Spring naar inhoud

Posts tagged ‘Speciality Drinks’

Brora 30y for The Whisky Show 2011

Tromgeroffel, want vandaag maak ik nog eens tijd voor een top-Brora, de 30y voor The Whisky Show in Londen vorig jaar (geweldig bedankt voor de sample Karel!). Ik zorg voor een waardige sparring partner, want proef ‘m naast de Brora 32, ook een botteling van vorig jaar. Vermits de 32 twee jaar ouder is dan de 30, of de jongste whisky in beide bottelingen zou althans twee jaar verschillen (alhoewel ook dat niet gezegd is natuurlijk, maar alla), zou je verwachten dat de 30 wat meer Clynelish en minder typisch (farmy) Brora is.
Nog te koop via de website van The Whisky Exchange voor 350 pond. Aan de huidige stand van het pond mag je daar in euro nog eens 100 bijtellen.

 

Brora 30y, 52.9%, Speciality Drinks Ltd for The Whisky Show 2011, matured for three decades in oak wood
Die veronderstelling kan dus naar de prullenmand. De 30 is meteen veel meer ‘Brora’ dan de 32. We weten ondertussen natuurlijk wel dat deze laatste veel tijd nodig heeft om open te bloeien en zich dan ontpopt tot een complex juweeltje, de 30 heeft echter helemaal geen tijd nodig. Waar de 32 op de duur wel wat geuren van natte hond en nat hooi vertoonde maar geen geitenstal en mest, heeft de 30 dat wel. Dat kan doen vermoeden dat de 30 meer oudere Brora bevat dan de 32. Het lijkt me niet onlogisch dat de 32 vooral teerde op Brora van eind jaren zeventig (recenter dan 1979 kan al niet). En dat in de 30 dan naast whisky van rond 1980 ook oudere vaten (i.e. van begin jaren zeventig) verwerkt zijn. Of dat de mensen van The Whisky Exchange hun handen hebben kunnen leggen op zwaarder geturfde vaten (denk aan de geweldige Brora 18y 1981 OMC). Soit, genoeg gespeculeer, terug naar de whisky. Zeer herkenbaar Brora dus. Het natte hooi, de stallen met hun mest (dampend, zoet-zurig), zachte turf, veel zoethout, planten, appels, ananas in blik, honing en een beetje bijenwas. Allemaal wat minder subtiel en minder complex – en minder evolutie ook – dan de 32 maar zo f*cking heerlijk om ruiken. Nu ja, niet dat deze niet complex zou zijn, ik dien bij het bovenstaande nog mosterd en zilt toe te voegen. Dezelfde vergelijking tussen de twee whisky’s gaat op voor de smaak. Erg ‘onsubtiele’ Brora. Het mondgevoel is romig, rond en vol. De zee (zilt en zeewier), de zoete turfrook, de honing, de appels, de bijenwas en de boerderijtoestanden die ik ook in de geur had doen hun ding. Misschien iets meer kruiden. En kweepeer. Behoorlijk lange, romige afdronk op zoete turf, zilt en kruiden. Ik scoor dit hetzelfde als de 32. Het is een verschillend profiel, de 32 heeft de complexiteit en subtiliteit als pro, de 30 de uitgepuurde Brora-ness waar ik zo kriekezot van ben. 93/100

Stevige notes. Wat is het toch heerlijk om over Brora te schrijven. En dan is drinken natuurlijk nog een stuk plezanter.

Advertenties

Glen Grant 34y 1972, Single Malts of Scotland

De op twee na laatste whisky in het feestrijtje is een Glen Grant 1972 gebotteld door Speciality Drinks Ltd., de firma van Sukhinder Singh achter onder andere The Whisky Exchange.

 

Glen Grant 34y 1972, 54.9%, Single Malts of Scotland, Speciality Drinks, sherry butt #2380, 447 bottles
Sherry voor sherryliefhebbers. Zowel op de neus als op de smaak stevige maar ook complexe sherry. Dat vertaalt zich in de geur van rode vruchten (zoete kersen, duidelijk), noten, romige karamel, eik, pruimencompot en drop. Dat alles met een lichte rokerigheid op de achtergrond. Erg dik en ‘rijk’, rijk aan geuren. Ook de smaak is dat. Hier denk ik aan hetzelfde rode fruit maar ook gedroogd fruit (abrikozen, rozijnen, pruimen), kruiden, eik, kandij, pompelmoes (mooie bitterheid) en opnieuw drop. Zoute drop. Tabak ook nog. Lange, verwarmende, bitterzoete afdronk. Erg mooie, complexe Glen Grant met – wat me hier vooral aanstond – veel rood fruit. 91/100

Twee geweldige 15-jarige Longmorns 1990

Laat ons vandaag twee Longmorns 1990 naast elkaar zetten die reeds veelvuldig bejubeld zijn. Het betreft enderzijds vaten 30111 & 30112 van Berry Bros en anderzijds vat 30091 van Speciality Drinks, gebotteld in hun Single Malts of Scotland reeks. Beide whisky’s werden in 2005 op de markt gebracht.

 

Longmorn 15y 1990/2005, 46%, Berry Bros & Rudd, casks 30111-30112
Die neus is zalig. Veel fruit, zoet en sappig fruit. Ik denk aan peer, banaan, meloen, druiven, limoen en nog heel wat andere soorten. Dit succulent fruit gaat vergezeld van rook, bijenwas en honing. Zachte karamel (vanille fudge?) dien ik nog te vermelden, alsook mokka. Gianduia-chocolade! Daarna komen er bloemen opzetten… zalig. Erg complex, doet me denken aan (veel oudere) Clynelish. Op de tong heb ik gelijkaardige aroma’s. Fruit (pompelmoes, limoen), honing, florale elementen en karamel. Daarna wordt hij wat droog: noten, sterke thee, hout… Spijtig. Lichte zilt en nog lichtere turf. Bitter-fruitige afdronk met witte pompelmoes, hout en kruiden. Louter op basis van de neus zou ik ‘m 93 scoren, omwille van de licht storende bitterheid in de smaak en afdronk valt het eindoordeel iets lager uit. 91/100

 

Longmorn 15y 1990/2005, 60.4%, Single Malts of Scotland (TWE), cask 30091, 129 bottles
De neus is zoeter dan die van de Berry Bros, wat minder fruitig en natuurlijk ook een pak krachtiger. Het fruit is hier perzik en abrikoos, evoluerend naar banaan en ananas. Geconfijte ananas. Veel vanille, wat hout en gesuikerde amandelen. Latte Macciato (met veel suiker), kandij, munt… ook deze neus is om van te smullen! Complexe, zoete smaak en verdacht drinkbaar op dit percentage. Wit fruit (meloen, peer), mokka, peper, nootmuskaat, hout (maar hier stoort dit niet). Met wat water worden de zoete en fruitige tonen nog versterkt. De afdronk is lang en kruidig. De neus van de Berry Bros vond ik beter, qua smaak prefereer ik de SMoS. Globaal genomen zijn ze evenwaardig, geen reden dus om deze anders te scoren. 91/100

Laphroaig ‘Lp1’, Elements of Islay

Ik zie dat ik nog geen enkele Elements of Islay heb besproken, tijd om daar verandering in te brengen. Dit weekend kreeg ik immers een sample met op het etiket ‘Lp1’ in het oog, dit is de eerste Laphroaig in deze reeks van Speciality Drink Ltd., de firma van Sukhinder Singh achter o.a. The Whisky Exchange.

 

Laphroaig ‘Lp1’, 58.8%, Elements of Islay, Speciality Drinks 2008, 50cl
Rokerige neus op houtvuur, woodsmoke en assen, gevolgd door kruiden (kaneel is het eerste waar ik aan denk), gedroogd gras, heide, citroen en zure appels. Op de tong krijg je eerst turf en kandij, dan zilt, kruiden (peper) en medicinale tonen, eindigend in rook en assen. Echt een turfbom. Afdronk: erg lang op turf, rook, assen en toch ook nog wat kruiden. Ah ja, water. Water maakt vooral dat de kruiden meer op de voorgrond treden, de rest van het profiel blijft grotendeels gelijk. Een erg stevige Laphroaig (‘big’), maar enkel voor hevige peat lovers. Voor mij mocht ie iets gebalanceerder zijn, zoals de ‘Clubs’ voor The Bonding Dram bv.. 85/100

Port Askaig

Port Askaig is de naam van een havenstadje (nu ja, dorp) aan de noordoostkust van Islay én sinds kort ook de naam van een nieuwe single malt whisky. Denk nu vooral niet dat Islay een nieuwe distilleerderij rijker is, het is Speciality Drinks Ltd. – de firma achter The Whisky Exchange van Sukhinder Singh – dat onder deze naam een single malt whisky uit Islay bottelt. Als je er de kaart van Islay bijneemt, zie je dat er zich in de buurt van Port Askaig maar één distilleerderij bevindt, Caol Ila. Alles wat onder het Port Askaig label wordt gebotteld, is dus in feite Caol Ila whisky.
Vandaag de dag bestaan er drie varianten Port Askaig: een 17-jarige aan +/- 60 euro, een 25-jarige voor een 90 euro en een cask strength whisky die ongeveer 45 euro moet kosten. Eind dit jaar zou er ook nog een 30-jarige gebottled worden. De whisky op drinksterkte hebben ze – net zoals Talisker dat doet trouwens – tot Imperial 80 proof versneden. Dit komt overéén met 45,8% alcohol.
Je vindt Port Askaigs natuurlijk op The Whisky Exchange, maar je komt ze evengoed tegen in de betere whiskyhandel. Ik heb me – ondertussen al een tijdje geleden – via Whiskysamples een setje besteld en nu eindelijk ook geproefd.

 
Port Askaig 17y, 45.8%, Speciality Drinks Ltd (TWE), 2009 – Islay – 83/100
In de neus een klassieke turf-rook-citrus mélange. Cleane turf, kampvuur, citroenen, sinaasschil. Beetje zoets ook, honing. Licht medicinale touch. Hey, als extraatje een subtiele waxy note! In de olie-achtige smaak krijg ik eerst veel turf, citrus (pompelmoes) en honing. Tot zo ver dus mooi in lijn met de neus. Daarna meer en meer zilt, zoethout en kruiden. Lange, warme afdronk op teer en zilt. Klassieke en dus best genietbare Caol Ila met een mooie balans.
 
Port Askaig 25y, 45.8%, Speciality Drinks Ltd (TWE), 2009 – Islay – 86/100
Oh, deze is veel fruitiger, wat gezien de leeftijd niet geheel onlogisch is natuurlijk. Zachte, complexe neus met sinaas, appel, passievrucht, boenwas, honing, zoethout, kruiden… Rook ook (en as – verbrand hout hier) maar merkelijk minder prominent dan in de 17y. Zachte smaak waar fruit, zoet en hout de kernwoorden zijn. Pompelmoes, sinaas, appel, honing, suiker, zilt, kruiden en hout. Serieus drogend (bitter) naar het eind. Middellange droge finish met hout, peper, zoethout en rook. Complexer dan de 17y, lekkerder ook. Een ietsje minder hout in de smaak had een puntje of twee meer opgeleverd.
 
Port Askaig Cask Strength, 57.1%, Speciality Drinks Ltd (TWE), 2009 – Islay – 77/100
Smokey! Veel rook, meer nog dan de 17y. Als ik ze naast elkaar zet, geeft de 17y eerder pure turf en deze CS rook. Houtskool, sigaren, smeulend haardvuur, roet/uitlaatgassen, dat soort zaken. Daarnaast heb ik wat zoets en hooi (of is het stro? – Even een zijsprongetje, een luistertip: Hay foot/Straw foot van 16 Horsepower, een project van de geniale David Eugene Edwards). Datzelfde hooi/grassige in de smaak, naast weerom veel rook en assen. Wat ziltig en met moeite een beetje vanille. Vrij lange rokerige (of wat had je gedacht?) afdronk, die kruidig en wat bitter eindigt. Blijf toch wat met een asbak gevoel zitten, de rook verdringt te veel de rest. Vond de 17y beter gebalanceerd.