Spring naar inhoud

Posts tagged ‘Balblair’

Balblair 2003

Vandaag één van de nieuwe officiële Balblairs, de 2003, samengesteld uit achtien bourbonvaten. Kost een kleine 40 euro.

 

Balblair 2003, 46%, OB 2013, first release, bourbon oak casks
Je ruikt alvast dat dit nog vrij jonge whisky is. Veel granen, wit fruit zoals appels en peren, nog niet helemaal rijpe kruisbessen, vanille en lichte florale toetsen. Ik denk aan heide en weidebloemen. Boterbloemen, paardenbloemen, je kent ze. Daar komt nog wat honing bij. En iets vaag mineraligs. Kalk? Misschien. Na enige tijd valt er zelfs bubblegum waar te nemen, wat de jonge leeftijd nog wat extra onderlijnt. Deze Balblair kapt vlot binnen, maar is een beetje simpel. Ik proef vanille en honing, granen, appelsien en rode appels, en grassige elementen. De heide weer. Lichte kruiden. Kaneel en tuinkruiden. Die kruiden groeien naar het einde en domineren de eerder korte afdronk, samen met gras en lichte citrustonen. Fris en jong profiel dat de nodige complexiteit mist. Net niet goed genoeg om tachtig te scoren. 79/100

Advertenties

Balblair 1969, G&M Rare Vintage

Vandaag een Balblair uit de Rare Vintage reeks van Gordon & MacPhail. Voor Balblair zou 1969 dus een zeldzaam jaar moeten zijn.

 

Balblair 1969/2008, 43%, G&M Rare VintageBalblair 1969/2008, 43%, G&M Rare Vintage
Mooie, ronde, zoete neus. Vanille, nougat, marsepein, cake… frangipane. Heide en hooi, en ook een hint van leder. Best wat kruiden (kaneel en nootmuskaat) en eik, die voor de nodige body zorgen. Niet zo veel fruit, buiten kruisbessen en meloen. Rook van het hout. Op de smaak meer eik dan in de geur, maar het geheel blijft gebalanceerd. De vanille, de cake, de kruisbessen en het leder zorgen voor het nodige tegengewicht. Middellange afdronk die de balans mooi doortrekt. Had dit iets complexer verwacht, maar dat hoeft geen minpunt te zijn. Lekkere drink-away whisky. 85/100

Balblair 1988, cask 3401

Vandaag mijn bevindingen van een Balblair die ik al even geleden proefde. Ik weet niet of je de fles nog kan kopen, zo ja moet je op een 150 euro rekenen.

 

Balblair 1988, 58.2%, OB 2009, cask 3401, 180 bottles
Romige, ronde en perfect gebalanceerde neus op tonen van fruit (sinaas, banaan), kruiden (gember, curry en mosterd) en best wat eik (maar zoals gezegd mooi in balans met de rest). Daardoorheen wat vernis. Een gelijkaardig patroon op de smaak, zoet fruit en kruiden. Honing, vanille, banaan, ananas, kokos… ja, een beetje tropisch. Qua kruiden opnieuw de gember, maar ook peper en munt. En opnieuw de ronde eik. De afdronk is middellang en licht drogend. Mooi fruit, mooie kruiden en mooie eik. Yep, I like. 88/100

Bezoek aan Balblair

Balblair is misschien niet de meest sexy distilleerderij, maar als ik nog maar denk aan hun 1966 Spanish oaks, komt het water me in de mond. Zowel de 33y als de 38y zijn ronduit schitterende whisky’s. In ieder geval stond donderdagvoormiddag een bezoek aan Balblair gepland. John MacDonald, distillery manager, leidde ons rond in zijn speeltuin en liet ons enkele vintages proeven. Balblair brengt tegenwoordig trouwens enkel vintages uit, geen klassieke ‘leeftijden’ noch single casks. Het bezoek werd afgesloten met een copieuze lunch die ons sterkte voor de lange rit naar Knockdhu.

Balblair, gelegen in Edderton, Ross-Shire, is één van de oudste Schotse distilleerderijen, het werd opgericht in 1790 (Bowmore is bij mijn weten met 1779 de oudste), het is in ieder geval de oudste nog operationele Highland distillery. De man achter het project was John Ross, later opgevolgd door z’n zoon Andrew. Balblair bleef familiebezit tot 1894, toen het in handen kwam van Alexander Cowan. Het is deze Cowan die de distilleerderij herbouwde tot de huidige site. Na een lange sluiting, van 1915 tot 1947, werd de productie terug opgestart onder Robert ‘Bertie’ Cumming. Deze advocaat stond bekend als levensgenieter en niet vies van een drammetje, en meer dan één. Zo gaat het verhaal dat hij, na iets te diep in het glas gekeken te hebben, de pub waar hij consumeerde, opkocht en zich daar de dag nadien natuurlijk niets meer van herinnerde. Maar hij nam z’n verantwoordelijkheid op en maakte van de pub een succesverhaal.

Onder leiding van Bertie bloeide ook Balblair op: de distilleerderij werd uitgebreid, de productie gevoelig verhoogd. Bij zijn pensioen in 1970 verkocht Cumming Balblair aan Hiram Walker. Hiram’s bedrijf werd later opgenomen in de Allied Distillers groep, die het op zijn beurt in 1996 verkocht aan de huidige eigenaars, Inver House.
Vandaag de dag gaat ongeveer 15% van de productie naar single malt, de rest vooral naar de blends van Inver House, zoals daar zijn: Catton’s, Hankey Bannister, MacArthur’s, Glen Talloch en Pinwinnie Royal, én naar hun likeur genaamd Heatter Cream.

 

Maar laat het ons nu maar hebben over waar het hier toch om draait, den drank. Het water voor de whisky komt van de iets verderop gelegen Allt DeargIn bron, de gemoute gerst is zo goed als ongeturfd (1,5 p.p.m.) en heel het productieproces is – zoals het hoort nietwaar – zeer uitgekiend. Maar ik bespaar jullie alle technische details (ben zelf trouwens al een deel vergeten en ik heb nu ook weer niet alles genoteerd). Vermeldenswaard is misschien nog dat er drie stills in de gebouwen staan, maar daar zijn er nog maar twee van in productie.
In 2007 werd het aanbod volledig herzien, met een nieuwe vormgeving en een nieuwe bottelstrategie, de vintages. Dus geen ‘Elements’ meer, en ook geen ‘age statemets’ meer. Hieronder geef ik een overzicht van de vintages die we te proeven kregen. Om evidente redenen zijn de besprekingen eerder beperkt en om even evidente redenen niet vergezeld van een score.

 

Balblair New Spirit, 68.1%
Zoet (suikerspin) en zéér fruitig. Veel peer en ook wat appel. M.a.w., wat je kan verwachten van new spirit.

 

Balblair 2000, 43%, OB 2010
Dit is de opvolger van de 1997. Duidelijk gerijpte new spirit, waarmee ik bedoel dat je de new spirit herkent, maar dan een stuk ronder en voller. Nog steeds veel peer maar ook perzik en banaan, vanille en granen. Het wit fruit zit ook op de zoete smaak, naar het einde en in de afdronk is hij licht kruidig. Niet erg complex, maar foutloze en vlot drinkbare whisky.

 

Balblair 1997, 43%, OB 2009
Deze is een oude bekende en mijn kennismaking indertijd met de Balblair vintages. Ik ben er nooit écht fan van geweest, en ook nu kon hij me niet bijzonder bekoren, alhoewel hij bij sommige van mijn reisgenoten wel in de smaak viel. Deze whisky heeft een lichte, fruitige (ik denk aan Europees fruit) en florale neus. Zoete (honing) en licht bittere smaak. Kruiden. Maar alles is heel speels, licht en vluchtig, het geheel mist wat body.

 

Balblair 1989, 43%, OB 2010, 2nd edition
Maar dit is verdorie wel spek naar m’n bek! Ik scoorde de eerste editie 84/100, deze scoort zeker hoger. Lucas liet me hem de avond ervoor al proeven en hij is écht lekker. Veel complexer dan de 2000 en de 1997 met een heel delicate neus op zoete (karamel), fruitige (ananas, zelfs wat passievrucht) en florale (gedroogde bloemen, hooi) tonen. Licht waxy ook, wat voor mij toch altijd een meerwaarde betekent. De smaak is vol en romig, met naast het fruit (perzik en peer hier) en het zoets van de neus een zeer lekkere kruidigheid. Lange, volle en rijke afdronk. Prijs/kwaliteit vind ik dit een topper. Ja, u leest hier een kooptip (en nee, ik heb dit niet moeten beloven).

 

Balblair 1978, 46%, OB 2009, 3000 bottles
Eindigen deden we in schoonheid. Deze 1978 voegt nog een extra dimensie toe t.o.v. de 1989. Het fruit op de neus is hier gestoofd fruit (aardbeien en pruimen onder andere), de kruiden zitten ook hier al. Ik denk aan gember. Geconfijte gember. I love it! Honing, amandelen… o ja, hij evolueert ook erg mooi. Veel fruit en evenveel kruiden op de smaak, alles perfect in balans. Vrij lange, fruitige afdronk. Yep, deze is nog wat ‘dieper’ dan de 1989, nog wat expressiever ook. Maar je tast ook al wat dieper in de buidel natuurlijk, het is immers een whisky van meer dan 30 jaar oud. Een beauty.

 

Morgen (of overmorgen, al naargelang de goesting) lees je m’n verslagje van de namiddagactiviteit, ons bezoek aan Knockdhu en z’n An Cnoc whisky.

 

Twee Highlanders van A.D. Rattray

De volgende samples die ik uit het rijtje nieuwe Dewar Rattray bottelingen plukte zijn twee Highlanders, een Balblair en een Aberfeldy.

 
Balblair 19y 1991/2010, 46%, Dewar Rattray, cask 1016, 335 bttls
De inhoud van bourbonvat 1016 kreeg nog een finishing mee op sherryvat, en het resultaat mag er wezen. Erg lekkere, fruitige neus. Zuur-zoet fruit à la kruisbessen en rode bessen met wat suiker erover. Appels. Pink Ladies (ik heb het dus over appels). Evolueert naar mineralige en florale tonen. Een tuin vol bloemen na een hevige zomerse regenbui. Ja, ook de aarde. Dan ook wat melkchocolade, praliné, koffie verkeerd… de sherry laat zich (een beetje) gelden. De smaak is romig, zoet en fruitig. Peren, krieken, melkchocolade, aardbeienconfituur. Daarna komen er kruiden bovendrijven. Kruidnagel, nootmuskaat, zoethout en gember. En hij is – gezien het alcoholpercentage – ook nog eens geweldig vlot drinkbaar. Middellange afdronk op sinaas, zoethout en een beetje hout. Een schot in de roos. 88/100
 
Aberfeldy 15y 1994/2009, 57.3%, Dewar Rattray, cask 4007, 290 bttls
Dit is een bourbonvat zonder finish. Ook de neus van deze is goed seg! Anders, maar even sterk. Veel noten. Hazelnoten vooral en ook wat amandelen. Fruit (rijpe ananas, rijpe appelsien), Eau de Cologne (maar niets storends, verre van), leder, oude meubelen. Je zou denken dat ook deze een sherryfinish heeft gehad. Stevige en mondvullende smaak op opgelegde peren, noten, marespein en behoorlijk wat kruiden. Een aangename zurigheid en lichte taninnes. Die taninnes verdwijnen in de lange, zoete en fruitige afdronk. De neus kan het niveau van de Balblair aan, op de tong doet hij (een beetje) onder. 86/100