Spring naar inhoud

Posts from the ‘Caol Ila’ Category

Caol Ila 1981, Thosop

Vandaag maak ik met veel plezier tijd voor de nieuwe Thopos Handwritten. Dit keer is het een Caol Ila 1981 geworden. Er verschijnt zeer veel onafhankelijke Caol Ila en deze stellen zelden teleur, ik veronderstel dat dit ook hier niet het geval zal zijn. Maar toch verwacht ik van een Thosop botteling nog nét een ietsje meer, dat deze Caol Ila dus nog beter is dan de grote massa lekkere Caol Ila.

 

Caol Ila 30y 1981/2011, 50.6%, Thosop Handwritten Label, by The Whiskyman, bourbon cask, 153 bottles
Wow, dit is alvast een prachtige neus! Een neus die ik kan samenvatten als zoete, fruitige turf gedrenkt in olie. Olijfolie, maar eigenlijk nog meer lijnzaadolie. Amandelolie ook, wat me dan naadloos bij marsepein brengt. De turf is discreet en clean, maar een weinig medicinaal. Het fruit waar ik aan denk is banaan, mandarijn en ananas. Ook het zee-karakter ontbreekt niet. Zilt en jodium. Een klein beetje teer. Ha, nu ook kokos. Een hint van rum. Complexe en ronduit schitterende neus. En het goede nieuws is dat de smaak niet moet onderdoen. Hier is de turf wel wat minder discreet. Licht medicinaal opnieuw, met ook hier het zilt. Ook de banaan ontbreekt niet. Groene thee noteer ik nog, net als kandijsuiker, ananas en amandelen. Zeste van sinaas. Prikkelend en levendig. Zeer, zeer goed. Old style Caol Ila, deze whisky kan perfect doorgaan voor een begin-jaren-zeventig distillaat. Lange afdronk, op mooie, zachte turfrook, zilt en pompelmoes. Knap! 92/100

Caol Ila 10y 2000, Kintra Single Cask Collection

Kintra is het geesteskind van Erik Molenaar, een Nederlander met een grote passie voor whisky. Hij organiseert al vele jaren tastings, maar in 2009 schakelde hij een versnelling hoger met de oprichting van Kintra Whisky. Een jaar later begon hij zelf whisky te bottelen onder z’n Kintra Single Cask Collection label.
De regio waar de whisky vandaan komt wordt verraden door de kleur van het label: rood voor Speyside, blauw voor de Highlands, groen voor de Lowlands en bruin voor Islay. Ik begin met een bruin…

 

Caol Ila 10y 2000/2011, 62.6%, Kintra Single Cask Collection, Bourbon Hogshead #309534, 120 bottles
Zoet-rokerige neus. Niet zozeer turfrook echter, eerder een smeulend haardvuur, wat assig. De assen van sigaren ook wel. Die rook vermengt zich met kandij, acaciahoning en amandelen. Niet veel fruit, enkel wat citrus (ik denk aan limoen). Water versterkt de grassigheid en brengt de geur van natte wol en mineralen naar voor. Best lekkere neus. Gezien het alcoholvolume hoeft het niet te verbazen dat het mondgevoel stevig en prikkelend is, maar hij is verdacht drinkbaar zonder water. Erg clean, rokerig en grassig met gezoete citrus erdoorheen. Hier wel turf. Zoete turf. En wat zilt niet te vergeten. Niet complex maar erg rechttoe rechtaan. Met water nog wat zoeter en assiger. Tja, zelfs op 62.6% (op welk percentage is deze spirit op vat gedaan???) heb ik ‘m het liefst zonder water. Lange afdronk, zoet, rokerig en zilt. Ik vind dit een erg lekkere jonge Caol Ila, knappe vatselectie van de mensen van Kintra. 86/100

Caol Ila 2000, Single Cask Collection

Een dikke week geleden proefde ik met een erg lekkere Bladnoch 1990 voor het eerst een botteling van het Oostenrijkse Single Cask Collection. Benieuwd of deze Caol Ila 2000 opnieuw een schot in roos is.

 

Caol Ila 10y 2000/2011, 58.5%, Single Cask Collection, bourbon barrel #309889
Zachte neus op tonen van rook (turfrook), gedroogd gras, vanille, een frisse zeebries, pompelmoes en citroen. Wat ‘zesty’ (de schil van het vermelde fruit) en mineralig (natte stenen). Cleane en droge smaak op jonge turf, gerookte heilbot, zilt, gras en noten. Amandelspijs. Op de neus had deze whisky geen water nodig, op de smaak kan ie dat wel gebruiken, we zitten tenslotte ook tegen de 60%. Met water zet er zich zoethout door, net als wit fruit en komt het zilt nog meer naar voor. Middellange afdronk op citrus, zilt en rook. Erg cleane Caol Ila, heel rechttoe rechtaan. 84/100

Caol Ila 20y 1988, Wilson & Morgan

Caol Ila werd in 1846 gebouwd door Hector Henderson, op dat ogenblik de eigenaar van Littlemill. In 1863 verkocht Henderson Caol Ila aan Bulloch Lade, wiens naam nog op heel wat oudere bottelingen prijkt (Bulloch Lade & Co).

 

Caol Ila 20y 1988/2008, 46%, W&M Barrel Selection, casks 4224 & 4225
De neus is zoet (vanille), fruitig (appel, peer, witte perzik) en licht floraal. Onderliggend zachte turf en even zachte sherry-aroma’s (koffie, tabak). Zacht en olieachtig op de tong. Romige chocolade, praliné… mellow. Best wat eik. Witte pompelmoes, wat kruiden. Licht (maar aangenaam) bitter. Mooi evenwicht tussen de eik en de fruitige turf. Wat zilt hier ook. Lange, bitterzoete afdronk. Niets mis mee, integendeel, I like this. 87/100

Caol Ila 15y, bronze metallic jug, mid 1980’s

Laat ons na het Malts of Scotland geweld terugkeren naar mijn rijtje feestwhisky’s. Vandaag een sample van Max Rigi, notoir Italiaans whiskyliefhebber en verzamelaar. De whisky komt uit een leuk kruikje.

 

Caol Ila 15y, 43%, OB Bulloch Lade & Co bottled mid 1980’s, 75cl, bronze metallic jug
Pfiew, weer zo’n zalige neus. Deze vermengt Islay elementen met heerlijke, zachte sherrytonen. Smeuïge turf, zeewier, zilt (beetje maar), zoethout, tijm, dille, sinaas, abrikoos, okkernoten, amandelnoten, antiekshop, balsamicocrème… Ik denk eerder aan Fino dan aan Oloroso. Geweldig aangenaam om ruiken in ieder geval. Al even zacht in de mond, de start is vrij licht maar hij wordt steviger in het midden en op het eind. Qua associaties denk ik aan wit fruit, noten, koffie, rabarbertaart, rum, kruiden, zilt en turfrook. Lange afdronk die me opnieuw wat aan rum doet denken. Licht geturfde en wat zilte rum dan wel. Complexe en erg geconcentreerde oude Caol Ila. Zou het aan het metalen kruikje liggen? Bij keramieken kruikjes is het immers vaak het tegendeel (risico op platte, vlakke whisky). 93/100

Caol Ila 16y 1977, Cadenhead

Vandaag proef ik een oude jonge Caol Ila. Deze Cadenhead botteling is een 1977, maar al bijna twee decennia geleden op flessen getrokken.

 

Caol Ila 16y 1977/1993, 58.6%, Cadenhead
De neus van een hammetje aan ‘t spit, rokerig en zilt, maar ook van behoorlijk wat groene appels, net als van gras (hooi misschien eerder), mineralen (natte steen), mosterd en peper. Dik en boterig op de tong. Hier heb ik in eerste instantie turf, daarna een stevige portie kruiden en wat hout. Hier is echter niet veel fruit te bespeuren, tenzij wat witte pompelmoes. Lange afdronk op kruiden en turf. Lekkere, foutloze Caol Ila, ook toen al. 86/100

Televoting

Gisteren stond er een nieuwe Fulldram tasting op het programma, met als thema ‘televoting’. De leden kregen op voorhand een lijst van twintig whisky’s voorgeschoteld, waaruit ieder zes whisky’s diende te selecteren. De zes met het hoogste aantal stemmen zouden dan de line-up uitmaken, uiteindelijk werden het er zeven. Vandaag en morgen een verslagje hiervan.

 
The Irishman, 40%, OB 2010
Als opwarmer kregen we deze malt uit de Bushmills stal te proeven, een tiental jaar gerijpt. Granige en licht fruitige neus. Slappe thee, wat kruiden. De smaak gaat daar op door en voegt wat vanille toe. Korte, licht kruidige afdronk. Niets bijzonders. 70/100
 
Glenfarclas 14y 1991/2005, 46%, OB, cask 164, 454 bottles
De neus is zoet en bitter. Hij start op rozijnen, pruimen, karamel en eik, en wordt dan hoe langer hoe kruidiger. Na wat verder in de line-up terug te gaan naar deze Glenfarclas vielen vegetale tonen op. Peterselie, oxo. De smaak is vrij droog. Bittere citrus, wat hars. Iemand merkte koffielikeur op. Middellange bitterzoete afdronk. Niet slecht maar nogal eenzijdig en op sommige momenten wat scherp. De standaard 15y lijkt mij ronder en complexer. 82/100
 
Clynelish 20y 1983/2004, 46%, Murray McDavid Mission III, 498 bts.
Op de neus heb ik niet de verwachte waxyness en ook minder fruit dan verhoopt. Wel dennennaalden, vanille, citrus en abrikoos. En wat peper en zout. Erg delicaat allemaal. Op de tong is hij zoet en fruitig (de citrus maar ook de abrikoos opnieuw). Misschien heel in de verte wat turf. De afdronk is niet echt lang en licht drogend. Ik was hier in eerste instantie een beetje door teleurgesteld, maar na wat andere whisky’s gedronken te hebben, treedt het fruit maar op de voorgrond. Tropisch fruit dan vooral. Toch bleef ie onder par voor Clynelish uit deze periode. 86/100
 
Caol Ila 11y 1995/2006, 57.6%, G&M Cask, casks 10638/10639
Cleane turf en zilt. Gerookt vlees, een hammetje aan het spit. Jodium. Een beetje fruit, niet veel. Op de tong agressief en bitter. Scherpe turf en peper. Niet echt aangenaam maar water doet wonderen. Veel ronder, romiger, zoeter dan. De peper blijft, maar het fruit komt er meer door. Lange, zoete en kruidige afdronk met cleane turf. Lekkere whisky, maar dat is ie enkel met water. 85/100

Caol Ila 10y 2000, Dewar Rattray

De volgende in de rij nieuwe A.D.Rattray bottelingen is een Caol Ila, een 2000. Met een productie van 3,7 miljoen liter per jaar is het de grootste distilleerderij op Islay. Caol Ila stond trouwens model voor de Clynelish distilleerderij, deze laatste is er eigenlijk een exacte kopie van.

 

Caol Ila 10y 2000/2011, 46%, DR, bourbon cask #309530, 322 bts.
De neus van deze Caol Ila schreeuwt ‘turf’, maar hij schreeuwt dit heel mooi. Geen overdreven assigheid maar stevige cleane turf met coastal en licht medicinale aroma’s. Citrus. De schil van pompelmoes, limoen. Boter ook, oesters en andere zeevruchten. Een mineralige toets maakt het plaatje af. Op de smaak iets meer assen, maar dat gaat nooit overheersen. De turf laat plaats voor de citrus, gerookte vis (echt wel een plat de fruits de mer) en grassige tonen. Noten en zoute drop dienen ook nog vermeld te worden. Zouthout. Olieachtig mondgevoel. Erg lange afdronk op turfrook en zilt. Leuk turfmonstertje! En voor 50 euro prijs/kwaliteit een aanrader. 86/100

Caol Ila 1983 QV.ID

En nu we het toch over Caol Ila hebben, ook QV.ID (Cuvee Idee) heeft onlangs een mooie Caol Ila laten bottelen, een zéér mooie, een 1983.

 

Caol Ila 27y 1983/2010, 54.5%, selected by QV.ID, sherry cask
Succulente neus met veel fruit en gedroogd gras op een bedje van zilt en zachte, zoete turf. That says it all. Alhoewel nee, er is nog zoveel meer te ontdekken in deze neus, maar dit geeft wel een idee. Het fruit wordt gedomineerd door sinaas, rijpe sinaas, vergezeld van limoen en kruisbessen. Het gedroogde gras neigt naar gedroogde bloemen, potpourri, maar dan niet van die goedkope rommel. Romige honing zorgt voor het zoets, het zilt en zeevruchten voor de coastal touch, de zachte turf vult zeer mooi aan, zonder ook maar ooit de hoofdrol op te eisen. Wat leder haal ik er ook uit, net als oude boeken, boter en marsepein. Je leest het, ‘complex’ is het woord dat hier meer dan op z’n plaats is. Maar ook ‘heerlijk’. Eigenschappen die ook op de smaak van toepassing zijn. Stevig zonder scherpe kantjes, prikkelend, romig en licht mineralig. Het zilt zit ook hier, net als het fruit. Duidelijk citrus, en dan eerder citrusschil (zesty as they say). Gezoet citroensap. Hier ook kruiden, wat ik minder op de neus had. Zoethout, mosterd. Een lichte rokerigheid. Perfect drinkbaar op deze sterkte, ik heb absoluut geen behoefte om hier water bij te doen. Vatsterkte? Of ideale drinksterkte? Of gewoon beide? De afdronk is middellang, clean, rokerig en licht zilt met de citrus die blijft hangen. Heerlijk gewoon. Na de Port Ellen 1982 (eigenlijk voor, maar voor mij na) opnieuw een schot in de roos. Bull’s eye. 91/100

Caol Ila 21y 1984, Dewar Rattray for The Nectar

We gaan enkele jaren terug in de tijd voor een Dewar Rattray botteling van een kleine vijf jaar geleden, een Caol Ila 1984. Zoals al vaak gezegd, moet je heel veel moeite doen om een matige, laat staan slechte Caol Ila te vinden. Caol Ila is bijna altijd goed tot zeer goed. Het nadeel is dat het dan ook zelden verrast, ik kan op voorhand al vermoeden dat ik een volgende Caol Ila een score tussen 85 en 90 zal geven. Er zijn natuurlijk uitzonderingen, maar dat zijn… euh ja, uitzonderingen.

 

Caol Ila 21y 1984/2006, 58.5%, Dewar Rattray for The Nectar, cask 6266, 251 bottles
Erg frisse, prikkelende en mineralige neus. Flinty! Turfrook, vrij veel fruit (citrus, bramen en kruisbessen) en zoethout zijn de eerste associaties die me te binnen schieten. Daarna zilte aroma’s (gerookt vlees) en erdoorheen een zalige lichte farmyness. Wandelen op het erf. De smaak is stevig en vol aroma’s. Echt een complexe whisky. Ik som enkele smaken op: turf, zilt, sinaas, peer, rode zoete appels (ook hier best veel fruit dus), zoethout, kaneel, mineralige toetsen, enzovoort enzoverder. In de afdronk zit minder fruit, maar stevige turf en zilt die wel erg lang blijven hangen. 89/100

Caol Ila 24y 1984, Bladnoch Forum

Caol Ila is Gaelic voor “Sound of Islay”, de naam van de strook water tussen Islay en Jura, waaraan Caol Ila gelegen is. Mooi gelegen is.

 
Caol Ila 24y 1984/2009, 55%, Bladnoch Forum, cask 5381, 290 bts.
Neus op zilt en citrus. Een ‘plat de fruits de mer’ besprenkeld met citroen. Oesters, iodium, maar ook eucalyptus en munt, en turf natuurlijk. Vrij mineralig allemaal. Meer turf op de tong, naast het zilt en de citroenen. Zacht en romig mondgevoel. Wat vanille en hoe langer hoe meer fruit. Naast de citroen krijg je dan ananas, groene appels en kweeperen. Confituurtoestanden. Een beetje hars. Lange afdronk op turf, vanille, citrus en een beetje peper. Nog maar ’s een lekkere Caol Ila. 86/100

Malts of Scotland, Luc’s choice – part II

Na de plaspauze – veel te veel water gedronken om die dekselse chipssmaken te neutraliseren – gingen we verder met twee Malts of Scotland die ik hier al eens eerder zij aan zij besprak, whisky’s waarvan ik het absoluut niet erg vond ze nog eens te kunnen proeven. Daarna volgde een nieuwe botteling, een Caol Ila, en afsluiten deden we met Luc’s recentste Glenfarclas.

 
Glen Scotia 37y 1972/2010, 45.1%, MoS, cask 1926, 114 bottles
Zie hiervoor mijn notes in bovenstaand link. De score blijft dezelfde, in dit rijtje scoort enkel de Glenfarclas heel nipt meer. Ik heb er lang over gedaan om uit te maken welke van deze twee ik de beste vond, twee compleet verschillende profielen maar beide absolute top, eigenlijk zou ik ‘m 92,5 moeten geven, het verschil is misschien geen heel punt. Prachtig oud Campbeltownprofiel. 92/100
 
Glengoyne 37y 1973/2010, 50.4%, MoS, cask 678, 97 bottles
Ook van deze was ik volledig weg, hij moest indertijd maar nipt voor de Glen Scotia onderdoen. Ook nu, hij nestelt zich mooi tussen de Glen Scotia en de Bunnahabhain in. Frisser (fruitig, floraal) en makkelijker dan z’n voorganger, minder complex, meer ‘direct’, maar o zo heerlijk direct. 91/100
 
Caol Ila 29y 1981/2010, 59.8%, MoS, cask 4807, 216 bottles
Dit is één van de nieuwe bottelingen. Petrolium, rook, plastic, niet meteen de beste neus ever. Maar dat is dan zonder water. Water toevoegen doet wonderen, een heel pallet een geuren komt naar voor. Zoet fruit, oesters, zilt, winegums, vanille, zoethout… complex. Zoete turf ook, zowel op de neus als op de smaak. Ik noteerde qua smaken nog drop (zoute drop) en het zoete fruit van de neus. Lange, fruitige en kruidige finish. A perfect swimmer, gaat van gesloten en niet aangenaam zonder water naar open en heerlijk mét. 89/100
 
Glenfarclas 41y 1968/2010, 49.7%, OB for Thosop, casks 702 & 5240, 318 bts.
Eindigen deden we dus met deze Glenfarclas, een whisky die al behoorlijk wat airplay heeft gehad maar waarbij ik voor de volledigheid nog vermeld dat het een vatting is van twee vaten die elk op zich hun kwaliteiten hadden maar ook hun mindere kanten. Samengevoegd bleken ze echter elkaars mindere kanten op te heffen, resulterend is een perfect huwelijk. Vat 702 is een first fill oloroso, vat 5240 een first fill fino. De complexe neus geeft donkere chocolade (waarvoor dank oloroso, maar zonder echt bitter te zijn, waarvoor dank fino), noten, hout (niet te veel, niet te weinig), fruit (zowel gedroogd als geconfijt fruit), kruiden, leder, een lekkere waxyness en nog heel wat meer. Na enige tijd krijg ik ook wat vegetale tonen (denk aan peterselie, en zeker ook munt). Een neus om van te genieten. Op de tong toont hij zich stevig, mondvullend en licht drogend. Veel kruiden, bessen, hout, koffie, de donkere chocolade, enzovoort enzoverder. Lange, droge, kruidige finish met ook het fruit dat nog de kop opsteekt. Vooral de neus van deze whisky is geweldig. 93/100
 
Voila, ik vond dit een mooie line-up. Buiten onze opwarmer was de jongste whisky 29 jaar oud, en toch had ik nooit het gevoel op een stuk hout te sjieken, het zijn stuk voor stuk zeer mooi gerijpte whisky’s die alle hun smaken perfect geïntegreerd hebben. Mijn top-3 bleek dezelfde te zijn als deze van de groep (alhoewel ze voor mij alle drie erg dicht in elkaars buurt liggen), nl.:

  1. Glenfarclas 1968
  2. Glen Scotia 1972
  3. Glengoyne 1973

Dave Broom

Dave Broom, whiskyjournalist en vooral gekend van Whisky Magazine, is de Billy Connolly van de whisky. Die kop, die moves, dat gevoel voor humor… Gekoppeld aan een massieve whiskykennis was hij de ideale ceremoniemeester bij deze tasting ter ere van de restyling van Tasttoe, Kampenhout, de moeder der Belgische whiskywinkels. Donderdag verzorgde hij er een tasting, vrijdag één bij Broekmans. Ik moet toegeven dat de line-up bij Broekmans mij de ogen uitstak, maar Kampenhout is een stuk dichterbij en uiteindelijk ga je voor Broom, veel meer dan voor wat je te drinken krijgt. Daarenboven was de line-up in Kampenhout ook erg sterk, een top drie samenstellen was onbegonnen werk. Enkele whisky’s kende ik al, enkele nog niet, maar waren verdomd aangename verrassingen. Het thema van beide tastings was turf. En ik die dacht dat ik ondertussen al heel wat wist over turf. Quod non.
Ik heb zoveel mogelijk neergepend van wat we dronken – hieronder lees je wat ik er van vond – maar ook enkele opvallende uitspraken genoteerd, zoals daar zijn “age means nothing” of “p.p.m. is bollocks”.

 
Longrow 18y, 46%, OB 2010
185 euro voor een 18-jarige standaardbotteling op drinksterkte… alleen maar omdat het de oudste Longrow is die ze hebben. Maar, ik moet toegeven, hij is fantastisch lekker. Zalige zoete en fruitige neus met mooi geïntegreerde rook. Eerder rook die aan een houtvuur doet denken dan aan turf. Het fruit dat ik had, was pompelmoes, meloen en peer. Dave sprak zelf van zwarte olijven (inderdaad). Boter. Noten. Olieachtig mondgevoel, zacht en ’briny’. Zilt dus, met andere zee-elementen, fruit (citrus), chocolade, kruiden en pas daarna de rook. Lange, fruitige afdronk. Complexe, subtiele, prachtige whisky deze Longrow. 91/100
 
Bunnahabhain ‘Toiteach’, 46%, OB 2010
De turf die voor deze Bunnahabhain gebruikt werd, is mainland turf, wat een heel ander effect heeft op de whisky dan eilandturf. De Islay-turf is maritiemer, bevat ook zo goed als geen materiaal van bomen (te winderig op de meeste westelijke eilanden). Ik vond dit geen bijzondere whisky. Droge turf, vegetaal, herbal, hooi… Voorlopig geen score, ik proef deze whisky immers later deze week nog eens opnieuw.
 
Bowmore 15y 1995/2010, 46%, Daily Dram, The Nectar, sherry butt
Van Bowmore 1995 kunnen we de laatste tijd niet genoeg krijgen. Ook dit Oloroso vat is een schot in de roos en een bewijs dat Bowmore de vermaledijde jaren tachtig de rug heeft gekeerd. Expressieve neus op sherry, zilt en tropisch fruit (de sixties zijn terug). Ik heb passievrucht, ananas en peer genoteerd. Peperkoek en buskruid (neen, geen sulfer). Op de tong lijkt hij sterker dan 46%. De start is maritiem (zilt, zeewier, iodium), dan zet de rook door, sigaren en dan krijg je het fruit (sinaas vooral). Ook wat chocolade. Pim’s cakes zei Dominiek. Erg lange, fruitige en ziltige afdronk met de zoete rokerigheid die zich niet laat wegdrummen. Een topper. 90/100
 
Laphroaig 21y 1989/2010, 53.1%, The Perfect Dram (TWA), 197 bts
Deze Laphroaig was voor velen de beste whisky van de avond, zo ook na lang wikken en wegen voor mij (een tikkeltje beter dan de Longrow). Weer een ander type turf. Zoet en herbal. Grassig. Eucalyptus merkte iemand op. Maar ook fruit (banaan, perzik). Vanille. Gerookte ham. Een ziltige toets dus. De kruidigheid en de fruitigheid van de neus zitten ook op de smaak. Eerst het fruit (en vanille), op het einde de kruiden. In het midden, mooi ingekapseld, de turf. Een lichte waxyness niet te vergeten, altijd een meerwaarde. In de mond toont deze Laphroaig zich erg romig en ‘dik’. Lange kruidige, rokerige finish. O ja, ‘erg lang’ schreef ik tien minuten later op. What a cracker! 92/100
 
Caol Ila 26y 1982/2008, 54.6%, DT for The Nectar, cask 2738, 279 bts
Het niveau van deze tasting blijft geweldig hoog liggen, ook deze Caol Ila 1982 for The Nectar II is een zalige whisky. Zeer fris en fruitig voor z’n leeftijd, dit was dus een reatief inactief vat (vandaar de “age means nothing”). De neus is daarnaast grassig en erg mineralig. Natte steen, nat gras, de schil van sinaas en turfrook op de achtergrond. Dat laatste zit wat prominenter op de smaak, meer vooraan. Daarna komt het fruitige-zoets er door, gevolgd door wat zilte tonen. Lange, fruitige en zilte afdronk. 90/100
 
Highland Park 20y 1988, 46%, Murray McDavid
Eén van de betere HP’s die ik al dronk. We vergeten even enkele wonderbaarlijke distillaten uit de jaren vijftig. In deze turf ruiken en proeven we de heide van Orkney (ook hier geen bomen). Delicate rook, gaat richting haardvuur. Veel sappig fruit, mooi gelaagd. Citrus. Honing. Dave sprak van honinggraten (honeycomb). Onderliggende kokos. Erg fris en clean. Ook de smaak is dat. Veel citrus met mooi geïntegreerde subtiele turf. Een klein beetje zilt. Zesty! Geen al te lange maar wel frisse afdronk. 88/100
 
Slotsom: dit was een erg mooie line-up en vooral een leuke ervaring om Broom eens in levende lijven bezig te zien en te horen. Bijzonder man met een bijzonder indrukwekkende kennis over de door ons zo geliefde drank.
 

Caol Ila 25y 1984, Cadenhead

Het dorpje Caol Ila werd in 1846 zo goed als letterlijk uit de grond gestampt door de oprichter van de Caol Ila distilleerderij, Hector Henderson, op dat moment ook de eigenaar van Littlemill. Samen met de bouw van hun werkplek bouwde hij immers huisjes voor z’n werknemers.

 
Caol Ila 25y 1984/2010, 55.2%, Cadenhead Authentic Collection, 250 bts
Gebalanceerde neus op turf, appelsienconfituur, appel, zilt, kruidnagel en kaneel. Op de tong is hij zoet en zilt met ook hier de turf, net als citrus en vanille. De afdronk is redelijk droog, rokerig en ziltig. Lekkere whisky, kapt makkelijk binnen. En ik moet verdorie nog altijd mijn eerste slechte Caol Ila tegenkomen… 85/100

Kevin Coyne & Caol Ila

Ha, die Kevin Coyne… een beetje een twisted mind maar o zo geniaal. Singer-songwriter, schilder, schrijver, componist (o.a. van musicals), filmmaker, levenskunstenaar… een artiest in alle betekenissen van het woord. Hij stierf in 2004 op zestigjarige leeftijd, na een intens leven balancerend op de grens tussen heroïek en tragiek. Zijn onorthodoxe muziekstijl met stevig wat bluesinvloeden inspireerde op zijn beurt een hele generatie artiesten. Z’n teksten zijn erg maatschappijkritisch, o.a. de misstanden in de behandeling van psychiatrische patiënten krijgen een prominente plaats in z’n lyrics. Als je je verder verdiept in de persoon Coyne hoeft dat laatste niet te verbazen. Laat me zeggen dat hij zich wel zou verstaan hebben met Syd Barrett bv.. Maar het is toch vooral de humor, de vaak absurde en typisch Britse humor die z’n songs typeren.
Voordat z’n zangcarrière een hoge vlucht nam, werkte hij als sociaal werker, o.a. met drugsverslaafden. Deze zelfkant van de maatschappij bleef hem boeien en inspireren, maar ook aantrekken. Na de voor hem zeer productieve jaren zeventig, eerst met Siren en daarna solo, volgden enkele donkere jaren, grotendeels in de hand gewerkt door overmatig drankverbruik. Dit vertaalde zich in een paar somberdere albums. In 1985 verhuisde hij naar Neurenberg, Duitsland om een nieuwe start te nemen. Deze verhuis en het afzweren van de drank bezorgde z’n productiviteit een boost, zowel wat z’n muziek als z’n schilderkunst betreft. Het complete oeuvre van Coyne beslaat een veertigtal albums.
Nog een leuk weetje: toen hem gevraagd werd Jim Morrison te vervangen als leadzanger van The Doors na diens overlijden, stuurde Coyne de platenbaas droogweg wandelen met de boodschap “I don’t like leather trousers!”. Het tekent z’n aversie voor het maken van compromissen.

Het album Marjory Razorblade uit 1973 is z’n bekendste en voor mij samen met Babble uit 1979 ook z’n beste. Deze klassieker – blanke blues met een vleugje punk – betekende de doorbraak bij het grote publiek en bevat geweldige nummers zoals Eastborne Ladies, House on the Hill – over het leven in een psychiatrisch ziekenhuis, Marlene, Good boy, Dog Latin,… allemaal uitingen van een geniale en soms behoorlijk geschifte geest.

Laat dit een ode zijn aan wijlen Steven De Batselier, professor Steven De Batselier. Hij was het die mij Coyne leerde kennen, wat niet hoefde te verbazen, verwante zielen enzomeer. Hij was het ook die ons in contact bracht het werk van Jorge Semprum, György Konrád en Georges Steiner, onze blik op Mens en Maatschappij verruimde, ons met een andere bril naar de dingen leerde kijken, onze vastgeroeste zekerheden onderuit haalde – wat voor sommigen als erg bedreigend overkwam. Een prof die durfde rammelen met conventies, die zich niet liet leiden door politieke correctheid, daardoor niet altijd even onbesproken bleef, kortom, iemand die niemand onverschillig liet. Een prof ook die graag een glaasje dronk. Whisky? Dat weet ik niet meer zo goed. Ik drink er in ieder geval vandaag één op zijn gezondheid. En op deze van Kevin Coyne.

 
Caol Ila 26y 1982/2009, 55.9%, Duncan Taylor Rare Old, cask 2741
Lekkere fruitige neus met een perfecte mix tussen citrus (witte pompelmoes, mandarijn) en zachte turf. Tabak en zilt heb ik ook nog. Ook de smaak vertoont een mooie balans tussen zachte zoete turf, citrusfruit en elementen van de zee (zilt, zeewier, oesters). Lange afdronk in het verlengde hiervan met een lekkere kruidigheid om het plaatje af te maken. 88/100

Twee Caol Ila’s

De komende dagen bespreek ik enkele Islay’s. Vandaag twee Caol Ila’s, morgen twee Lagavulins en daarna zal nog een Laphroaig volgen en ééntje die zich niet kenbaar wil maken.

 
Caol Ila 12y, 43%, OB 2010
De recentste batch van deze klassieker. Jonge, cleane turf op de neus, licht medicinaal met een aangename zurigheid. Yoghurt. Zilt en zeewier voegen ‘zee’ toe. Champignons, geen off-note echter. De smaak is rokerig met tabak, wat assen (zonder te storen), rijpe sinaas en zilt. Licht drogend, ook in de rokerige maar vrij korte afdronk. Ver van slecht maar mist wat complexiteit om nog hoger te scoren. 83/100
 
Caol Ila 1996/2008 ‘Distillers Edition’, 43%, OB, ref 4/468, moscatel cask
Zeer lichte turf, op de achtergrond. Meer op de voorgrond heb ik planten, banaan, appels, zeewier, mineralen en zachte waxyness. Schoensmeer. Zachte en lekkere neus, die zoeter wordt met de tijd. Honing. Erg aangenaam. Ook de smaak is zacht, fruitig (sinaas) met hier iets meer turf. Turf die bijlange niet domineert maar gewoon een toegevoegde waarde is, juist zoals ik het graag heb. Een beetje hout, noten en zoethout ook. Middellange afdronk, fruitig en ook hier lichte turf. Ik vind dit erg lekkere whisky. Lekkerder en vooral complexer dan de standard 12y en dus ook enkele puntjes meer. 87/100

The Càrn Mòr Cask

Onlangs kreeg ik een fles kado, ééntje uit The Càrn Mòr Cask serie. The Càrn Mòr Cask is een label waaronder The Scottisch Liqueur Centre eigen whisky’s bottelt, zowel blends als single malts. Hun exclusievere bottelingen worden op de markt gebracht onder het Celebration of the Cask label.
Deze Islay 12 years old is een single malt gedistilleerd op Caol Ila. Waarvoor dank Danny!


The Càrn Mòr Cask ‘Islay 12y’, 46%, The Scottish Liqueur Centre, 2009
Mooie cleane turf op de neus, weinig medicinale elementen. Een beetje zilt wel, net als boter, citroenen en oesters. Oesters met een citroen er over uitgeperst, yep that’s it. Dit alles maakt plaats voor aarde. En mineralen. En de combinatie: mineralige aarde, de geur na een zomerse regenbui. Noten heb ik ook nog, amandel, net als leder, tabak en potloodslijpsel. Sherry? Witte wijn die nog enkele maanden verder rijpte op eiken vaten. Behoorlijk complex eigenlijk, en lekker! De cleane turf vermengd met zilt en citroen tref ik ook aan op de tong. Gerookte heilbot. Rijpe sinaas, noten, wat assen (maar nooit te veel) en een zoete kruidigheid vervolledigen het plaatje. Zoethout. Zoute drop. De afdronk is redelijk lang en ziltig met de turf die zich niet weg laat dringen. Caol Ila stelt zelden teleur, ook hier niet. 87/100

Drie SMWS bottelingen

Vandaag drie whisky’s van de Scotch Malt Whisky Society op een drafje, drie Islay’s. Een Bunnahabhain, een Caol Ila en een Laphroaig. Bedankt voor de samples Danny.

 
Bunnahabhain 11y 1997/2009, 57.3%, SMWS 10.67 ‘Dreams are made of this’, 283 bottles
Lekkere Bunnahabhain. Zachte, zoete en licht granige neus met wat sherrytonen. Turf? Ja, maar heel licht. Balsamico. Stevige smaak. Zoet, fruit (sinaas). Subtiele rook, ook hier. Vrij lange afdronk. 85/100
 
Caol Ila 19y 1989/2009, 56.1%, SMWS 53.128 ‘Isle-la-la’, 279 bottles
Rook en zilt in de neus. Gerookte heilbot! Ook heel wat zee associaties in de smaak, naast de turf. Beetje fruit ook. Peer? Mooie afdronk. 83/100
 
Laphroaig 19y 1990/2009, 51.5%, SMWS 29.75 ‘Light shining from a croft window’, 295 bottles
Neus: zoet (karamel), turf, kruiden. Smaak: rook, barbeque, kampvuur, zoet ook. Lekker maar minder complex dan ik gewoon ben bij Laphroaig. Middellange afdronk. 84/100

Een sublieme (very) oldie

Ik heb al geruime tijd een sample staan van een heel oude Caol Ila, een antiek juweeltje dat ik eerder al eens proefde en waarvan ik dus per se een staaltje van moest hebben.

 
Caol Ila 12y, 43%, OB Bulloch Lade & Co, ‘Pure Malt’ white label, bottled +/- 1957 for Italy, Anidro 32.25
Aangezien Caol Ila z’n productie van 1942 tot 1945 om evidente redenen stillegde, zit hier waarschijnlijk whisky bij gedistilleerd rond het jaar 1940. Dit is een whisky waar ik behoorlijk sprakeloos van was en opnieuw ben. Het mooiste fruit en de mooiste turf in een perfect samenspel. Licht medicinaal. Dit is whisky zoals ie nooit ergens meer gemaakt wordt. Sorry voor de summiere beschrijving, maar heb geen zin om te ‘werken’, hier wil ik enkel van genieten. 94/100

Een blinde Fulldram sessie

Maandag was het weer verzamelen geblazen aan de Leuvense vismarkt. Dit keer voor een blind session, zeven whisky’s waarvan we pas na proeven, na ranking én na verkoop per opbod wisten wat het was. Vooral dat laatste was behoorlijk tricky omdat je absoluut niet wist hoeveel de fles gekost had en je dus voor de rest van de fles evenveel of meer kon betalen als voor een volle fles.

Blind proeven is uiteindelijk wel de meest eerlijke en correcte manier van proeven. Je bent op geen enkele manier beïnvloed door een merk, een reputatie of enige andere voorkennis. Mensen die beweren dat ze ook niet-blind 100% objectief scoren, maken zichzelf wat wijs. Je kan de invloed van het label proberen weg te drukken, maar helemaal lukt dat nooit, bewust of onbewust speelt het toch ergens mee. We gebruikten wel onze gewone tastingglazen waardoor we de kleur konden waarnemen, wat nog niet helemáál blind is natuurlijk, daar heb je die blauwe glaasjes voor. Vandaag en morgen een verslagje van de avond.

 
Campbeltown Loch 30y, 40%, blend
Als welcome dram dronken we de 30-jarige Campbeltown Loch, een whisky die we ook op de Whisky & Bier tasting van 19 oktober vorig jaar voorgeschoteld kregen. Aangename en vlot drinkende whisky zonder capsones. Ongewijzigde score.
 
Port Askaig 25y, 45,8%, Speciality Drinks (The Whisky Exchange), 2009
De eerste blinde was de Port Askaig 25y, ook een whisky die ik reeds eerder dronk. Deze blijft voor mij een lekkere whisky op zachte turf en fruit, die echter wat te bitter eindigt om hoger te scoren.
 
Springbank 21y, 46%, OB +/- 2005
De tweede was een fles met een redelijk cultniveau, en hoeft het te verbazen, zowel voor mij als voor de groep de winnaar van de avond. De neus is erg levendig en fris. Ik had bloemen, fruit, bijenwas, sinaaszest, geconfijt fruit, noten, zacht hout… complex inderdaad. En lekker! Subtiele sherry en alles perfect gebalanceerd. Ook op de smaak trouwens. Fruit, licht bitter (witte pompelmoes), kruiden, vanille, hout, heel lichte rook. Lange zoete en fruitige finish. En dan zijn de oudere batchen naar het schijnt nog een stuk beter. 90/100
 
Ardbeg ‘Rollercoaster’, 57.3%, OB Committee, 2010
Een whisky waar ik twee flessen van heb staan, maar nog geen van heb geopend. De Rollercoaster bevat vaten van elk jaar van 1997 t.e.m. 2006 en werd gebotteld ter ere van het tienjarig bestaan van het Ardbeg Committee.
Medicinale turf, mineralen, wit fruit, gerookte ham (vrij ziltig), sigaren, kruiden en wat zoets (marsepein) in de neus. Vrij complex dus, en voor mij herkenbaar Ardbeg. De smaak is stevig en licht bitter met lekkere turf, zilt, kruiden (‘herbal’) en pompelmoes. Had ‘m evenwel niet zo hoog in alcohol geschat. Lange afdronk met turf, zilt en kruiden die strijden om de aandacht. Pas op, de turf is nooit te scherp of te neigend naar asbak, de balans is meer dan oké. Wetende wat het is, is dit best een meevaller. Ik vreesde immers voor meer turf en minder complexiteit, maar dat valt dus reuze mee. 87/100