Spring naar inhoud

Posts tagged ‘38yo’

Caperdonich 38y 1970, Duncan Taylor Rare Auld

Caperdonich 1967, 1968, 1969 en 1972 hebben we hier al in succulente overvloed gehad. 1970 en 1971 zijn de missing link. 1971 lijkt me niet éénvoudig, 1970’ers zijn er wel voldoende gebotteld. Waaronder deze 38y van Duncan Taylor.

 

Caperdonich 38 YO 1970/2009, 45.9%, Duncan Taylor Rare Auld, cask 4377Caperdonich 38y 1970/2009, 45.9%, Duncan Taylor Rare Auld, cask 4377, 205 bottles
Zoals we kunnen verwachten van oude Caperdonich gaat de geur van start op heerlijk fruit, zoals daar is: rijpe kruisbessen, rode appels, opgelegde peren, mango. Achter dat fruit gaat een mooie kruidigheid schuil. Kaneel, eucalyptus, kamille en gember. Best wat vanille ook. Een beetje heide en hooi vullen aan. Maar vooral het fruit is groots. De smaak is wat minder fruitig, daar nemen de kruiden en de eik de bovenhand. Zonder te droog te worden echter. Pompelmoes, mandarijn, meloen, vanille en honing zorgen voor het nodige weerwerk. Middellange afdronk op peper, fruit en honing. Zeer mooi, enkel en alleen voor de neus verdient hij de negentig punten, mocht het fruit op de smaak even groots zijn als op de neus, was het nog meer geweest. 90/100

Advertenties

Bunnahabhain 38y 1967, Duncan Taylor voor Van Wees

Vandaag een Bunnahabhain 1967 (de topperiode) die Duncan Taylor enkele jaren geleden bottelde voor Van Wees. Met voor mij één van de beste sherryneuzen ever. Ook bedankt voor deze sample Gunther.

 

Bunnahabhain 38 YO 1967/2005, 40.8%, Duncan Taylor Rare Auld for Van Wees, sherry cask #3328Bunnahabhain 38y 1967/2005, 40.8%, Duncan Taylor Rare Auld voor Van Wees, sherry cask #3328, 209 bottles
De neus legt meteen z’n troeven op tafel: krachtige, expressieve en sappige sherry. Erg rijk en vol, startend op sappig fruit zoals rijpe appelsienen, bananen, kiwi, mango, perziken en ananas. Tropical! Sappige rozijnen, en ook wat gekonfijt fruit. Prachtig. Een klein beetje ‘zee’. Zeewier en zilt. Chocolade, twijfelend tussen melkchocolade en donkere. Veel eik, maar niks drogend. Kruiden zoals kaneel, zoethout en anijs. Maar doorheen deze kruiden en eik is het fruit ronduit groots. De perfecte sherryneus voor mij. De smaak is een stuk krachtiger dan de 41% alcohol kon doen vermoeden. Daar zorgt de eik, de kruiden en het zilt voor. Het maakt het stevig en prikkelend. Ik heb hier minder fruit dan ik in de geur had. Appelsienen, mandarijnen, limoenen en bananen, dat wel, en ook rozijnen en pruimen, maar allemaal wat minder aromatisch. De chocolade keert weer. De balans tussen de droge en de zoete elementen slaat op de duur iets te veel door naar het droge. Het wordt redelijk bitter. Noten en hoestsiroop komen erbij. Lichte tannines. Middellange, licht bittere afdronk. De neus geef ik nog enkele punten meer. 91/100

Clynelish 38y 1972, Single Malts of Scotland

Clynelish 1972. Geen verder commentaar. Bedankt Dominiek, ook voor deze.

 

Clynelish 38 YO 1972/2011, 42.1%, Single Malts of Scotland, cask 430341Clynelish 38y 1972/2011, 42.1%, Single Malts of Scotland (TWE), cask 430341, 439 bottles
Clynelish 1972, hoe kan dat in godsnaam tegenvallen? Effe de neus in het glas steken, maakt meteen duidelijk dat dat ook bij deze niet het geval zal zijn. Typische Clynelish 1972, op dezelfde manier als de Brora typische Brora 1972 was. Typisch Clynelish 1972, dan moet ik dus niet de term ‘farmy’ bovenhalen, maar ‘waxy’. Bijenwas, honing, pollen, we zitten echt wel bij de imker. Na de bijeninvasie kom ik bij het fruit terecht: meloen, ananas en pompelmoes. Vanille nestelt zich naast de honing. En ook de wel vaker aanwezige mineralen tekenen present. Heel lichte zilt en een beetje kruiden, maar deze aroma’s worden stevig overstemd door de bijenwas en het fruit. Fantastische neus. De smaak houdt dit niveau niet helemaal aan, alhoewel hij sterk van start gaat. Honing, citrusfruit (sinaas hier vooral) en bijenwas. Langzaamaan komt er eik opzetten, peper, kaneel en mosterd. Die eik en de kruiden gaan op de duur wel domineren, wat de balans een beetje scheeftrekt. Middellange afdronk, met ook hier het licht bittere dat net de bovenhand haalt op de zoetere elementen. Kamille valt op. Omwille van het iets te drogende karakter op de smaak gaat er een punt (misschien zelfs twee) af. De geur verdient dus eigenlijk meer dan 91/100

Bunnahabhain 38y 1972, Silver Seal

En we blijven ook vandaag bij Bunnahabhain plakken, met een 1972 van Silver Seal. Nog wat ouder dan de voorgaande, maar ook een prijsklasse hoger (reken op 220 euro). Binnenkort trouwens nog wat meer recent werk van Silver Seal (geweldige labels toch?).

 

Bunnahabhain 38y 1972/2011, 46%, Silver Seal, Sestante Collection
Prachtige eik, dat is het eerste dat opvalt in deze neus. Pas geboende parket. Nadien volgt een mand rijp fruit, ik denk aan kruisbessen, sinaas, ananas, papaya, vers appelsap… Wat aarde en mos ook. Dat alles op een zoete onderlaag van smeuïge honing. En zelfs een heel klein beetje rook. Zalig om ruiken. Ook de smaak kan ik als zalig omschrijven, perfecte balans tussen zoete en drogere tonen. Voor het zoets zorgt het fruit (sinaas, ananas, maar ook dadels en vijgen) en de honing, voor het drogere zorgen dan weer kruiden (kamille, nootmuskaat, zoethout en peper vallen me op) en sappige eik. Lange afdronk waarbij de eik meer en meer op de voorgrond treedt, met de honing op de tweede plaats. Een sublieme neus en een erg lekkere smaak. 91/100

Glenallachie 38y 1973, Malts of Scotland

Voor ik enkele nieuwe Malts of Scotland bespreek, laat ik eerst nog even een botteling uit de batch van eind vorig jaar aan bod, de Glenallachie 1973. Eentje die links en rechts al bejubeld werd. En nu ook hier.

 

Glenallachie 38y 1973/2011, 44%, Malts of Scotland, bourbon hogshead, MoS 11018, 125 bottles
Aromatische neus met veel fruitige tonen: sappige appels, peren, lychee, ananas, perziken… succulent. Suikerspin en honing zorgen voor een zoete toets, weidebloemen en gras voor een florale. Na enige tijd gaat dat richting vegetaal. Planten, groenten. Zeer mooie neus. Zo goed als geen eik, iets wat ik op de smaak wel heb, samen met kruiden en okkernoten, wat het geheel licht drogend maakt, maar er is nog meer dan genoeg fruit (wit fruit en pompelmoes) en zoete tonen (vanille, honing) om de balans te vrijwaren. Middellange, mooi drogende afdronk met eik en fruit in balans en ook iets aangenaam zurigs. De smaak haalt niet helemaal het niveau van de neus, maar dan nog is dit een absolute winnaar. 91/100

Glen Grant 38y 1972, Malts of Scotland

De nieuwe batch Malts of Scotland besluit ik in schoonheid met een Glen Grant 1972, die 38 jaar op sherryvat rijpte.

 

Glen Grant 38y 1972/2011, 48.2%, Malts of Scotland, sherry hogshead #8235, 148 bottles
O ja, heerlijke neus! Start op zoet, gestoofd fruit, kweeperengelei en sinaasconfituur, gaat verder op marsepein en honing. Vervolgens komen er kruiden bij: munt, kaneel. Mos ook en noten. Best complex. Op de smaak iets meer eik en noten. De marsepein blijft aanwezig, net als het fruit. Hier is het echter meer gedroogd fruit dat de dienst uitmaakt (abrikozen en vijgen), de sherry laat zich gelden. Sinaas ook nog wel. Mooie balans echter tussen de aangename bittere tonen en de eerder zoete fruitige tonen. De munt zit ook hier, net als wat anijs. Koffie erdoorheen. De afdronk is niet erg lang, licht drogend op kruiden en amandelen. Zeer lekkere en vooral zeer drinkbare oude Glen Grant. 90/100

Glenlivet 1973, The Whiskyman

En dan nu dus de Glenlivet 1973 ofte ‘Lucy in the Sky with Whisky’. Glenlivet is vandaag de dag eigendom van Pernod-Ricard, samen met o.a. Longmorn, Aberlour, Strathisla en Scapa. Het kocht de distilleerderij over van de Seagram groep. Glenlivet wordt naast single malt ook gebruikt in premium blends zoals Chivas Regal en Royal Salute.

 

Glenlivet 38y 1973/2011 ‘Lucy in the sky with whisky’, 47.5%, The Whiskyman, 78 bottles
Zoals je kon lezen was ik behoorlijk weg van de Linkwood 1984. Wel, deze is beter. Een beetje toch… En daar zorgt de sublieme eik voor. Schitterende, sappige eik die naast het fruit (gestoofd fruit en gedroogde abrikozen), het zoet (marsepein en honing) en de kruiden (vooral kaneel valt me op) voor een geweldige ‘body’ zorgt. Een hint van rook (van het hout ongetwijfeld). Wow! En er is nog goed nieuws. Wat ik halvelings vreesde, nl. dat het hout op de smaak te veel van z’n tak zou gaan maken (van z’n tak, ha! Euh, sorry…), wordt immers niet bewaarheid. Integendeel, het zoete (bruine suiker), het fruit (de gestoofde variant, ook hier), de kruiden (peper, gember, mosterd), ze krijgen allemaal vrij spel. De eik vult aan, zorgt samen met de kruiden voor de nodige punch. Maar het geheel blijft erg elegant. Middellange, zoete en kruidige afdronk. Ik veronderstel dat dit een refill sherryvat was. In ieder geval, het is een whisky met klasse. Grote klasse. 92/100

Bunnahabhain 38y 1973, Malts of Scotland

Ik herinner er graag nog eens aan dat Malts of Scotland recent op de Independent Bottlers’ Challenge 2011 een resem medailles in de wacht sleepte, en dit voor de Old Pulteney 1998 (Highlands, goud), de Ledaig 1998 sherry cask (Island non-Islay, goud), de Highland Park 1986 (Island non-Islay, brons), de Bunnahabhain 1973 sherry (Islay, zilver) en niet te vergeten de Auchantoshan 1999 for Fulldram (Lowlands, goud). En het werd met twee medailles ook nog eens uitgeroepen tot beste bottelaar in de catagorie Island non-Islay. Ik proef m.a.w. vandaag een zilveren medaille winnaar.

 

Bunnahabhain 38y 1973/2011, 50.2%, Malts of Scotland, sherry butt #3463, 216 bottles
Lichte en toch prikkelende neus die start op zachte karamel, zilt, een beetje jodium en mineralige tonen. Natte stenen en zo. Dan, maar pas na enige tijd ademen, zet er zich fruit door (sinaas, citroen en ananas). Na nog wat wachten ook opgelegde peren. Wat honing, net als een weinig turf en eik. Zoethout, mos en kamille komen ook nog om de hoek kijken. Net als wat bijenwas. Licht maar dus best complex deze neus, doet me zelfs wat aan oude Springbank denken. Ook de smaak is zacht, maar heeft toch genoeg ‘body’. Karamel en honing zorgen voor het zoets, ananas, sinaas en sappige rode appels voor het fruit. Daaronder heb ik nog zilt en rook. Best wat eik en kruiden (gember, nootmuskaat) die het geheel een lichte bitterheid geven. Water doet die bitterheid wat naar de achtergrond verhuizen en brengt het fruit meer naar voor. Lange afdronk op eik, kruiden, honing, zilt en een beetje rubber. Hier niet zo veel fruit meer. Lekkere Bunnahabhain die op de smaak een beetje water kan gebruiken. Zilver inderaad, geen goud, maar ook geen brons. 88/100

Glenglassaugh 38y 1967, Signatory

Een Glenglassaugh, dat is weer even geleden. En een stevige, zo goed als 60% alcohol na meer dan 38 jaar op vat, sterk.

 

Glenglassaugh 38y 1967/2006, 59.3%, Signatory, Cask Strenght Collection, cask 98/685, 109 bottles
Stevig is inderdaad het woord. Enorm krachtig op geur en smaak, maar nooit erover, de sensaties hebben vrij spel, hij wordt op geen enkel moment te wrang of te droog. Complex daarentegen is ie wel. Op de neus heb ik abrikoos, pompelmoes, limoen, eik, hars, honing, heide, eucalyptus, varens, mos, enzovoort enzoverder. Wat zilt zelfs. Verdacht drinkbaar zonder water. Stevig en verwarmend natuurlijk, maar water is niet nodig, brengt ook niet veel extra bij. De citrus van op de neus, kruisbessen, karamel, fudge, eik, nootmuskaat, zilt… Lange afdronk, bitterzoet. Peper en zout. Lovely whisky! 90/100

Intermezzo: Caperdonich 1972, Malts of Scotland #1144

Na de lichtjes geniale Glen Keith proef ik een tweede Malts of Scotland die veelbelovend op m’n bureau stond te blinken, een Caperdonich 1972. Malts of Scotland brengt heden twee 1972’ers uit, ééntje op 52.4% en éénje op 57.4%. Caperdonich en 1972 zijn ‘a match made in heaven’. Maar beter doen dan de Glen Keith, dat is schier onmogelijk.

 

Caperdonich 38y 1972/2011, 57.4%, Malts of Scotland, Sherry Hogshead #1144, 98 bottles
Hu… onmogelijk? Djeezes, die is gewoon nog beter! De neus start even aromatisch als de Glen Keith maar deze gaat dieper, de sherry zorgt voor een extra laag, de complexiteit wordt naar ongekende hoogtes gekatapulteerd. Steady on Johan… Gho, waar beginnen? Met het fruit: perzik, abrikozen, kweepeer, gedroogde pruimen, vijgen. Dan de kruiden: kamille, linde, munt. Vervolgens het zoets: honing, fudge. Fruit, kruiden, zoets, dat had de Glen Keith ook. Maar hier gaat deze verder. Hij is ook erg waxy. Ik denk aan boenwas, oude meubels, geboend leder. Een beetje rook, van het hout neem ik aan. De sherry die nog voor die extra dimensie zorgt. Fenomenaal goede neus. Proeven nu. De whisky explodeert in de mond, mondvullend is een understatement hier, maar toch is hij zeer goed drinkbaar zonder water, alle sensaties barsten meteen open op je tong. En die sensaties zijn: fruit (gekookt fruit, abrikoos, pruimencompot), kruiden (nootmuskaat, kaneel, peper, zoethout), kandij, honing, eik, leder, bijenwas, pollen, noten,… Let op de puntjes. Complex is het woord. Het geheel is licht drogend, toch ook een beetje water proberen. De eik wordt met water wat naar de achtergrond verbannen, het fruit komt nog meer naar voor en de ‘spicy’ kruiden worden vervangen de ‘herbal’ variant. Lange, erg lange bitterzoete, licht drogende afdronk op honing, fruit en zoethout. Op de neus vind ik deze zelfs nog wat beter dan de botteling van The Whisky Agency, op de smaak wint deze laatse nipt het pleit. Zelfde topscore. 93/100

Ook deze kost een 190 euro, maar ook hier lijkt me haast geboden indien je nog een fles op de kop wil tikken.

Het is allemaal waar wat ze zeggen…

…over de Caperdonich 1972 van The Whisky Agency. Dit is een serieus gehypte whisky, maar ik kan alleen maar zeggen dat dit volledig terecht is. What a dram indeed…

 

Caperdonich 38y 1972/2011, 58.4%, The Perfect Dram (TWA), refill sherry, 145 bottles
En wat een neus om mee te starten! Succulente fruitigheid, de sappigste perziken die je kan hebben (het sap dat van je kin druipt), zowel gele als witte, abrikozen, peer, sinaas, ananas, banaan… hangend over een kom verse fruitsla. Onderliggende zachte eik, heerlijke was (boenwas, kaarsen van bijenwas), lichte hars en honing. Rum-rozijnenvla! Na enige tijd zet er zich een zalige kruidigheid door. Kruidnagel, peper. Zelfs lichte farmy tonen. Natte hond? Man, dit is goed! En wat een complexiteit! De fruitsla-invasie zet zich verder op de smaak, vergezeld van hout en kruiden. Perzik en abrikoos, maar ook vijgen en citrus (mandarijn, bloedappelsien). Qua kruiden denk ik aan kaneel, zoethout en nootmuskaat. Hints van hoestsiroop. Een klein beetje zilt zelfs. Maar vooral super-fruitig dus, en licht bitter. Een heerlijke lichte bitterheid voor wie er aan mocht twijfelen. Wat een sublieme eik! Het mondgevoel is erg stevig en romig, boterig bijna. Ondanks het alcoholpercentage is water niet noodzakelijk. Lange, erg lange afdronk met het fruit, het hout en de kruiden (gember, zoethout) in perfecte harmonie, met nog wat zachte kandij erbij ook. Pure schoonheid! Meer kan je van een whisky niet verlangen. Ronduit fantastisch! En daarmee is de voorraad aan uitroeptekens op. 93/100

P.S.: spijtig genoeg was deze fles uitverkocht nog voor hij goed en wel in de winkel lag.

Glendronach 1972, oloroso cask #718

En dan beginnen we vandaag met het serieuze werk. Niet dat ik de vorige vintages niet serieus nam, maar alleen al het jaartal 1972 doet me watertanden. Morgen publiceer ik mijn bevindingen van de 1971 en een extraatje.

 

Glendronach 38y 1972/2010, 51,5%, OB, oloroso cask #718, 396 bts.
O, wat een zalige neus is dit! Fruity! Echt enorm fruitig, op het sappige af. We starten op rijpe sinaas en mandarijn, we gaan naar tropisch fruit à la passievrucht, papaja en overrijpe ananas (aangenaam zurig) en eindigen met verse pruimen. Het is dus het fruit dat de eerste viool speelt. Voor de achtergrondmuziek zorgt de sherry. Zachte karamel, oude balsamico (nee, geen goedkope brol) en een klein beetje rubber. Schitterende neus! Eens zien of de smaak dit niveau kan volhouden. Zo ja, gaan we stevig boven de negentig eindigen. Wel, hij doet het niet helemaal, hier haalt de bitterzoete sherry het van het (tropische) fruit, op de neus was het omgekeerd, zoals wel vaker. Eerst krijgen we noten, kruiden (kaneel, kruidnagel) en hout, en pas daarna het fruit. Zowel gedroogde vruchten als vers zoetzuur fruit. Droog, maar nooit té droog. Het bittere, het zoete en het zure houden elkaar perfect in evenwicht. De afdronk is lang en droog op fruit, kruiden en noten. Lekker op de tong, subliem op de neus. Wat was dat toch in Schotland in 1972? Ledaig, Brora, Longmorn, Glenronach… allemaal op hun top in dat magische jaar. 92/100

Mijn beste Caperdonich tot op heden

En dat kan dan bijna niet anders dan een 1968 of een 1972 zijn (alhoewel er recent ook enkele 1970’ers gebotteld werden). Het is een 1968 geworden, ééntje op sherryvat. En dat het een onafhankelijke botteling is, mag nog minder verbazen. Er bestaan immers zo goed als geen officiële Caperdonichs, de eigenaars stuurden bijna altijd hun volledige productie naar de blenders. Enkel onafhankelijk bottelaars slaagden er af en toe in een vat op de kop te tikken, vooral na de definitieve sluiting in 2002, toen kwamen er meer en meer onafhankelijke Caperdonichs op de markt. En wij weten ondertussen dat dit een zegen is.

 
Caperdonich 1968/2006, 49.5%, M&H Cask Selection, sherry, 131 bts
De kleur verraadt het vat. De neus en de smaak nog meer. Zachte, zoete en waxy sherrytonen met amandel, marsepein, veel chocolade (gianduja, die amandelen weer), mokka, eucaluptus, oud leder, antiekwas, balsamico, enzoverder enzomeer. Een klein beetje turfrook ook. Zalig, een neus om in alle stilte en rust van te genieten, je vult er je avond mee. De smaak is zowel bitter als zoet-fruitig. Het éne ogenblik overweegt het bittere, het andere het zoete fruit. Sinaas, abrikoos, pruim. Zowel gestoofd als gedroogd fruit. Dat bittere vertaalt zich in koffie, noten, donkere chocolade, kruiden, hout en wat rubber, maar wordt nooit te wrangs of te droog, de balans blijft perfect behouden. Lange, bitterzoete afdronk. Schitterende whisky! 93/100

Caperdonich 1968, Duncan Taylor for The Nectar

Oude Caperdonich kan verdorie lekker zijn. De laatste jaren komen veel Caperdonichs van rond 1970 op de markt, vooral van 1968 en 1972 blijkt er serieus wat voorraad te zijn.

 
Caperdonich 38y 1968/2007, 54.2%, DT for The Nectar, c2609, 130 bttls
Caperdonich van eind jaren zestig, begin jaren zeventig dat is fruit, fruit en nog ’s fruit. Het fruit dat ik hier heb is vooral gestoofd fruit. Het geur van het maken van confituur. Daarnaast ook banaan en ananas. Yep, het fruit verschuift een beetje van gestoofd naar tropisch. Door al het fruit heen heb ik ook wat vernis, hout, amdandelspijs en munt. Erg lekker en mooi gebalanceerd. Op de smaak toont hij zich nog erg stevig na 38 jaar op vat gelegen te hebben. Kruidiger dan op de neus evenwel, en minder fruit. Vrij zoet ook. Honing vooral. Lange, zachte afdronk op fruit en bloesems. Iets minder dan enkele 1972’ers die ik al proefde, maar toch weer smullen geblazen. 88/100

Fulldram supertasting 2010

Een Fulldramseizoen afsluiten, doen we zoals gewoonlijk in stijl. En vermits onze club dit jaar z’n vijfjarig bestaan vierde, mag stijl met een hoofdletter geschreven worden. In kalligrafie en verguld. Zo werd een lichtjes fantastische clubbotteling onlangs boven de doopvont gehouden, welke binnenkort aan de leden wordt verkocht. Maar ook de afsluitende supertasting moest een stevig orgelpunt op dit jubileumjaar worden. En zo geschiedde. De vorige supertasting was z’n naam al meer dan waard, toen kregen we acht kleppers te proeven waaronder de Ardbeg 1967 Pale Oloroso. Dit jaar zouden het er vijf worden… met hetzelfde budget. Laat ons zeggen dat de verwachtingen wel erg hoog gespannen waren. Ook deze keer was het trouwens onze ere-voorzitter Luc Timmermans die in z’n rijke collectie dook en met vloeibaar goud richting Leuven kwam. Hieronder een verslag van een avondje genieten in overdrive.
 

Als aperitiefje kregen we een oude blend voorgeschoteld, meer bepaald een Haig van 1974. Deze bewees eens te meer dat blends vroeger gemiddeld genomen beter waren dan vandaag de dag. Het gehalte aan single malt lag toen gewoon een pak hoger dan nu.

Haig Gold label, 43%, OB, rotation 1974, blended
De neus vertoonde lichte OBE, zonder echt muf te worden evenwel. Zilverpoets eerder, en de geur een antiquaraat. Erdoorheen priemde boter, wat granen, honing, sinaas en citroen. Vicks lemon. De smaak was romig en zoet (karamel) met een aangename fruitigheid. Werd metterijd wat bitter, maar nooit storend. Een pak beter dan de recente Haig in ieder geval. 83/100
 

De eerste in het rijtje van vijf toppers was één van de drie oude sherry-juweeltjes die we te drinken kregen, een Macallan 1964. t’ Is te zeggen, dat is wat ons verteld werd want het label was zo goed als onleesbaar. Was het wel Macallan?

Macallan 25y 1964/1989, 43%, OB, Anniversary Malt, 75cl
Oh ja, dit is een zalige, zacht-zoete sherryneus. Zoete balsamico, pruimen, rozijnen, geconfijt fruit (in van die boluskoeken!), geroosterde noten, woodsmoke en rijpe kruisbessen. Na enige tijd ook bloemen. Lekkere en complexe oude sherry. De smaak geeft associaties van bittere chocolade smeltend in je mond. Op de tong is hij romig (boter) en geeft naast de chocolade gestoofd fruit (confituren), pruimen, honing, perensiroop en een aangename kruidigheid. De afdronk is niet al te lang maar wel erg lekker op bitterzoete tonen, met terugkerend fruit. Smullen! 93/100
 

En dan volgende een andere gesherriede whisky. Andere ook in de betekenis van anders. Deze Inchgower 1967 heeft echt een heel ander profiel dan de Macallan. Veel vuiler vooral.

Inchgower 21y 1967, 46%, Moncreiffe & Co, Monza, Italy, 75cl
De neus had serieus wat tijd nodig om open te bloeien. Niet verwonderlijk na meer da twintig jaar onder kurk. Eerst had ik vleessaus, maggie en kruiden. En dat vuile. Een natte dweil? Oude, vette sherryneus. Dan verbrande karamel, chocolade, aarbeienconfituur en hars. Lichte rook er doorheen. Geen gemakkelijke, complexe neus die beetje bij beetje ontluikte. De vette sherry zette zich verder op de smaak met associaties van kersen, karamel, lichte rook en veel kruiden. En maar een beetje hout. De afdronk van deze Inchgower is een stuk langer dan deze van de Macallan maar minder fruitig. Meer op karamel en kruiden. Bijzondere whisky, maar geef ‘m vooral tijd. 91/100
 

En dan volgde een legendarische Ardbeg, ééntje uit de even legendarische Fragments of Scotland reeks van Samaroli. Het label vermeldt enkel ‘Islay’ en zegt dus niet om welke distilleerderij het gaat. De flessen werden indertijd ook redelijk goedkoop verkocht, want ja, wie wil er nu veel geld geven aan een niet nader genoemde Islay van 15 jaar oud? Maar toen duidelijk werd dat het Ardbeg 1973 was, ontstond er een rush op deze whisky. Waar je indertijd voor de ganse reeks van 6 flessen verhoudingsgewijs geen 1.000 euro betaalde, betaal je nu meer voor enkel deze Ardbeg. Op zich is Ardbeg 1973 natuurlijk niet zó uniek, wel uniek is dat dit een jonge Ardbeg 1973 is, gebotteld in 1988.

Ardbeg 1973/1988, 57%, Samaroli, Fragments of Scotland, 648 bottles
Erg complexe neus op turf, fruit (groene appels) en kruiden. Ook mineralig en hoe langer hoe meer farmy notes die komen bovendrijven. Stallen, nat hooi. Brora early 70’s style dus, toch altijd een stevige meerwaarde vind ik zo. Karamel. Zeewier. Een heel ander profiel dan ik verwachtte, anders ook dan de Ardbeg 1974’s die ik al proefde. Erg stevig en ‘dik’ op de tong. De turf, de kruiden, het (wit) fruit, je treft het ook hier aan. Maar daar houdt het niet mee op, een lekkere ziltigheid, zoethout en wat vanille komen er bij. Alles erg geconcentreerd. Zalige afdronk, ‘coastal’en ‘peaty’ en zo lang als een Belgische regeringsvorming. Zeer complexe en intense whisky. 94/100
 

En dan kwam voor mij met voorsprong het hoogtepunt van de avond. Een Glenfarclas die ik alleen maar in pure lyriek kan beschrijven, de 21-jarige in 1974 gebotteld voor Eduardo Giaconne. Een fenomenale whisky voor één van de grootste whiskypersoonlijkheden die de wereld gekend heeft. Vermits deze whisky in 1974 gebotteld is, betreft het hier distillaat van begin jaren 1950. Hou u vast.

Glenfarclas 21y, 51.5%, Pinerolo for Giaccone, Italy, rotation 1974
De neus. Ik bedoel De Neus. Die van de Macallan omschreef ik als ‘zalige sherry’, die van de Inchgower als ‘oude vette sherry’, dit is… euh, beter. Oh ja, dit gaat vlotjes over al het voorgaande. Man, dit is goed! En complex! Het woord complex is uitgevonden om deze geur te kunnen omschrijven, hij blijft maar evolueren. Waar beginnen? Dit is onbegonnen werk. Toch een poging. Noten, karamel, vijgen, chocolade, lichte rubber, teer en barbeque-toestanden (de houtskool, het gegrilde vlees…). Daarna rokerige aroma’s. Woodsmoke, subtiel turf. En het is nog niet gedaan. Antiekwas, kaarsvet, honing. De geur van oude lederen zetels. Tja, en zo blijft dat maar evolueren, elke keer ruiken geeft nieuwe associaties. Op een gegeven moment moet je stoppen, want het blad raakt vol, en ook de achterkant, en je wil er ook nog eens van proeven, nietwaar? De Smaak dus. Hij zet stevig aan en biedt ook hier een associaal decadent palet aan sensaties. Gedroogd fruit (abrikoos, vijg, rozijn), geconfijt fruit, noten, chocolade, rijpe appelsienen, turf, munt, kruiden (welke? who cares?) et cetera et cetera, in excelsis deo. Amen. Lange, erg lange en complexe afdronk op kruiden, vanalle zoets en zachte turf. Volgens Luc één van de beste Glenfarclasses ever (hij geeft de indruk daar iets van te kennen), voor mij sowieso dé beste tot op heden. 96/100
 

Afsluiten deden we met een whisky met een licht fruitige toets. Qua line-up was dit perfect. Na het complexe sherrygeweld van de Glenfarclas een whisky die het moet hebben van pure fruitigheid. Het contrast kon niet groter zijn. Zoals algemeen geweten kan een line-up een whisky maken of kraken, een line-up is nooit neutraal. Soit, het gaat dus om een Bowmore 1966, het meest ‘tropische’ Bowmore-jaar.

Bowmore 38y 1966/2004, 42.8%, DT Peerless, cask 3303, 179 bottles
Neus: tropisch fruit. Smaak: tropisch fruit. Afdronk: tropisch fruit. Voila, heb zelden makkelijker een whisky kunnen beschrijven. Eénzijdig, weinig complex, niet al te boeiend eigenlijk. Maar het moet gezegd: dit is oh zo superieur éénzijdig, oh zo superieur fruitig. In de neus en op de smaak een succulente tropische fruitsalade. Dominiek maakte een vrij levendige voorstelling van een wulpse dame in een strooien rokje dat al heupwiegend een grote mand fruit op haar hoofd draagt. Spijtig genoeg zeggen woorden in deze belange niet zoveel als beelden. Op het netvlies gebrande beelden. Nu, er is natuurlijk nog wel iets meer te ontwaren dan de mango, de passievrucht, de papaya, de ananas en de pompelmoes. Op de neus had ik ook bloesems, kamille en boter. Een klein beetje zilt op de tong ook. En zo goed als geen hout. Noch rook. Dit kapt zo makkelijk binnen, je hebt echt niet het idee iets op – toch nog altijd – 43% te drinken. Na de tasting had ik deze op 95/100 staan, maar had nog wat over. Na herproeven the day after doe ik er een puntje af. Hij is geweldig lekker, maar de line-up misleidde een beetje. Het gebrek aan complexiteit en evolutie, wat de Glenfarclas – overtollig – wel had, ontbreekt hier. De Bowmore Bouquet is de incarnatie van het beste van beide werelden: het beste wat Bowmore 1966 te bieden heeft in een opperste complexiteit. 94/100
 

Macallan 1964, Inchgower 1967, Ardbeg 1973, Glenfarclas early 1950’s en Bowmore 1966… dit noem ik nu eens een Supertasting zie! A ja, de top 5 van de avond was:

  1. Bowmore
  2. Glenfarclas
  3. Ardbeg
  4. Macallan
  5. Inchgower

Bowmore en Glenfarclas ex aequo maar de Bowmore had meer eerste plaatsen. Bij mij staan de Bowmore en de Ardbeg samen op twee met de Glenfarclas als absolute heerser over de avond. Ik begin Luc stilletjesaan te begrijpen. Long way to go evenwel.