel bereid zijn een 900 euro neer te telen. Voor de rest van de fles (toch nog een achttal drams) had Dominiek nog 130 euro over. Mijn maximum lag een beetje lager, maar heb vandaag – met de resterende anderhalve centiliter die ik van de tasting mee naar huis had genomen voor mij – al spijt van m’n consequentie. Nu ja, ben Dominiek vergeten vragen wat z’n maximumbod was geweest. Whatever, laat ik maar gewoon genieten van dit kostbare restje.

Ardbeg 28y 1967/1995, 53.7%, Signatory, cask 575, Pale Oloroso – Islay – 95/100
Neus het glas in. Geloofd zij de Heer! En Luk. Turf, maar niet de jaren zeventig Ardbeg turf, laat staan recentere, scherpere turf type Airigh Nam Beist. Deze turf is subliem zacht, fruitig en zoet. De heerlijkste, zachte sherry erdoorheen. Lichte zee associaties (zilt, zeewier…) en wat kruiden ook. Welke? Who cares! En waarschijnlijk kan ik nog heel wat meer uit de neus halen, want hij is zo complex, maar daar heb ik nu even geen zin in. Prachtig gewoon. En de smaak? Ja, ook die verantwoordt de score. Krachtig, mondvullend, met de fruitige turf, zilt, zoethout, was, beetje teer… whatever. Mooie verwevenheid om een illuster clublid te citeren. Nee, mooi is een term die afbreuk doet aan deze Ardbeg. Formidabel, subliem, breath-taking, mouth-watering, dat is de terminologie die hier van toepassing is. Zaaaalige, eeuwigdurende finish. Man, dit is lekkere whisky!
 

Bon, even terug met de voeten op de grond, voor ik het laatste – ja, écht het laatste – bodempje van deze godendrank mijn papillen laat beroeren (the lucky bastards). De top drie van de avond was:

1. Glenfarclas
2. Ardbeg (hunk?)
3. Bowmore & Tomatin ex-aequo

Mijn top drie:

1. Ardbeg (mocht u er nog aan twijfelen)
2. Ben Nevis
3. Glenfarclas

Vwalla, dat was weer eens een mooie avond zie. Enkele Orvals in de vroege uurtjes maakte wel dat het een beetje doorbijten was dinsdag, maar erg kon ik dat niet vinden.

Bedankt voor al het lekkers Luc! En nu de papillen…

Port Ellen 21y 1982/2004, DL OMC, cask 414, 420 bottles

Port Ellen 21y 1982/2004 OMC 414

Heb lang getwijfeld om van deze whisky een proefnotitie te publiceren, gewoon omdat ik ‘m niet kan vatten. Bij het proeven van deze Port Ellen kom ik tot erg uiteenlopende conclusies. En omdat ik er geen hoogte van krijg, is ie onmogelijk te scoren.

Het is volgens – niet van de minste – kenners één van de beste Port Ellen bottelingen of all times, met scores van 94, 95, 97… Het was dus tot mijn grote vreugde dat ik deze fles op eBay zag staan. Moet zomer 2007 zijn geweest. Verstand op nul gezet en zwaar geboden. Sedert aankoop hem ik al enkele malen geproefd, met erg verschillende resultaat dus.

Ik publiceer hieronder mijn twee extreemste notities van deze whisky en neem als score het gemiddelde. Met een stevige korrel zwavel, euh zout te nemen dus.

 
Februari 2008
Port Ellen 21y 1982/2004, 50%, DL OMC, sherry cask 414, 420 bottles – Islay – 92/100
Het ogenblik om mij een paar cl uit te schenken, is aangebroken. Om te beginnen heeft dit vocht een donker amberige kleur, de kleur van een rode pineau des charentes. De sherry heeft hier echt wel z’n werk gedaan. En dan de neus het glas in… Halleluja! Sherry en turf, en wat een balans! Kruiden ook (peper), fruit (zure appels), hout, verbrand rubber, tabak… ongelooflijk complex en krachtig. De perfecte whisky-neus! Maar spijtig genoeg kan de smaak dit niveau niet helemaal aanhouden… net een ietsje te scherp, te bitter. Wel erg lekker hoor, maar niet het top-niveau van de neus. Kruiden, zoethout, rook en veel hout, wat het geheel dat tikkeltje te droog maakt. De afdronk is dan weer wel dik in orde, lang op sherry en vooral zááálige rook. Score? Wel, als de smaak in het verlengde van de neus had gelegen, dan was het 95 geworden. Nu toch nog 92, wat ook niet slecht is natuurlijk.

P.S., een tip na een volgende proefbeurt: eerst een stuk bittere chocolade in je mond laten smelten en vervolgens de PE proeven… man, zou de score zo met enkele punten verhogen!
 
Oktober 2008
Port Ellen 21y 1982/2004, 50%, DL OMC, sherry cask 414, 420 bottles – Islay – 75/100
Neus: zwavel. Damn, dat had ik in het begin dus helemaal niet. En de zwavel is zelfs vrij dominant, je kan er moeilijk naast ruiken. De turf moet wijken voor sulfer. Het hout en het verbrand rubber zijn er nog wel. De smaak, die ik oorspronkelijk al wat minder vond dan de neus, kan dit niet compenseren. Verdorie toch, zo’n dure fles!
 
Het gaat dus wel degelijk om dezelfde whisky, dezelfde fles zelfs. In het hetzelfde glas, in dezelfde zetel, genuttigd door dezelfde proever. Aan hetzelfde promillegehalte. Zou het kunnen dat deze whisky geen lucht kan hebben? Dat na enkele maanden open de zwavel ‘geactiveerd’ wordt?

Bon, dat wordt dus een gemiddelde en vooral waardeloze score van 83,5.

Enkele peaty Douglas Laings

Ardbeg 10y 1996/2006, 50%, DL OMC, 331 bottles – Islay – 82/100
Voor een Ardbeg een erg lichte neus. Licht maar toch complex. Graan, kruiden, beetje zoet, rook en maar een lichte hint van turf. Daarna ook fruit. Citrus. Turf komt langzaam meer zeker naar boven. Smaak is minder complex, eerder droog en beetje zoet met duidelijke turf. Droge, ietwat bittere afdronk.
 
Brora 18y 1981/1999, 50%, DL OMC, 335 bottles – Highland – 92/100
Dit is Clynelish met een zalige Brora touch. De neus heeft de ‘waxyness’ van Clynelish met de lekkere, subtiele turf van Brora. Voorts is ie fris en zoet. Honing, vanille, bloemen, fruit (perzik, abrikoos, beetje citrus), boenwas en zachte turf dus. Iets van nat hooi ook. Heerlijk is dit! Krachtige en frisse smaak met granen, vanille en zilt. Daarna komt de turf bovendrijven. Eerst subtiel en dan alsmaar ruiger. Nice! Zalige, lange afdronk met terugkerende rook. Blijkbaar maakte Brora in z’n laatste jaren (begin jaren 80 – distilleerderij gesloten in 1983) toch nog enkele geturfde batches. Deze is duidelijk verschillend van de Brora’s van de jaren 70, maar kan er zonder blozen naast gaan staan.
 
Laphroaig 18y 1988/2006, 50%, DL OMC, Rum finished, 328 bottels – Islay – 79/100
Rum finished??? Ben benieuwd! De klassieke Laphroaig kenmerken, medicinaal, zilt, zeewier… zijn er wel, maar absoluut niet uitgesproken. Neus is erg ‘bloemig’ en fris. En ja, de rum is duidelijk aanwezig. Behoorlijk on-whisky. Ook de smaak is dat. Beetje turf en rook, maar ook wat zoet (marsepijn?) en bitter (sinaasappelschil). Levertraan? Hu, jeugdtrauma! Zoet-bittere afdronk. Op z’n minst speciaal te noemen. Moeilijk te scoren.

Twee Speysiders van Douglas Laing

Mannochmore 12y 1990/2003, 46%, DL Provenance Spring distillation, cask 1012 – Speyside – 68/100
Erg lichte whisky, subtiel. Maar mist daardoor toch wel wat punch. Lichte sherryneus, maar meer kan ik er niet uithalen. Beetje zoet misschien. Banaan? Smaak is zeker fruitig en ook lichtjes zoet. Vanille. Korte, droge afdronk. Slecht kan ik dit niet noemen, maar lyrisch wordt ik er nu ook niet van.
 
Dufftown 20y 1980/2000, 50%, DL OMC, sherry cask , 630 bottles – Speyside – 86/100
Een heerlijke sherry neus met wat fruit en tabak. Ook sherry in de smaak, naast rozijnen (I love it) en behoorlijk wat fruit. Appels. Peer. Vrij lange afdronk op zoete en – aangenaam – bittere tonen. Dit is echt wel lekker!

Douglas Laing

Douglas Laing is een onafhankelijke bottelaar, in 1948 door Fred Douglas Laing opgericht onder de naam Douglas McGibbon. De liefde voor het gerstenat had hij ongetwijfeld van z’n vader, die z’n heel leven werkzaam was in de whisky branche. ‘McGibbon’ verwijst naar Fred Douglas’ eerste vrouw, Morag Douglas McGibbon. Haar grootvader was trouwens een Stillman op Islay.
De leiding over Douglas Laing & Company – met thuisbasis Glasgow – werd overgenomen door Fred Douglas’ twee zonen, Fred en Steward Laing, die nog steeds aan het hoofd van de firma staan.

Oorspronkelijk was Douglas Laing evenwel een blender. Tot de beide broers beseften dat bepaalde whisky’s gewoon té goed waren om te blenden en ze besloten bepaalde vaten als single malt whisky op de markt te brengen.
Zo ontstond in 1998 de Old Malt Cask (OMC) serie, een reeks Single Cask whisky’s gebotteld op 50%, de ideale drinksterkte volgens het huis. Whisky’s uit de OMC reeks zijn steeds non chillfiltered en niet gekleurd. Andere bekende labels van Douglas Laing zijn McGibbons Provenance op 40, 43 of 46% en de exclusieve Old and Rare ‘Platinum’ reeks op vatsterkte, gepresenteerd in een mooie houten doos inclusief individueel genummerd certificaat.
Douglas Laing heeft gedurende z’n 60 jarig bestaan een enorme voorraad aan vaten van verschillende distilleerderijen weten op te bouwen, waaronder ook heel wat van ondertussen gesloten distilleerderijen. Regelmatig brengt het nieuwe bottelingen uit, welke over gans de wereld verkocht worden.
 
Twee lekkere Speysiders van Douglas Laing:
 
Tomatin 40y 1962/2002, 44%, DL Platinum, 186 bottles – Speyside – 84/100
Voor z’n 40 jaar nog erg fris en vooral zéér fruitig. In de neus eerst appel en banaan, daarna evoluerend naar kweepeer. Wat zoet. Honing. Ook smaak is fruit, fruit en fruit. Opgelegde peer. Middellange, licht zoete afdronk. Lekker is dit.
 
Dufftown 20y 1981/2002, 49.6%, DL Old Malt Cask, sherry cask 533, 672 bottles – Speyside – 80/100
Lekkere sherry en rook, met een zoet ondertoon. Meer en meer evoluerend naar houtskool. Kampvuur. Dezelfde aangename sherry in de smaak, met fruit (sinaas) en een beetje peper. Karamel. Middellange afdronk op sherry.