Spring naar inhoud

Posts from the ‘_Vatted Malts’ Category

Smokehead 18y ‘Extra Black’

De Smokehead ‘Extra Black’ van Ian MacLeod is een whisky met een reputatie. Zeker nadat het gerucht de ronde deed dat dit een Ardbeg-in-disguise zou zijn. M.a.w. achtien jaar oude Ardbeg.

 

Smokehead 18y ‘Extra Black’, 46%, Ian MacLeod 2013, 6000 bottles
Stevige rook en teer op de neus. Turfrook, maar ook de geur van geroosterd vlees. Barbecuetoestanden. Daarna zet er zich wat fruit door. Perziken, appels en abrikozen. En na enige tijd ook citrus. Mandarijnen meer bepaald. Marsepein, chocolade en kaarsvet zorgen voor het ronde karakter. Zilt en natte aarde. Ansjovis. Geen medicinale toetsen, het zou dus inderdaad wel eens Ardbeg kunnen zijn. Best lekker om ruiken, en voor mij ook beter om te ruiken, op de smaak vind ik ‘m behoorlijk scherp. Eik, assen, peper, chili, nootmuskaat, zout… weliswaar getemperd door olie, chocolade en fruit. Bananen, appels, kersen en ananas. Maar de eik, de kruiden en de rook overheersen toch. Droge, zilte afdronk, niet erg lang. Achtien jaar oude Ardbeg? Dat zou wel eens kunnen. De geur kon me in ieder geval meer bekoren dan de smaak en de afdronk. 83/100

Advertenties

Big Peat ‘Christmas 2013’

Ik weet het, qua timing kon het beter, maar ik zet me vandaag aan de Big Peat ‘Christmas Edition 2013’. Net zoals de standaardbotteling bevat deze whisky van Ardbeg, Bowmore, Port Ellen (jawel) en Caol Ila, maar ook van Laphroaig en Lagavulin.

 

Big Peat ‘Christmas Edition 2013’, 54.9%, Douglas Laing 2013
Rokerig, granig en zilt op de neus, met daartussen tonen van wit fruit. Wit fruit zoals daar is: peren en gele appels (geel van buiten, wit van binnen). In de geur doet deze whisky jonger aan dan de gewone die ik in 2010 proefde. Vooral het zilt valt nu op. Brak water. Ik heb ook enkele frisse elementen zoals munt en eucalyptus. En een beetje zoethout. De granen brengen me bij nu havermout. In z’n geheel niet zo bijzonder. Nogal scherp ook. Ook op de smaak is dit duidelijk jonge whisky en net als op de neus behoorlijk scherp. Maar dat ligt deels natuurlijk ook aan het alcoholpercentage. Ik noteer turfrook, neigend naar assen, teer, zilt en ‘jong’ fruit zoals ananas en peer. Kruiden vallen er nog te ontwaren: gember en peper. Zwarte thee. De afdronk is lang en rokerig. Niet slecht, zeker niet, maar toch merkelijk minder dan de 2010. 85/100

Cask Islay

Vandaag een vatted malt van A. Dewar Rattray, de Cask Islay, vatting 1. Cask Islay is een nieuw label van deze bottelaar en ofschoon deze eerste batch een vatted of blended malt is, bevat de botteling toch vooral whisky van één distilleerderij.

 

Cask Islay ‘Vatting no 1’, 46%, A. Dewar Rattray 2011, blended malt
Zeer bleek van kleur, wat doet vermoeden dat het jonge whisky is. Het feit dat geen leeftijd wordt vermeld, ondersteunt deze these alleen maar. Hij ruikt trouwens ook erg jong. Prikkelende, medicinale turfrook en teer, gevolgd door nat hooi en mest. Maar niet zoet zoals meestal als het woord ‘farmy’ opduikt, nogal scherp hier. Hoe langer hoe meer duidelijke tonen van gerookte heilbot (big time), besprenkeld met citroen. Iets van geroosterde noten op de achtergrond. Nogal springerig allemaal, verschillende associaties die om de beurt om de aandacht roepen. Frisse smaak op rook (beetje assig) en citroen, granen, honing, gezouten boter, teer, zeewier en opnieuw vis. Opmerkelijk die vis. De afdronk dooft snel uit, rook en gerookte vis blijven hangen. Bwa, al bij al is dit best genietbaar hoor, alhoewel ik dit geen ‘ronde’ whisky kan noemen, daarvoor is extra rijping nodig, zowel op de neus als op de smaak gaat ie nogal ongecontroleerd eerst de éne en dan de andere richting uit. En welke distilleerderij drukt z’n stempel op deze whisky? Mmm, altijd gevaarlijk dat gokken. Maar ben toch geneigd richting Laphroaig te gaan. 80/100

Oud naar Nieuw

Vol Kerstkalkoen en bubbels, slepen we ons naar het jaareinde, de overgang van Oud naar Nieuw. Oud naar Nieuw was ook het thema van de Fulldram tasting van vorige week. Bij deze klassieker zetten we van enkele whisky’s zowel een oude als een nieuwe botteling naast elkaar. Hieronder een summier verslagje.

 
Spirit of Unity, 46%, 2000 bottles, blended malt, for Japan
Het aperitiefje. For Japan is hier dus voor de slachtoffers van de aardbeving & tsunami van begin dit jaar en voor de heropbouw, het betreft geen botteling voor de Japanse markt. Deze blended malt bevat whisky van zeven distilleerderijen, Arran, Bladnoch, Glendronach, Glengyle, Kilchoman en Springbank, whisky uit alle hoeken van Schotland dus. Billy Walker stond in voor het blenden. Het resultaat is ver van slecht, maar nogal licht. Wat citrus en vanille op de neus, vergezeld van lichte zilt en dito turf. Op de smaak diezelfde citrus, amandelen, leder en ook hier zachte turf. Eerder korte afdronk. Mooi geblend, vlot drinkbare malt, maar ook niet meer dan dat. 78/100
 

Het eerste koppel dan, twee Cragganmore’s 12y met een twintig jaar verschil in botteldatum.

 
Cragganmore 12y, 40%, OB 2010
Eerder zoete, granige en wat duffe start. Muesli, honing, daarna een beetje wit fruit. Boter. Een klein beetje kruiden. Nogal saai. Ook op de smaak niet echt boeiend te noemen. Granen, gedroogd gras en vanille. Korte, granige afdronk. Zeer matige whisky. 74/100
 
Cragganmore 12y, 40%, OB +/- 1990, 75cl
75cl, dus vóór 1992 gebotteld. Met vermelding ‘Classic Malts’ op het label, dus na 1988. Beter en complexer dan de jonge versie. Olieachtig, grassig en fruitig. Dat grassige gaat gepaard met bloemen, qua fruit denk ik aan pruimen en peren. Leder heb ik ook, net als honing. Op de smaak komen daar nog wat kruiden bij. Middellange afdronk. Het effect van rijping op de fles? Of toen gewoon beter dan nu? 81/100
 

Bij het tweede koppel, Glen Elgin 12y, zit er nog meer tijd tussen, een dertig jaar.

 
Glen Elgin 12y, 43%, OB 2011
Zachte en aangename neus op rozijnen, noten, honing en Europees fruit. Zoete smaak met karamel, koffie, granen, wat fruit en kruiden. Middellange, licht droge afronk. Best lekker. 83/100
 
Glen Elgin 12y ‘Pure Highland Malt’, 43%, OB +/- 1980, White Horse, Carpano Import
Oud zwart-goud label. Mmm, erg lekkere neus op noten, kruiden, balsamico, turfrook, geroosterd vlees, koffie, antiekwas, hars en zilverpoets. Typisch oude sherry profiel (lang geleden gebotteld sherryvat bedoel ik dan). Stevig op de tong, kruidig (peper, zoethout), fruitig, met daardoorheen eik, sinaas, karamel en geroosterde noten. Lange afdronk op kruiden, een beetje boenwas en zachte rook. Zeer lekkere oldie. Let op, hier bestaan meedere batchen van (de ‘Carpano Import’ is belangrijk). 88/100
 

Het derde en laatste koppel werd gevormd door de Singleton of Dufftown 12y en een Dufftown 8y, gebotteld rond 1980 voor de Italiaanse markt.

 
Singleton of Dufftown 12y, 40%, OB for Duty Free, 1L
De neus start olieachtig (visolie) en grassig (hooi, maar ook bladeren), en gaat over in geroosterde noten, granen, leder en een beetje fruit (appel en meloen). Te weinig fruit echter om de wat duffere aroma’s te counteren. Dezelfde visolie op de smaak, het hooi en de (natte) bladeren ook, met daarnaast vanille en munt. Karton? Mmm, in de verte. Het is zeker geen frisse en levendige whisky, ben er niet echt fan van. Korte, droge afdronk. 75/100
 
Dufftown 8y 70 proof, OB +/- 1980, Italbell import, 75cl
Hier is de start echt ‘duff’: stof, champignons, karton… Maar het goede nieuws is dat dit wegtrekt en plaats maakt voor frissere sensaties. Rijpe vijgen merkte Dominiek op, zoethout en vanille noteerde ik nog. De smaak heeft niet dat duffe. Noten, karamel en kruiden maken de dienst uit. Middellange afdronk. Dit is geen slechte whisky, helemaal niet, maar er zijn betere Dufftowns 8y uit die tijd, ik denk maar aan de Ghirlande import van begin jaren zeventig. 81/100
 
En dan het toetje:
 
Bowmore 12y 1999/2011, 57.6%, Fulldram Whisky Club, matured in oloroso sherry cask, 190 bottles
Niet slecht :-) Een uitgebreide bespreking volgt.
 
 
De top drie voor de groep (voor alle duidelijkheid, dit is zonder het toetje) was:

  1. Glen Elgin oud
  2. Glen Elgin nieuw
  3. Dufftown oud

Glen Ila 5y

De Glen Ila 5y is een vatted malt, of blended malt zoals we dat nu verondersteld worden te noemen, gebotteld begin jaren zeventig door Bulloch Lade & Co. Bulloch Lade was in die tijd eigenaar van Caol Ila, je kan dus vermoeden dat hier heel wat Caol Ila van die periode in moet zitten.

 

Glen Ila 5y, 40%, Bulloch Lade & Co, early 1970’s
De neus is in ieder geval erg aangenaam om ruiken, met veel fruit en turf. Banaan op de barbeque. Lichte metalige toetsen erdoorheen (een beetje OBE). Ook de smaak is erg lekker met fruit, zachte rook en dito eik. Behoorlijk lange, zoete afdronk. Niet erg complex, wel lekker en vreselijk drinkbaar, kan perfect naast de betere Islay single malts van vandaag gaan staan. 86/100

MacKinlay’s Shackleton Replica

De MacKinlay’s Shackleton is een whisky met een verhaal. En wat voor een verhaal. De beroemde avonturier en ontdekkingsreiziger Sir Ernest Shackleton liet een kist Mackinlay’s Rare Old Highland Malt Whisky achter op Antarctica bij z’n zuidpoolexpeditie van 1907 tot 1909. Shackleton moest op een goeie 150 kilometer van de pool z’n expeditie staken, waarna de Brit Scott en de Noor Amudsen hun race om de zuidpool konden inzetten, met de Noor als uiteindelijke winnaar in 1911.
Na een eeuw onder het ijs te hebben gezeten, werd deze whisky opgegraven en werden drie flessen naar Groot-Brittanië verscheept. Richard Patterson van Whyte and Mackay (dat in de jaren 1990 eigenaar werd van Charles Mackinlay & Co), kreeg de taak de whisky zo nauwgezet mogelijk na te maken, wat resulteerde in de Schackleton’s replica, een ‘limited’ release van 50.000 flessen. De originele flessen worden teruggegeven aan de Antarctic Heritage Trust om opnieuw en volgens wet onder het ijs geplaatst te worden.
Deze vatted malt bevat whisky uit Speyside, uit de Highlands en van de eilanden. De oudste whisky die er in zit is Glen Mhor 1983. Niet verwonderlijk, want MacKinlay was in die tijd eigenaar van Glen Mhor, deze malt zal een belangrijk onderdeel van die blend geweest zijn en in 1983 werd er voor het laatst whisky gestookt. Ook leuk om weten is dat per verkochte fles 5 pond geschonken wordt aan de Antarctic Heritage Trust.

 

Mackinlay’s Shackleton Replica ‘Rare Old Highland Malt’, 47.3%, OB Whyte and MacKay, 2011, vatted malt, 50000 bottles
Cleane neus met veel vanille, gras, een beetje wit fruit (appel, peer), leder, kruiden (kaneel), aarde, een klein beetje rook en een al even klein beetje stof. Of nee, zaagsel eerder. Het is op de duur de aarde, het leder en dat zaagsel dat gaat domineren, het fruit en de kruiden worden wat weggedrukt. Niet slecht maar ook niet echt geweldig deze neus. Het mondgevoel is droog. Fruitig, maar dan eerder op sinaas en gedroogde ananas, kruiden, hazelnoten en kandijsuiker, dat zijn de zaken die me eerst te binnen schieten. Gesuikerde noten in feite. Dat toefje rook zit ook hier, net als het grassige en de kaneel. En nootmuskaat. Middellange afdronk op sinaas, gras en kruiden. Tja, een mooi verhaal, een iets minder mooie whisky als je het mij vraagt. Mocht wat frisser, wat prikkelender, te veel op doffere tonen (het gras, het zaagsel, het leder). Je betaalt ongeveer 130 euro voor de fles. En voor het verhaal. En voor de verpakking. En voor de marketing. 82/100

Blue Hanger

Blue Hanger is een reeks vatted malts van Berry Bros & Rudd, de opvolger van de Berry’s All Malts en genoemd naar kolonel William Hanger, de derde Lord Coleraine, één van de beste klanten van Berry Brothers eind 18e eeuw. Hij droeg altijd blauwe kledij, vandaar de bijnaam Blue Hanger.
Meer nog dan bij de eerste drie releases bevat deze vierde release whisky van een wel zeer breed spectrum, zowel sherryvaten als bourbon, met een leeftijd variërend van 16 tot 34 jaar. Doug McIvor van BBR zegt dat de bottelaar met dit label erg hoog mikt en dat “with each release I have learned more about the integrity of the whisky and what each distillate and type of cask will bring to the party. There has always been a strong influence from sherry casks but I try to rein this in to offer balance and complexity from the other casks”.

 

Blue Hanger ‘4th Release’, 45.6%, Berry Bros & Rudd 2008
Mooie, rijke, elegante en zachte sherryneus vol van geuren. Ik schrijf rozijnen op, gedroogde abrikoos, gedroogde vijgen, noten, rum, sinaas en mandarijn. Zelfs wat ananas. Naast de gedroogde variant ook gestoofd fruit. Een lichte kruidgheid. Mooie florale toetsen erdoorheen. Bijenwas. Rook van het hout op de achtergrond. Karamel mag ik ook niet vergeten. Zalig complex. De smaak is vol, stevig en toch elegant. Aangenaam drogend met een beetje hout, wat kruiden (zoethout, kaneel en zachte peper), wat zoets, noten, gedroogd fruit, subtiele rook, zonder dat één van deze elementen ooit gaat domineren. Alhoewel er meer en meer fruit doorkomt, wat ik absoluut niet erg vind. Sinaas en sappige peer. Lange, verwarmende en kruidige afdronk met ook hier nog behoorlijk wat fruit. Net als noten. Een ontdekking! Deed me trouwens wat denken aan jaren zeventig Glendronach. Te koop bij ‘de betere slijter’, voor een goeie zeventig euro als ik me niet vergis. 89/100

Nikka Pure Malt 12y ‘Hokkaido’

Deze Nikka Pure Malt bevat whisky van twee distilleerderijen. Het grootste deel komt van Yoichi (gelegen op het eiland Hokkaido, vandaar de naam), een kleiner deel van Miyagikyo. Het is dus een vatted malt. Of pure malt zoals het label vermeldt. Of blended malt zoals we volgens de Scotch Whisky Association zouden moeten zeggen maar halsstarrig weigeren te doen. De SWA heeft over deze whisky daarenboven ook niets te zeggen natuurlijk.

 

Nikka Pure Malt 12y ‘Hokkaido’, 43%, OB 2010
De neus is romig, vol en start granig en zoet. Muesli en honing. Daarna komt er ook wat fruit om de hoek kijken, maar dat blijft eerder op de achtergrond. Best wat hout ook, en zelfs wat hars. Ook op de smaak domineren de granen, de honing en het hout. Echt bitter wordt hij evenwel nooit. Wat braambessen ook, net als noten. Ah, naar het einde toe en zeker ook in de afdronk komt het bittere wel meer naar voor. Die afdronk is eerder kort en moet het hebben van granen, kruiden en noten. Correcte Jap, zoals we dat gewoon zijn, maar wat bitter naar het einde. 81/100

Glen Peat Class

Malts of Scotland bracht vorig jaar twee laagdrempelige standaardbottelingen uit, een geturfde en een niet-geturfde whisky, beide ideaal om als dagelijkse whisky aan te schaffen. De niet-geturfe kreeg de naam Glen First Class mee en is dus een vatting van meerdere vaten Glenfarclas. De geturfde botteling doopte men dan Glen Peat Class. Het is een vatting van 65% Ardbeg, 30% Laphroaig en 5% Bowmore, married by birth zoals men zegt, waarmee bedoeld wordt dat de jonge spirit samengevoegd werd en vermengd in dit geval nog zeventien jaar verder rijpte. Achtienjarige Ardbeg is trouwens zo goed als niet vast te krijgen en al zeker niet voor deze prijs (een 50 euro) te bottelen. Dit is dus best een unieke botteling, voor een scherpe prijs.

 
Glen Peat Class 18y, 50%, Malts of Scotland
Licht medicinale neus met de klassieke Islay elementen: turf, jodium, zilt, zeewier. Daardoorheen wat fruit (citrus), koffie en iets vegetaals. De geur van een bos in de herfst. Teer. Petrolium? Vaag misschien, en zeker niets mis mee. Alles mooi gebalanceerd. De smaak is redelijk vergelijkbaar. Zilt, turf, zeewier en zachte, lichte fruittoetsen. Praliné doemt op, pralines van donkere chocolade met parliné vulling. Of nee, Dessert 58! Mokka ook en naar het einde een lichte kruidigheid. Lange, romige afdronk op zoete en kruidige tonen. Lekkere en vooral vlot wegdrinkende Islay-whisky. 85/100

Big Peat

De Big Peat, een product van Douglas Laing, is een vatted malt met whisky van Ardbeg, Caol Ila, Bowmore en Port Ellen. Er zit dus ook behoorlijk oude whisky tussen if you snap what I mean. Geweldig etiket trouwens.

 

Big Peat, 46%, Douglas Laing 2010
Zalige zoete en licht medicinale neus. Veel vanille heb ik, net als zoethout, zachte zoete turf en zilt. Dan koffie en karamel, daarna fruit ook. Appel, perzik. Complex. Drinkt vlot weg, hij is ook erg lekker op de smaak. De start is zoet, rokerig en licht coastal (zilt, zeewier). Ook hier komt na enige tijd fruit opzetten. Pompelmoes en limoen. Toast. Lange, eerder droge, rokerige en zoete afdronk. Ik proefde hem blind en dacht dat het twintig jaar oude Laphroaig was. Natuurlijk zit er vanalles is behalve Laphroaig. In ieder geval, prachtige vatting! Voor een kleine 40 euro een wel erg sterke aanrader. 89/100

Wild West Whiskyfest 2010, editie II

Volgend weekend vindt de tweede editie van het onvolprezen Wild West Whiskyfest van Bert Bruyneel en de zijnen (V.C.W.C) plaats. De eerste editie was meteen een schot in de roos vond ik, dus ook dit jaar zullen we richting Kortrijk bollen. Mijn ervaring was dat dit festival zowel nieuwelingen als meer ervaren liefhebbers kon bekoren en dus een goede mix bood tussen standaardbottelingen en het zeldzamere werk. Ik ga er van uit dat het dit jaar niet anders zal zijn.
Als Bert z’n ‘experiment’ nog eens uit de kast haalt – en ik meende van hem begrepen te hebben dat dit effectief het geval zou zijn – zeker doen. Je proeft dezelfde whisky waarvan speciaal voor deze gelegenheid een deel niet koud-gefilterd noch gekleurd werd, een deel niet koud-gefilterd en wel gekleurd, nog een deel koud-gefilterd en niet gekleurd en tenslotte een deel dat zowel koud-gefilterd als bijgekleurd werd. Opmerkelijk (en voor mij confronterend) om te zien wat het effect is en wat je zelf nu het beste vindt.
Soit, het festival gaat dus door op beide weekenddagen, 5 en 6 juni en dit telkens van 13u tot 18u. Plaats van het gebeuren is het meetingcenter in Kortrijk Xpo. Een schare aan distilleerders, bottelaars, importeurs, winkels en verenigingen stellen ten toon en ten proef. Allen daarheen! Voor mee info en last minute bestellen van kaarten, klik hier.
 
Dit gezegd zijnde, tijd voor whisky. Meer bepaald voor de Green Label van Johnny Walker, de tweede keer trouwens dat ik deze bespreek. De vorige was de 2007 batch.

 
Johnnie Walker 15y ‘Green Label’, 43%, OB 2009
Zoete neus op karamel, sinaas, cake en geconfijt fruit. Frisse bloemen ook. En wat turf die er subtiel doorheen priemt. Na wat staan ook een lichte kruidigheid (nootmuskaat). De romige smaak is best pittig met zoet en kruidig als dominante tonen. Qua zoets heb ik honing en sinaas opgeschreven. Qua kruiden denk ik aan peper en nootmuskaat. Een beetje zilt ook, net zoals de subtiele turf van de neus. Relatief lange afdronk op kruiden en geroosterde noten. Beter dan de vorige batch (2007). 82/100

Master of Malt

Master of Malt uit het graafschap Kent is één van de grootste online whiskyhandelaars. Bij z’n oprichting in 1985 kon men enkel bestellen per post, pas in 1990 werd een winkel geopend, om tien jaar later weer te sluiten. De online verkoop vanaf 1998 was immers zo succesvol dat men besloot zich enkel en alleen nog daar op te richten. Master of Malt is ook actief als bottlelaar en bottelt zowel blends, vatted malts, single malts als single casks. Vandaag proef ik een vatted malt, de Islay 12y.

 

Islay 12y ‘Distilled at Islay secret distilleries’, 40%, Master of Malt, 2009
Op de neus is de sinaas het eerste dat opvalt. Rijpe sinaas, op het randje van overrijp. Deze sinaas vermengt zich mooi met turf, vanille, banaan, kaneel en zoethout. Erg lekker die neus. De smaak is zacht en zoet. Ik heb appels, citrus, turf, amandelen en ook hier kaneel. Relatief lange afdronk (zeker gezien het alcoholpercentage) met lichte turf en wat zilt. Knappe vatting! 85/100

Een rijtje Japaners I

月曜日は8日本語ウイスキーの側面がある置く. Voor de enkelingen die dit niet begrijpen, we hebben maandag dus acht Japanse whisky’s naast elkaar gezet. De selectie vertegenwoordigde een mooie doorsnede van wat Japan aan whisky te bieden heeft. Vandaag en de komende dagen lees je hier een verslagje van. In het Nederlands, voor het gemak.

 
Black Nikka 8y, 37%, OB 2007, Blend – Japan
Als apertitief dronken we een blend, ééntje op 37%. In Japan mag whisky whisky heten als het een alcoholpercentage heeft van minimum 37%. Dit is geen geweldige blend, je kan dit niet vergelijken met de Hibiki’s bijvoorbeeld. De neus is nog redelijk fris met granen en een (klein) beetje fruit. Abrikozen, vanille en een hint van gedroogd gras. De smaak is erg vlak, wat zoet (suiker, karamel) en granig maar zonder uitgesproken elementen. Mooie balans zou je kunnen zeggen, maar zou niet weten van welke smaken. Korte, droge en vooral saaie finish. OK, dit is beter dan een aantal Schotse blends, maar het woord lekker is hier toch verre van op z’n plaats. 62/100
 
Taketsuru 17y, 43%, OB Nikka 2008, Pure Malt – Japan
Dan speelt dit meteen enkele klassen hoger. Dit label is genoemd naar Masataka Taketsuru, de stichter van de Nikka distilleerderij. Zoete neus met citrus (sinaas vooral), appelmoes, hout, karamel, rozijnen en tabak. Subtiele rook. Dominiek dacht aan een Highland Park. Balsamico had ik ook nog. De smaak is stevig en gaat verder op de citrus en hout en voegt nog een lekkere kruidigheid toe. Iets geroosterd ook. Droge, bitterzoete afdronk met een heel kruidenbouquet. Lekker spul en een aangename kennismaking met deze brand. 82/100
 
Yamazaki 12y, 43%, OB Suntory 2009 – Japan
Ik vond dat de recente 10Y al een mooie vooruitgang had geboekt t.o.v. oudere batches, de 12y had ik nog niet geproefd. De neus van deze fris, fruitig en bloemig. Ik heb appels, banaan, bessen opgeschreven. Vanille en bloesems. Ook de smaak is frivool, licht en fruitig. Appelsap, banaan, een beetje kruiden en zoethout. Middellange, zoet-fruitige finish met lichte peper die boven komt drijven. Niet super complex maar erg drinkbaar, zeker op een terrasje. Niet in deze tijd van het jaar evenwel. 80/100

Oud naar nieuw I

Maandag stond er weer een Fulldram tasting op het programma, een ‘oud naar nieuw’ tasting, één van de klassiekers ondertussen. Deze week hiervan een verslagje.

 

Als welcome dram kregen we de Ambassador 8y ingeschonken, een blend gebotteld vóór 1975. Hij viel bij menigeen in de smaak, in die mate dat hij zelfs de top 3 haalde, ook bij mij.

Ambassador 8y, 43%, OB, Taylor & Ferguson Ltd., bottled <1975, 75 cl
Zachte, zoete neus met graan, honing, veel fruit (ananas onder andere) en bloemen. Dat laatste neigt een beetje naar zeep, maar dit is hier absoluut niet storend, integendeel. Geen franse hoeren hier. Licht waxy. Ook op de smaak is ie erg aangenaam. Zoet (cake) en fruitig. Granen. Hooi? Mocht misschien wat krachtiger, maar dan ben ik aan het zeuren. Geen al te lange maar wel lekkere fruitige finish. Lekkere whisky, en behoorlijk complex voor een achtjarige blend. 81/100
 

Na deze verrassende opener begonnen we aan onze eerste head-to-head, een Pride of Islay gebotteld eind jaren tachtig en de meest recente versie ervan. Pride of Islay is een label van Gordon & MacPhail en is een vatting van Islay whisky. Bij geen van beide konden we uitmaken welke whisky er in zat, de mengeling verdoezelde enig distilleerderijkarakter.

 
Pride of Islay 12y, 40%, Gordon & MacPhail, 2009
De neus is grassig, op hooi, levertraan, kokos, wat zilt en een beetje turf. Een beetje, echt niet veel. Komkommer? De smaak geeft granen, gras opnieuw, infusiethee (slappe kamillethee) en druivensap. Korte en lichte afdronk. Vrij matige whisky en zeker op de smaak zou je ‘m niet op Islay plaatsen. 71/100
 
Pride of Islay 12y, 40%, G&M, Meregalli, Milano, bottled end 1980’s, 75cl
Dit is dus compleet verschillend. Op de neus heb ik zoete cake, karamel, rozijnen, pruimen, noten… duidelijk meer sherryvaten in deze. Zilt ook en turf, meer dan in de recente. De smaak gaat hier op verder, met gedroogde abrikozen, dadels, sinaas, espresso, karamel en subtiele turf. Redelijk vettig, romig. Zoete en kruidige finish. 77/100
 
Zowat iedereen vond de oude beter dan de nieuwe, maar de nieuwe stelde dan ook echt teleur. Morgen het tweede koppel.

Cask Six Blind

Ik heb ook aan de recentste Blind Session van Cask Six deelgenomen. We kregen weerom twee erg lekkere whisky’s voorgeschoteld die we blind dienden te reviewen, scoren en plaatsen. De eerlijk gebiedt mij te zeggen dat ik bij geen van beide een idee had in welke regio ik het moest gaan zoeken. De eerste bleek trouwens een vatted (nee pure, nee blended) malt te zijn, wat zich absoluut niet liet blijken – niemand had dat geraden trouwens. De tweede was een Lowlander, die achteraf gezien wel dat profiel had (ja, da’s makkelijk, I know), maar toch gokte ik op Speyside. Ik vond het niet gemakkelijk uit te maken welke ik best vond, alhoewel het heel andere profielen zijn.
Nu dat Bert Dexters de resultaten heeft gepubliceerd, doe ik hetzelfde met mijn bevindingen en scores, in concreto van onderstaande whisky’s:

 
Highland Fusilier 21y, 70° proof, 40%, Gordon & MacPhail bottled 1978
Neus: zoet, sappig fruit (peer, perzik), lichte waxyness. Karamel ook, lichte rook, noten en tabak. Zachte sherry. Refill? Smaak: bitterzoet. Hout (wat drogend), kruiden. Aangename bitterheid. Afdronk: Middellang, zoet en ook hier wat drogend. Erg lekkere zachte whisky zonder één fout. 88/100
 
Rosebank 13y 1989/2002, 59.1%, MacKillop’s Choice, cask 908 – Lowland
Neus: bloemig en zoet. Dat geeft bloemen, bloesems, citrus en honing. Kruidig is ie ook. Nootmuskaat, kruidenthee. Linde? A ja, die citrus, die laat zich meer en meer kennen als pompelmoes. Smaak: mondvullend, prikkelend. Kruiden en ook hier wat honing. Afdronk: droog en licht bitter. Wel vrij lang. 87/100

Compass Box – John Glaser

Compass Box is het label van het blend-genie John Glaser. Glaser richtte Compass Box op in het jaar 2000. De whisky’s onder dit label zijn het resultaat van een – vaak complex – blendproces. Whisky’s van verschillende distilleerders, leeftijden en granen worden vermengd, eventueel extra gerijpt op allerlei types vaten, om uiteindelijk een origineel eindproduct te genereren. Bedoeling is dat het resultaat meer is dan gewoon de optelsom van de delen. In Glaser’s creaties speelt het hout, en dan bedoel ik zowel het type vat, de houtsoort en de historiek van het vat, een belangrijke rol.
Toen hij Compass Box uit de grond stampte, kon John terugvallen op een jarenlange ervaring bij enkele grote whiskyhuizen. Deze ervaring resulteerde in een sterk ontwikkelde geur- en smaakzin, welke hij nu ten volle benut. En met succes, zijn bottelingen hebben immers al meerdere prijzen weggekaapt.

Bekende realisaties zijn Oak Cross, Peat Monster en Asyla uit de Signature reeks en Hedonism en Canto Cask uit de Limited release reeks. Spice Tree en de hieronder beschreven Flaming Heart zijn bottelingen met ondertussen enige status, maar waarvan de productie recent stopgezet werd.
Het verhaal achter de Spice Tree is bijzonder. Glaser gebruikte geroosterde Franse eiken planken van topkwaliteit, welke hij in de vaten legde. Dit gaf de whisky na enige rijping een uniek, kruidig aroma. Maar dat was buiten de Scotch Whisky Association (SWA) gerekend. De SWA verbood de verdere verkoop van de Spice Tree, het gebruik van extra hout in een vat zou immers vreemd zijn aan het traditionele single malt proces en alsusdanig tegen de SWA regels indruisen.

 
Compass Box NAS ‘Flaming Heart’, second limited release, 48.9%, OB 2007, bottling FH16MMVII, 4300 bottles – 85/100
Deze whisky is de tweede release van de felbejubelde Flaming Heart en werd vervaardigd op basis van 10 tot 16 jarige Caol Ila en Clynelish, welke gedurende 18 maanden verder op Franse eikenhouten vaten werd gerijpt. De neus stelt al zeker niet teleur, wel integendeel, is erg complex: fruit (banaan, appel), kampvuur, vanille, zilt, boenwas (ha, de Clynelish). Iets meer turf in de smaak, met ook veel fruit en kruiden. Hout, of course. En weer de lichte waxy-Clynelish touch. Njammie, dit is lekker! Middellange, zoete en wat rokerige afdronk.

Bennachie

Ben(n)achie is de naam van reeds lang gesloten distilleerderij in Speyside. Opgericht in 1824 als ‘Jericho Distillery’ beleefde het zijn hoogdagen in de 19e eeuw. Na enkele malen van eigenaar te zijn veranderd en dus ook van naam, sloot de distilleerderij definitief z’n deuren in 1913. De naam ‘Bennachie’ is vandaag eigendom van United Brands, die onder die naam drie vatted Speyside malts op de markt brengt: een 10 jarige, een 17 jarige en een 21 jarige. De 17 jarige heb ik nog niet geproefd.

 
Bennachie 10y Pure Malt, 40%, OB 2004 – Speyside – 70/100
Mijn summiere notities van de 10 jarige: verrassend lekkere neus met veel honing, fruit en hint van rook. Smaak daarentegen valt tegen. Beetje zoet maar vooral weinig uitgesproken, vlak, plat. Korte zoete afdronk.
 
Bennachie 21y Pure Malt, 40%, OB 2007 – Speyside – 68/100
Best lekkere neus. Zoet (vanille), hout, fruit (banaan), beetje rubber, tabak. Sherry? Smaak is wat plattekes, net zoals z’n tienjarige broer (of is het zuster? Oh boy, ‘het geslacht van whisky’, iets om eens een post over vol te pennen). Vanille, hout, granen. Korte droge afdronk, beetje kruidig. De 10 jarige Bennachie is een ietsje beter.

Van Wees – The Ultimate

Onlangs hadden we met de club een openluchttasting op het terras van De Blauwe Schuit in Leuven. De tasting stond in het teken van Van Wees en werd gegeven door Marc Segers van Whisky Corner.

Het familiebedrijf Van Wees werd in 1921 opgericht door Hubertus van Wees en legde zich toe op de handel in tabak. De zonen van Hubertus, Han (Johan) en Ben van Wees namen bij diens overlijden in 1954 de zaak over.
In het jaar 1963 verwierven Han en Ben een licentie om wijn en likeuren te verhandelen. Een belangrijke aanleiding voor deze stap was het feit dat vrienden van de gebroeders van Wees in dat jaar de vracht van een gezonken schip opkochten. Het schip was op weg naar de haven van Rotterdam, maar leed schipbreuk. Naast auto’s en meubelen bevatte deze vracht ook een container whisky, bestemd voor de Latijns-Amerikaanse markt. De kwaliteit van deze whisky lag een pak hoger dan wat de Nederlanders gewoon waren te drinken. Han twijfelde niet en kocht de whisky, welke ik geen tijd de deur uit vloog.
De vraag naar de betere whisky nam toe en Van Wees legde zich dan ook meer en meer toe op het importeren van bekende single malt whisky zoals Glenfarclas, Macallan, Springbank… zowel officiële als onafhankelijke bottelingen. De tabakhandel daarentegen werd omwille van dalende winsten definitief gestopt in het jaar 1974.

Maurice, de zoon van Han vervoegde in 1987 het bedrijf. In 1994 startte Van Wees met de import van Signatory bottelingen en nog enkele jaren later vierde het de geboorte van een eigen reeks bottelingen, The Ultimate Single Malt Scotch Whisky Selection, kortweg The Ultimate. Alle bottelingen zijn single cask bottelingen en worden noch gekleurd, noch koud-gefilterd. Zowel het rijpen als het bottelen van de whisky vindt plaats in Schotland.

Ben van Wees stapte in 2000 uit de zaak en liet het dagelijks beleid over aan Han en Maurice. De winkel in Amersfoort heeft een indrukwekkende collectie van 1200 verschillende whisky’s, maar biedt daarnaast ook een ruim aanbod aan andere sterke dranken.

 
Burn of Speyside 6y 1996, 43%, Van Wees, 2002 – Speyside – 65/100
Een whisky met een verhaal, een verhaal van een schipbreuk (weerom), dat je hier kan lezen. De scheepslading, zijnde 144 vaten whisky, was oorspronkelijk bedoeld voor de Amerikaanse markt, maar werd na de schipbreuk opgekocht door Van Wees en in Nederland gebotteld. Onderzoek wees uit dat de whisky geproduceerd was bij William Grant & Sons in Dufftown.
De Burn of Speyside bevat 99% Balvenie en 1% Glenfiddich. Misschien vreemd, maar Balvenie mocht door derden (bottelaars) niet als dusdanig (single malt) gebotteld worden. Met 1% Glenfiddich erbij is het geen single malt meer, maar een vatted malt, en dat kon wel. Nadat Van Wees de whisky gebotteld had en te koop aanbood, werd het vanuit Schotland vriendelijk doch met aandrang verzocht de namen ‘The Balvenie’ en ‘Glenfiddich’ van de etiketten te schrappen. Met enkele tienduizenden flessen hadden de plaatselijk beschutte werkplaatsen hun handen meer dan vol. De eerste verkochte flessen, waarbij de beide namen nog niet doorstreept waren, worden stilaan collectors items.
De whisky zelf is licht en fruitig en vooral erg vlot drinkbaar. Het is geen hoogvlieger, maar voor 16/17 euro is hij z’n geld meer dan waard. Niet echt duurder dan een mainstream blend, maar dan is dit toch wel een pak beter.
 
Glenrothes 13y 1995/2008, 46%, Van Wees, The Ultimate Selection, casks 9/8362+3, bottle 177 – Speyside – 70/100
Vanille, honing en fruit (sinaas) in de neus. En noten. Frisse, fruitige en kruidige smaak. Wit fruit hier vooral. Eerder korte, fruitige afdronk. Zomerwhisky, ideaal voor op een terrasje.

Twee blends en een vatted malt

Tayside blended, 40%, OB 2007 – 26/100
Gedronken als opener voor een Cadenhead tasting, ‘to get the palet right’. Granig, wat zoet, weinig meers. Of toch, na een tijdje een lichte zeeptoets in de neus. Vlakke, granige smaak. Kortom, mijn palet stond niet echt ‘right’ , eerder ‘wrong’. Maar gelukkig waren de Cadenheads van die avond wel lekker.
 
House of Lords 12y, 40%, OB 1995 – 22/100
Voor een 12 jaar oude whisky is dit echt slecht! Waterig, plat. Niks complex, niks kracht. Te mijden.
 
Isle of Skye 12y, Ian MacLeod, 40%, OB 2000 – 59/100
Botteling van Ian MacLeod. Ik veronderstel dat dit een vatted malt is… of is het een blend? In ieder geval één van het eiland Skye, er zal dus zeker Talisker in zitten. In de neus lichte rook (de Talisker dus) en granen. Smaak is wat plattekes. Weinig uitgesproken. Beetje zoet, beetje zilt. Beter dan de twee blends, maar als whisky niet echt bijzonder.

Drie vatted malts

Johnnie Walker 15y ‘Green Label’, 43%, OB 2007 – 76/100
De ‘Green label’ is de enige malt whisky van de Johnnie Walker labels, alle andere (red, black, gold, blue) zijn blends. De belangrijkste single malt whiskies die in deze vatting zitten staan vermeld op de doos. Het zijn Cragganmore, Linkwood, Talisker en Caol Ila, alle minimum 15 jaar oud. Lekkere, kruidge neus met citrus fruit, zilt en hint van rook. Fruitige smaak met beetje turf en ook hier iets ziltigs. Aangename afdronk. Best ok, kan gerust naast de betere single malt gaan staan.
 
Monkey Shoulder NAS, 40%, OB 2006 – 77/100
Een botteling van William Grant, met drie single malt whiskies: Glenfiddich, Balvenie en Kininvie. Neus is fris en zacht, behoorlijk zoet (vanille, honing) met veel fruit (appel vooral), en ook een beetje waxy. Ook de smaak is zacht en zoet. Vanille, karamel, banaan, granen (muesli!), beetje hout. Mag misschien wat expressiever, maar het is een erg vlot drinkbare malt. Eerder korte, maltige finish.
 
The Big Smoke ’40’, 40%, OB 2007 – Islay – 76/100
Frisse zeegeur. Zilt en jodium. En de te verwachten rook natuurlijk, maar geen ‘turf-rook’, eerder een ‘cleane’ rook. Houtskool misschien. Citroen ook. Smaak wat in het verlengde, met zilt en droge rook. Ietsje zoet. Rokerige (of wat had je gedacht) afdronk. Smoke? Ja. Big? Nee. Bestaat ook een 60% versie van, maar nog niet geproefd.