Spring naar inhoud

Posts tagged ‘18 yo’

Speyside Class, Malts of Scotland

Eén van de nieuwe zogenaamde ‘steady crackers’ van Malts of Scotland (scherp geprijsde kwaliteitsmalts) is de Glen Speyside Class, een vatting van achtienjaar oude Glenrothes, gerijpt op bourbonvaten.

 

Glen Speyside Class 18y, 50%, Malts of Scotland ‘Steady Crackers’
Aangename, zachte en zoete neus. Honing. Lichte grassige tonen zoals hooi en heide. Geroosterde kastanjes, net als geroosterde noten. Een mooie granigheid. Appelmoes ook en daarna praliné. Al even aangenaam mondgevoel. Romig, zacht en zoet. Honing, melkchocolade, gevolgd door fruitige en florale toetsen. Kweepeer en allerlei confituren. Kirsch. Suikerspin. Fris. Ha, zelfs een klein beetje rook van het hout op het einde. Prikkelende, middellange afdronk op het florale en het fruitige van de smaak met ook hier zeer lichte rook. Nice! Meer dan correcte instapmalt, je krijgt hier echt wel waar voor je geld. 84/100

Advertenties

Allt-A-Bhainne 18y 1992, Malts of Scotland

Allt-A-Bhainne is een typsiche blenderswhisky, echt veel single malts verschijnen er niet van. Malts of Scotland biedt dus een unieke gelegenheid om ook deze distilleerder te ontdekken. Dat kan je doen voor 79 euro.

 

Allt-A-Bhainne 18y 1992/2011, 56.1%, Malts of Scotland, Bourbon Hogshead #6, 273 bottles
Frisse neus op droog hooi, granenpap, eucalyptus, druivensap en abrikozen. Aarde. Licht alcoholisch. Met water iets zoeter (vanille). Romig op de tong, bitterzoet, waarbij het bittere op de duur wel de bovenhand haalt. Nootmuskaat en peper qua kruiden, eik en witte pompelmoes. Het zoete vertaalt zich in een zoete granigheid. Eau de vie van pruimen. Ja, de alcohol laat zich ook hier gelden. Lange, verwarmende afdronk op kruiden, hout en lichte rubber. Niet slecht, maar een grootse indruk laat hij evenwel niet na. 78/100
 

Maar wacht eens, misschien is dit wel één van de beste, of op z’n minst één van de betere Allt-A-Bhainne’s. De weinige single malts die er zijn, krijgen nooit hoge scores, zelden tachtig of meer. Ik proefde er tot op heden drie, één op een festival en die vond ik ronduit slecht, de tweede was de 1992 Scott’s Selection die me ook op geen enkel moment kon bekoren en nu dus deze, met stip de beste van de drie. Als je als whiskyliefhebber van elke distilleerderij een whisky wil hebben die representatief is voor de distilleerderij (wat ik op basis van drie whisky’s natuurlijk niet kan zeggen, maar deze lag qua profiel wel in het verlengde van de Scott’s Selection) en bij de betere ervan hoort, is dit misschien wel een ideale gelegenheid.
En stel nu dat als je als whiskyclub Cask Six zou heten, kan je toch moeilijk anders dan deze whisky op een tasting te zetten?

Bowmore 18y 1971, Sestante

De volgende ‘feest’ sample is een Bowmore 1971 van Sestante. Er is heel wat Bowmore 1971 gebotteld voor Sestante (meestal door Gordon & MacPhail), van midden tot eind jaren tachtig. Sommige op drinksterkte, andere op vatsterkte. Ik proef vandaag één van de vele 18-jarigen, deze op 57.3%.

 

Bowmore 18y 1971, 57.3%, G&M for Sestante
Ja ja, tropisch fruit op een bedje zachte turf… I like. Passievrucht, mango, banaan. Wat hout en de bijhorende kruiden erdoorheen. Jodium ook en zilt, het coastal karakter van Bowmore dus. Voor z’n alcoholpercentage vlot drinkbaar, niet geweldig complex maar wel geweldig lekker. De zachte zoete turf, het fruit (minder dan op de neus), de kruiden, het zilt, het zilt, ik heb het ook hier. Fruitige en zoete afdronk met de zachte turf die lang blijft hangen. Een beauty! 92/100

Tomatin 18y

Ondanks twee faillissementen (in 1906 en 1985), was Tomatin op een gegeven ogenblik de grootste distilleerderij van Schotland. Het heeft in totaal 23 stills, resulterend in een productie van 12 miljoen liter alcohol (25 miljoen flessen whisky) per jaar. Vandaag wordt nog niet de helft van deze productiecapaciteit (5 miljoen liter) gebruikt.

 

Tomatin 18y, 46%, OB 2011
Volle, romige, bitterzoete sherryneus. Heerlijke sensaties van zoet fruit: crème de cassis, frambozen, gevolgd door honing, heide, koffie en tabak. Een klein beetje rook (van het hout). Wat munt ook en meer en meer zoethout. Ook op de tong is de toon bitterzoet. Kruiden (gember, peper) en eik aan de éne kant, karamel, honing, crème brûlée en marsepein aan de andere kant. Zacht, romig mondgevoel, boterig bijna. En de balans tussen beide sensaties is perfect. Lange, bitterzoete afdronk op eik, honing en kruiden. Wel, ik vind dit erg lekkere whisky. En voor een goeie 50 euro een prachtige prijs-kwaliteitverhouding. 89/100

Ardmore 18y 1992, Malts of Scotland

Met een productie van ongeveer 3 miljoen liter per jaar is Ardmore één van de grootste distilleerderijen van Schotland. Voor deze productie zorgen o.a. acht distilleerketels van 15000 liter. Het is ook één van de weinige die over een eigen ‘cooperage’ of kuiperij beschikt.

 

Ardmore 18y 1992/2010, 49.4%, Malts of Scotland, cask 5014, bourbon barrel, 185 bts.
Aangename neus met niet echt turfrook, maar eerder de geur van houtskool, roet, teer en rubber. Verbrand rubber, maar achterliggend, zeker niet storend. Gerookte hesp. Zilverpoets ook, mineralen… en dan zet het fruit zich door. Peren, appels (de schil) en kruisbessen. Toch ook een beetje cleane turf. Die turf komt trouwens meer naar de voorgrond met enkele druppels water. De (turf)rook is prominenter op de smaak en gaat vergezeld van vanille en vooral veel groene appel, zoet-zuur is de toon. Ook wel wat zilt, een beetje rubber en bosbessen. Zoethout op het einde en in de afdronk. Die afdronk is vrij lang, zoet en licht rokerig. Aangename whisky, best te genieten zonder water. 85/100

Bowmore 17y & 18y H2H

Ik heb in mijn rek twee staaltjes Bowmore staan, de nieuwe 17- en de 18-jarige, ideaal voor een head-to-head me dunkt. Ik heb ook nog een restje oude 17y staan, meer didactisch materiaal dan wat anders, want omwille van de niet te negeren zeep-associaties moeilijk lekker te noemen. Ik ga ervan uit dat beide nieuwelingen komaf hebben gemaakt met deze off-note.

 

Bowmore 17y, 43%, OB 2010
Vrij zoete neus op karamel en drop. Zowel zoete als zoute drop. Granen ook, een beetje turf en wat melkchocolade. Geen zeep, nice! Ook niet op de smaak. Wat wel? Citrus, turf, zandkoekjes, kokos, granen en wat zilt. Middellange, zachte en rokerige afdronk. Niet geweldig complex maar wel weer een bewijs dat Bowmore terug en stevig op het rechte pad zit. 84/100

 

Bowmore 18y, 43%, OB 2010
Rook en fruit is het eerste dat opvalt in de neus. Niet zo zeer citrus – wat ik verwachtte – maar wel de schillen van (groene) appels en kersen. Daarnaast heb ik karamel, woodsmoke en na enige tijd veel hooi. De smaak moet het hebben van turf en kruiden, minder fruit hier. Ja, de kersen die ik ook op de neus had, dat wel. Gedroogde bloemen en chocolade. Geen al te lange afdronk op fruitige turf. Niet slecht deze Bowmore 18y, maar ik vind de 17y toch beter. 80/100

De Glendronach’s single cask 2010

Vandaag en de komende dagen maak ik – eindelijk – tijd voor de nieuwe single casks van Glendronach. Zullen achtereenvolgens aan bod komen: de 1993, de 1991, de 1990, de 1989, de 1978, de 1972, de 1971 en de ‘Cask in a Van’ botteling. De meeste van deze whisky’s rijpten op olorosovat, sommige op Pedro Ximenez. Zonet proefde ik de twee jongste, de 1993 oloroso en de 1991 PX. Zij aan zij, met nogal uitéénlopende bevindingen.

 

Glendronach 17y 1993/2010, 60.5%, OB, oloroso cask #529, 627 bts.
De neus start erg zoet op stroop en verbande karamel, gaat over naar vegetale tonen (oxo, bouillon, consommé) en noten, om langzaam te verglijden richting rubber en lichte sulfer. Me no like. Op de smaak heb ik die sulfer niet zo, maar echt lekker vind ik ‘m hier ook niet. De start is eveneens zoet (perensiroop), om snel plaats te maken voor kruiden. Paprika, kruidnagel, peper… Dan komt er wat gedroogd fruit door, pruimen en dadels, maar het droge gaat overheersen. Hout, de kruiden en bittere chocolade zorgen daarvoor. Misschien dat het beter wordt met wat water, is per slot van rekening een botteling op meer dan 60%. Mmm, er komt meer fruit door. Rode bessen, zonder suiker uiteraard. Droge, kruidige finish. Een whisky waar je je moet doorworstelen, niet echt mijn profiel. 72/100

 

Glendronach 18y 1991/2010, 51.7%, OB, Pedro Ximenez cask #3182, 633 bts.
Ha, dit is al een pak beter. Een heel ander profiel. Veel minder scherp, en fruitiger. De sherry is op de neus zacht, zoet en fruitig. Qua associaties heb ik geconfijt fruit (zoet dus, doet me wat denken van die gesuikerde halve appelsienschijfjes van bij de bakker), acaciahoning, kamille, munt en nootmuskaat. Niet supercomplex maar wel erg aangenaam om ruiken. De smaak is vol en verwarmend, licht drogend en kruidig. Drinkt evenwel veel vlotter dan de 1993. Naast de lichte houtinvloed en de kruiden (anijs, kruidbagel) ook best wat fruit. Kersen, vijgen. Hier is water trouwens niet van doen. Middellange, kruidige finale met zoete kersen die het bittere counteren. Zomaar eventjes 12 punten meer dan de 1993, maar dat ligt zowel aan de kwaliteiten van deze (vooral de neus vind ik erg lekker) als aan de zwakte van de andere. 84/100

Rosebank 18y 1990, Chieftain’s

Rosebank sloot in 1993 de deuren en werd in 2002 door Diageo verkocht aan de British Waterways Board. Jaarlijks verschijnen er nog meedere onafhankelijke bottelingen van deze distilleerderij. Het wordt door sommigen als de beste Lowland malt beschouwd.

 

 

Rosebank 18y 1990/2008, 46%, Chieftain’s, sherry, cask 614, 312 bts.
Zachte en zoete neus. Ik heb geroosterde noten, honing en zoet fruit. Ananas, peer. Koffie met melk en suiker. Ook de smaak is zoet en fruitig maar vooral – en dat had ik niet op de neus – kruidig. Peper, gember, nootmuskaat. Een beetje hout, gedroogde abrikozen en dadels. Niet al te lange, bitterzoete afdronk. Lekkere Rosebank. 85/100

Mortlach 18y 1990, Hart Brothers

Mortlach is de oudste Dufftown distilleerderij, het kreeg z’n licentie in 1823, net voor Glenfiddich. Vandaag zit het in de portefeuille van Diageo.

 
Mortlach 18y 1990/2008, 46%, Hart Brothers, First Fill Sherry Butt
Een sherryneus met een stevige vegetale toets. Zowel groenten als kruiden. Een beetje zilt ook, tabak en rode bessen. Sulfer? Misschien, heel licht in ieder geval. Op de smaak vleessaus, oxo, wat hout, noten, vrij droog. Bosvruchten. Droge, licht bittere afdronk. Bwa, ik ben hier geen grote fan van, maar dit is zeker geen slechte whisky. Gebotteld onder het Finest Collection label, mmm. 78/100
 
En dit weekend… allen naar Leuven voor Spirits in the Sky!

Yamazaki 18y

Een Japanner die dringend aan bod diende te komen, is de alom bejubelde Yamazaki 18y. Deze whisky rijpte op verschillene types vaten, zowel ex-bourbon, ex-sherry als Japanse Mizunara vaten. Mizunara is een type Japanse eik.

 
Yamazaki 18y, 43%, OB 2010
Expressieve neus met een lekkere zoete kruidigheid. Gedroogde bloemen, hooi, karamel, rozijnen, pruimen, hout, olijfolie, geroosterde en gesuikerde noten. Dan meer en meer groenten. Broccoli, peterselie, tijm. I like. De smaak is romig en zacht, je proeft het hout maar dat domineert absoluut niet. Het vegetale zit ook hier, neigend naar herbal-tonen. Aangename sherrynotes met associaties van walnoten, perensiroop, rozijnen, braambessenconfituur, honing. Een beetje kaneel niet te vergeten. Vrij lange afdronk, fruitig en kruidig. Deze whisky is rijk aan smaken, complex, gebalanceerd… mooi, absoluut. 88/100

St. Magdalene uit z’n beste periode op sherryvat

De beste periode voor St. Magdalene is met voorsprong midden jaren zestig. Als je ooit de kans krijgt St. Magdalene 1964, 1965 of 1966 te proeven, grijpen. Met beide handen. Gordon & MacPhail heeft er meerdere onder z’n Connoisseurs Choice label gebotteld – sommige outstanding – en er bestaan ook enkele sublieme Cadenhead dumpy’s. De meeste bottelingen zijn bourbon-gerijpt, maar er zijn ook enkele sherry-gerijpte. Een voorbeeld hiervan is degene die ik vandaag proef, een 1964 Connoisseurs Choice. Onder het motto ‘ook dit is Lowland!’

 
St. Magdalene 18y 1964, 40%, G&M Connoisseurs Choice 1983, old brown label
Halleluja, dit is een zalige neus! Zachte, fruitige sherry en warme chocolade-saus. Callebaut kwaliteit, minstens. Het fruit is vooral rood: rode bessen, kersen, braambessen (ok, dat is al zéér donker rood). Banaan ook. Pruimen. Steviger dan het alcoholpercentage doet vermoeden. Amandelen, geroosterd hout, antieke lederen zetels… het zegt misschien niet zo veel, maar dit is écht een superneus. Ook de smaak is super. Zalige sherry met rode vruchten, hout, abrikoos, vanille fudge, mokka, tabak, licht waxy… droger naar het einde, het hout zet zich wat door. Ook de afdronk is vrij droog, maar wel érg lekker. Het bittere wordt meer dan voldoende gecounterd door het zoete en het fruitige. 93/100
 

De sherry maakt dat dit een ander profiel is dan de St. Magdalene uit deze periode die ik al dronk. Maar ook deze is fantastisch lekker, ondanks z’n laag alcoholpercentage. Jaren zestig St. Magdalene kan zó goed zijn… spijtig dat ze dit niveau later niet meer hebben kunnen evenaren. Maar dat geldt voor meerdere distilleerderijen natuurlijk.

 

Glenlivet 18y

De Glenlivet 18y is winnaar van twee gouden medailles op de International Wine and Spirit Competition (I.W.S.C.) en misschien wel de meest verkochte 18-jarige whisky.

 

Glenlivet 18y, 43%, OB 2009
Een delicate neus van zoet fruit. Peer, banaan en een lichte tropische touch. Honing ook en wat hooi. Zachte, licht drogende smaak op fruit, hout, zoethout en drop. Lindethee. Licht ziltig zelfs (de – zoute – drop). Peper naar het einde. Geen al te lange maar wel aangename, kruidige afdronk met terugkerende honing. Lekkere klassieker. 83/100

Bunnahabhain 18y

De nieuwe 18-jarige Bunnahabhain is een whisky die bij mij moest groeien. Een eerste maal proeven was “bwa, slecht is dit niet”, een tweede maal “mmm, toch wel een lekkere whisky” en een derde maal “ja, dit is echt wel goed verdorie”.

 

Bunnahabhain 18y ‘XVIII’, 43%, OB 2009
Neus: asperges! Peterselie. Vers geknipte peterselie. Asperges met versnipperde peterselie dus. Vorig weekend nog gegeten maar zelden in een whisky tegengekomen. Daarna geroosterde granen, gedroogde bloemen en banaan. Vooral bij de herkansingen komen de zeer lekkere sherrytonen naar voor (zal wel aan mij gelegen hebben). Karamel, kruiden, bosvruchten… complex. Genieten! Mondvullende zachte smaak op… jawel, peterselie. Maar ook nog heel wat meer. Ik denk aan granen, pompelmoes, een beetje hars, kruiden, honing en meer en meer fruit, gedroogd fruit vooral. Lange afdronk met zoet (honing) en kruidig (nootmuskaat en kaneel) als dominante smaken. Op basis van de neus zou ik ‘m 89 gescoord hebben, maar de smaak kan dit hoge niveau niet (helemaal) aanhouden. Blijft echter een dijk van een whisky, een conclusie waar ik dus pas na herproeven toe ben gekomen, moet ik toegeven. 87/100

Aberlour 18y

De achtienjarige Aberlour die ik vandaag bespreek, heeft mij serieus verrast. Voor een 60 euro is dit een zéér koopwaardige whisky. Je krijgt er niet alleen erg lekkere whisky voor, maar daarenboven zit die in een mooie dumpy fles, vind ik zo.

Aberlour ligt in het hart van Speyside en z’n geschiedenis gaat terug tot 1826, en misschien zelfs nog verder. 1879 is de eigenlijke (officiële) start van de distilleerderij. Enkel een explosie in het molenhuis (die de distilleerderij volledig verwoeste) en de twee wereldoorlogen deden de productie tijdelijk stilleggen. Na een verhuis en enkele overnames is Aberlour sedert 1974 eigendom van de Pernod-Ricard groep, die de distilleerderij volledig afbrak en een nieuwe opbouwde. Ongeveer een derde van de geproduceerd spirit rijpt op sherryvaten, de rest op bourbon. De helft gaat naar hun single malts, de andere helft naar de Clan Campbell blend.

 
Aberlour 18y, 43%, OB 2009
Lekkere, zachte en zoete sherryneus met honing, cake, boenwas, gedroogde abrikozen, peren, zoethout, lichte rook en iets bloemigs. Yoghurt? Alles erg subtiel maar heel lekker en complex. Ook de smaak is dit. Licht maar boeiend. Ik heb associaties van vijgen, rozijnen, rum, munt en zoethout. En de abrikozen opnieuw. Licht drogend, aangenaam drogend. Middellange bitterzoete afdronk met honing en hout die mekaar perfect in evenwicht houden. Een ontdekking! 87/100