Spring naar inhoud

Amrut for Crombé vs. Amrut Fusion

Zondag heb ik me op enkele Amruts geworpen. Ik zette de nieuwe botteling voor Crombé tegenover de Fusion. De Blackadder op 46% toonte zich een ideale sparring partner.
Zoals ondertussen gemeenzaam geweten, is Amrut een beetje een hype de laatste tijd. Door het Indische klimaat rijpt de whisky er een pak sneller dan in Schotland, wat resulteert in erg mature vier-, vijfjarige whisky’s. Gezien de gigantische Angel’s Share zullen we waarschijnlijk nooit een Amrut 20Y of 30y kunnen drinken, tegen die tijd zal er immers niet veel vocht meer in het vat overblijven.
Thuishaven van Amrut is Bangalore. Managing director is Neelakanta Rao Jagdale, Ashok Chokalingam is er International sales manager en als dusdanig het sympatieke gezicht van Amrut in onze contreien.

 

Ik begon met de Crombé, voluit Amrut 2004/2009, 52%, OB for Crombé, cask 2930, 221 bottles. Mijn eerste impressie was “mwa, ja, niet slecht”, maar na een tijdje werd die “niet slecht” toch een serieus understatement. Hij heeft een zeer subtiele neus, die zoet en bloemig start. Honing. Daarna krijgen we gras, hooi en hars. Vervolgens komen er kruiden door, speculaas en noten, tabak ook. Opgelegde peren. Ja, die neus evolueert echt héél mooi. Op de tong is deze Amrut fruitig (citrus vooral) en kruidig (peper). Ook hier komt wat hars bovendrijven, wat een aangename bitterheid geeft. Hij blijft lang hangen, gaat naadloos over in een lekkere bitterzoete afdronk.
Wel, ik vind dit geen gemakkelijke whisky, hij heeft echt wat tijd nodig om zich volledig te geven, maar dan toont hij zich een beauty.

De Amrut Blackadder die ik tussendoor dronk, moet het meer hebben van zijn pure fruitigheid, zoete fruitigheid, zalige zoete fruitigheid. Ja, ik blijf deze een absolute stunner vinden.

Dan de Fusion, Amrut Fusion, 50%, OB 2009, batch #01, die al door heel wat mensen de hemel in is geprezen. De naam Fusion verwijst naar het gebruik van twee verschillende soorten malt, nl. geturfde Schotse malt en niet-geturfde Indische malt. Deze laatste komt van gerst geoogst in de provincies Punjab en Rajasthan, aan de voet van de Himalaya. Beide maltsoorten werden apart verwerkt, gedistilleerd én gerijpt. Het geheel werd na een viertal jaar rijping vermengd in bourbonvaten en dit in een verhouding van 25% geturfd en 75% niet-geturfd distillaat. Het resultaat is een zeer zachte whisky die inderdaad een mooie mix biedt van subtiele turf en rijke fruitigheid. In de neus geeft dit naast de fruitige turf nog heel wat zoete associaties, ik denk aan kandijsuiker, cake, rozijnen (op rum!) en crème brûlée. Vooral dat laatste wordt na enige tijd zeer duidelijk. De eveneens zachte en frisse smaak bouwt hier wat op voort: turf, fruit, vanille, hout, bloemen ook. Gho, ik weet niet of het mij ligt maar dat laatste nijgt een beetje naar iets geparfumeerd dat ik niet onmiddelijk kan thuisbrengen, zonder echt te storen evenwel (het is geen jaren tachtig Bowmore). Behoorlijk lange finish met terugkerend hout, fruit en turf.

Scores? 86/100 voor de Fusion, 89/100 voor de Crombé. Aan nog geen 40 euro de fles… kopen die handel!

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: