Spring naar inhoud

Posts tagged ‘Silver Seal’

Mortlach 13y 1997, Silver Seal

Mortlach is de oudste Dufftown distilleerderij en is reeds geruime tijd in handen van de groep die we nu onder de naam Diageo kennen. In 1964 werd een nieuwe distilleerderij gebouwd, waarbij de oude stills werden herbruikt.
Vandaag een 1997 van Silver Seal, nog te koop aan een 90 euro.

 

Mortlach 13y 1997/2010, 46%, Silver Seal, 353 bottles
Geen erg uitgesproken neus, het is in het begin wat zoeken. Hij is wel fris, de eerste zaken die naar voor komen, zijn munt en gedroogd gras. Daarna rabarber (hoe langer hoe duidelijker), boterbloemen en vanille. Niet slecht die neus, maar gun ‘m wat tijd. Vlot drinkbaar en een beetje prikkelend op de tong, opnieuw vanille en rabarber. En dat grassige karakter. Boerderijboter. Gezouten. De afdronk is vrij lang en combineert ook hier het zoete met dat licht scherpe van de rabarber. Misschien wat simpel, maar absoluut niks mis mee. 84/100

Caol Ila 28y 1983, Silver Seal

Vandaag nog één van de recente Silver Seal bottelingen, meer bepaald een Caol Ila 1983. Hij kost je een 150 euro. Benieuwd of hij in de buurt komt van de 1983 van QV.ID.

 

Caol Ila 28y 1983/2011, 46%, Silver Seal, 350 bottles
Deze heeft niet dat typische oud Caol Ila profiel, dat je soms ook nog bij Caol Ila van begin jaren tachtig terugvindt. Toch spreidt hij een zeer aangename geur tentoon. Niet zozeer olie, wel boter. Minder op zoete turf maar wel op zilte turf. Geen geflambeerde bananen, wel appelsap (niet van dat whiskykleurig spul maar troebel biosap) en lichte pompelmoes. De turf is zacht en gaat zoals gezegd gepaard met zilt en andere kustelementen (denk zeewier en schelpen). Amandelspijs annex marsepein mag ik ook niet vergeten te vermelden. Erg zacht op de tong, wat zoeter dan de neus, met qua fruit meer citrus naast de appel en ook een extra kruidigheid. Nootmuskaat en zoethout dienen vermeld te worden. Drop. Het zilt blijft present (zoute drop dus), net als de zachte turf. Iets licht medicinaals ook nog. Best complexe whisky eigenlijk. Niet het niveau van de 1983 voor QV.ID, maar toch weer meer dan lekker. De afdronk is niet erg lang te noemen, maar wel prikkelender dan de smaak. Zilt, peper, gele appels en nog maar weinig turf. Lichte, soepele en dus gevaarlijk drinkbare whisky. 88/100

The Littlemill Sessions – part III

We nemen de draad van de Littlemills terug op met een koppel 1990’ers gebotteld door Silver Seal, respectievelijk in 2009 en 2010. Kosten een goeie 150 en 130 euro.

 

Littlemill 19y 1990/2009, 57%, Silver Seal
Prachtige fruitigheid die behoorlijk into-your-face openbarst. Best complex, want het fruit wordt vergezeld van hooi, weidebloemen, vanille en een beetje eik (geeft body, maakt het rond). Honing ook, lichte bijenwas, een even lichte kruidigheid en net zoals wel vaker bij Littlemill 1990 (maar dan vrijwel alleen bij deze vintage) lichte rook. Op de smaak een even mooie fruitigheid, kruiden (gember valt op), vanille en zachte eik. Droogt niet uit. Middellange, fruitige en grassige afdronk. Wreed lekker. 91/100

 

Littlemill 20y 1990/2010, 46%, Silver Seal, 237 bottles
Bwa, deze verschilt heel weinig van de 57%. Vrijwel hetzelfde profiel, ik ga me niet herhalen, maar zachter, wat minder prikkelend, iets minder vol ook en wat minder body. Het alcoholpercentage uiteraard. Dit is nog altijd heel lekkere whisky echter. Right upon my alley eigenlijk. En als ik toch nog iets moet toevoegen: gele pruimen. Weet je, uiteindelijk is deze misschien wat drinkbaarder, vlotter toegankelijk, maar de 57% heeft dat beetje extra, wat zich vertaalt in punch en complexiteit. 90/100

Longmorn 22y 1988, Silver Seal

Vandaag een Longmorn 1988 eind vorig jaar gebotteld door Silver Seal. En zoals je kan verwachten bij Silver Seal, hangt hier een stevig prijskaartje aan, reken op een 160 euro.

 

Longmorn 22y 1988/2011, 54.4%, Silver Seal
Volle, zoete en romige neus. Ik denk aan de geur van appeltjes uit de oven, inclusief de kaneel. Ananas uit blik en roze pompelmoes maken het nog wat fruitiger. Vanille, honing en melkchocolade nog wat smeuïger. Eik, maar niet veel. Stevig mondgevoel, op de smaak vallen vanille, kandij en noten op. Naast de appels van op de neus heb ik hier ook banaan en kokos. De zoet/bitter balans wordt een beetje verstoord door taninnes. Best lange en droge afdronk. Spijtig van de tainnnes, die zelden een meerwaarde zijn, anders had ie nog hoger gescoord. 86/100

Bowmore 21y 1989, Silver Seal

Nog een recente Silver Seal botteling, is een Bowmore 1989. Bowmore 1989, de ervaring leert dat dat net voorbij de zeepperiode is. Meer nog, Bowmore 1989 is al vaak zéér lekker gebleken.

 

Bowmore 21y 1989/2011, 46%, Silver Seal, 565 bottles
Cleane neus die start op zilt, jodium, mineralen en turfrook. Daarna komen daar natte aarde, varens en kamillethee bij. Niet veel fruit, enkel wat citrus. Noten, vanille en marsepein. Wat zoet dus ook. Munt? Ja, een beetje. Mmm, zelfs een lichte ‘farmy’ toets. Geen mest, wel nat hooi bijvoorbeeld. Oesters, jawel. Heerlijk. Ook de smaak is clean en prikkelend, met meer rook dan op de neus. Maar opnieuw de aarde en de citrus. En de perfecte hoeveelheid zilt en jodium. En ook de oesters zijn daar weer. Oké, de smaak ligt dus mooi in het verlengde van de neus. Ah, ook wat ananas in (of beter uit) blik. Peper mag ik niet vergeten te vermelden. Lange, zilte afdronk met citrus en zachte rook. Perfecte, cleane Bowmore. 90/100

Highland Park 18y 1992, Silver Seal

Highland Park, de meest noordelijk gelegen Schotse distilleerderij, bevindt zich aan de rand van de hoofdstad Kirkwall en overziet de bekende Scapa Flow, de centrale baai tussen een aantal van de Orkney eilanden die doorheen de geschiedenis heel wat bekendheid verwierf. De vikingen gebruikten de baai voor hun oorlogsschepen, het werd later de thuisbasis van de Britse vloot en het speelde een belangrijke rol tijdens de twee wereldoorlogen.
Vandaag een 1992 van Silver Seal, te koop voor een goeie 140 euro.

 

Highland Park 18y 1992/2010, 53.1%, Silver Seal, 260 bottles
Zeer mooie, ronde sherryneus, zoet en kruidig. Honing en zachte karamel zorgen voor het zoets, nootmuskaat, kaneel, gember en zoethout voor het kruidig karakter. Oud leder ook, geboende antieke meubels, tabaksdoosjes, en de heerlijke rozijnen op (oude) rum. Sinaas komt ook naar voor, net als gebakken bananen. Sappige eik. Ook op de tong is het rond, geen scherpe kantjes te bespeuren. Gedroogd fruit zoals rozijnenen, pruimen en vijgen vallen op, net als tabak, zachte karamel, antiekwas, smeuïge eik en opnieuw heel wat kruiden. Zoethout, kaneel, nootmuskaat en peper naar het einde. Een klein beetje zilt ook in dat einde. Rook vraagt u? Wel ja, maar ver op de achtergrond, zowel op de neus als op de smaak. Het is pas in de afdronk dat ik heide opmerk. Die afdronk is voor de rest behoorlijk lang, de balans behoudend tussen het droge, kruidige en het zoete, fruitige. Als je het weet, merk je hier en daar typische Highland Park elementen op, maar het is de sherry die ‘m speciaal maakt. Of beter, de stevigere sherry dan we gewoon zijn bij HP. 89/100

Port Ellen 28y 1983, Silver Seal & Whiskybase

En we blijven nog even hangen bij Port Ellen, meer bepaald bij een 1983, gebotteld door Silver Seal, samen met de jongens van Whiskybase. Een joint bottling noemen ze dat. Naar het schijnt zijn er daarenboven een aantal flessen naar The Auld Alliance bar in Signapore gegaan.

 

Port Ellen 28y 1983/2011, 55.5%, Silver Seal, joint bottling with Whiskybase.com, cask S1462, 60 bottles
Ha, dit is toch een ander profiel en net iets meer spek naar mijn bek. Iets scherper, iets minder ‘afgeborsteld’. Rubber, maar dan de betere soort, zeker geen nieuwe fiestbanden of zo. Houtskool, zachte zoete turf en een klein beetje teer. Zonnebloemolie. Geboend leder. Ook best wat zoets: vanille en geflambeerde bananen. Roze pompelmoes? Misschien. Daarachter gaan in ieder geval nog noten en wat zilt schuil. Perfecte balans op de smaak tussen de turf, het zilt en het zoets (vanille en citroensnoepjes). Hier aangevuld met wat kruiden. Het geheel blijft wel prachtig scherp, daar zorgt het zilt en de teer voor. Opnieuw wat noten, en hoe langer hoe meer gerookte vis. Heilbot enzo. O ja, dat zilt wordt groots. Lange, zilte en zoete afdronk. Geef mij dan toch maar deze van Silver Seal en Whiskybase, ondanks het feit dat je er iets meer voor betaalt. 92/100

Rosebank 20y 1990, Silver Seal

Begin 2009 werd een vreemd bericht over Rosebank de wereld ingestuurd. Er werd gemeld dat de uitrusting van de distilleerderij gestolen was. Het vreemde is dat Rosebank in 2002 definitief verkocht werd aan de British Waterways Board met de bedoeling de gebouwen om te vormen tot appartementen en kantoorruimte. Het lijkt weinig waarschijnlijk dat de gebouwen zeven jaar later nog vol distilleermateriaal zouden staan. Maar de aandacht was wel weer even op de brand Rosebank getrokken. Slimme communicatie?
Vandaag een 1990 (de helft van de Rosebanks die de laatste jaren uitkomen zijn volgens mij van dat jaar) van Silver Seal.

 

Rosebank 20y 1990/2011, 56.7%, Silver Seal, Sestante Collection
Erg aangename en aromatische neus die op twee benen hinkt: een zoet en een fris, kruidig been. Tuinkruiden. Associaties die in me opkomen zijn zoethout, drop, munt, linde, dille en groene thee. Hij evolueert richting mineralige toetsen (natte stenen enzo), noten, iets van groene bananen en pas in laatste instantie de veel eerder verwachte citroenen en limoenen. Complex? Ja, maar het is vooral de knappe evolutie die me opvalt. Romig, smeuïg mondgevoel. Het zoete valt op, harde (en ook wel minder harde) citroensnoepjes. Honing. Kandijsuiker. Daarachter de tuinkruiden (zie neus + gember) en hooi. En het fruit natuurlijk, maar ook hier laat dit zich pas na enige tijd zien. Limoen, witte pompelmoes en citroen. Middellange afdronk met opnieuw een knappe balans tussen zuur (citrus) en zoet (suiker), maar ook hier wat hooi als extraatje. Rosebank 1990 zoals Rosebank 1990 is, maar dan beter. Eh, ik wil maar zeggen dat ik dit bangelijk lekker vind. 90/100

Dailuaine 27y 1974, Silver Seal

Dailuaine 1983 kan erg lekker zijn, dat weten we ondertussen. Laat ons vandaag een klein decennium verder in de tijd gaan, uitkomende in het jaar 1974 met een botteling van Silver Seal uit 2001.

 

Dailuaine 27y 1974/2001, 53%, Silver Seal ‘First Bottling’, 210 bottles
Zachte, zoete en fruitige neus. Ik noteer onder andere vanille, ananas en banaan. Die ananas, dat is eerder ananas in blik, en op siroop. Dat wordt gevolgd door boter, nat hooi en natte aarde (wat damp uit de aarde ook wel). En daar dan onder lichte eik (geboend) en nog lichtere rook. Aroma’s die in lagen komen. Delicaat profiel, ook op de smaak. Ik noteer vanille, honing, kruiden (hier valt zoethout op), eik, granen, noten, citrus…. bittere en zoete tonen dus die elkaar mooi in evenwicht houden. Middellange, bitterzoete afdronk (zie de associaties van de smaak) met ook hier een klein beetje rook. Foutloos en aangenaam zonder dit echt geweldig te kunnen noemen. 84/100

Bunnahabhain 38y 1972, Silver Seal

En we blijven ook vandaag bij Bunnahabhain plakken, met een 1972 van Silver Seal. Nog wat ouder dan de voorgaande, maar ook een prijsklasse hoger (reken op 220 euro). Binnenkort trouwens nog wat meer recent werk van Silver Seal (geweldige labels toch?).

 

Bunnahabhain 38y 1972/2011, 46%, Silver Seal, Sestante Collection
Prachtige eik, dat is het eerste dat opvalt in deze neus. Pas geboende parket. Nadien volgt een mand rijp fruit, ik denk aan kruisbessen, sinaas, ananas, papaya, vers appelsap… Wat aarde en mos ook. Dat alles op een zoete onderlaag van smeuïge honing. En zelfs een heel klein beetje rook. Zalig om ruiken. Ook de smaak kan ik als zalig omschrijven, perfecte balans tussen zoete en drogere tonen. Voor het zoets zorgt het fruit (sinaas, ananas, maar ook dadels en vijgen) en de honing, voor het drogere zorgen dan weer kruiden (kamille, nootmuskaat, zoethout en peper vallen me op) en sappige eik. Lange afdronk waarbij de eik meer en meer op de voorgrond treedt, met de honing op de tweede plaats. Een sublieme neus en een erg lekkere smaak. 91/100

Macallan 23y 1977, Silver Seal

Vandaag een Macallan van Silver Seal. Silver Seal is een Italiaanse bottelaar, opgericht in 1979, die vooral na 1990, de periode dat Sestante er de brui aan gaf, meer en meer whisky begon te bottelen. Sinds kort is Max Righi (Whisky Antique) de wereldwijde verdeler van Silver Seal. Deze whisky is trouwens ook bij hem te koop.

 

Macallan 23y 1977/2000, 50%, Silver Seal, First Bottling, 240 bts.
Veel aarde-toetsen op de neus. Ik denk aan bosgrond met varens, mos, paddestoelen enzomeer. Daardoorheen rook van het hout en kruiden. Kaneel, kruidnagel, tijm. Noten ook en fruit. Banaan? Rode appels zeker wel. En orangettes. En iets licht waxy. Lekkere neus, absoluut. Op de smaak mooie eik die nooit te droog wordt, kruiden (zoethout), sinaas, pruimencompot, karamel en de wood-smoke die ik ook al op de neus had. Romig, zijdezacht mondgevoel. Lange afdronk op kruiden, eik en fruit. Hier wel wat drogend. Knappe balans, lekkere whisky. 87/100

Banff 1977 & The Bony King of Nowhere 2011

Vandaag een avondje in het teken van complexiteit & gelaagdheid. Ik heb weken zitten wroeten op Eleonore, het tweede album van The Bony King of Nowhere (die in Gent door het leven gaat als Bram Vanparys), dat begin dit jaar gelanceerd werd. Zijn debuut Alas my Love vond ik erg sterk, deze tweede plaat kon mij na een eerste keer beluisteren maar matig boeien. Na een tweede en derde luisterbeurt vond ik het al iets beter, maar de muziek raakte me nog altijd niet. Nadat een kameraad mij dropbox-gewijze twee albums bezorgde, waaronder toevallig ook deze plaat, heb ik me nog eens aan Eleonore gezet. Zijn lofzang op de plaat deed me twijfelen. En, ik moet toegeven, hoe meer tijd ik Eleonore geef, hoe vaker ik een nummer beluister, hoe meer lagen er naar boven komen en hoe beter de plaat wordt. Vooral Some are Fearfull, maar ook Going Home, Here Them Calling en The Poet hebben zich in mijn hoofd langzaamaan omgetoverd van eerder lelijke eendjes tot sierlijke zwanen.

Banff, en zeker Banff van de jaren zeventig schijnt bij mij een gelijkaardig effect te hebben. Na een eerste keer ruiken en proeven, kan ik dat appreciëren maar ook niet meer dan dat. Het is pas met deze whisky tijd te geven, dat hij openbloeit en z’n ware gelaat toont. Laagje na laagje geeft hij z’n geheimen prijs, de lagen die langzaamaan tot een mooi gebalanceerd geheel komen. Als je dit type Banff de tijd niet geeft, heb je een hoekige, stuurse, sobere en wat scherpe whisky. Neem je er wel je tijd voor, dan heb je vaak vloeibaar goud in je glas. Denk maar aan de 1971 van de Dead Whisky Society.

Ik geniet vandaag dus zowel auditief, olfactorisch als gustatorisch van ‘gelaagdheid’. Of zoiets.

 

Banff 24y 1977/2002, 50%, Silver Seal ‘Missing’
Subtiele en complexe neus. De start is wat je zou kunnen omschrijven als ‘etherisch’. Vluchtig, spirity. Licht alcoholisch, tinner, lijm, vernis. Wat scherp. Dan een lichte granigheid en fruit. Banaan, rijpe sinaas, perzik. O ja, dat fruit komt er mooi door. Onderliggend ook hooi, vanille, noten en wat jodium. En daar dan weer onder zachte kruiden. Mosterd, linde en gember. Alles vrij ‘licht’ dus. Geen gemakkelijke neus, maar als je er je tijd voor neemt ontdek je de lagen en de complexiteit. De smaak is directer. Zoet (marsepein, enorm, nougat ook) en fruitig (perzik, abrikoos) met een erg aangename bitterheid erdoorheen. Pompelmoes, eik, peper en zoute drop. Best lange, bitterzoete, kruidige afdronk. Lekkere en vooral boeiende whisky. En toch wel een uniek profiel, Banff. 88/100

Linlithgow 27y 1974, Silver Seal

Linlithgow is eigenlijk St. Magdalene onder een andere naam en verwijst naar het plaatsje Linlithgow waar de distilleerderij gevestigd is. De distilleerderij was enkel in z’n beginjaren gekend als Linlithgow, de naam werd spoedig veranderd in St. Magdalene. Er zit echter geen logica in het gebruik van beide namen in de bottelingen, zowel bij officiële als onafhankelijke bottelingen heb je beide. Blijkbaar drukte men soms de éne naam op de vaten en soms de andere. Bizar.

 

Linlithgow 27y 1974, 50%, Silver Seal ‘First Bottling’ 2001, 180 bts.
Cleane, sobere neus die me onmiddellijk doet denken aan olijfolie. Daarna krijgt hij een zoet en licht fruitig kantje. Perziken en tropisch fruit. Kaarsvet, amandelen (de noten welteverstaan), marsepein. Subtiel, je moet wat zoeken, maar dan is het een beauty. De smaak is zacht en fruitig. Na een tijdje komen er kruiden en hout bij. De noten zitten ook hier, net als wat citrusschil. Een aangename bitterheid. Lange, licht bittere afdronk. Erg lekkere St. Magdalene (of nee..), niet helemaal het niveau van midden jaren zestig spul, en eerder neigend naar 1966 St. Magdalene dan naar 1964 of 1965, voor zover ik dat kan beoordelen in functie van wat ik daar van gedronken heb tenminste. 89/100

Twee Ardbegs 1974

Bon, genoeg ‘basic’ whisky gehad, terug naar het betere werk. Wat te denken van Ardbeg 1974? Of nog beter, van twee Ardbegs 1974?

 
Ardbeg 1974/1996, 40%, G&M Connoisseurs Choice
Zalige ouwe Ardbeg zonder turfexplosie maar met véél fruit. In de neus geeft dat peer, perzik en abrikoos, met daarnaast zilt, jodium en dus ook een heerlijk toefje zachte turf. In de smaak vervoegt hout het fruit en de turf. Zeewier ook en een lichte kruidigheid. Elegantie in de overtreffende trap! Lange afdronk op zoete turf en kruiden. Mooie balans tussen fruit, zilt en turf, en alles zo zacht… schoon! Misschien dat ie op een hoger alcoholpercentage nog hoger zou scoren, maar het subtiele zachte karakter van deze whisky is misschien wel z’n grootste ‘kracht’. 91/100
 
Ardbeg 26y 1974/2001, 46%, Silver Seal, 264 bottles
Mmm, ik mis het verwachte Ardbeg 1974 karakter in de neus. Turf? Nauwelijks. Zilt? Idem. Fruit? Ja, een beetje (appels denk ik). Voor de rest vrij mineralig. De smaak is beter, stevig en prikkelend. Hier hebben we wel een beetje turf alsook vanille, peren, noten en kruiden. Ja, op de smaak wint hij punten. Middellange, zoete afdronk. Al bij al toch een wat teleurstellende Ardbeg ‘74. 85/100

Macallan 21y 1982, Silver Seal

Geproefd bij Max Righi op het Lindores Whiskyfest vorig jaar. De overschot op het eind van de dag voor m’n neus weggekaapt door Karel Cousy, een voor de rest zeer aimabel persoon overigens. Nu de gelegenheid om deze eens – met zeer veel goesting – deftig te proeven.

 
Macallan 21y 1982/2003, 52.5%, 385 bottles, Silver Seal – Speyside

Deze Macallan is één van de beste die ik al heb gedronken. Zijdezachte sherry, niks scherps, niks bitters. Donkere chocolade ja, maar chocolade die smelt op je tong. Met van die stukjes appelsien ertussen! In de neus heb ik allereerst rozijnen, pruimencompot, vijgen en geconfijt fruit. Gerookt vlees. Zwarte-woudham (my favorite!). Geroosterde en gesuikerde noten. Tabak. Njummie! Erg romig, boterig in de mond, dik bijna. Superieure Earl Grey, noten, pruimtabak, pompelmoes, zacht hout, de smeltende chocolade dus… top! Lange, zijdezachte afdronk. Een zalige en complexe Macallan. Dit is nu eens sherry zoals ìk ‘m graag heb. En dat met een kreunende Tom Waits op de achtergrond… mmm, wat kan het leven mooi zijn. Bedankt voor de sample Karel! Aimabel, ik zei het al. 92/100

Twee Port Ellens

Port Ellen 26y 1982/2008, 50%, DL Old Malt Cask, cask 4808, 731 bottles – Islay
Lichte neus op zilt, wit fruit (appel, peer) en lichte rook. Mist punch. Smaak is steviger, met peper en zout. En een beetje turf, of course. Kruidige afdronk. Lekker, maar wat ééntonig en er bestaan heel wat betere Port Ellens. 83/100
 
Port Ellen 21y 1982/2003, 46%, Silver Seal, 375 bottles – Islay
Dit is beter zie! Erg lekkere Port Ellen met zachte zilt, zeewier, oesters, sappige groene appels, zoethout, nootmuskaat en een beetje rubber op de neus. Complex en mooi gebalanceerd. De smaak ligt in het verlengde van de neus, maar geeft een hevigere rokerigheid. Lange, zilte afdronk. I like. 89/100