Spring naar inhoud

Caol Ila 19y 1993, Malts of Scotland

Malts of Scotland heeft al een aantal oude Caol Ila’s gebotteld, een 1979, een 1980 en een 1981. In de nieuwe batch zit een jongere, een 1993. Net als de Port Charlotte een sherry hogshead. Te koop voor 95 euro.

 

Caol Ila 19y 1993/2012, 56.1%, Malts of Scotland, Sherry Hogshead #MoS12037, 225 bottles
Zachte en complexe neus. Turf, ja, maar niet dominant, genoeg fruit en zachte karamel. Het fruit is wit: peren en appel. Vers geperst appelsap. Misschien ook wat ananas, zonder echter de tropische toer op te gaan. Onderliggend enkele zee-elementen zoals jodium, zeewier en een beetje zilt. Licht mineralig ook wel (de natte stenen). Kaarsvet heb ik nog, net als wat zoetere zaken zoals praliné en warme cake. Redelijk complex. Aangenaam romig in de mond, met meer turfrook dan op de neus. Ook het zilt is prominenter aanwezig. En het fruit is anders, eerder de gedroogde variant: rozijnen, pruimen, vijgen. Bijenwas in de verte. Middellange afdronk, zoet en rokerig met een mooie lichte bitterheid. 87/100

Port Charlotte 10y 2002, Malts of Scotland

Nu de zomervakantie stilaan naar z’n einde loopt, mogen we ons weer warm maken voor nieuwe bottelingen, zo ook voor een zevental van Malts of Scotland, een bottelaar die er vooralsnog een stevig tempo in weet te houden. En naar het schijnt hebben ze daar in Paderborn nog genoeg vaten liggen om dit een hele tijd vol te houden. Een eerste die ik bespreek, is een Port Charlotte 2002. Kost je 85 euro.

 

Port Charlotte 10y 2002/2012, 63.1%, Malts of Scotland, Sherry Hogshead #MoS12034, 265 bottles
Weer zo’n Port Charlotte bom, deze keer gerijpt op sherryvat. De neus is zoals verwacht krachtig en intens. De aroma’s die het hardst om de aandacht roepen (zeg maar schreeuwen) zijn zoete turfrook, sinaas en zilt. Leder en marsepein volgen, warme aarbeienconfituur vervolledigt. Gember en zoethout komen naar het einde toe ook nog meespelen. Een turfexplosie in de mond, of wat had je gedacht. Alhoewel die turf dus groots is, laat hij toch ruimte voor karamel, boter, zilt, gember, peper, rijpe sinaas en donkere chocolade (zonder te bitter te worden). En leder niet te vergeten. Toch ook maar wat water geprobeerd, wat het geheel logischerwijze minder scherp maakt, maar ook zoeter. En de turfrook gaat met nog wat extra water serieus assig worden. Dus best ook weer niet te veel water toevoegen. De afdronk is bijzonder lang, verwarmend, op zilte, rokerige en zoete tonen. Een beest van een whisky, wat jong, wat ruw (minder rond dan bij een aantal vorige bottelingen), maar zoals wel vaker bij jonge PC toch weer lekker. 86/100

Glenury Royal 12y 70 proof

Vandaag een whisky die ik al enkele malen heb kunnen proeven, de vorige keer was dat in het Lynnfield Hotel op Orkney. De keer daarvoor ook in het Lynnfield Hotel op Orkney… Maar nu dus ook sample-gewijze en in volle concentratie.

 

Glenury Royal 12y 70 proof, OB +/-1980
Frisse en cleane neus, zonder al te veel old bottle effect. Mineralen (gazon na een frisse regenbui), granen, motorolie en een zoete toets vallen op. Dat zoets heeft misschien iets van nougat. Vanille ook wel. Warme houtkrullen. Kruisbessen? Yep. Kaarsvet ook, net als blik. Zelfs wat zilt. En is dat daar een heel klein beetje turf? Tja, hoe meer tijd je ‘m geeft, hoe complexer hij wordt. Een aantal zaken zijn de vorige malen toch aan mijn voorbij gegaan denk ik. Op de smaak heb ik wel wat meer old bottle, de metalige tonen (blik) zijn hier wat promintenter. Een beetje stof ook. Olie opnieuw, olijfolie meer bepaald, net als het kaarsvet en de lichte turfrook. Honing, sinaas, wat eik en kruiden zoals peper en zoethout vullen aan. De afdronk kan ik moeilijk lang noemen. Hij blijft licht metalig, mineralig en kruidig. Bijzondere whisky. Erg boeiend. 87/100

Longmorn 19y 1992, Archives

Een andere whisky uit de nieuwe Archives release is een Longmorn 1992, gerijpt op bourbonvat. Hij kost 70 euro.

 

Longmorn 19y 1992/2012, 48.5%, Archives, Whiskybase, bourbon cask #86607, 60 bottles
Zoete neus, veel vanille, vermengd met fruit, wit fruit. Witte perziken. Rode appels, krokant en sappig. Pink Ladies (ik heb het nog steeds over appels). Best mineralig ook: natte stenen en kalk. Geboend leder en mos valt ook nog te vermelden. Net als ronde eik. Rond en romig in de mond, gelijkaardige sensaties als in de geur. Appels, perziken, vanille, mineralen. Abrikoos ook wel. Tuinkruiden en zoethout vullen aan. Middellange afdronk op vanille, appels, eik en kaneel. De eik groeit. Mooie ‘moderne’ combinatie mineralen, vanille, eik en fruit. Fris. 85/100

Caol Ila 28y 1983, Silver Seal

Vandaag nog één van de recente Silver Seal bottelingen, meer bepaald een Caol Ila 1983. Hij kost je een 150 euro. Benieuwd of hij in de buurt komt van de 1983 van QV.ID.

 

Caol Ila 28y 1983/2011, 46%, Silver Seal, 350 bottles
Deze heeft niet dat typische oud Caol Ila profiel, dat je soms ook nog bij Caol Ila van begin jaren tachtig terugvindt. Toch spreidt hij een zeer aangename geur tentoon. Niet zozeer olie, wel boter. Minder op zoete turf maar wel op zilte turf. Geen geflambeerde bananen, wel appelsap (niet van dat whiskykleurig spul maar troebel biosap) en lichte pompelmoes. De turf is zacht en gaat zoals gezegd gepaard met zilt en andere kustelementen (denk zeewier en schelpen). Amandelspijs annex marsepein mag ik ook niet vergeten te vermelden. Erg zacht op de tong, wat zoeter dan de neus, met qua fruit meer citrus naast de appel en ook een extra kruidigheid. Nootmuskaat en zoethout dienen vermeld te worden. Drop. Het zilt blijft present (zoute drop dus), net als de zachte turf. Iets licht medicinaals ook nog. Best complexe whisky eigenlijk. Niet het niveau van de 1983 voor QV.ID, maar toch weer meer dan lekker. De afdronk is niet erg lang te noemen, maar wel prikkelender dan de smaak. Zilt, peper, gele appels en nog maar weinig turf. Lichte, soepele en dus gevaarlijk drinkbare whisky. 88/100

The Littlemill Sessions – part IV

Onze Littlemill Sessions beëindigen we met twee 1989’ers uit de stal van The Whisky Agency, een Liquid Sun en een Perfect Dram.

 

Littlemill 22y 1989/2011, 52.2%, Liquid Sun, refill sherry cask, 255 bts.
De typische Littlemill fruitigheid mooi in balans met de sherry van het vat. Fris citrusfruit (roze pompelmoes, mandarijn), rijpe kruisbessen en verse, sappige abrikozen aan de éne kant, sappige eik, kruiden, tabak en kaneel aan de andere. Nat hooi vervolledigt (altijd een meerwaarde vind ik). Volle, rijke smaak op allerlei gedroogde vruchten (pruimen en vooral dadels vallen op), karamel en kruiden: gember (nog zo’n constante in Littlemill uit deze periode) en munt. Iets subtiel tropisch. Coeur de boeuf, wat ik ook in de Thosop 1989 had. Zoete en kruidige afdronk, die vrij lang blijft hangen. Doet me inderdaad wat aan de Thosop botteling denken. Ook dezelfde score. 91/100

 

Littlemill 22y 1989/2011, 51.5%, The Perfect Dram (TWA), joint bottling with La Maison du Whisky, first fill sherry, 244 bts.
Deze is meteen een stuk kruidiger op de neus. Frisse tuinkruiden, munt en eucalyptus. De Liquid Sun had munt, deze heeft er scheepsladingen van. Vrij droog en een pak minder expressief fruitig dan de Liquid Sun. Mineralen en okkernoten, dat wel. Iets metaligs. Je handen na intensief gebruik van Engelse sleutels. De smaak schreeuwt kruiden: eucalyptus en munt, maar ook veel gember (of course). Koude kruidenthee. Ijzerkruid (nee, geen metalen hier). Behoorlijk drogend, de kruiden worden vergezeld van eik en okkernoten. Lange, droge afdronk waar de kruiden de dienst uitmaken. Zeer (eigenlijk te) actief vatje. 83/100

Littlemill 23y 1988, Archives

Tijd voor nog een nieuwe Archives botteling, een Littlemill deze keer. Net als de Jura en de Glenrothes is ook dit een 1988’er. De prijs ligt met 125 euro echter een stukje hoger. Of zeg maar stuk, de broertjes uit de derde release kosten immers maar 85 euro. Het is duidelijk dat Littlemill de laatste paar jaar een naam heeft verworven. Volledig terecht als je al die beauties uit de periode van rond 1990 bekijkt. Ook deze zal ongetwijfeld een schot in de roos zijn, dit kan je zo goed als blind kopen.

 

Littlemill 23y 1988/2012, 49.3%, Archives, sherry cask #08/1077, 48 bottles
Yes… zo typisch, zo herkenbaar en vooral zo heerlijk is Littlemill uit deze periode op een actief sherryvat. Het heerlijkste fruit met een stevige portie sherry. Het heerlijkste fruit is vaak tropisch fruit, ook hier dus. En de sherry is stevig maar gaat nooit overheersen, daarvoor is het fruit te krachtig. De sherry vertaalt zich in noten, tabak en dadels. Doorheen deze strijd tussen het fruit en de sherry de geur van nattte bladeren en mos. Voor mij altijd een plus dat bos. Op de smaak gaat de gebalanceerde tweestrijd tussen het fruit (tropisch & sinaas) en de sherry verder, daar aangevuld met best wat eik en rozenbottel. En jawel, een klein beetje turf. Lange, droge afdronk op eik, kruiden en rozenbottel. Blind kopen, ik zei het al. 91/100

Macduff 21y 1990, A. Dewar Rattray

A. Dewar Rattray heeft een wel een zeer groot aantal bottelingen uitgebracht. De meeste daarvan waren gewoon lekker tot zeer lekker, maar er is er toch één die uit de band wil springen.

 

Macduff 21y 1990/2011, 59.4%, A. Dewar Rattray, Bourbon Hogshead #1424, 262 bottles
Mmm, de neus neemt geen al te geweldige start. Veel granen vermengd met karton, natte kranten en nat hout. Daaronder ontwaar ik enkel wat honing en gele appels, maar daar moet ik al moeite voor doen. Spijtig genoeg is de smaak niet veel beter. Integendeel. Bierbeslag, gist, granen… vrolijk wordt ik daar niet van. Alcoholisch. Opnieuw gele appels. Cider misschien ja. Peper naar het einde, maar dat is gewoon de alcohol die spreekt. De afdronk is lang. Te lang. Ik kan niet zeggen dat er fouten in deze whisky zitten, maar dat brengt ‘m nog niet in de buurt van wat ik lekker zou kunnen noemen. Duffe Macduff. 72/100

Tomatin 15y ‘Limited Edition’, Tempranillo

Tomatin brengt een nieuwe officiële botteling op de markt, een gelimiteerde (nu ja, 3150 flessen) 15 jaar oude whisky, die rijpte op zowel bourbon- als tempranillovaten. Tempranillo is een Spaanse blauwe druif die onder andere in de Rioja wijnen gebruikt wordt, maar ook in andere Spaanse topwijnen. Ik veronderstel dat dat rijpen op tempranillovat gewoon een finish van enkele maanden is. Deze whisky werd gebotteld op 52% en zal dus in de rekken staan naast de standaard 15y. Als ik de begeleidende communicatie moet geloven, is deze whisky “dominated by deep fruity aromas softened by a sweet candy flavour with a long lasting and very creamy finish”. En waarom zou ik dit niet geloven? Juist ja, proeven maar.

 

Tomatin 15y Limited Edition, 52%, OB 2012, Bourbon/Tempranillo matured, 3150 bottles
De neus wordt gekenmerkt door een zoete granigheid. Frosties, suikerspin, vanille en snoepgoed. Ik denk aan zachte beertjes. Gestoofd fruit ook (ik neem aan dat hier de wijn z’n werk heeft gedaan), net als wat zwarte bessen (cassis). Kaneel ook, en iets van bladeren. Hetzelfde patroon op de smaak. Zoet, granig met meer en meer fruit. Vooral woudvruchten. Bramen, zwarte bessen, frambozen. Anijs, kaneel en peper zorgen voor de body. Stevig en romig mondgevoel trouwens. Een klein beetje hout. Middellange afdronk, kruidig en zoet. Het rood/zwarte fruit blijft hangen. Tja, correcte en degelijke whisky. Niet meer maar ook niet minder. 78/100

Glenrothes 23y 1988, Archives

Nummer drie in het rijtje nieuwe Archives bottelingen is een Glenrothes 1988. Deze kost net als de Jura (zelfde vintage) 85 euro. Waar de distilleerderij ligt, kan je afleiden uit de naam, in het dal (glen) van de rivier Burn of Rothes, ten zuiden van de plaats Rothes.

 

Glenrothes 23y 1988/2012, 53.4%, Archives, refill sherry hogshead #7318, 80 bottles
Lichte kleur voor 23 jaar op sherryvat gerijpt te hebben. Weinig actief vat waarschijnlijjk. In ieder geval is er niet erg veel van de sherry te merken in de neus van deze whisky. Wel vanille (jawel) en veel citrusfruit: pompelmoes en gezoete citroen (halvemaanvormige snoepjes van bij de bakker). Wat granen ook, dille en gedroogd gras. Niet veel meer. Weinig boeiend en ‘jong’. De smaak is iets voller en vertoont toch lichte sherryinvloeden: gedroogde abrikozen en dadels. Naast de citrus en iets van cider. Suikerspin. En dan een hele resem kruiden: onder andere gember, peper en opnieuw de dille. Best wat eik naar het einde ook. De afdronk is niet erg lang, op peper en witte pompelmoes. De smaak biedt meer en is ook gewoon beter dan de neus, maar ook daar is het nog geen hoogvlieger. 83/100

Balblair 1988, cask 3401

Vandaag mijn bevindingen van een Balblair die ik al even geleden proefde. Ik weet niet of je de fles nog kan kopen, zo ja moet je op een 150 euro rekenen.

 

Balblair 1988, 58.2%, OB 2009, cask 3401, 180 bottles
Romige, ronde en perfect gebalanceerde neus op tonen van fruit (sinaas, banaan), kruiden (gember, curry en mosterd) en best wat eik (maar zoals gezegd mooi in balans met de rest). Daardoorheen wat vernis. Een gelijkaardig patroon op de smaak, zoet fruit en kruiden. Honing, vanille, banaan, ananas, kokos… ja, een beetje tropisch. Qua kruiden opnieuw de gember, maar ook peper en munt. En opnieuw de ronde eik. De afdronk is middellang en licht drogend. Mooi fruit, mooie kruiden en mooie eik. Yep, I like. 88/100

Bunnahabhain 1965, OB for Feis Ile 2001

Vandaag één van de oudste officiële Bunnahabhains, de 1965 voor het Feis Ile (het jaarlijkse muziek- en whiskyfestival op Islay) van 2001. De oudste is volgens mij een 1963 voor Feis Ile 2003. Je kan deze 1965 nog vinden, maar reken op een kleine 600 euro.

 

Bunnahabhain 35y 1965, 53.9%, OB Feis Ile 2001, cask 7159, 594 bottles
Meer dan aangename neus, fruitig en zoet. Vanille, marsepein, honing en wit fruit à la peer, appels en vooral witte perziken. Kokos (jawel, ook wit). Daarna kamille, linde en wat munt. Eik? Ja, maar niet opvallend. Bijenwas niet te vergeten. En iets van gerookt vlees. Geen Zwarte Woudham deze keer, iets zachter zoals filet de sax. Delicaat en complex. Op de smaak speelt het hout, zoals wel vaker op hoge leeftijd (de whisky, niet ik), meer op dan in de geur. Eik, noten, thee, je kent het patroon. Maar er is genoeg zoets en fruitigs ter compensatie: sinaas, perzik, banaan, ananas, mango, vanille en honing. Opnieuw wat tuinkruiden en ook iets licht metaligs. Kaneel komt nog om de hoek piepen. Best lange afdronk, met nog steeds het (zoete) fruit, de kruiden en de eik mooi gebalanceerd. Ja, oude Bunna kan verdorie lekker zijn. Ook al is het geen Auld Acquaintance. 90/100

Isle of Jura 24y 1988, Archives

De tweede botteling uit de Archives third release die ik proef, is een Isle of Jura 1988. Voor 85 euro is hij de jouwe.
Jura is met nog geen 200 permanente bewoners zeer dunbevolkt. Ik ben er zelf nog nooit geweest, maar naar het schijnt loopt er maar één deftige weg over het eiland. En aan deze weg bevindt zich dan ook de enige distilleerderij van het eiland.

 

Isle of Jura 24y 1988/2012, 51.3%, Archives, bourbon cask #752, 60 bottles
Aromatische en zoete neus op tonen van witte chocolade, praliné (witte pralines), honing en na enige tijd ook marsepein. Dat laatste brengt amandelen mee, gevolgd door gebakken appels en abrikozencompot. Warme appeltaart met amandelschilfers op. Best mineralig ook: natte stenen en vooral gepoetst zilverwerk. Hooi, nat hooi. Ook nog iets aangenaam zurigs. Ik denk aan yoghurt. Over een bord muesli (lichte granen). Complex en lekker om ruiken. De smaak kan dit niveau echter niet helemaal handhaven, hiervoor domineren de granen net iets te veel. Naast het graan noteer ik nog appels, zilt, zoethout en gember. Iets vegetaals ook dat ik niet onmiddellijk kan thuisbrengen. Eik, pompelmoes en niet zo rijpe kruisbessen geven het een bitter kantje. Opnieuw dat natte hooi. Grassige, kruidige, aangenaam bittere afdronk. De neus verdient zeker twee punten meer. 86/100

The Littlemill Sessions – part III

We nemen de draad van de Littlemills terug op met een koppel 1990’ers gebotteld door Silver Seal, respectievelijk in 2009 en 2010. Kosten een goeie 150 en 130 euro.

 

Littlemill 19y 1990/2009, 57%, Silver Seal
Prachtige fruitigheid die behoorlijk into-your-face openbarst. Best complex, want het fruit wordt vergezeld van hooi, weidebloemen, vanille en een beetje eik (geeft body, maakt het rond). Honing ook, lichte bijenwas, een even lichte kruidigheid en net zoals wel vaker bij Littlemill 1990 (maar dan vrijwel alleen bij deze vintage) lichte rook. Op de smaak een even mooie fruitigheid, kruiden (gember valt op), vanille en zachte eik. Droogt niet uit. Middellange, fruitige en grassige afdronk. Wreed lekker. 91/100

 

Littlemill 20y 1990/2010, 46%, Silver Seal, 237 bottles
Bwa, deze verschilt heel weinig van de 57%. Vrijwel hetzelfde profiel, ik ga me niet herhalen, maar zachter, wat minder prikkelend, iets minder vol ook en wat minder body. Het alcoholpercentage uiteraard. Dit is nog altijd heel lekkere whisky echter. Right upon my alley eigenlijk. En als ik toch nog iets moet toevoegen: gele pruimen. Weet je, uiteindelijk is deze misschien wat drinkbaarder, vlotter toegankelijk, maar de 57% heeft dat beetje extra, wat zich vertaalt in punch en complexiteit. 90/100

Imperial 16y 1995, Archives

De derde release van Archives (je weet wel, het label van de jongens van Whiskybase), brengt ons zes nieuwe bottelingen. De eerste die ik ervan proef, is een Imperial 1995. Hij kost je 65 euro. Imperial is zo’n typische onbekend-is-onbemind distilleerderij. Onterecht zo blijkt.

 

Imperial 16y 1995/2012, 51.7%, Archives, bourbon cask #50035, 60 bottles
Erg pure, cleane neus op vanille, gras en veel fruit: gele appels, banaan, kiwi, ananas en perzik. Daarna nog wat eucalyptus, linde, aarde en humus. Niet veel meer, maar daar malen we niet om, dit is een erg lekkere neus. De smaak is rond en romig, waxy en fruitig. Hier vooral veel sinaas. Misschien nog wat perzik ook. Zeker ook de schil van citroen. Daarna komen de kruiden opzetten: peper en zoethout vallen op. Lange, cleane, frisse en waxy afdronk. Dit is een simpele, cleane Imperial waar ik erg van heb kunnen genieten. 87/100

Glenlossie 12y Manager’s Dram

Glenlossie werd volledig vernield door een brand in 1929, tien jaar nadat het werd overgenomen door D.C.L.. Het werd evenwel spoedig heropgebouwd. En in 1962 uitgebreid, het aantal distillatieketels ging van vier naar zes.
Ik proef de Manager’s Dram, wat toch een beetje een visitekaartje zou moeten zijn. Weliswaar een visitekaartje dat enkel aan de Diageo managers werd gegeven.

 

Glenlossie 12y Manager’s Dram, 55.5%, OB 2004
Cleane neus op granen en wit fruit. Appels vooral. Cider. Maar ook citrusfruit (pompelmoes, mandarijn). Vers gebakken brood, nog warm, weidebloemen en iets van aardappelpuree. Natte wol. Kokosmelk. En lichte eik. Tot op heden een lichte tegenvaller. Prikkelend op de tong, ook clean en licht alcoholisch. Citrus (witte pompelmoes, limoen), granen en kruiden (peper en gember vallen op). Kamillethee. Een beetje vanille. Amandelen. Het geheel is vrij scherp. Meer eik, wat drogend. Redelijk lange afdronk, wat grassig met opnieuw de citrus. Clean, jong en fris, maar ik had hier heel wat meer van verwacht. 84/100

Port Ellen 1982/2007 cask 2850, Berry Bros & Rudd

Vandaag bespreek ik een Port Ellen 1982 van Berry Bros. Ruim een jaar geleden kwam hier al eens een 1982 van deze bottelaar aan bod, maar dat was een sherryvat. Een zeer actief sherryvat. Terwijl de kleur van deze whisky erg licht is en het hier dus ofwel een bourbonvat ofwel een inactief sherryvat betreft.

 

Port Ellen 1982/2007, 56.1%, Berry Bros & Rudd, cask 2850
Frisse, lichte neus, fruitig en ziltig. Limoen en groene appels, zeewier en zilt. Daartussen ook wat vanillle, amandelen en gras. Lichte rook. Stevig mondgevoel, en opnieuw vallen het frisse fruit en het zilt op. Gerookte heilbot, zeewier en appels, gevolgd door vanille, gember, zoethout en peper. Best kruidig. En opnieuw de zachte rook. Erg aangenaam. Lange, zilte afdronk met citrus en kruiden. De laatste jaren kan je Port Ellen 1982/1983 zo goed als blind kopen. Niet goedkoop, maar bijna altijd erg lekker. Enkele jaren geleden werd er af en toe nog een sulferbom gebotteld, zeker in de periode waaruit deze botteling komt, maar die tijden blijken voorgoed voorbij. Strengere selectie? 89/100

Mortlach 21y 1980, Gordon & MacPhail Cask

En dan nu een op het eerste zicht misschien niet zo bijzondere Mortlach 1980 van Gordon & MacPhail. Op het eerste zicht.

 

Mortlach 21y 1980/2002, 63.8%, Gordon & MacPhail Cask, refill sherry butt #3646
Halleluja! Dikke, stroperige sherry. Oud leder (enorm), kandijsiroop, rozijnen, dadels, pruimen, bramen, walnoten, en veel kruiden. Peper, kruidnagel, zoethout, peterselie en eucalyptus. Een lichte zilte toets (alhoewel, hier is niets ‘licht’ aan). Doorheen dit alles grootse, sappige eik. En dan heb ik die geweldige rokerigheid nog niet vermeld. En marsepein. Njummie. Wat hars ook. En balsamico niet te vergeten. High end. Erg krachtig en gigantisch complex. Met wat water groeit het fruit, naast het reeds aanwezige gedroogde fruit nu ook harde peren en rode bessen. Man, 1cl in mijn glas en ik ben een ganse avond zoet. Alhoewel je behoorlijk masochistisch moet zijn om hier niet van te drinken. De smaak is immers even rijk en complex als de neus. Zowel gedroogde vruchten als de rijpe bosvruchten (rode bessen, bramen, frambozen), noten, tabak, koffie, karamel, donkere chocolade (maar zeker niet te bitter), rook, allerlei noten, allerlei kruiden, en heel veel puntjes. Machtige eik. Wat een body. Water is zelfs niet noodzakelijk, het maakt het geheel misschien wat vlotter toegankelijk, maar alle smaken tekenen zonder ook present. Het goede nieuws is dat hij van geen wijken weet, die afdronk blijft maar duren, perfect gebalanceerd tussen de drogere sherytonen en het zalige fruit. Proeft als Macallan van de jaren vijftig, no kidding. De score lijkt niet te matchen met wat het is, zijnde relatief recente en relatief jonge Mortlach. Maar wacht tot je ‘m proeft. Als je ooit de kans krijgt tenminste. 94/100

Old Pulteney 17y

Net zoals de meeste distilleerderijen, is ook Pulteney meermaals van eigenaar veranderd, van oprichter James Henderson tot Inver House (onderdeel van International Beverage Holdings) vandaag. Na sluiting tussen 1930 en 1951 werd de distilleerderij volledig verbouwd in 1958 door de legendarische Hiram Walker.

 

Old Pulteney 17y, 46%, OB +/- 2012
Herkenbare Old Pulteney neus, kustelementen zoals zilt en zeewier vermengd met zoete en fruitige tonen. Niet onlogisch wat meer hout dan de 12y. Wat granen en zonnebloemolie. Ook een licht floraal karakter is een extra. Qua fruit denk ik vooral aan wit fruit (peer en perzik, rode appels, ook wat banaan). Het zoet is zowel vanille als karamel (Amerikaanse en Europese eik). Meer en meer kruiden en ook nog een toefje rook. Mineralen mag ik tenslotte ook niet vergeten te vermelden. Vol en dik in de mond, zoet (vanille, karamel), granig, fruitig (appel, banaan, maar ook citrusschil) en kruidig (peper en zout, en ook wat gember). Wordt wat grassig. Naar het einde en in de afdronk iets meer eik, maar ook wat rook. De afdronk is lang en verwarmend. Complexer en zeker ook lekkerder dan de 12y. 86/100

Longmorn 22y 1988, Silver Seal

Vandaag een Longmorn 1988 eind vorig jaar gebotteld door Silver Seal. En zoals je kan verwachten bij Silver Seal, hangt hier een stevig prijskaartje aan, reken op een 160 euro.

 

Longmorn 22y 1988/2011, 54.4%, Silver Seal
Volle, zoete en romige neus. Ik denk aan de geur van appeltjes uit de oven, inclusief de kaneel. Ananas uit blik en roze pompelmoes maken het nog wat fruitiger. Vanille, honing en melkchocolade nog wat smeuïger. Eik, maar niet veel. Stevig mondgevoel, op de smaak vallen vanille, kandij en noten op. Naast de appels van op de neus heb ik hier ook banaan en kokos. De zoet/bitter balans wordt een beetje verstoord door taninnes. Best lange en droge afdronk. Spijtig van de tainnnes, die zelden een meerwaarde zijn, anders had ie nog hoger gescoord. 86/100